De sociale wijkaanpak gaat door, maar op een andere leest. Ondanks afnemende middelen is er de wens om in de sociale wijkaanpak dezelfde ambities te realiseren. De vraag daarbij is vooral hoe je dit kunt doen. De social business biedt een interessant denkkader dat al veelvuldig in de praktijk is gebracht. Een pleidooi om vaker maatschappelijke doelstellingen als een social business te organiseren.
31TIJDSCHRIFT VOOR DE VOLKSHUISVESTING NUMMER 5 OKTOBER 2013ACHTERGRONDSOCIAL BUSINESS:GEEF HET DE RUIMTE!De sociale wijkaanpak gaat door, maar op een andere leest. Ondanks afnemende middelen is er dewens om in de sociale wijkaanpak dezelfde ambities te realiseren. De vraag daarbij is vooral hoe je ditkunt doen. De social business biedt een interessant denkkader dat al veelvuldig in de praktijk isgebracht. Een pleidooi om vaker maatschappelijke doelstellingen als een social business te organiseren.DeColourKitcheninAmsterdam-West:eenvoorbeelduitdewijkaanpak.JongerenmeteenWajong-uitkeringkrijgenlesindekeukenvanhetrestaurant(Foto Marc Driessen / Hollandse Hoogte)32TIJDSCHRIFT VOOR DE VOLKSHUISVESTING NUMMER 5 OKTOBER 2013ACHTERGRONDDOOR JASPER VAN DER WAL, KWARTIERMAKER WONEN, WIJKVERNIEU-WING EN MAATSCHAPPELIJKE ONTWIKKELING BIJ VANNIMWEGENHet rapport "Doorzetten en Loslaten" van de Visitatie-commissie Wijkaanpak is al weer twee jaar oud maar nogaltijd actueel. Daarin wordt gepleit om meer over te latenaan lokale initiatieven. In termen van rijksbeleid en lokaalbeleid moet meer 'op eigen kracht' gebeuren. Daarbijmoeten we in het oog houden dat fysieke wijkaanpak, via grootschali-ge herstructurering, door de economische context achterhaald is. Hetzal veel meer aankomen op een combinatie van goed beheer van debestaande voorraad, ondersteund door gerichte fysieke ingrepen ensociaal-economische initiatieven. Hoewel de fysieke aanpak minderingrijpend zal zijn, wordt er nog wel een beroep gedaan op een bredebetrokkenheid van woningcorporaties. Woningcorporaties willen zelfook bijdragen aan beheer en verbetering van woonwijken, alleen zijnzij minder dan voorheen bereid en in staat om de rekening te betalenvoor fysieke investeringen buiten hun woningvoorraad. Ook neemtdraagvlak af voor bijdragen die vallen buiten hun kernactiviteitbeheer- en verhuur van woningen. Er zijn bij andere partijen, zoals derijksoverheid, gemeenten, zorg- en welzijnspartners en de werkvoor-ziening, ook veel minder middelen beschikbaar. Dit roept de vraag ophoe de maatschappelijk-economische kant dan t?ch kan worden ont-plooid. Het concept social business biedt hierbij kansen.SOCIAL BUSINESS: ALS CONCEPT ZOU OUD ALS DE WEG NAAR ROMETussen activiteiten van de overheid, burgers en marktpartijen zijnhybride organisaties actief in het vervullen van tal van behoeften. Eensocial business realiseert maatschappelijke doelen met het vehikel vaneen onderneming. Het verschil met reguliere bedrijvigheid is dat even-tuele winsten (dividend) niet terugvloeien naar investeerders, maardat het geld wordt geherinvesteerd ten behoeve van het sociale oog-merk. Het sociale doel staat altijd voorop. Maar er moet te allen tijdeook geld verdiend worden.De social business is recentelijk meer in de belangstelling komen testaan door de inspanningen van Nobelprijswinnaar MuhammedYunus (de man van de microkredieten). Op YouTube is een mooi film-pje te zien waarin Mohammed Yunus de social business aanprijst. http://www.youtube.com/watch?v=AV4WQV32ijs Sociale doelen verschillenper context. In India is voedzaam eten produceren en distribueren eenmaatschappelijk streven. Daarvoor kun je een social business opzettenzoals het filmpje laat zien. Wij kennen in Nederland een uitgebreidsociaal vangnet. Dat zorgt ervoor dat in tal van basisbehoeften wordtvoorzien. Sociale problematieken hebben bij ons dus een andere aard.Wij duiken er al snel bovenop als iets onder het gemiddelde scoort. InNederland zal dus ook een ander soort social business ontstaan dan inlanden die weinig overheidsingrijpen kennen. In Nederland zijn algauw middelen beschikbaar indien er onvoldoende koopkracht is vooreen collectief goed. Omdat een social business concurreert met vollediggesubsidieerde initiatieven, die veelal gratis aangeboden worden, ont-komt de social business er niet aan ook slim met subsidies en giften omte gaan. De businesscase wordt gevoed door drie geldstromen: primairuit de handel en secondair uit geld van liefdadigheid en overheid. Inveel gevallen zal de ondernemer zijn zaken zo combineren, dat zijnbusiness onafhankelijk blijft van instituties en regelingen.Eigenlijk is het fenomeen social business, letterlijk vertaald maatschap-pelijk ondernemen, zo oud als de weg naar Rome. De weg is de laatstejaren alleen wat weinig bewandeld. Neem de sociale woningbouw enhet welzijnswerk: werden zij in hun oorsprong nog gedreven doorfiguren uit de maatschappelijke bovenlaag die ondernemingen opzet-ten waar eerst geld verdiend werd, voordat het werd uitgegeven, nugaat het meestal precies andersom. Nieuwe maatschappelijke vraag-stukken worden een wereld ingetrokken van subsidiestromen, fonds-aanvragen en projectbudgetten. De maatschappelijke ondernemingenvan weleer zijn ge?nstitutionaliseerd, verambtelijkt en organisatorischopgeschaald. Het lijkt wel of ze steeds minder in staat zijn om met eenondernemersbril naar sociale vraagstukken te kijken. De vraag is ofdeze social businesses van weleer - de zorginstellingen, welzijnsinstel-lingen en woningcorporaties - nog de juiste antwoorden geven voor desociale noden in onze wijken. Wat we nodig hebben zijn nieuwe toetre-ders op de markt voor maatschappelijk ondernemen.33TIJDSCHRIFT VOOR DE VOLKSHUISVESTING NUMMER 5 OKTOBER 2013ACHTERGRONDSOCIAL BUSINESS IS ECONOMIESocial business onderscheidt zich van liefdadigheid, doordat er altijdeen tegenprestatie wordt verlangd. Met het sociale oogmerk valt wat teverdienen. Dit nodigt uit tot uitbreiding van succesvolle social businessen het be?indigen van onsuccesvolle. Creatieve destructie heet dit pro-ces in de woorden van econoom Schumpeter. De social business vechtin de markt om de gunst van de consument of bedrijven (aan wie dezetoelevert). Daarmee is het aan de ondernemer om waarde te cre?ren ente verzilveren. De kasstroom van de onderneming wordt gevoed dooropbrengst uit producten of diensten. Hoe meer diensten hoe meerwinst, en hoe meer sociale doelen worden bereikt.Bijkomend voordeel is dat transacties een prijs krijgen. Ze vertegen-woordigen naast een sociale ook een economische waarde. In een tijdwaarin het sturen op maatschappelijk rendement steeds belangrijkerwordt, kan de social business maatschappelijke initiatieven op eentransparante manier via het marktmechanisme waarderen. Ik durf testellen dat dit leidt tot een effici?ntere toedeling van middelen zodater meer beschikbaar blijft voor zij die het nodig hebben.De terreinen waarop de social business kan worden toegepast zijndivers. Met reclassering, ontmoeting, gehandicaptenzorg, kinderop-vang, werkloosheidsbestrijding, speeltuinwerk en leefbaarheidsverbe-tering is waarde te cre?ren. Veel van deze zaken worden als maatschap-pelijk probleem ervaren in aandachtswijken en kunnen op wijkniveauworden beetgepakt. Hiervoor is een andere manier van kijken nodig enAanBouwisalsbedrijfactiefinonderandereRotterdamRijnmond,DenHaagenAmsterdamenhelptmensenvanuiteenkansarmepositieaanhetwerk,vaakmetuitzichtopeenvastebaan34TIJDSCHRIFT VOOR DE VOLKSHUISVESTING NUMMER 5 OKTOBER 2013ACHTERGRONDeen andere manier van organiseren, uitlokken en ondersteunen vaninitiatief.BURGERKRACHT ALS ANTWOORD?Binnen het discours van het sociaal domein wordt inmiddels ook inNederland steeds meer aandacht geschonken aan het fenomeen sociaalondernemerschap. Dan heet het bijvoorbeeld Social Enterprise, bewo-nersbedrijf, een co?peratie, een buurtcentrum in zelfbeheer, enzo-voorts. De begrippen worden nogal eens door elkaar gehaald. Er kaneen onderscheid worden gemaakt tussen initiatieven die marktgeori-enteerd zijn (social business), en degene die zich hoofdzakelijk richtenop de gemeenschap (ruilhandel, wederkerigheid). Wat kunnen we vandie laatste verwachten? Tegenwoordig zien beleidsmakers veel heil inhet inzetten van de eigen kracht van mensen. Mensen zouden zowelindividueel als binnen gemeenschappen meer zelf moeten (kunnen)oppakken. Jos van der Lans en Nico Boer introduceerden hiervoor hetbegrip burgerkracht. Het sluit aan bij het Britse gedachtengoed van deBig Society, waarin lokale gemeenschappen trusts vormen om maat-schappelijke opgaven te tackelen. Deze gedachten sluiten aan bij hetconcept van een nieuw en humaner kapitalisme; een alternatief voorde neoliberale economie die ons de kredietcrisis in leidde. Een nieuweeconomie gebaseerd op nieuwe collectieve waarden. Rode conservatiefPhillip Blond schreef er een aardig boekje over. Het lijkt logisch om ineen tijd van bezuiniging en krimp meer bij de gemeenschap neer teleggen. Zo ver als Blond wil ik niet gaan, want in Nederland lijkt degemeenschap minder ge?rodeerd dan in Groot-Brittanni? (waar sinds1979 de Conservatieven en Labour konden domineren). En wat keer opkeer blijkt: gemeenschappen zijn geen uitvoerders van sociaal beleid,want ze doen waar ze zin in hebben op hun volstrekt eigen manier.Veel sociale initiatieven van overheid en charitaszijn opgezet vanuit de onterechte gedachte dat ergeen geld mee te verdienen valtIk geloof eerder in sociaal kapitalisme. Veel sociale initiatieven vanoverheid en charitas zijn opgezet vanuit de onterechte gedachte dat ergeen geld mee te verdienen valt. Daarmee isoleren deze zich van heteconomisch systeem. Er ontstaat een subsidieafhankelijkheid die hetinitiatief steeds verder doet afdrijven van de normale wetten van vraagen aanbod. Vaak resteert een aanbodgericht, ineffici?nt systeem vanprojecten die geen basis hebben, wanneer de subsidie stopt. Daarmeeis het sociale doel nastrevenswaardig, maar kun je de vraag stellen ofhet bouwwerk van de sociale aanpak juist is gefundeerd.VOORBEELDEN VAN SOCIAL BUSINESS IN DE WIJKAANPAKDe wijkaanpak richt zich op gebieden waar tal van problemen culmi-neren. Er wordt door professionals gewerkt aan de woonomgeving envoorzieningen, aan veiligheid en leefbaarheid, aan kansen op leren,werken en integreren.SleutelwerkplaatsUit Dordrecht komt het voorbeeld van een doe-het-zelf sleutelwerk-plaats die ervoor zorgde dat straatsleutelaars van de stoepen verdwe-nen. De sleutelwerkplaats reduceerde de straatoverlast en bleek eenvan de succesvolste in zijn soort. In zijn opzet bleek het project echterkostbaar en ineffici?nt. Door met de bril van de social business naar hetinitiatief te kijken zijn enkele interessante nieuwe oplossingenbedacht. Deze hebben geleid tot adoptie door een reguliere onderne-mer die de werkplaats ook in daluren goed weet te benutten. Tevens iseen onderwijsinstelling aangehaakt die leerwerkplekken voor de auto-mobielbranche verzorgd. Daarmee snijdt het mes nu aan twee kanten:meer opbrengsten en minder subsidiebeslag en een betere relatie methet lokale bedrijfsleven.Leren, werken en kunstMillers in Delfshaven is het initiatief van een sociale entrepreneur diezijn restaurantbedrijf gebruikt om jongeren te helpen. Het personeelvan het restaurant wordt iedere dag versterkt met de inzet van jonge-ren uit Pension Maaszicht, opvanghuis voor dak- en thuisloze jonge-ren in Rotterdam. Met het bezoek aan Millers werken de eters mee aanhun toekomst. Millers ziet zichzelf een maatschappelijk betrokkenrestaurant en het voert een duurzame kaart. Onderdelen van het leer-aanbod zijn: sociale vaardigheden, kook- en serveertechnieken en deel-nemen aan promotionele activiteiten, zoals het boek `Rotterdam kooktover!'. Alle jongeren gaan op voor het diploma `Sociale Hygi?ne'. Deessentie van deze social business: Millers functioneert als volwaardigrestaurantbedrijf. Het doel is om de jongeren te leren leren en werken.Na het traject lopen de jongeren elders stage. Het project staat ookopen voor een aantal jongeren dat niet in Maaszicht woont. Formeelvalt het traject onder de stichting MaasJeugd en Toekomst, ofwel`MaasJeT'. Het is niet alleen inspirerend; je kunt er heerlijk eten.Social return uitzendbureauOp steeds meer plaatsen vraagt de overheid een maatschappelijke bij-drage aan hun leveranciers via het social return instrument. Socialreturn betekent dat een percentage van de opdrachtsom maatschappe-lijk wordt teruggegeven. Het wordt ook wel de 5% regeling genoemd.Meestal krijgt dit de vorm van kansen bieden op werk voor mensenmet afstand tot de arbeidsmarkt: werklozen, gehandicapten etc. Opdeze manier worden reguliere bedrijven aangespoord om hunMaatschappelijk Verantwoord Ondernemerschap (MVO) hard temaken en mensen uit bijzondere doelgroepen aan te nemen. In dewijkaanpak zijn er hiervoor veel kansen.BV AanBouw werkt voor bedrijven die geconfronteerd worden met eensocial return verplichting van de overheid en het lastig vinden hier eenantwoord op te geven. AanBouw neemt mensen vanuit een uitkeringssi-tuatie in dienst, leidt ze op, begeleidt ze en plaatst deze bij deze bedrij-ven. Met deze bedrijven heeft het de afgelopen jaren een goede bandopgebouwd. De BV verdient zijn geld zowel met het `ontzorgen' van dewerkgever als het `ontzorgen' van de sociale dienst van de gemeente. Hetbedrijf heeft in het kader van social return de afgelopen jaren honder-den mensen vanuit een kansarme positie aan het werk geholpen vaakmet uitzicht op een vaste baan. Er zijn continu circa 300-350 mensen indienst op reguliere basis en met behoud van uitkering. AanBouw is alsbedrijf actief in onder andere Rotterdam Rijnmond, Den Haag,Amsterdam, Utrecht en Maastricht. In deze steden opereert de onderne-ming vanuit bestaande locaties. Daarnaast wordt samengewerkt metandere gemeenten, zoals Rijswijk, Delft en Gouda. Deze social businesswerkt dus als een bijzonder uitzendbureau dat een niche in de marktheeft gevonden om als succesvol bedrijf te opereren.RUIM BAAN VOOR DE SOCIAL BUSINESS?Een social business? is een bedrijf.? kan op tal van maatschappelijke terreinen worden opgezet.? weet behoeftes te bevredigen en daarmee sociale problemen op telossen.35TIJDSCHRIFT VOOR DE VOLKSHUISVESTING NUMMER 5 OKTOBER 2013ACHTERGROND? biedt een perspectief voor aanpakken die door bestaande partijen inhet sociale domein al lang niet meer worden gerealiseerd.? kan geldstromen slim combineren zodat een ideale mix tussen geldverdienen, vraagondersteuning en liefdadigheid ontstaat.? biedt een denkraam voor een nieuwe organisatie van sociale aanpak-ken.? kan een nieuwe dynamiek ontketenen in sociale projecten die daar-mee duurzamer worden ingebed binnen en buiten organisaties.Dat klinkt allemaal aardig, maar waarom is het dan toch nog zo lastigom deze manier van maatschappelijk organiseren in de praktijk tebrengen?Het meest zuiver is het wanneer de overheidstartsubsidies als startkapitaal levert, want dandwing je echt ondernemerschap afFondsen in plaats van subsidieIedere social business kent zijn eigen verdienmodel. De ene ontvangtnul subsidie en is helemaal onafhankelijk van de overheid. Anderehebben subsidie nodig om te kunnen voortbestaan. Sommige socialbusiness hadden een startsubsidie nodig als springplank. Het meestzuiver is het wanneer de overheid startsubsidies als startkapitaallevert, want dan dwing je echt ondernemerschap af. Dat is voor demeeste overheden echter een brug te ver, want het past niet in hunmanier van werken. De Bewonersbedrijven van het LandelijkSteunpunt Aandachtswijken (LSA) zijn wel op een dergelijke maniergefinancierd. De bekostiging van dit experiment is trouwens exempla-risch hoe de overheid zich tot social business verhoudt: de overheidlevert procesgeld en het startkapitaal komt van derden. In het gevalvan Bewonersbedrijven van de Nationale Postcodeloterij en AedesFonds Werken aan wonen.Een club als Start Foundation, voortgekomen uit uitzendbureau Start,heeft al jaren ervaring met het financieren van sociale ondernemin-gen. Die starten meestal op initiatief van gedreven maatschappelijkbewogen ondernemers. Beleidsdoelstellingen zijn juist zelden hetstartpunt. Tussen beleidswens en social business zit dus vaak de nodigespanning, die overigens helemaal niet verkeerd hoeft te zijn.Relatie overheid en social businessDaar waar social business een subsidie ontvangt, is deze bijvoorbeeldgebaseerd op specifieke zorgbehoefte van bijzondere personeelsleden.Geld komt vaak van de gemeentelijke sociale dienst of uit de AWBZ.Soms wordt door een gemeente of woningcorporatie een lumpsumbedrag verstrekt vanwege het ontbreken van koopkrachtige vraag ineen bepaald gebied (aandachtswijken). Het al dan niet ontvangen vansubsidie is meestal afhankelijk van hoe goed de social business zichzelfweet te verkopen. Een probleem hierbij is nog wel dat de overheid nietalleen subsidie-eisen stelt, maar soms ook op de stoel van de onderne-mer gaat zitten. Dat heeft een negatief effect op de wendbaarheid ende verdiencapaciteit van de onderneming, en daarmee op de herhaal-baarheid van de social business. De overheid en het maatschappelijkmiddenveld zouden meer een faciliterende rol moeten hebben en min-der een programmerende.Wat aardig werkt is de manier waarop een aantal woningcorporatiessocial business stimuleert via het om niet of met korting beschikbaarstellen van vastgoed. Het maatschappelijk offer bestaat dan uit eenlager vastgoedrendement. Daarmee geven zij de vrijheid voor de socia-le ondernemer om te woekeren met zijn talenten. Via bijvoorbeeld eenprijsvraag kan de ondernemer met het beste aanbod worden gevon-den. Voorbeelden uit de wijkaanpak zijn de Colour Kitchen,Coffeemania en Bookstore Foundation. Een probleem van gratis huuris dat het concurrentievervalsend kan werken. Via ingroeihuur kun jehieraan tegemoet komen en tegelijkertijd een beter vastgoedrende-ment realiseren. De Kansenflat in de Dordtse wijk Wielwijk werkt vol-gens een dergelijk principe.Breekbaarheid van de social businessZoals iedere onderneming kan ook een social business failliet gaan. Jeziet in de levensloop van social business dat de afhankelijkheid van sub-sidies een risico is. Bijvoorbeeld met het afschaffen van de rijkssubsi-die op Melkertbanen, legden ook veel sociale ondernemingen die daar-van afhankelijk waren het loodje. Soms verandert juist de markt zosnel dat de social business het niet bijhoudt. Een voorbeeld is deUtrechtse daklozenkrant: een schoolvoorbeeld van een subsidielozesocial business. Het wijzigen van de daklozenpopulatie (minderSwiebertjes, meer Oost-Europeanen) en een toename van liefdadigheid(mensen gaven wel geld maar hoefden geen krant) sloeg de bodemonder het verdienmodel weg. Be?indiging van het bedrijf was onont-koombaar. Een fusie met de Amsterdamse krant zorgde voor een door-start. Het bewijs van Schumpeters theorie: alleen de wendbare onder-neming verzekert zich van zijn voortbestaan.ResumerendDe social business biedt een interessant alternatief voor gesubsidieerdesociale aanpakken en burgerkrachtinitiatieven. Deze business is uit telokken door in plaats van subsidies fondsen, vastgoed of andere mid-delen ter beschikking te stellen aan sociale entrepreneurs. Geef ze deruimte om te ondernemen en om te mislukken.LiteratuurPhillip Blond (2010), Red Tory. How Left And Right Have Broken Britain And How WeCan Fix It. Faber and Faber.Visitatiecommissie wijkenaanpak (2011), Doorzetten en loslaten, de topekomst vande wijkenaanpak. Visitatiecommissie wijkenaanpak.Linkshttp://www.youtube.com/watch?v=AV4WQV32ijshttp://nl.wikipedia.org/wiki/Joseph_Schumpeter#Creatieve_destructiewww.bewonersbedrijven.nlwww.social-enterprise.nl
Reacties