stedebouw volkshuisvestingUitgave van hetNederlands Instituut voorVolkshuisvesting en StedebouwIn dit nummer: Een nieuwe handleiding voor ordenaarsDe nota inzake de ruimtelijke ordeningStedebouwVolkshuisvestingOfjiciele mededelingenSummaryoktober 1960nantennesysteem. De voortdurende researchen de gedegen produktie hebben ertoebijgedragen dat Kathrein, in de 40 jarendat deze fabriek zich op dit speciale terreinbeweegl, zich een wereldnaam veroverde.Hel nieuwe vcrsierkerprogramma omvat juist voorde centrale antenne-installaiies vele nieuwe ont-wikkelingen. In totaal zijn er nu 104 typen ver-sterkers -- voor elk speciaal doel ontwikkeld --zodat te alien iijde een cconomisch verant>woordecentrale antenne-instailatie in elk bestek kanworden opgenomen.[nllehtingwn an formuIl?r?n vooro.a. bestekopgaven an voortchriflanbij do importour.H?a?, Waganalraal 126a, Tal. 18 39 84*KOENE TEGELS\VMi\SuKf\Telefoon 778566WAND- en VLOERTEGELSMOZAIEKonverglaasdverglaasdglasMARMER-TEGELSNATUURSTEENVorstvrlj materiaalin tegels en strippenPLASTIC-VLOERENALPHA MUURVERFFABRIEKEN N.V. ALPHEN A/0 RUN TEL. 01720-2192s&vUitgave van hetNederlands Instituut voorVolkshuisvesting en Stcdcbouwoktober 1960Maandblad41e jaargang no. 10Redactie:Mevrouw Prof. C. W. VisserMe]. R. Hartstrah. B. FokkingaMr. C. A. van GorcumH. J. A. Hovens GreveProf. Mr. A. KleijnDrs. R. KokIr. P. K. van MeursDr. S. O. van PoeljeMr. Ir. M. M. van PraagH. van SaaneW. ScheerensIr. W. van TijenDrs. H.v.d. WeijdeIr. W. WissingAdres voor Redactie en Abonnementen:Lange Voorhout 19, 's-GravenhageTelefoon 18422}Advertenties:Keizersgracht 188, Amsterdam-C.Postgiro nummer 113028Telefoon 249128Dit nummerbevat als hoofdartikel een korte beschouwing van de Voorzitter van de StedebouwkundigeRaad over de onlangs door de Regering ingediende Nota inzake de Ruimtelijke ordening,gevolgd door een samenvatting van de conclusies van deze nota.Over Stedebouw volgt een eerste reactie op de bijdragen van Drs. Launspach in twee vooraf-gaande nummers van deze jaargang.Wij signaleren verder dat thans een begin wordt gemaakt met een Volkshuisvestingskronieknaast de Stedebouwkundige Kroniek, die ook in dit nummer wederom verschijnt.De Heer Mr. Ir. M. M. van Praag, lid van de Redactie, is bcreid gevonden de Volkshui-svestmgs-kroniek te verzorgen.153InhoudEen nieuwe handleiding voor ordenaars,Prof. Dr. G. A. van Poelje 155De nota inzake de ruimtelijke ordening 158StedehouwOnderzoek stedebouwkundige vormen-taal, Ir. A. van Hezik 159Kroniek en Kommentaar 162Overzicht van Tijdschriften 164VolkshuisvestmgKroniek 166Rectificatie ^ 167Binnenland 168Overzicht van Tijdschriften 169Officiele MededelingenNederlands Instituut 169Rijksdienst voor het Natlonale Plan 171Summary 171Ahonnementsprijs f 16,--. Losse nummers f 2,--.De leden van het Nederlands Instituut voor Volkshuisvesting en Stedehouw (lidmaatschap voorphysieke leden f IS,--) en de leden van de Nationale Woningraad ontvangen het blad kosteloos.154U zoumet eenSTRUKTAKASTkunnenbobsleeen!Maar hoe stevig een Struktakast ook in elkaar zit, voorde wintersport is hij minder geschikt. Heeft trouwensniemand bij Bruynzeel ooit aan gedacPit --Struktakasten zijn we! in hoge mate geschikt om vandat vervslende en kostbare zelfbouwen van kasteneens en voor goed af te komen. Geen hoge lonen ensociale lasten meer, geen opslag van en gesleep metallerlei materiaal. Struktakasten arriveren kant en klaarop het werk, zo maar voor het neerzetten. Zij muntenuit door hun sobere, moderne vormgeving, hun oer-degelijke konstruktie en grote stijfheid en hun langelevensduur. En als scheidingswand- of doorgeefkast,als een- of meerdeiige wandkast geven Struktakastennieuwe, ongedachte mogelijkheden voor elk bestek.BRUYNZEEL DEURENFABRIEK N.V. ZAANDAMTELEFOON 02980-62751VACATUI^liSGEMEENTE EINDHOVENBij de afdeling Nieuwbouw/Stedebouw (onderafdelingSurvey) van de Dienst van Gemeentewerken te Eindho-ven wordt gevraagd eenPLANOLOOGVereisten: doctoraal examen in de sociaal-economische,sociologische of sociaal-geografische wetenschappen.Ervaring op het gebied van stedebouwlcundig onderzoekis noodzakelijk.Aanstelling zal geschieden in vast publiekrechtelijkdienstverband, dan wel op arbeidsovereenkomst naarburgerlijk reclit, in de rang van hooMcommies (salarisminimum / 8.462,04, maximum / 10.538,27), c.q. hoofd-commies le kl. (salaris minimum / 9.751,07, maximum/ 12.100,37).Tewerkstelling boven het minimum is mogelijk.Sollicitaties met uitvoerige inlichtingen binnen 10 dagente richten aan de Directeur van Gemeentewerken, Stra-tumsedijk 20, Eindhoven.GEMEENTE VELSENBij het bedrijf van Openbare Werken wordt voor deafd. Grondbedrijf en stedebouw gevraagd eenstedebouwkundig tekenaarin het bezit van of studerende voor het diploma stede-bouwkundig tekenaar P.B.N.A. Bekendheid met de wet-telijke bepalingen ta.v. uitbreidingsplannen strekt totaanbeveling.Aanstelling in de rang van tekenaar-B of tekenaar-C,naar gelang van leeftijd en ervaring.Maandsalaris, excl. 4% vakantietoeslag, voor:tekenaar-B / 446,14 -- / 542,23-C ,, 493,66 -- ,, 606,65Maximum te bereiken in 6 jaar; aanstelling boven hetminimum is niet uitgesloten.Verplaatsingskosten- en studiekostenregeling zijn vantoepassing; de gemeente Velsen is aangesloten bij hetI.Z.A.Sollicitaties te zenden aan de directeur van OpenbareWerken, Velserbeek 1 te Velsen, binnen 2 weken na deverschijningsdatum van dit blad.YRIJE UNIYERSITEITAan de Vrije Universiteit wordt in het kader van desociologie-opleiding gevraagd eenPLANOLOOGmet enige ervaring om te assisteren bij het wetenschap-pelijk onderzoek en het onderwijs in de planologischeresearch en de demografie. Aanstelling geschiedt in hetwetenschappelijk rangenstelsel.Sollicitaties te richten aan: Prof. Dr. G. Kuiper Hzn.,p.a. Bureau Verenigde Faculteiten voor Politicologie enSociologie, Koningslaan 31, Amsterdam.GEMEENTE VENLOBij de afdeling Stadsontwikkeling van de dienst vanGemeentewerken kan geplaatst worden:Stedebouwkundig tekenaar (mnl. of vrl.)Gezocht wordt een tekenaar met enige ervaring. Hetdiploma stedebouwkundig tekenaar P.B.N.A. of reeds aan-gevangen studie voor dit diploma strekt tot aanbeveling.De functie biedt in ruime mate gelegenheid stedebouw-kundig tekenwerk van uiteenlopend karakter te verrichtenen buitendien kennis te nemen van de werkzaamhedenvan een afdeling stadsontwikkeling in het algemeen.Salariering tussen het minimum van / 317,30 en hetmaximum van / 642,66 p.m. afhankelijk van opleiding enervaring. De gemeente Venlo is aangesloten bij het Insti-tuut Ziektekostenvoorziening Ambtenaren in Lunburg.Van toepassing zijn het verplaatsingskostenbesluit en eenzeer gunstige studiekostenverordening.Sollicitaties in te zenden aan burgemeester en wethoudersvan Venlo binnen 14 dagen na het verschijnen van ditblad.Een vacature?De juiste man op de juiste plaats dooreen advertentie in dit tydschrift!J. J. NEDERSTIGTZILK/HILLEGOMTeiefoon 0Z520-5929 en 5710Handel inGRASZODENvoor sportvelden en gazonsAanleg en onderhoud vanSPORTVELDEN enPLANTSOENENGratis adviezenNota Tuimtelijke ordening,Een nieuwe handleiding voor ordenaars(Nota inzake de ruimtelijke ordening in Nederland)In het verkeer tussen parlement en regering is de nota, althans in de frequentie waarin zijtegenwoordig pleegt voor te komen, een verschijnsel van de na-oorlogse jaren.Men kan zeggen, dat ze uit de nood der tijden is geboren, omdat het onmogelijk werd, datparlement en regering elkanders Inzlchten kenden, alleen op grond van de behandelingvan wetsvoordrachten en het jaarlijkse debat bij de behandeling van de staatsbegroting. Eennadeel van het stelsel is, dat het nooit tot bindende beslissingen leidt. De regering kan altijdin een volgende nota op hetgeen ze gezegd heeft terug komen; de Tweede Kamer, want opdeze alleen komt het aan, kan eventueel in een motie een bepaalde uitspraak neerleggen,maar bij de behandeling van een komend wetsontwerp kan men haar daaraan kwalijk ge-bonden achten. Voor het publiek, dus voor ons alien, heeft het stelsel het voordeel, dat meneen samenhangend verhaal over bepaalde onderwerpen krijgt, waaruit men, althans zolanghet ideaal der optimale vaagheid door de samenstellers niet is bereikt, zich een oordeelvormen kan over de ontwikkeling in de sfeer van het overheidsbeleid, waarmee voor denaaste toekomst kan Avorden rekening gehouden. Een bezwaar is dan echter de omvang enhet aantal der nota's; men zou eigenlijk -- wij zijn al aan de zevende industrialisatienotatoe -- een afzonderlijke secretaresse in dienst moeten hebben, die de inhoud van iedere notanaar de onderwerpen in een kaartsysteem verwerkte, en bij het verschijnen van iedere vol-gende nota de nodige ,verwijzingen en aanvullingen aanbracht. Mogelijk ligt hier voor eenvan onze ondernemende uitgevers een taak.Voor hen, die in de Eerste Kamer meer zien dan een apparaat tot het incidenteel met veelgeruis verwerpen van onbelangrijke wetsontwerpen, komt daar nog bij, dat een intensiefnota verkeer tussen regering en Tweede Kamer tot het goeddeels uitschakelen van de EersteKamer bij de beslissingen over het regeringsbeleid kan leiden.De Nota inzake de ruimtelijke ordening is ingezonden op 27 September 1960, naar aan-leiding van het aannemen door de Tweede Kamer van een motie Andriessen c.s. op 10december 1957. Dit beteken't dus, dat Kamer en publiek het bijna drie jaren hebben moetenstellen zonder de voorlichting, waarop althans de eerste bleek prijs te stellen. Door het feit,dat in die drie jaar een kabinetscrisis viel, is deze vertraging allerminst gerechtvaardigd.Zelfs als er aes crississen geweest waren, had de nota, als de minister op 11 december 1957tot haar samenstelling opdracht had gegeven, veel en veel eerder gereed kunnen zijn. Vooreen deel aan het te late verschijnen van de nota is wel te wijten, dat zij ons omtrent de driemeest dringende problemen: Europoort, Haagse conurbatie, IJmond, geen nieuws brengt.Over het algemeen is zij trouwens ten aanzien van het door de centrale overheid te voerenbeleid, zoals dat in officieel nederlands heet: ,,van vaagheid niet vrij te pleiten". Het woordnationaal plan ben ik, als ik mij niet vergis, een keer tegen gekomen. Omtrent de vraag,of de Regering ernst wil maken, zoal niet met het doen ontwerpen van een algemeen natio-naal plan, dan toch met enkele belangrijke facetplannen, vernemen wij niets.Als wij de nota nader bezien, dan bevat zij honderdtien bladzijden, waarin de bestaandesituatie wordt uiteengezet, en 24 bladzijden betreffende het te voeren beleid. Deze laatsteworden dan weer samengevat in een regeringsprogramma van zes punten. Ook dit pro-gramma is wederom van vaagheid niet vrij te pleiten. Wij komen daarop terug.Wat nu die eerste 110 bladzijden betreft, daarin steekt ongetwijfeld een belangrijk stuk werk,en wij hebben alle waardering voor hen, die ze hebben opgesteld. Dit neemt echter nietv/eg, dat er voor de anderen, die de ontwikkeling sedert de oorlog hebben gevolgd, niet heel155Nota ruimtelijke ordeningveel nieuws in te vinden is. Daar zijn toch onder meer het Rapport van de werkcommissievoor hiet westen des lands, de brochure ,,Het westen en overig nederland", de uitnemendepraeadviezen van Van den Berg en Thijsse in ,,Nieuwe Steden in Nederland"; de prae-ad-viezen van Thijsse, Tromp en Gaarlandt voor de Nederlandse Maatschappij voor Handelen Nijverheid; het rapport Bevolkingsspreiding van de dr Wiardi Beckmanstichting. Voorhet feit, dat verschillende gegevens tot 1960 zijn bijgewerkt, kunnen wij slechts waarderinghebben.Als wij nu op enkele punten Ingaan, dan heeft ons het meest getroffen, dat het probleem doorde Regering niet is behandeld in Benelux-verband. Hier zijn wij nu op een gebied, waar deeconomische noodzaak tot samenwerking dwingt, en hier zwijgt de Regering. Over de vraag,welke rol de problematiek van de Antwerpse haven zal spelen (,,spelen moeten") vernemenwij niets. Een algemene beschouwing hierover kon nog voldoende ruimte laten voor naderediscussie over vragen van beleid en politiek. Evenmin wqrdt aandacht geschonken aan hetfeit, dat binnen het territoir van onze Benelux-partners nog zeer grote gebieden aanwezigzijn, die a.h.w. van nature overwegend voor recreatie zijn aangewezen. Van de allergrootstebetekenis, en dit niet alleen uit een oogpunt van recreatie, is het vraagstuk der ontwikkelingvan de Belgische Kempen in verband met zuidelijk Noord-Brabant, waar enkele van onzebelangrijke naituurreservaten gelegen zijn.In de tweede plaats treft de vaagheid ten aanzien van de problematiek van de jjRandstad".Dat de oplossing allereerst buiten het Westen ligt, zoals de nota stelt, wordt beweerd, maarniet aannemelijk gemaakt. ,,Het ligt in de lijn, de oplossing in deze richting te zoeken, datde groeikrachten zoveel mogelijk worden afgeleid van de nog overgebleven open ruimten tussende steden en van het centrale weidegebied. Dit betekent het bevorderen van een expansie vanhet hele complex naar buiten. Men zal deze het best kunnen! bereiken aan of nabij de ver-keersbanen voor weg-, water- en railverkeer die in verschillende richting van de randstaduitstralen." Men kan, met mij, van deze expansie niets verwachten. Men kan, met mij, vanoordeel zijn, dat, als het gelukt met kunst- en vliegwerk en ondanks de bezwaren, die eenieder kent, die de decentralisatie van het regeringsapparaat in de oorlog heeft meegemaakt,een paar rijksinstellingen naar elders te verplaatsen, de daardoor vrij komende ruimte onmid-dellijk weer in beslag zal worden genomen. Maar ook, als men hier anders over denkt, dandient men te weten, en op allerkortste termijn te weten, wat de regering zich voorstelt tedoen. Hiervoor op het tot stand komen van de wet op de ruimtelijke ordening te wachten,heeft geen zin.In de derde plaats moeten wij wijzen op de luohtige wijze, waarop aan de problematiek vande reconstructie van de binnensteden wordt voorbij gegaan. Terecht wordt gesteld, datdaardoor geen ruimte vrij zal komen (biz. 30). Maar men krijgt de indruk, dat deze recon-structie niet als een onderdeel van de ruimtelijke ordening in het westen wordt gezien. InRotterdam is als gevolg van de brand het probleem niet het meest dringend. Maar wie b.v.de schildersbuurt in den Haag kent, die weet, dat het ,,in de meest volstrekte zin des woords"ontoelaatbaar is, de vernieuwing daarvan uit te stellen. Hier is, vooral sociaal en cultureel,magna pericula in mora. Voor hoeveel mensen in verband met deze vernieuwing plaats moetworden gevonden, kan bij benadering worden vastgesteld. Dit geldt ook voor de andere re-constructie-gebieden. Met de aldus ,,vrij komende" bevolking moet binnen het plan vanruimtelijke ordening worden rekening gehouden. Of denkt men ze alien te kunnen plaatsenin Wilsveen? Dat zal zeker niet mogelijk zijn, al was het alleen maar, omdat ook bij de grootstcactiviteit Wilsveen allioht volgebouwd zal zijn, voordat de gevolgen van de sanering zichtbaar156Gulden regelvoor hetmoderiiebouivenKwiaK^^"^^W W^^-^^^In de Nederlandse volkswoningbouwwordt toenemende aandacht besteedaan een moderne, doelmatige vioerafwerking.Dat wil zeggen: aan permanent linoleum.Permanente vioerafwerking vereist slechtseen matige verhoging van de huurprijs.De praktijk leert, dat iedere huurderdeze toeslag graag over heeftvoor de vele onmiskenbare voordelen:permanent linoleum betekent voorde huurder een aanzienlijke verllchtingvan zijn installatie-budget;garandeert ook de minder draagkrachtigeneen volwaardige vioerbedekking;bevordert de geluid-isolatie tussende woonlagen;* is blijvend bacteriendodend, dus liygienisch;* heeft een lange levensduur, de kleuren gaandoor-en-door, dus kunnen niet wegslijten;* verhoogt de woonbeschaving.linoleum kromiTienie????" Onze afdelingtechnische adviezenverstrekt gaarnevolledige iniichtingen(telefoon 02980-81941).Voor keuken, douchecel en halook colovinyl plastic asbesttegels,soepel en slijtvast, in lioge mate bestand tegen olien,vetten, zuren en vele andere chemicaiien.Vraag ook naar colorite cumaronhars tegels,eveneens in vele fraaie tinten.(vervolg)Herhaalde oproep!GEMEENTE SCHIEDAMBij de dienst van Gemeentewerken kan worden geplaatsteenStedebouwkundlige,Chef van de afdeling StedebouwVereist wordt ervaring op stedebouwkundig gebied. Hetbezit van het diploma bouwkundig ingenieur van de T.H.te Delft kan tot aanbeveling strekken.Aanstelling zal geschieden in de rang van Stedebouw-kundige A; bij het bezit van bovengenoemd diploma isevenwel aanstelling in de rang van hoofdingenieur nietuitgesloten.De salarisgrenzen van deze rangen zijn, met inbegripvan de compensatie voor te betalen premien ingevolgede A.O.W., resp. / 11.025,24--/ 14.157,24 en / 12.981,24--/ 15.321,24, benevens huurcompensatie en 4 % vakantie-toeslag.Geboden wordt een interessante werkkring in een snel-groeiende stad (ruim 80.000 inw.) in het Waterweggebied,waar nog tal van stedebouwkundige problemen om eenoplossing vragen.Eigenhandig geschreven sollicitaties, onder vermeldingvan opleiding, ervaring, referenties, enz., binnen 14 da-gen in te dienen bij de directeur, Korte Haven 33,Schiedam.Dooreen advertentiein ditTijdschriftverwerft Uw zaak ingeheel Nederlandbekendheid bij:Architecten,Ingenieursbureaux,Woningbouwverenigingen,Gemeentebesturen,Gemeentelijke diensten vanOpenbare Werken,Bureaux v. Bouw- en, fWoningtoezicht e.d.,Provinciale Besturen,Prov. Streekplannendienstenenz.AANNEMERSBEDRIJFD.H.A.KOOIJHAARLEMMARNIXSTRAAT 46TELEFOON 55868-K 2500? Eigen moderne hulpmiddelenvoor horlzontaal en verticaaltransport op bouwwerken? Eigen timmerfabriek? Rijks- en gemeentewerken? Relatie en calculatie op aanvraag? Scherp concurrerend? Werkt door het gehele landAannemersbedrijfM. v.d. BENT& ZONENZuid Boulevard 143KATWIJK AAN ZEETelefoon 01718 - 3252Bouw- enBetonwerkenNota ruimtelijke ordeningworden. Wie met de plaatsing van de bevolking der reconstructiegebieden geen rekening houdt,stelt een prognose op, waarvan hij zeker moet zijn, dat ze onjuist is.Ten slotte heeft ons zeer getroffen de weinige aandacht, die aan de natuurbescherming ge-schonken wordt. Er wordt iets over gezegd in verband met de recreatie, en dan wordt ernog een bladzijde aan gewijd, die wordt afgesloten met enkele ,,hoofdlijnen" van opperstevaagheid. Wij wezen er al op, dat ook ten aanzien hiervan overleg in Benelux-verband onsnoodzakelijk voorkomt. Maar er is meer, er is veel meer. Misschien zou het 't baste zijn, a!sde Kamer aan de Minister van O.K.W. een afzonderlijke nota vroeg, in te zenden binnen,op zijn allerlangst, want de urgentie is groot, een half jaar. Daarbij zou dan in de eersteplaats duidelijk moeten worden medegedeeld, of er nu inderdaad gewerkt wordt aan hettot stand komen van een terrein, dat de Beer als pleisterplaats voor trekvogels zal kunnenvervangen. Dit is mede een kwestie van internationale behoorhjkheid. In de tweede plaatszouden wij vernemen, of de Minister van plan is uitelndelijk iets te doen -- dit is onderdeelvan de ruimtelijke ordening -- voor het behoud van onze wiide flora en fauna ook buitende natuurreservaten. In het bijzonder het behoud van de wegbermflora en van de waterkant-flora is een zaak van urgentie en grote betekenis.Hierraede hebben wij in hoofdzaak gezegd, wat wij ter voorbereiding van een bespreking vande nota voor wat de algeimene problematiek aangaat, noodzakelijk achten.De doelstelling van deze b?schouwing bracht mede, dat zij overwegend critisoh moest zijngetint. Ik wil daarom tot slot van mijn zakelijke waardering voor het verrichte werk ge-luigcn, al bereiken de resultaten ervan ons, helaas, te laat.G. A. van Poelje157Nota ruimtelijke ordeningDe nota inzake de ruimtelijke ordeningDeze nota telt in boekvorm 136 bladzijdendruks. Er kan dus geen sprake van zijn eenook niaar enigszins volledige samenvattingvan de inhoud op te nemen. Dit is intussenook inzoverre minder nodig als verreweg hetgrootste deel van de nota neerkomt op esnrecapitulatie van de feiten, die ons ook inandere vorm al zijn voorgezet, in het bi-zonder in het Rapport van de WerkcommissieWesten des Lands.Het komt thans vooral aan op de hoofd-stukken IV en V, resp. getiteld ,,Hoofdlijnenvoor de gewenste ruimtehjke ontwikkehngvan Nederland" en ,,Te voeren beleid".Het eerstbedoelde hoofdstuk resulteert in eenaantal conclusies, die wij hieronder latenvolgen.Werkgehieden Rationale ontwikkeling van de landbouwge-bieden, met behoud van grote aaneengesloteneenheden, vooral op de klei- en veengronden;voortgezette verbetering van de ruimtelijkemogelijkheden in het westen voor de aan deRandstad Holland gebonden werkgehieden inde industriele en dienstensector;betere landelijke spreiding van de overigewerkgehieden voor deze sector en met doel-matige regionale concentratie;speciale aandacht voor verbetering van devestigingsvoorwaarden in het Noorden.WoongebiedinIn het algemeen de zorg voor goede en vol-doend ruime stadsplannen;bescherming van bos-, heide- en duinterreintegen overmatige inbeslagneming voor perma-nente of tijdelijke bewoning;ontwikkeling van doelmatig geselecteerdeplaatsen in de invloedssfeer van de grote ste-den voor het buiten wonen.Het netwerk van behouwingskernenDe eis van een aan de moderne omstandig-heden aangepast netwerk van behouwingsker-nen in een organische hierarchie opgebouwduit: levenskrachtige dorpen, plattelandsker-nen met een verzorgende centrumfunctie vanlokale betekenis en een woonfunctie ten aan-zien van verzorgende en agrarische bevol-kingsgroepen;streekcentra: kernen van stedelijk karaktermet een verzorgende functie ten aanzien vaneen hele streek; de grotere fungeren ook alsconcentratiepunten van de Industrie;grote steden in de orde van 100 000--200 000en meer inwoners als zwaartepunten van degebieden buiten het Westen des Lands;de Randstad Holland als Nederlandse me-tropool.De Randstad HollandVermindering van de ruimtelijke bezwarendoor afleiding van ontwikkelingen naar ge-bieden buiten het Westen;in de Randstad zelf: behoud van de histo-risch gegroeide centra op de stedelijke ringals blijvende en ruimtelijk apart gelegenzwaartepunten;behoud van een agrarisch middengebied alscentrale ruimte van groot formaat;expansie van de gehele Randstad in uitwaart-se richting;wederzijdse afstemming op elkaar van deplannen voor de Randstad en die voor deinpolderingen in het IJsselmeer en het Delta-gebied.Recreatie en natuurbeschermingTot stand brengen van nieuwe elementen vanformaat voor de recreatie van de grotestads-bevolking in of dicht bij de woonplaats, o.m.in de bufferstreken;behoud en tot ontwikkeling brengen van goedgeoutilleerde recreatiestreken, met specialezorg voor de weinige nog aanwezige aaneen-gesloten recreatiegebieden van grote uitgc-strektheid;zorg voor het landschapsschoon als recreatiefen toeristisch element;ontwikkeling van de mogelijkheden voor re-creatie aan en op het water;voorzieningen ten behoeve van een en anderals belangrijk onderdeel van grote overheids-werken;voorzieningen ten behoeve van de actieve re-creatie;behoud van voldoende specimina van natuur-wetenschappeiijk belangrijke terreintypes.Militaire terreinenAandacht voor de belangen van stadssaneringen recreatie bij de voortgaande vervangingvan oude gebouwen in steden en in forten;betrekken van slechte landbouwgronden bijde inrichting van opslagruimten en ander mi-litair gebruik;bizondere aandacht voor de situatie vanvliegvelden met het oog op hinder voor debelendende bebouwing;bevordering van oplossingen voor tank- enschietoefeningen, waardoor de druk op waar-devolle natuurgebieden en recreatieterreinenkan worden verlicht;bevordering van de mogelijkheid van vrijetoegang voor de recretie, voorzover de mili-taire belangen zich daartegen niet verzetten.Verkeer en openbare voorzieningenIn het algemeen: de tijdige aanpassing, natto-naal en regionaal, bij de gewenste ontwikke-ling van het land en met name bij het sti-muleren van de daartoe aan te wijzen centra;met betrekking tot de openbare watervoor-ziening: bizondere zorg voor de kwaliteit vanhet oppervlaktewater en voor de beschermingvan bestaande en toekomstige winplaatsen vangrondwater tegen bacteriologische en chemi-sche verontreiniging (o.m. door benzine enandere aardolieprodukten);aanleg van persleidingen ter verwijdering vanindustriele afvalstoffen naar zee uit streken158onderhoudBeroemdzijn deZaanse houtenhuizen doordevormschoon-heid die de oude bouwmeesters schiepen en die bewaardbleefdoor de conservering over eeuwen met ,,zaanse verf':duurzame grond- en glansverven. Deze duurzaamheidblijft steeds de grondslag voor de Drie Molens verfpro-dukten. Maar Jan Visser doet meer dan verfmalen alleen: demoderne research leverde ook het periodescliema, dat hetschilderwerk nog langere lioudbaarheid geeft.Voor uitgebreide informaties:N.V. VERFFABRIEKEN JAN VISSER ZAANDAMTEL. 02980-637 42 (4 LIJNEN)de verfspecialisten sinds 1889N.V. VERFFABRIEKEN JAN VISSER ZAANDAMi^wie rekent, gebruiktKALKZANDSTEENdiverse soorten, kleuren en formatenKA.4.3N.V. C.V.K.UTRECHTSEWEG 38HILVERSUMTEL. 02950-16600Intensieve beschermingen verfraaiing van hout HilllHIl'Bij toepassing van croplsche houtsoorten(Yang-Afzeiia-Tola Branca-Basraiocus enz.)op nieuwbouw-obiectenOboleum Transparant (blank)een produkt dat niet 'Oslaat geen blarenveroorzaaki maar het hout duurz?am beschermt.Obo.eum wordt ook in 18 frisse standaardkieurengeieverd-OEVER &BOS N.V. GRONINGENCHEMISCHE FABRIEK TEL. 05900-2320 ? POSTBUS 67 ?^ ull 11 111 liill/l^.Y. ELECTROTECHNISCHBUREAUDE VAAN&C0.Egelantiersgracht 36AMSTERDAM-C.Tel. 020 - 34179 en 34854Verzorgtalle:? LICHT-installaties? KRACHT-installaties? ZWAKSTROOM-installaties? REGEL-installaties voor oliestook? PERSONENOPROEP- en NOODVER-LICHTINGS-installaties? CENTRAAL ANTENNE - SYSTEMENvoor AM/FM en TVIngeschreven bij het G.E.B. te Amsterdam enlandeliik erkend installateur.Glas- en SchildersbedrijfFA.GEBR.JANSENSchilderwerkenvoor denieuwbouwAMSTERDAMHolendrechtstraat 30,Telefoon 719470Kantooradres :Herman Robbersstraat 3,Telefoon 132580APELDOORNSchoolstraaf 25,Telefoon 16415Onderhoudswerken voor v/oningbouwverenigingen,overheidsinstanties, partrculieren enz.Eerste klas referenties.Gaarne verstrekken wij U prijsopgave.AANNEMERSBEDRIJF \^&br* i^cih&yna9\^Prinses Irenelaan 17BUSSUMTelefoon 02959-13700.Werksaam voor veleoverheidsdienstenen -hedrijvenBURGER- en UTILITEITSBOUWNota ruimtelijkc ordeningStedcbouwOndcrzoek stedehouwkundige vormentaulmet sterke verontreiniging van hct oppervlak-tewater.De algernene lijn, die zich uit het boven-staande aftekent is het streven naar een even-wichtige ontwikkeling van Nederland als ge-heel, waarin de gebieden buiten de RandstadHolland -- met inaohtnemlng van de ver-scheidenheid in hun regionale omstandigheden-- zoveel mogelijk worden betrokken. Opdeze wijze zal een vergroting van spanningenbij het verder omhoog komen van de Rand-stad Holland kunnen worden voorkomen.Het proces zal leiden tot het opnemen vangrotere delen van het land in de sfeer vande Randstad. De grenzen tussen wat menthans het Westen en overig Nederland pleegtte noemen, zullen daardoor nog verder ver-vagen. Wei zullen er verschillen blijven tussende drie categorieen van gebieden, die in debebouwing werden onderscheiden:het gebied van sterke concentratie en drei-gende congestie;de buiten het concentratiegebied gelegen stre-ken met geslaagde industrialisatie en daaropgebaseerde stedelijke ontwikkeling;de in hoofdzaak nog agrarische gebieden waarde industrialisatie in daartoe te ontwikkelenkernen nog haar beslag moet krijgen.In het slothoofdstuk ontwikkelt de Regerlnghet te voeren beleid.Een van haar belangrijkste uitgangspunten isdat het grijpen naar restrictieve middelen inonze ruimtelijkc situatie in het algemeen nietnoodzakelijk is.Het programma kan als volgt worden samen-gevat.1. Spoedige totstandkoming van een wet opde ruimtelijke ordening.2. Goede coordinatie op Rijksniveau, doorinschakeling van de Raad voor de Ruimte-lijke Ordening.3. Scheppen van gunstige voorwaarden voorde gewenste ontwikkeling. Hierbij wordt ge-dacht aan velerlei werken: grote waterstaats-werken, werken tot verbetering van de infra-structuur; afstemming van het woningbouw-beleid op de gewestelijke ruimtelijke ontwik-keling naar kwaliteit en kwantiteit; werkentot verbetering van de ruimtelijke structuurvan het platteland; scheppen, c.q. behouden,van recreatiegelegenheid, o.m. door waar mo-gelijk hieraan een vaste plaats te geven bij deuitvoering van openbare werken en door voorde militaire oefenterreinen oplossingen na testreven, die tot verlichting van de druk op derecreatiegebieden kunnen leiden.4. Specifieke maatregelen.De Regering zal ten aanzien hiervan de aan-gevangen spreidingspolitiek voortzetten. Zoalsnader wordt vermeld in de Zevende In-dustrialisatienota heeft de Regering aan ditbeleid onlangs nog uitbreiding gegeven.5. Samenvattende ontwikkelingsplannen.De Regering zal de reeds lopende maatrege-len toetsen aan de samenvattende ontwikke-lingsplannen, waarover de Vaste Commissievan de Rijksdienst voor het Nationale Planna overleg met de provinciale besturen eengecoordineerd voorstel zal doen.6. Beleid met betrekking tot de lagere or-ganen.De Regering zal de vaststelling, c.q. herzie-ning, bevorderen van streek- en uitbreidings-plannen, waarin de op Rijksniveau getrok-ken hoofdlijnen worden uitgewerkt. Na tot-standkoming van de nieuwe wetgeving zalvoor de uitwerking van de hoofdlijnen zonodig van aanwijzingen gebruik worden ge-maakt.Op bestuurlijk gebied zal de Regering in hetkader van het ruimtelijk beleid waar nodigopheffing of samenvoeging van te kleine ge-meenten bevorderen; tijdig gebiedsverruimingbevorderen van middelgrote gemeenten, diemet moeilijkheden te kampen hebben door ge-brek aan uitbreidingsmogelijkheid en voor degrootste aglomeraties wetsontwerpen indienentot het scheppen van bizondere bestuurlijkeoplossingen.7. Overheid en maatschappij.De Regering zal er voor zover mogelijk toebijdragen dat de publieke belangstellLng voorde vraagstukken van nationale ruimtelijkeordening wordt gestimuleerd en dat er eenvruchtbare wisselwerking ontstaat tussen devorming van de gedachten bij de overheid enin de maatschappij met haar verschillendsorganen.stedebouwOnderzoek stedebouwkundige vormentaal Ir. A. van HezikMen mag zich in Nederland afvragen of detijd niet rijp is om eens letterlijk verken-ningen in de stedebouw te laten uitvoeren,namelijk door systematisch de stedebouw-kundige vormen-taal te onderzoeken en de-ze waar mogelijk uit te breiden. Er zijn aan-merkelijk meer vormen denkbaar en bruik-baar dan die welke wij tot nu toe hanteren.Niet alleen ontwerpers maar ook bestuurderszullen willen weten waar wij, al bouwende,naar toe groeien.Wij generen ons tegenwoordig niet om te er-kennen dat alles en iedereen volop in degroei en in ontwikkeling is en daardoor kun-nen wij het aanvaarden dat telkens nieuweinzichten het weer van de oude blijksnte winnen. Maar zolang we bij de stedebouwniet de grote lijn van de ontwikkeling dui-delijk voor ogen zien, zo lang blijven er inhet stedebouwkundig ontwerpen en in hetstedebouwkundig besturen m^er onzekere1.S9StedeboiizcOnderzoek stedchnHwkimdige vormentaalelementen dan nodig en wenselijk is. Het isdan ook niet te voorkomen dat hier en daarhet onbehagen en de spontane critiek toe-nemen, zowel in de vakwereld als bij hetpubliek.Nu kan men tegenwerpen dat er geen redenis om al te somber te zijn, want er is tochregelmatig een belangrijke detail-inbreng inde stedebouw en ieder jaar duikt hier ofdaar wel een nieuwe vondst op. Zeker is dathet geval, maar het gaat te traag omdat hetons ontbreekt aan een ferme greep, waarmeenieuwe composities en nieuwe evenwichtennu eenmaal moeten worden nagestreefd.Vriend en vijand zijn het er over eens dathet ontbreekt aan een grote visie. Daaromstruikelen we intussen gemakkelijk over de-tail-vraagitukken zoals het verkeer, die --hoe belangrijk op zich ook -- toch slechtsproblemen van het tweede plan zijn. Hetgaat eerst en vooral om de hoofd-vraag,welke toch de ruimtelijke karakteristiek isvoor de stad van onze tijd, voor de tweedehelft van de twintigste eeuw.Hier mag voor de gedachtenbepaling rondde beantwoording van deze vraag een sug-gestie worden gedaan: De kern van de zaakis voor ons niet meer louter het hjnen-spelvan de stedeHjke plattegrond waarmee mende opeenvolging van de ruimten tussen debouwwerken arrangeert. Veeleer gaat hetom het samenspei van de tussen-rxiimtenvooral met de ruimten boven de gebou-wen. Hierin schiet onze hoogbouw tekort.Een wezenstrek van het fenomeen Verstede-lijking is altijd geweest: verheviging van deruimte-werking. Deze krijgt in onze dagenals het ware een dimensie meer dan vroeger.Het bizonderc voor onze tijd is juist dat-gene wat bij de Middeleeuwse stad in het ge-heel niet voorkwam, namelijk het in de greepkrijgen ook van een deel van de bovenruim-te. Deze raakte men in liet verleden mettopgevels, dakschilden en torenspitsen weleven aan, maar steeds voorzichtig en ont-wijkend en met een gevoelige, ambachtelijkgedetailleerde luchtlijn. Wij mogen veronder-stellen dat men toen een bepaald ontzag voorde horizon en voor de bovenruimte heeft ge-had, dat wij tegenwoordig door allerlei om-standigheden niet meer kennen.Toch behoeft er niet zozeer sprake te zijnvan een tegenstelling tussen nu en vroeger,maar eerder van een verruiming \an dat deelvan de ervaringswereld, waarin de mensmeent te mogen ingrijpen. Wij beginnen dever.schijning van de bovenruimte waar te ne-men en te genieten als bijdrage tot een zekereschoooheid, als een nieuw element dat we opeenmaal naar ons toehalen. In onze dagenis bij tal van wetenschappen sprake van het,,structureren van de ons omringende wer-kelijkheid". Dit zou voor de stedebouwthans kunnen betekenen: Wij moeten onseigentijds uitdrukken in onze omgeving endaar hoort een deel van de bovenruimte ookbij.Deze bovenruimte hebben wij met onzehoogbouw nu eenmaal aangeraakt en in be-roering gebracht. We moeten ons dit goedbewust zijn. De man in de straat wordt mis-schien tijdelijk door een hoge plaat-flat welgeboeid, maar bij intuitie zal hij aanvoelendat dit niet helemaal af is, het heeft geeneind, het leidt tot eentonigheid, het verliestzich in de hoogte, er is geen schaduw-randvan betekenis en vaak ontbreekt een pas-sende begeleiding. Niemand meent in ernstdat deze flat-vorm het laatste woord is entoch ziet men ze telkens in uitbreidingsplan-nen en midden in een stad weer opduiken.Bij enige studie zal iedere vakman die ruim-tegevoelig is, inzien dat een hoog, recht enzonder meer plat gebouw te bruut in debovenruimte staat. Een niet-gebroken dak-lijn hoog in de lucht, hoe eenvoudig en aan-vaardbaar het ook lijkt, roept problemen op.Kunstmiddelen zoals ajour-lijsten en balkon-netjes kunnen wel de pil vergulden, maar zijbaten niet. Hier kan de oplossing vermoe-delijk alleen in de grote vorm gevondenworden, misschien met aan een kant forseoverkragingen van enkele etages hoog of bijv.met haak-vormige knikken van lange hori-zontale dakranden. Alles als het ware zeergroot geprofileerd en bij voorkeur in com-posities met andere gebouwen er om been;in rechthoekige of diagonale verbanden, ge-vuld door laagbouw met veel groen er tussen.Door een dergelijk spel met vormen neemtmen weliswaar de harde bovenranden niet weg,maar men brengt de door de gebouwen af-gepaalde nevenruimten en de door de ge-bouwen opgeroepen bovenruimten onderlingtot rust en het bevordert dat we het geheelsterker in onze greep krijgen. Daardoor zouwellicht een nieuwe uitdrukking van gebor-genheid kunnen ontstaan, die toch zeer rui-me straten en pleinen toelaat.Bij de composities zal men ook het maai-veld niet mogen vergeten, namelijk door hethier en daar plastisch te maken met behulpvan niveau-verschillen en door het op som-mige plaatsen zelfs open te maken; bij voor-keur voor parkeer-gelegenheden en verkeers-wegen, die men wel eens onder de groen-stroken en speelterreinen door wil voeren.Er bestaat nu eenmaal een latente spanningtussen het harde waterpasse maaiveld en debovenruimte, die vooral voelbaar wordt nabijhoogbouw en welke vraagt om opgelost teworden.Op deze wijze moeten er vele nieuwe vor-men en vrijheden te vinden zijn, die vooronderzoek en consequente ontwikkeling inaanmerking komen. Daardoor zal het arse-naal van de stedebouwer ruimer en volle-diger worden en pas dan kan men uitsprakendoen over Hoogbouw, die hout snijden. Mo-gelijk komen dan ook onderwerpen van hettweede plan, zoals verkeer, centrum-vormingen zelfs kerkbouw in een geheel ander lichtte staan.Men zal dan eerder een toenemende stroomvan auto's in de stad con amore kunnen aan-vaarden en deze niet meer beschouwen alseen uitwas van de maatschappij. Men zalzakenlieden ervan kunnen overtuigen dat devitale centra van de stad volop bereikbaaren begaanbaar zullen blijven als ontmoetings-punt voor de bevolking. Men zal speciaalvoor de kerkbouw markante en ruimtelijk in-160BUHOOGENLAA6SCHEWIL V.V.Telcfoon prive: (01608) 578-585Vertegenwoordigers:VOORBURG: K 70 - 854755EUSDEN: K 4409 - 355mrM41" 4t?fV*}iiJ Verwarmen van grote ruimten?BENEGAS PROPAAN!Jazeker, infra rood verwarming... dat is de opiossing. Onge-looflijk zo direkt als infrarood-straling verwarmt! En leder op-pervlak dat door infrarood-stralen wordt getroffen neemtwarmte op . . . en gaat z^lfwarmte spreidenl Infrarood-stralers, een aantal granaatrodeflessen Benegas propaan en hetis warm ..... overal, altijd!Tekeningen en berekeningen voor installa-?ties worden, indien nodig, door onze tech-nische dienst verzorgd.Nededanise Maatschappij voor Petroleumgassen JEHEGAS" N.V.Rederijstraat 3 - Rotterdam - Telefoon 010-116240VERENIGD SLOPERSBEDRIJF,.T.*?-^* * *="NIEUW VENNEPHillegommerdijk 374Telefoon:K 2520-5094Aannemers van: SLOOPWERKEN ? KOPPENSNELLEN VAN BETONPALENOPRUIMWERKZAAMHEDEN, ook met springstoffen ? Verhuur van COMPRESSORENBouw- enAannemingsbedrijfA. WitkatnpCeintuurbaan ISO BUSSUM Tel. 02959-16540S^ t o c h t St r i pIcvcrbare Icnglen van1 m. t.m. 2 ' . m.v.islgcstcldc vcrkoopprijsI 1.1 0 per meter.levering via de ijzerhandelnuam wett. gcdep.qofdcjcUcurd door de ned.id.- en handeisondern. ELTON wassenaar tel. 0 1751-3077t*ttAt'^MC\^^n?CTROT?CHN/5CHBUF?AU J. ffJitfitRS Jr.JWErkend InstallateurElectriciteit op elk gebied,voor nieuwbouw en utiliteitsbouwWalraven van Haliweg 17 - AMSTERDAM-W.Telefoon 13 24 67, na 18 uur 12 94 57piecr/forecHN/scHBU/ieAU J ffJif/^effS jrLOODGIETERSBEDRIJFW. B. HOOS & ZONENs-GRAVENHAGELEKSTRAAT 227Telefoon (01700) 859453-853405NieuwbouwOnderhoudStedebouwOndcrzock stcdehouwkundige vormentaalteressante situaties kunnen aanbieden, die alscigentijds kader nu eenraaal onontbeerlijk zijnvoor de inspiratie van dc betreffende bouw-meestef.Het strookt wel met onze huldige experimen-tele levensinstelling, dat men ook in de ste-debouw een doelbewuste research in over-weging geeft voor de vormen-taal. Doch ookom andere redenen ligt een systematlsch on-derzoek voor de hand, namelijk als researchvooraf, voor dat men gaat bouwen. Wij zijner aan gewend geraakt dat men al bouwendemoet leren, maar toch vormt deze noodzaakwel een te hoge tol, die publiek en vakwereldmoeten betalen. Het publiek, omdat het tus-sen de voorstudies en tussen de probeerselszal moeten leven, en voor de vakwereld be-tekent het dat niet de vrije loop kan wordengelaten aan de fantasie van de meest be-gaafden, welke toch onmisbaar is om totwaarlijk nieuwe expressies te kunnen komenHet moet evenwel mogelijk zijn om een doel-treffend onderzoek te doen naar nieuwe ste-debouwkundige vormen, zonder dat alles eerstmetterdaad gebouwd behoeft te zijn in steen,staal of beton. Men zou namelijk kunnendenken aan een ernstig spel met simpeledecor-maquettes op de sohaal van Maduro-dam, waar de beschouwer met behulp vaneen aangepaste kleine film-camera als het wa-re door been wordt gereden, zodanig dat mende bewegende opnamen later via het wittedoek uitvoerig kan beleven en op hun stede-bouwkundige waarde kan laten toetsen, eerstdoor de vakwereld, later wellicht ook doorhet publiek.Dit technisch hulpmiddel lijkt onontbeerlijkomdat men een ruimtewerking naast en tege-lijk boven gebouwen alleen maar van be-neden af ten voile kan beoordelen. Enkel-voudige perspectief-tekeningen schieten tekortomdat ze niet meer dan moment-opnamenkunnen geven van de rit, terwijl het vooralom de beweging en de overgangen gaat; over-gangen van de ene ruimte naar de andere,van de woonwijk naar de stadskern, van oudenaar nieuwe gedeelten, tenslotte vooral deovergangen nabij architectuur-monumenten.Eigenlijk zou iedere stad, die een kern heeftdie zij respecteert, op een dergelijke manierhaar sanerlngen, herverkavelingen en hoog-bouw-bestemmingen vooraf eens ruimtelijkmoeten kunnen verifieren. Maar zeer belang-rijk is dat dit worde voorafgegaan en ge-steund door een meer algemeen gericht en vrijonderzoek; met als gekozen uitgangspunt bijv.een wegenstelsel.In eenvoudige stedebouwkundige laboratoria,bij voorkeur in de open lucht, kunnen allerleivormen en groeperingen uitputtend wordenonderzocht; qua luchtlijnen en schaduw-wer-kingen, later qua totale ruimtewerking. Dezestedebouwkundige vormen zuUen straks vooreen stadsdeel in de polder misschien geheelanders moeten worden ibeoordeeld dan vooreen plan op de zamdgronden of langs een ri-vier; indien althans de appreciaties der ruim-te-spanningen van streek tot streek zoudenblijken uiteen te lopen.Er moet natuurlijk voorkomen worden datdit alles zou kunnen doorslaan naar een bruutstedelijk profiel, wat kan ontaarden in eengrimmige expressie van materiallsme. Wantdan zou de geestelijke volksgezondheid, dieook ruimtelijk vraagt om een gestalte en ex-pressie van het maatschappelijk leven, meerkwaad dan goed gedaan worden. Het onder-zoek moet dan ook tot nobele vormen engroeperingen hebben geleid v
Reacties