stedebouw volkshuisvestingUitgave van hetNederlands Instituut voorVolkshuisvesting en StedebouwIn dit nummer Terminologie woningbehoefte en woningvoorraadI Stedebouw^ Welstandstoezicht en vrijheid kunst VolkshuisvestingFinanciele steun woningbouwOfficiele mededelingenSummaryInlichtingei) en formulieren vooro.a. bestekopgaven en voorschrlltenbij de importaur.KOENE TEGELS:K0>ti?^d^;Telefoon 778566WAND- en VLOERTEGELSMOZAIEKonverglaasdverglaasdglasMARMER-TEGELSNATUURSTEENVorstvrij materiaalin tegels en strippenPLASTIC-VLOERENwaaebw^kurkdroge kelderswaterdichte murenMlafdoend beschermdebetonconstructiesmtmN.V. Vernis- en JapanlakfabriekJ. C. VAN WI|K & CO.Rotterdam - Postbus 1217 - Tel. K ^0-8489CIN verband met drukke werkzaamheden ishet de Nadonalc Woningraad helaas nietmogelijk de Woningbouwvereniging gelijk-tijdig met dit nummer te doen verschijnen.Toezending zal zo spoedig mogelijk sepa-raat geschieden.s&vUitgave van hetNederlands Instituut voorVolkshuisvesting en Stedebouwapril 1960Maandblad41e jaargang no. 4Redactie:Mevrouw Prof. C. W. YisserMe]. R. HartstraIr. B. FokkingaMr. C. A. van GorcumH. ]. A. Havens GreveProf. Mr. A. KleijnDrs. R. KokIr. P. K. van MeursDr. S. O. van PoeljeMr. Ir. M. M. van PraagH. van SaaneW. ScheerensIr. W. van, TijenDrs. H. V. d. WeijdeIr. W. WissingAdres voor Redactie en Abonnementen:Lange VoorhoHt 19, 's GravenhageTelefoon 18422}Advertenties:Keizersgracht 188, Amsterdam-C.Postgiro nummer 113028Telefoon 249128Dit nummerHet onderwerp van het hoofdartikel van dit nummer ligt op het terrein van de woning-statistiek. Het hevat de tekst van een rapport over dit onderwerp, waarvan de waarde inhet bizonder ligt in de vele feitelijke informatics, die het geeft omtrent de uiteenlopendebegrippen, waarmee bij de achtereenvolgende woningtelUngen is geopereerd.In de gebruikelijke rubrieken is onder Stedebouw de tekst gepubliceerd van een door deHeer Prof. Ir. M. J. Granpre Moliere voor de vergadering van de Federatie Welstands-toezicht gehouden lezing en onder Volkshuisvesting een nadere heschouwing van de HeerS. J. Mook over het nieuwe stelsel van financiele steun aan de woningbouw, met een toelich-ting op zijn artikel over dit onderwerp in het februari-nummer.53InhoudDe terminologie rond de bepaling vande woningbehoefte en de wonlngvoor-raadStedebouw 'Het welstandstoezicht en de vrijheidvan de kunst, Prof. Ir. M. J. GranpreMoliereOverzioht van TijdschriftenVolkshuisvestingHet nieuwe stelsel van financiele steunaan de woningbouw, S. J. Mook55596164Binnenland 65Overzioht van Tijdschriften _ 67Officiele Mededelingen , ,Nederlands InstituutNieuwe aanwinsten van de bibliotheek 68Bond van Nederlandse Stedebouwkun-digen 68Summary 69Ahonnementsprijs f 16,--. Losse nummers f 2,--.De leden van het Nederlands Institnut voor Volkshmsvesting en Stedebouw (lidmaatschap voorphysieke leden f IS,--) en de leden van de Nationale Woningraad ontvangen het Had kosteloos.54Guldenvoor hetmodernebouiven?mii5^^^y:'!-*K'55^?i;:::'^^h^.Vim?In de Nederlandse volkswoningbouwwordt toenemende aandacht besteed >aan een moderne, doelmatige vioerafwerking.Dat wil zeggen: aan permanent linoleum.Permanente vioerafwerking vereist slechtseen matige verhoging van de huurprijs.De praktijk leert, dat iedere huurderdeze toeslag graag over heeftvoor de vele onmiskenbare voordelen:Jt permanent linoleum betekent voorde huurder een aanzleniijke verlichtingvan zijn installatie-budget;)( garandeert ook de minder draagkrachtigeneen volwaardige vioerbedekking;"^ bevordert de geluid-isolatie tussende woonlagen;^ is blijvend bacteriendodend, dus hygienisch;"X* heeft een lange levensduur, de kleuren gaandoor-en-door, dus kunnen niet wegslijten;^ verhoogt de woonbeschaving.linoleum kroiTimenieP'"'" Onze afdelingtechnische adviezenverstrekt gaarnevolledige inlichtingen(telefoon 02980-81941).Voor keuken, douchecel en halook colovinyl plastic asbesttegels,soepel en slijtvast, in hoge mate bestand tegen olien,vetten, zuren en vele andere chemicalien.Vraag ook naar colorite cumaronhars tegels,eveneens in vele fraaie tinten.'?'C'C'I^l'vVACAiyi^i;GEMEENTE AMSTERDAMDe DIRECTEUR DER PUBLIEKE WERKEN roept sollici-tanten op voor de vervulling vanTWEE STAFFUNCTIESbij de afdeling STADSONTWIKKELING van zijn Dienst.Gevraagd worden:a. een bekwaam ingenieur of architect, die in de rang vanHoofdarchitect-Stedebouwkundigezal worden belast met de leiding van de Ontwerp-afdeling (plannen voor uitbreiding, stadsvernieuwing, sa-nering e.d.). "Voor deze functie komt uitsluitend in aan-merking een figuur, die over een rijpe ervaring op hetterrein van de planologisclie ontwikkeling van een grotestad bescliikt.b. eenHoofdarchitectvoor het ontwerpen van plannen voor stadsuitbreidingenen stadsvernieuwingen.Het maximumsalaris, verbonden aan de betrekking, ge-noemd onder a bedraagt / 18.681,24 en aan dat van de be-trekking, genoemd onder b, f 14.169,24.Bovenstaande salarissen zijn exclusief de huurverhogings-compensatie en 4?/o vakantietoelage. Bovendien is eenherziening van deze salarissen in voorbereiding.Nadere inlichtingen kunnen worden verkregen bij hetHoofd van de afdeling Stadsontwikkeling, Stadhuis (tel.020-214455, toestel 1349).Sollicitaties onder No. 69777 in te zenden bij de Directeurder Gem. Personeelsvoorziening, Sarphatistraat 92, Amster-dam-C.rK.De DIRECTIE VAN DE NOORDOOSTPOLDER vraagt voorde Stedebouwkundige Afdeling ter standplaats Zwolle:1e. EEN STEDEBOUWKUNDIGAMBTENAARb.v.k. in het bezit van het dipl. H.T.S. en over ervaringbeschikkend in het maken van ontwerpen. De aan te stellenfunctionaris zal in hoofdzaak worden ingeschakeld bij devoorbereiding en het uitwerken der plannen van Lelystad.2e. EEN ERVARENSTEDEBOUWKUNDIG TEKENAARb.v.k. met opleiding P.B.N.A.Soil. schr. in te dienen binnen 2 weken na plaatsing dezeradvertentie bij het bureau Personeelsvoorziening v.d. Rijks-overheid, Prins Mauritslaan 1, Den Haag, onder vermeldingvan no. 03565/7852 (in linkerbovenhoek env. en brief).JGEMEENTE APELDOORNBij de dienst der gemeentewerken komt binnenkort tevaceren de functie vanHOOFD VAN DEAFDELING STEDEBOUWDe afdeling is, naast het normale werk aan uitbreidings-plannen in hoofdzaak en in onderdelen, in belangrijke mattbelast met het uitwerken van een ,,kernplan", waarin isopgenomen een doorbraak-trace met stedelijke bebouwingvan allure, annex de stedebouwkundige consequenties vaneen plan tot verlegging en ophoging van spoorbanen. Eenen ander is te bezien in de snelle ontwikkeling van degemeente Apeldoorn, die thans rond 103.000 inwoners telt,waarvan nagenoeg 80.000 in het stadsgebied.De afdeling stedebouw bestaat uit 14 personeelsleden. Vanhet te benoemen afdelingshoofd wordt verwacht dat hij denodige visie en voortvarendheid voor de zeer interessantewerkkring bezit en dat hij in staat is op de juiste wijzeleiding te geven aan zijn medewerkers.Vereist: diploma bouwkundig of civiel-ingenieur ener tech-nische hogeschool, of een daarmee gelijkwaardige opleiding,alsmede een voldoende ervaring op stedebouwkundig ge-bied.Aanstelling zal, afhankelijk van opleiding, bekwaamheid enervaring, kunnen geschieden in de rang vanHOOFDINGENIEUR of HOOFDARCHITECTsalaris van / 11.655,20 - f 14.259,20 's jaarsof INGENIEUR le klassesalaris van / 9.527,20 - / 12.399,20 's jaars.De salarissen zijn vermeld exclusief de 2"/o huurcompen-satie per augustus 1957, vakantietoeslag ad 4?/o en kinder-bijslag, alsmede exclusief de salarisverhoging en de huur-compensatie, die sinds 1 april jl. van kracht zijn geworden.De gemeente Apeldoorn is aangesloten bij de I.Z.A.-rege-ling Gelderland; verplaatsingskostenbesluit is van toepas-sing.Sollicitaties, te richten aan burgemeester en wethouders vanApeldoorn, Raadhuisplein 6, worden ingewacht binnen 14dagen na het verschijnen van dit blad.CENTRALE DIRECTIE PTTBij het Bureau Sociografie, HoofddirectieFinanciele en Economische Zaken, kan wordengeplaatst eenMiddelbaarPlanologisch OnderzoekerGezocht wordt een ervaren kracht, bij voorkeurmet diploma Middelbaar Planologisch Onder-zoeker.Rang en salaris afhankelijk van ervaring enopleiding.Sollicitatiebrieven met uitvoerige inlich-tingen te richten aan de hoofddirecteurFinanciele- en Economische Zaken, CentraleDirectie der PTT, Kortenaerkade 12, 's-Graven-hage.Terminologiewuniiigbchucjtc en woningvourraadDe terminologie rond de bepaling van de woningbehoefte en de woningvoorraadEen van de vcle problemen waarmede de planologische onderzoekers de laatste jaren war-den geconfronteerd, is het vraagstuk van de bepaling van de woningbehoefte en dewoningvoorraad. In het bizonder bij de uitbreiding van de grotere bevolkingsconcentratieswordt een meer censluidende mening op dit punt echter node gemist.Vandaar dat de Studiegroep voor Planologisch Onderzoek (ingesteld door het NederlandsInstituut voor Volkshuisvesting en Stedebouw) naar aanleiding van een vergadering d.d. 6november 1958, waarop deze kwestie aan de orde was gesteld, uit de leden een tweetalwcrkgroepen samenstelde, waarbij resp. de terminologische en de methodologische aspectennader mocsten worden onderzocht. Eind 1959 heeft de werkgroep ter bestudering van determinologische kwesties i) een rapport uitgebracht. Gezien de actualiteit van de bestudeerdestof, mcdc in het licht van de aanstaande Volkstelling, lijkt het dienstig een beknopte weer-gavc van gcnoemde studie in dit Tijdschrift op tc nemen.Tenslotte meet worden gememoreerd dat bij de samenstelling van het rapport door degroep dankbaar gebruik wcrd gemaakt van de adviezen van Drs L. ]. S. de Jonge, vcr-bonden aan de Ic afdcling van het Centraal Bureau voor de Statistick.^) Leden van deze werkgroep waren: G. J. Bruyns, Drs L. W. Haas, Drs J. G. M. Ham enDrs P. L. Klooster, rapporteur.De begrippen waning en gezinDe begripsomscihrijvingen t.a.v. de woning cahet gezin werden in het kader van de bepa-ling van de womingbehoefte en de woning-voorraad als het meest cssentieel beschouwd.De woningBij de officiele tellingen hebbcn in de loopder jaren verschillendc uitgangspuntcn ge-golden.2o werd in 1930 bij deel I van de Volkstel-ling onder een woning verstaan: elk perceelof perceelsgedeelte dat volgens zijn inrichtingals afzonderlijke woning is te beschouwen,waaraan was toegevoegd dat tevens als af-zonderlijke woning moest worden geteld eenperceelsgedeelte, dat door de eigenaar vanhet perceel afzondcrlijk aan een (een afge-scheiden leven leidend )gezin of persoon wasvet'huurd, ook al maaikte dit oorspronkelijkmet een ander gedeelte van het perceel eencnkele woming uit (het huurrechtelijke crite-rium). In dee! IV van deze telling sprak menvan een woning bij aanwezigheid van voorbewoning bestemde vertrekken, waarover eengezin of een afzondcrlijk levend persoon kanbesohikken (hat sociale criterium).Bij de Volkstelling in 1947 is een woning: elkperceel of perceelsgedeelte dat volgens zijnbo'uw blijvend is bestemd voor bewoning dooreen huishouden (het bouwtechnische crite-rium).Bij de Algemene Woningtelling 1956 is debegripsomschrijving uit 1947 gehandhaafd,maar werden woningen zonder eigen toe-gangsdeur eveneens als woningen beschouwd(het huurreahtelijk criterium).Het zal duidelijk zijn dat door deze wcrk-wijze de vengelijkbaarheid van de uitkomstenvan de tellingen in bepaalde gevallen werdaanigetast, maar dat anderzijds door de ont-wikkeling van het maatsohappelijk leven eenaanpassing van de begripsinhoud aan -de prak-tijk van het wonen veelal noodzakelljk is.De vergelijkbaarhei'd werd wel zoveel moge-lijk nagestreefd, (hetgeen o.m. hieriuit blijkt datbij de Volkstelling 1947 naast het bouwtech-nisch uitgangspunt de z.gn. deelwoningen inde beschouwing werden betrokken. Hieronderwerden verstaan de woonverblijven, die o.m.over een eigen keuken en privaat beschikken.Door deze handelwijze, waarbij volgens eenglobale schatting voor ons land 30.000 wo-ningen met twee of meer deelwoningen me;een totaal aantal van 61.000 deelwoningenwerden geregistreerd, werd een vergelijkingmet de uitkomsten van deel I van de Volks-telling 1930 in principe mogelijk.In 1930 werden echter de technische eisen vaneigen keuken en privaat niet gesteld, waardoormede door bepaalde andere omstandigheden indat jaar door de tellers bij de toepassing vande huurrechtelijke woningdefinitie in vele ge-vallen niet de woning doch het huishouden(de huishouding) als eenheid werd geteld.Hierdoor kwam men in feite tot he: socialecriterium. Vandaar dat bij de Algemene Wo-ningtelling 1956 toen de deelwoningen --in tegenstelling tot bij de Volkstelling 1947-- in de statistische verwerking werden op-genomen, de eisen van aaneengesloten ver-trekken, eigen keuken en eigen privaat wer-den gehanteerd.Wanneer tevens de tellingen van 1899 en1909 met toepassing van het sociale woning-begrip en de telling van 1919 mot gebruik-making van het bouwtechnische woningbe-grip worden genoemd, kan het volgendeoverzicht worden opgesteld:Bij de Volkstellingen 1899 en 1909 werd hetsociale woningbegrip toegepast.Bij de particle Woningtelling 1919 werd hetbouwtechnisch woningbegrip toegepast.Bij de Volkstelling 1930 werden het huur-rechtelijke woningbegrip (deel I van de uit-komsten) en het sociale woningbegrip (deelIV van de uitkomsten) toegepast.Bij de Volkstelling 1947 werd het bouwtech-nisch woningbegrip toegepast.Bij dc Algemene Woningtelling 1956 werdhet bouwtechnische woningbegrip, aangevulddoor een huurrechtelijk criterium, toegepast.Na deze betrekkelijk historische uiteenzettingzal vervolgens bizondere aandacht wordengeschonken aan de begripsomschrijving vande woning volgens de Algemene Woningtel-ling 1956.In dc eerste plaats is belangrijk op te mer-55TerminologiL-woningbehoejte en woningvoorraadken dat elke bij het statistisch onderzoek tegebruiken definkie een combinatie moet zijnvan een algemeen geldeade begripsomschrij-ving en practische criteria. Het eerste ge-deelte geeft meer wezenselementen, welke intijd en naar plaats blijvend zijn, het tweedegedeelte geeft ken-merken, welke in tijd ennaar plaats kunnen wisselen.Deze twee elementen vindt men terug in dewoningdefinitie, welke bij de Algemene Wo-ningtelling 1956 werd gehanteerd; deze luidtnl.: een woning is elk percecl of perceelsge-dieelte, dat volgens bouw of verbouw blijvendis bestemd voor bewoning door een huishou-den (de wezenselementen); als maatstaf goldtde aanwezigheid van een eigen toegangsdeur,welke hetzij van de openbare wcg af, hetzijvan een gemeenschappelijke ruimte uit toe-gang geeft tot de woning (de ken-merken).Deze definitie is op intemationaal niveauaanvaard. Sommige landen bebben aan deomschrijving echter nog toegevoegd dat debedoelde ruimte geschikt moet zijn voor hetbeoogde doel (suitable for its purpose). InNederland heeft het C.B.S. gemeend dit nor-matieve clement bij de woningdefinitie ach-terwege te moeten laten. Wei heeft men be-woonde onherrocpelijk onbewoonbaar ver-klaarde woningen niet als woning geteld envoor de bepaling van de woningvoorraadbuiten beschouwing gelaten. Hierbij is mendus wel normatief te werk gegaan, maar be-dacht dient te worden dat het betreffendecriterium reeds oibjeotief was vastgesteld. Ver-dcr is belangrijk dat de definiering van dewoning en het huishouden zoveel mogclijkonafhankelijk van elkaar gcschieden. In velelanden, w.o. Belgie en Frankrijk, (waar dituitgangspunt thans wel is aanvaard) is hetechter tot op heden nog niet toegepast.Thans zal nader op de eigenlijke definitieworden ingegaan.Het eerste gedeeke van de definitie luidt(volgens de Algemene Woningtelling 1956)zoals gezegd als volgt:De woning is hat perceel of perceelsgedeeltedat volgens bouw of verbouw blijvend isbestemd voor bewoning door een huishouden.Pcrccel of perceelsgedeelteOnder een perceel wordt verstaan een zgn.geheel huis of pand dat, hetzij vrij staat, het-zij door een van voor tot achter doorlopendeopgaande bouwmuur (muren) is (zijn) geschei-den van het huis of pand waartegen het isaangebouwd of van de huizen waartussenhet is ingebouwd; m.a.w. tot een perceelwordt gerekend hetgeen tussen twee brand-muren is gelegen.volgens bouw of verbouwBedoeld is bouw/verbouw, zoals is opgevatin bouwverordeningen. Bij de laatste woning-telling is op dit pumt een nauwe samenwer-king met de instanties van Bouw- en Wo-ningtoezicht van groot belang gebleken.blijvend is bestemd -De aanvankelijke mening dat het woord"blijvend" betrekking zou hebben op de be-woning, m.a.w. dat zomerhuisjes, welke in deregel slechts enkele weken of maanden perjaar worden batrokken, hier bewust buitenbesdhouwing waren gelaten, bleek niet juist."Blijvend" slaat niet op de bewoning dochop de bouw of verbouw en de bestemmingwelke met de bouw of verbouw samenhangt.Met betrekking tot de bestemming volgensbouw/verbouw kan het volgende worden op-gemerkit. Uitgangspunt is dat de teller zichde vraag dient te stellen of een perceel (per-ceelsgedeelte), qua bouw of venbouw, als wo-ining dient te worden gezien. Hierbij wordtdus de wijize, waarop het perceel op het mo-ment van de telling wordt gebruikt, bewutstbuiten beschouwing gelaten.Een voorbeeld kan dit verduidelijken:Een herenhuis, ten tijde van de telling alskantoorruimte in gebruik, terwijl geen verbou-wing in bovenbedoelde zin heeft plaats gehad,wordt als woning geteld. Wel wordt dezewoning afzonderlijk vermeld (label 2 kolom15 Algemene Woningtelling 1956) doch niettot de woningvoorraad gerekend. Wannecreen verbouwing tot kantoor zou hebben plaatsgehad, wordt het perceel niet geteld.Ten aanzien van de zomerhuizen kan het vol-gende naar voren worden gebracht:In afwijklng van het bovenstaande is hierbijhet gebruik van belang.Wordt het zomeiihuis voor permanente bc-v/oning gdbruikt, dan wordt het geteld als wo-ning of als bewoonde andere ruimte:als woning wanneer de bouwtechnische om-standiigheden overeenkomen met de minimumcisen, welke door de plaatselijke bouwveror-deningen voor een woning worden gesteld;als bewoonde andere ruimte, wanneer dezeomstandiigheden beneden de bedoelde mini-mum eisen blijven.Staat het zomerhuis ten tijde van de tellingleeg of is hot tijdelijk bewoond door vacan-tiegangers of dergelijke personen en heeft deeigenaar het bouwsel blijvend bestemd voorgebruik als zomerhuis, dan wordt het niet (alswoning) geteld of in de woningvoorraad op-genomen. Wanneer het feitelijke gebruik af-wijkt van de bestemming door de eigenaar,dan is het gebruik dus doorslaggcveod.Tot zover, wat men zou kunnen noemen debouwtechnische gestalte van de woning.Thans zal nader worden ingegaan op het inde woningdefinitie aanwezige element vanprivacy voor de bewoners. Dit blijkt uit deomschrijving van het in de definitie voorko-mende begrip ,,bewoning"; als maatstaf geldtde aanwezigheid van een eigen toegangsdeur,welke hetzij van de openbare weg af, hetzijvan een gemeenschappelijke ruimte uit, toe-gang geeft tot de woning.Opgemerkt dient te worden dat, alhoewelde definiering van de ,,woning" zal moet enaansluiten bij de veranderingen, welke doorde ontwikkeliing in de practijk van het wonent.a.v. de begripsinhoud van een woning zijnen zullen ontstaan, het onderdeel van de pri-vacy als wezenselement van de West-Euro-pese cultuur steeds aanwezig zal moeten zijn.AUe Europese (ook de Oost-Europese) lan-den hebben dit onderdeel van de definitiedan ook aanvaard.De verder genoemde zgn. woningen zomdereigen toegangsdeur hebben betrekking op de56ILDEREN IS BETER EN GOEDKOPER...dank zi/ hef 5IKKENS periodeschemaDe eerste keer een oersterk verfsysteem aanbrengen vandrie lagen RUBBOL A-Z. Daarna regelmatig vakkundigecontrole, waarbij zo nodig plaatselijk wordt bijgewerkt.En vervolgens slechts eenmaal in de vier- in gunstigegevallen zelfs vijf-jaar het schilderwerk met een laagRUBBOL A-Z vernieuwen en .. . verduurzamen.Dit is buitenscliilderwerk dat - tegen een lagere prijs -vljftien Jaar en langer betere bescherming geeft. Dat is hetSIKKENS PERIODESCHEMA; tien jaren praktijk leverenhet bewijs van de doelmatigheid in dit systeem.Bekijk als opdrachtgever uw schilderwerkvoortaan van deplezierige kant.5IKKENE A0-jarigJ;periodeschemabeschermt uw huizen- en gebouwenbezitduurzaam en degelijk - zonderdat u er zelf naar behoeft om tezien ? terwiji de onderhoudskostenverdeeld worden overeen lange reeks van jaren.SIKKENSGelieve mij uitvoerige inlichtingen te verstrekken f^K?over SIKKENS PERIODESCHEMA ^^naam en voorletter($ladreswoonplaatstel.:SIKKENS LAKFABRIEKEN N. V. SASSENHEIMVACAiyi^iS GEMEENTE UTRECHT(vervolg)Ter Directie van de Volkshuisvesting en de Bouwnijverheidin de provincie Overijssel vaceert de betrekking van:TECHNISCH AMBTENAARbelast met werkzaamheden op het gebied van uitbreidings-plannen en onteigeningen. Leeltijd: tussen 30 en 50 jaar.Opleiding: b.v.k. middelb. opleiding; tenminste 3-jarigeH.B.S. of Ulo-B; H.T.S.-bouwkunde; dipl. op planologischgebied strekt tot aanbeveling. Enige ervaring in stedebouw-kundig werk. Salaris in de rang van technisch ambtenaarof techn. ambten. le klasse (salarisgrenzen / 444,-- tot/ 763,-- p.m.) Eigenh. geschr. soil, onder no 03446/7852 (inlinker bovenhoek env. en brief) aan het bureau Personeels-voorz. v.d. Rijksoverheid, Prins Mauritslaan 1, Den Haag.VERENIGINGVAN NEDERLANDSE GEMEENTENBij de VERENIGING VAN NEDERLANDSE GEMEENTENkan geplaatst wordeneen onderzoekambtenaarDe taak van deze ambtenaar zal liggen op het gebied vanhet onderzoek naar de behoefte aan accomodaties t.b.v. desport en andere recreatievormen en op het gebied van hetadviseren betreffende de plaats van deze accomodaties inde uitbreidingsplannen van gemeenten.Naast vakbekwaamheid wordt interesse voor de problema-tiek met betrekking tot de recreatie (o.a. de sport) verlangd.Aanstelling geschiedt in de rang van commies b of hoofd-commies a. Salarisgrenzen respectievelijk f 568,-- tot f 715,--en f 669,-- tot f 823,-- (exclusief 5,6''/o A.O.W. en 2,5?/ohuurcompensatie).In deze functie wordt een afwisselende werkkring gebodenmet mogelijkheid tot ontplooiing van initiatief en werk-kracht en daarbij aansluitend uitzicht.Sollicitaties in te zenden binnen 10 dagen na de verschij-ning van dit blad aan de directie, Paleisstraat 5, Den Haag.GEMEENTE APELDOORNBij het sociografisch bureau kan geplaatst worden eenAMBTENAAR, die voornamelijk zal worden belast met hetverrichten van onderzoekingen ten behoeve van de stedebouw-kundige afdeling van de dienst der gemeentewerken.In aanmerking komen:a) Sociaal-economen met econometrische opleiding en met er-varing in het planologisch onderzoek.b) Zij, die met goed gevolg het examen Mlddelbaar Planolo-gisch onderzoeker hebben afgelegd en ervaring hebben inhet planologisch onderzoek.Aanstelling zal, afhankelijk van opleiding, leeftijd en ervaring,geschieden in de rang vantechnisch ambtenaar le klasse, salaris / 6676,34 -- / 8469,20per jaar,hoofdcommies, salaris / 7987,20 -- / 9555,20 per jaarof technisch hoofdambtenaar, salaris / 7812,20 -- / 9555,20 perjaar,inclusief compensatie premie A.O.W., exclusief huurcompen-satie.In genoemde bedragen is de salarisverhoging per 1 april 1960niet begrepen.De gemeente Apeldoorn is aangesloten bij de I.Z.A.-regelingGelderland; verplaatsingskostenbesluit is van toepassing.Sollicitaties, te richten aan de directeur van de centrale per-soneelsdienst, Raadhuisplein 6, binnen 14 dagen na het ver-schijnen van dit blad.Bij de Gem. Bouw- en Woningdienst van Utrecht kan wor-den geplaatst eenassisteiit(e] voor sociaal werkSalarisgrenzen: / 4.068,-- tot / 5.868,-- (exclusief huurcom-pensatie en laatste loonronde).Gegadigden dienen in het bezit te zijn van het diploma vanmaatschappelijk worker dan wel hiervoor een vergevor-derde studie te volgen, en ervaring te hebben op het gebiedvan maatschappelijk werk.Sollicitaties binnen 14 dagen te richten aan de directeurvan de Bouw- en Woningdienst, Domstraat 2 te Utrecht.Persoonlijk bezoek uitsluitend na oproep.Bij het bureau van de PROVINCIALS PLANOLOGISCHEDIENST VAN NOORDHOLLAND bestaat behoefte tot aan-stelling van een of meerSTEDEBOUWKUNDIGE(N)in de ingenieursrangen of die van technisch hoofdambte-naren.Vereist zijn het diploma van bouwkundig of civiel ingenieurmet bij voorkeur enige stedebouwkundige ervaring, dan welmiddelbare opleiding met aanmerkelijke stedebouwkundigeervaring.Rang en salaris naar gelang van opleiding, bekwaamheiden leeftijd: salaris voor de ingenieursrangen tussen/ 8.205,24 en / 12.525,24 en voor de technisch hoofdambte-narenrangen tussen / 7.489,20 en f 11.409,24 (e.e.a. exclusief5% salarisverhoging en de huurcompensaties 1957 en 1960).Volledige en eigenhandig geschreven sollicitaties te richtenaan de Hoofdingenieur-Directeur van de Provinciale Wa-terstaat van Noordholland, Nieuwe Gracht 47 te Haarlem,onder vermelding van no. 11.INTEiRUNIVERSITAIR INSTITUUT VOORSOCIAAL ONDERZOEK i.o.roept soUicitanten op voor de vervuUing van defunctie vanDIRECTEUR-SECRETARISIn aanmerking komen afgestudeerdeacademici, die gedurende een aantaljaren in het sociaal onderzoek ervaringopdeden.De voorkeur wordt gegeven aan eengepromoveerde.De benoeming zal geschieden in derang van wetenschappelijk hoofdambte-naar (salarisgrenzen / 1074,99 en/ 1308,69, incl. huurcompensatie).Uitvoerige sollicitaties voor 15 juni 1960 te richtenaan prof. dr. J. A. A. van Doom, p/a Nieuwe Hoog-straat 17, Amsterdam-C.Terminologicwoningbehoefte en woningvoorraadvooral in grote steden nog voorkomende zgn.nict-vrlje etages (Amsterdam telt minimaal30.000 van dergelijke woiningen). Men dientde opnemJng van deze woningen in de tel-ling te zien als een rudiment uit hot verle-den, waarmede men, willen de tellinguit-komsten waariheidsigetrouw zijn, rekeningdient te houden. De desibetreffende woningenfungeren immers als afzonderlijke ecnhedenop de woningmarkt.De voorwaarden van o.m. aaneengesloten ver-trekken, eigen keuken en privaat zijn medeterwille van de privacy gesteld.Van belang is er op te wijzen dat woonruim-ten van hoteliers en concierges enz., voorzo-ver deze in een hotel of kantoorruimte zijngelegen, slechts dan als woning worden ge-tcld, wanneer ook hier het element van pri-vacy aanwezig is; zo neen, dan wordt ge-sproken van ,,bewoonde andere ruimten".Tenslo?te moet worden opgemerkt dat bij deAlgemene Woningtelling 1956 het toraal dcrgetelde woningen niet gelijk behoeft te zijnaan dc woningvoorraad. De woningvoorraadwordt behalve door het totaal der bewoondeen onbewoonde woningen inclusief de bizoii-dere wooneenheden, mede door bewoondenoodwoningen en de bewoonde noodboerde-rijen gevormd, deze laatsten slechts voorzoverzij door het Rijk of de gemeente zijn gefinan-cicrd. Het reeds genoemde normatieve elementvan "suitable for its purpose" dat in enkelebuitenlandse definities werd ingevoerd, wordtook hier voor de bepaling van de woning-voorraad gebruikt door tevens de bewoondebovenbedoelde noodwoningen en noodboer-derijen tot de woningvoorraad te rekenen.Hier dus een tegengestelde situatie als bij debewoonde onberroepelijk onbewoonbaar ver-klaarde woningen, welke woningen niet alszodanig zijn geteld en buiten de woningvoor-raad zijn gehouden.Ten aanzien van de bizondere wooneenhedenkan nog worden opgemerkt, dat behalve hetdoor het C.B.S. om practische redenen gehan-teerde criterium van minder vertrekken, te-vens een beperkt volume als maatstaf kangelden.Als afsluiting van dit onderdeel volgt hieron-der een overzicht van de categorieen ,,be-woonde andere ruimten", zoals deze bij deAlgemene Woningtelliing 1956 werden ge-noemd. Hiertoe behoren:1. de door de gemeentelijke of rijksoverhejdgefiinancierde noodwoningen en noodboer-derijen;2. woonverblijven, bij bouw/verbouw welvoor permanente bewoning bestemd, dochdie niet aan de woningdefinitie voldoen(bepaalde woonruimten in hotels e.d.);3. woonverblijven, die bij bouw/verbouw nietvoor permanente bewoniing zijn bestemd,doch wel voortdurend worden bewoond(bepaalde blijvend bewoonde zomerhuizen),verder die bewoonde verblijven, welkekrachtens bouw/verbouw of overheids-maatregelen niet meer als woonruimte zijnbestemd (bewoonde kantoorruimte, be-woonde keet, bewoonde onherroepelijk on-bewoonbaar verklaarde woning);4. woonschepen en woomwagens met vastelig- resp. standplaats.Samenvattend kan hierover het volgende wor-den opgemerkt.Bij de Volkstelling 1947 zijn de woonschepenen woonwagens geregistreerd bij de tellingvan de Varende en Rijdende bevolking.In 1956 werden bij de Algemene Woningtel-ling de aantallen woonschepen afzonderlijkgenoemd en v/erden de woonwagens, waarvande hoofdbewoners in het betreffende bevol-kingsregister waren ingeschreven (overwegendbewoners van woonwagens met vaste stand-plaats), opgenomen onder de overige bewoon-de andere ruimljen.Een formeel verschil is, dat in 1947 werdgesproken van ,,andere bewoonde ruimten"en in 1956 van ,,bewoonde andere ruimten".Tenslotte zij nog vermeld dat in deel IV vande Volkstelling 1930 (aantal woningen naarbczetting) de bewoonde andere ruimten nietafzomderlijk zijn onderscheiden. In deel I vangenoemde telling, waar geen bezetting is ge-geven, wordt wel melding gemaakt van deaard van het woombedrijf.het igezinHienbij zullen beschouwingen worden gewijdaan de begripsomschrijvingen van het C.B.S.en aan de publicatie van Dr. "W. Steigengaaangaande deze problematiek.Bij de Volkstelling 1930 werd onder een ge-zin venstaan: de samenwoning van twee ofmeer personen in huiselijk verkeer, dus sa-menwoning door hen die gezamenlijk eenihuishouding voeren. Zulke gezinnen bestaanuit echtparen met of zonder kinderen of uitgroepen van personen b.v. broer en zuster,twee of meer vrienden of vriendinnen of?indere niet met elkaar verwante personen.Een kositganger wordt tot het gezin gerekend,wanneer hij niet op een of meer kamers af-zonderlijk woont. In het laatste geval wordtgesproken van een kamerbewoner.Bij de Vo'lksteUing 1947 is voor de in groeps-verband samenwonende personen de term ge-zin zoveel mogelijk vermeden, omdat hieraanin het spraakgebruik een meer beperkte be-tekenis wordt toegekend dan bij de Volkstel-ling in 1930 was gesohied. In het spraakge-bruik veronderstelt de term gezin veelal eenmate van bloedverwantschap of van verwant-schap door huwelijk of adoptie. Bij de be-treffende C.B.S. tellingen gaat het eechter indit verband om alle groepen van twee of nicerpersonen, die in huiselijk verkeer met elkaarsamenwonen, ongeacht de aard van de onder-linge relaties. In 1947 werden alle groepen ofgroepen van personen, die een afzonderlijkehuishouding voeren, aangeduid als een huis-houding. De huishoudingen vallen uiteen in dievan een persoon (de alleenwonenden) en dievan twee of meer personen. De huishoudingvan twee of meer personen wordt dan huis-houden genoemd. Hieruit volgt dat het ,,gc-zin" van de Volkstelling 1930 bij de tellingin 1947 als "huishouden" wordt aangeduid.Onder de huishoudens vallen dus de volgendecategorieen:1. de gezinshuishoudens, waarbij tussen degez;insleden onderling sprake is van bloed-verwantschap of verwantschap door hu-welijk of adoptie; dus het gezin naarspraakgebruik;57Terminologle'woninghehoefte en woningvoorraad2. twee of meer saimenwonende personen dieeen gemeenscihappelijke huishouding voe-ren en geen eigenlijk gezin vormen.Tot de leden van een huishouden wordengerekend: ouders, kinderen, stiefkinderen, in-wonen.de ongdhuwde familieleden, inwonendihuiselijk pensoneel of bedrijfspersoneel, kost-gangers. commensaals enz.De alleenwonenden zijn diegenen die niet meteen of meer anderen in huiselijk verkeer sa-menwonen. Hiertoe behoren in de eersteplaats zij, die alleen of als hoofdbewonereen woooverblijf bewonen; verder de zeif-standige kamerbe-woners (met of zonder pen-sion).Tot zover de begripsbepaling bij de Volks-telling 1947.Bij de Algemene Woningtelling 1956 is boven-genoemde gedachtengang in grote lijnen ge-ihandhaafd.De alleenwonenden van 1947 worden in 1956alleenstaanden genoemd, om te voorkomen,dat sleohts zij als alleenwonenden worden aan-gemerkt, idie alleen in een woning wonen.Als alleenstaanden worden in 1956 ook be-schouwd de gehuwde personen die in het huis-ihouden van anderen zijn opgenomen. Een bijde ouders wonende gehuwde zoon zondereohtgenote resp. gehuwde dochter zonderecihtgenoot en een in het huisgezin opgenomengehuwde kostganger, alleen voorzover zij geen'kinderen bij zich hebben, worden bijv. als al-leenstaanden gezien.Thans zal in dit verband aandacht wordengeschonken aan het artikel van Dr. W. Stei-genga dat in het april- en meinummer vande jaargang 1951 (onder de titel ,,Enige de-mografische en sociologische aantekeningeninzake het vraagstuk der woningdifferentia-tie") in dit Tijdsohrift ward gepubliceerd. Uit-igangspunt voor de besdhouwing van Dr. Stei-genga is het begrip ,,leefeenheid". Hierondcrmoet worden verstaan een of meer individuen,welke (bij meer individuen) op verschillendewijzen met elkaar in relatie staan. Het C.B.S.spreekt hier van ,,huishouding". Genoemdcschrijver geeft aan de term leefeenheid devoorkeur, aangezien naar zijn mening ,,huis-hoiiding" teveel de nadruk legt op een aspectt.w. het economische, het rationele aspect,van deze micro-samenleving.De leefeenheden vinden hun oorsprong in:1. een biologische relatie;2. een relatie van niet-biologische aard.ad 1. De biologische leefeenheden of gezinnenworden op grond van de samenstellinglin idrie hoofdgroepen ondersoheiden:a. kinderloze gezinnen;b. voUedige gezinnen (ouders plus kin-deren);c. onvolledige gezinnen (een der oudersis weggevallen).De verschillende typen worden onder-scheiden naar de plaats in de levens-cydus, hetgeen van groot belang is voorde bepaling van de woningbehoefte ingedifferentieerde z/in, bijv. de kinder-loze gezinnen kan men indelen in jongegezinnen, waar gezinsuitbreiding magworden verwacht, en oudere gezinnenwiaar dit niet meer waarschijnlijk is. Bijde volledige gezinnen zal men zich moe-iten afvragen of het al dan niet jongegezinnen betreft. Deze factoren zijn im-mers belangrijk voor de grootte, het typeen de situering van de woning.ad. 2. De niet-biologische leefeenheden vallenuiteen in twee hoofdgroepen:a. leefeenheden bestaande uit meer daneen persoon;b. leefeenheden bestaande uit een per-soon.De onder 2a genoemde leefeenhedenworden pseudogezinnen genoemd. Deleefeenheden bestaande uit een persoonnoemt de schrijver alleenwonenden.Deze groep kan men mede ondersohei-den naar hen, die deel hebben aan deteohnische wooneenheid of pseudo-gezin(de zgn. kamerbewoners) maar niet tot deleefeenheid worden gerekend, en alleen-wonenden die een eigen teohnische"svooneenheid ter beschikking hebben.In dit verband moeten de kostgangersworden genoemd d.w.z. zij die in eenzakelijk of familiaal verband met debiologische of niet-biologische leefeen-heid zijn opgenomen.Een tegenstelling wordt gemaakt tussen de,,direete gezinskern" en de ,,overige" inwo-nenden.De kern wordt gevormd door ouders eneventueel inwonende kinderen, de ,,overige"inwonenden door hen die verder deel uitma-ken van de leefeenheid.De groep van de ,,overige" inwonenden kanbestaan uit:1. verwanten;2. inwonend personeel; ' . 3. ,,anderen".De alleenstaanden zijn diegenen die een be-trekkelijke vrijheid van keuze inzake hun leef-wijze hebben. De groep van alleenstaandenomvat:1. de niet zelfstandig levende personen bijgezinnen en pseudogezinnen:a. als verwanten;b. als kostgangers.2. de alleenwonenden:a. zelfstandig levend (als kamerbewoner);b. zelfstandig levend en zelfstandig wo-nend.3. de pseudo-gezinnen:a. hoofdbewoner met inwonend personeel;b. gevormd uit verwanten;c. gevormd uit vrienden;d. gevormd op grondslag van zakelijkerelaties.Tot zover de weergave van het artikel vanDr. Steigenga.Als afsluitimg van dit gedeelte is het interes-sant er op te wijzen dat bij de Volkstelling1960, door het C.B.S. de begrippen huishou-den en gezin naast elkaar en gei'ntegreerd zul-len worden gehanteerd. --Als huishouden zal worden beschouwd elkegroep van twee of meer personen die in hui-selijk verkeer met elkaar samenwonen en ge-meenschappelijk een huishouden voeren, m.a.w.gemeensohappelijk koken en/of eten, tezamengebruik maken van het hoofdwoonvertrek enz.Als gezin zal worden aangemerkt een eohtpaar58lopen, spelen, schuiven, krassendaar moeten vloeren in kleuterscholen tegen kunnen.De peuters die er dagelijks overrondscharrelen hebben in hun jeugdige onschuld geenenkele consideratie met de vloerbedekking.Over de gehele wereld verspreid v^rerdenreeds miljoenen vierkante meters MARLEYFLEX enMARLEYTILE gelegd.Ze kunnen tegen een stootje, hebben prachtigedessins, zijn gemakkelijk schoon te houden enliggen in een billijke prijsklasse.Overal waar sterke en mooie vloeren wordengewenst: in scholen, ziekenhuizen, restaurants,cantines, kantoren, woonhuizen etc. treft menMarleyflex of Marleytile aan.MARLEYFLEX en MARLEYTILE zijnprodukten van de beroemde MARLEY- groepdie fabrieken heeft in vele landen van de v\rereld.MARLEYTILE NEDERLANDKey & Kramer, Maassluis -- De Lint, Den Haag -- Nierstrasz, Amsterdam INIGereformeerde Kerkte Alphen aid RijnUTILITEITS-BOUWWoningbouwmMkAannemersbedrijf J. VAN RHIJN & lOONADRIANASTRAAT 25 - TELEF. 01718-3030 (b.g.g. 4452)KATWIJK AAN ZEEc.v. Aannemersbedrijf Pf EIK##Dir.: U. KoopmansWOLVEGARaadhuisstraat 5 -- Telefoon 05260-2351? Onderhoudswerk? Woning- en Utiliteitsbouw? Gespecialiseerd in FabrieksbouwFirmaBIK &REEDVELDBAannemersLEIDEN Telefoon 22274-22518AANNEMERSBEDRIJF Fa. A. Ph. KUYLVOORSCHOTEN -- Telefoon (01717) 2859-2992yTDLDTiDTSiOyWIn mei 1960 oplevering van de lOOOe woningvoor de gemeente Leiden.B.L.O.-school, LeidenTerminologicwoningbehoejte en woningvoorraadStedchouwWelstandstoezichtzonder kinderen en een eobtpaar (of een va-der en moeder) met ^en of meer ongehuwdeoigen en/of stiefkinderen.In de grote meerderheid van de gevallen zaleen gezin tevens een huishouden vormen.Daarnaast bestaat echter de moigelijkheid, dateen huishouden wordt gevormd door:a. een gezin en met het gezin samenwonendeniet tot het eigenlijke gezin behorendeverwante personen (bijV. een vader of moe-der, een oom, een nicht) of niet ver-wante personen (bijv. een inwonendedienstbode of knecht, een kostganger ofcommensaal, een pleegkind);h. twee of meer gezinnen die in huiselijkverkeer samenwonen en niet elk een af-zonderlijke doch tezamen een gemeen-schappelijke huishouding voeren enc. een groep van twee of meer personen diemet elikaar samenwonen dooh geen eigen-lijk gezin vormen (bijv. een weduwnaarmet een huishoudster of inwonende dienst-bode), een weduwe met kostganger(s), tweemet elkaar samenwonende broers of zus-ters, twee vrienden enz.Het ligt in de bedoeling om het verband tus-sen de twee te hanteren begrippen in de uit-komsten van de telling van 1960 tot uit-drukking te brengen door:a. de huishoudens naar het aantal daarinaangetroffen gezinnen onder te verdelenin:1. niet-gezinshuiishoudens;2. een-gezinshuishoudens;3. meer-gezinshuishoudens.b. de gezinnen naar hun plaats in het huis-houden onder te verdelen in:1, zelfstandige gezinnen d.w.z. gezinnenwaarvan het hoofd tevens hoofd isvan een huishouden;2. niet-zelfstandige gezinnen d.w.z. ge-zinnen waarvan het hoofd niet tevenshoofd is van een huishouden.Bij de telling van 1960 zal het begrip alleen-staande in principe gelijk zijn aan dat bij detellingen van 1947 en 1956.Slotopmerking. ,De werkgroep spreekt de verwachting uitdat met dit artikel een duidelijker inzicht isgegeven in de tetiminologie rond de bepalingvan de woningjbehoefte en de woningvoor-raad.stedebouwHet welstandstoezicht en de vrijheid van de kunstOp de ledenvergadering van de FederatieWelstandstoezicht op 14 maart l.l. heeft deHeer Prof. Ir. M. J. Granpre Moliere eeninleiding gehouden, waarvan wij de teksthieronder laten volgen.Voortduremd kan men klaohten beluisterenover het werk van de welstandscommissies.Ze vinden hun oorsprong meestal in een een-zijdig begrip van de vrijheid en in een wan-trouwen in het oordeel over de kunst. Overbeide punten zal hier iets worden gezegd.Over de vrijheid. Het ikan niet ontkend wor-den, dat in deze eeuw van wiskunde en tech-niek, die met eenzinnige begrippen te doenheeft, een neiglng is ontstaan om ook diebegrippen, die het leven betreffen, op een-zinnige wijze te vatten. Daardobr ontstaanleemten in de verwerkelijking van de hoogstegoederen der mensen.Dit geldt ook voor de vrijheid, die wel nietals zodanig hot hoogste menselijke goed is,maar toch daarmee onafsoheidelijk verbonden,en tevens onze waardemeter daarvan. Doordeze vrijheid te absoluut te zien werden tel-kens readies opgeroepen, die de verworvenvrijheid weer in gevaar brachten.Zo werd het idealistisdhe denken, dat zichvan de verschijnselen distancleerde en een vol-ledige vrijheid voor zich opeiste, gevolgd dooreen positivisme, dat het hele denken wildeterugbrengen tot het registreren van feiten.Zo werd een overspannen liberalisme (,,Lais-sez faire, parbleu, laissez aller") gevolgd dooreen marxisme, dat alle vrije besohikking overde goederen, over levens-opvatting, levenskeu-ze en geloof verbood.Zo werd het subjectivisme van de kunst, detotale eelfheerlijkheid van de kunstenaar, ge-volgd door een functionalisme, dat de vol-strekte afhankelijkheid van de uitwendige om-standigheden als eerste eis stelde.Intussen zijn het idealisme, het liberalisme enhet subjectivisme voorboden en gangmakersvan een nieuwe tijd. Door een zeker tekortzijn ze het beloofde land niet binnen gegaan.Dit tekort is de eenzinnige opvatting van devrijheid. In elk geval hangt het daarmee tennauwste samen.De veelzinnigheid van het begrip vrijheid. Weverstaan hieronder gewoonlijk de keuzevrij-heid enerzijds, die ons uit vele dingen doetkiezen, en andererzijds de maatschappelijkevrijheid, die ons een ruime actieradius van mo-gelijkheden moet verzekeren.Wanneer we nu de keuzevrijheid nauwkeurigonderzoeken, dan blijkt die daarin te be-staan, dat we -- zoals Aristoteles opmerkt --iets maar op een manier goed kunnen doen,maar daarin op vele wijzen kunnen falen. Isdie vrijheid dan wel zo goed? Ze zou hetniet zijn als deze individuele vrijheid ookwerkelijk onze persoonlijike vrijheid zou uit-maken, maar ze is er slechts de buitenzijdevan. Wij alien noemen iemand eerst werkelijk59StedebouwWelstandstoezichtvrij, als Jiij in niets weerhouden wordt opzijn weg naar de voltooiing van zijn per-soon; als hij vrij is van eigenliefde, van zelf-zucht, van begeerten, maar met alle krachtvan zijn ziel geriaht is en open staat voorhet universeel goede.Hij bewandek die weg door telkens het goe-de te kiezen. In die zin is dus de keuzevrijheideen weldaad. Ook draagt een ruime actieradiusvan handelen tot die weg naar het geluk bij.In diezelfde mate kan de burgervrijheid 66kvoeren op een weg van bederf. Het is detaak van de opvoeder, en dus ook van debestuurder in de maatsohappij, ervoor te zor-gen, dat er een evenwioht bestaat tussen depersoonlijke vrijiheid en de bewegingsvrijheid,en dat op alle trappen van ontwikkeling; dusz6 dat de bewegingsvrijheid evenredig met dezelfstandigwording toeneemt.De vooruitgang van de mensheid is dus ken-baar aan de mate van burgervrijheid, die dezemensheid verdraagt. Feitelijk bestaat de evo-lutie dus in een algemene toename van deverstanidelijke en morele deugden. Vooral vande bij uitstek sociale: de beschaving en de zinvoor rechtvaardigheid.De crisis van deze tijd kan men wel daaraantoeschrijven, dat men de wereld sneller wilvooruitdringen dan haar eigenlijke ontwikke-ling verdraagt. Men eist vrijheden op waar-aan het zelfbestuur nog niet beantwoordt. Wezien dit het duidelijkst bij de onontwikkeldevolken, die de westerse vrijheidsidee lerenkennen, en die tegen het onrijpe en geforceer-de daarvan uiteraard nog minder bestand zijndan wij.Het welstandstoezicht. Vanuit de genoemdevalse vrijhaidsconceptie is de overgevoeligheiden de critiek ten aanzien van het welstands-toezicht wel te verklaren. Dit toezicht is eruiteraard op gerioht de vrijheid van de kunst-- die een wezenstrek van ide kunst is -- tedienen door haar binnen zekere perken tehouden en haar te richten op de harmonie vande grote woning van de stad.De ovenheid doet hetzelfde als een goedehuisvader: zijn oog gaat over alles; hij laatieder over datgene waartoe die hij in staat is,en zotigt zelf voor de vrede en de orde van hetgeheel. Hij bevordert de talenten, maar ver-hindert dat ze gaan woekeren ten koste vanhet grote gezin. Daaribij laat hij zich radendoor betrou'wbare deskundigen. In dat lichtmoet het welstandstoezicht worden gezien.Wat deze critici voorbij zien is, dat vrijheideen bestanddeel is van de orde. Ook in dekunst. Dat de overheid de teugels van dezeorde op bouwgebied in 't algemeen te strakheeft aangetirokken is wel duidelijk. Maar ophet gebied van de welstand kan dit niet ge-zegd worden. Eerder het tegendeel.Wat zij niet zien, is, dat zonder dit waak-zame oog en zonder een voorzichtige leidingvan de vrijheid van de architectuur op denduur niets zou overblijven. Van alle zijdendreigt gevaar: de vlucht in de macrocosmosvan het hoge huis en de mamtmoet-organisatieenerzijds en in de microcosmos van de bun-galow en de miniscule privebelangen daar-tegenover wijzen beide op een tendens naarhet extreme, die we ook op de andere ge-bieden hebben gesignaleerd. Er zal een vastehand nodig zijn om zonder een overmatigedruk van boven af tot de orde terug te keren:om onze steden weer tot plaatsen te maken,waar men in vrijheid en in vrede wonen kan.Het welstandstoezicht, staande tussen over-heid en particulier, zal daarbij een nog meerleidinggevende taak toebedeeld moeten krijgen.De supervisoren, weer staande tussen de com-missie en de particuliere architect, zullendaarin een belangrijk werk kunnen doen.De rechtspraak in kunstzaken. Wanneer hetwaar is, dat een kunstwerk de vrucht is vaninstinct en intui'tie, en een absolute en enigesohepping, hoe zal men dan daarover eenobjectief oordeel kunnen uitspreken? Men oor-deelt immers volgens rede en ervaring.Daarop kan allereerst geantwoord worden,dat alle menselijke activiteit, dus ook de iwe-tenschappelijke vondsten en de morele daden,hun oorsprong vinden in het instinct. Nictte-min worden ze voorbereid, gecontroleerd, ge-corrigeerd, verdedigd en bestreden door derede. ,,Is het redelijk, dan is het ook zede-lijk" is een oud gevleugeld woord. Zelfs gaathet op voor het geloof: ,,Si comprehendis, nonest Deus", maar ook: ,,Fid6s quaerens intel-lectum". Ook de dlngen die boven het begripuitgaan worden door de rede bevestigd.Vervolgens is het kunstwerk geen schepping,maar een herschepping. Als het een scheppingwas, zou ieder kunstwerk zijn eigen wet mee-brengen. Nu het een voortbouwen aan deeenmaal gegeven schepping is, gaat het van dewetmatigheid van die schepping uit. Het gaatdus nit van wat ieder mens, zoal niet bewust,dan toch vertrouwd is. Daarom oordeelt eenbegaafd en gevormd mens wezenlijk volgensobjectieve nomien.Daarmee is nog niet gezegd, dat het oordeelook altijd onfeilbaar is. Dit is het laatstebezwaar tegen een inmenging van afficieleinstanties in kunstzaken.Daarop moet geantwoord worden dat, als wein opvoeding, onderwijs en in de verschillendefacetten van de samenleving het zonder oor-deel konden stellen, ieder oordeel een moreelkwaad zou zijn. Maar zo is het niet. Opgeen enkel terrein van leven en samenlevingkomen we zonder het oordeel van bevoegdeen gezaghebbende personen uit. Daarmee ne-men we het risico van het falen, dat nueenmaal aan alle denken, handelen en makeneigen is.Daar staat tegenover dat het oordeel, vooralin kunstzaken en dat in een tijd van overgang,delicaat is, en zo ruim mogelijk met waarbor-gen moet zijn omkleed. De welstandscommis-sie zal het hoor en weerhoor moeten toelaten,zijn afkeuring met redenen omkleden, metterzijdestelling van persoonlijke voorkeuren,voorzichtig en mild zijn in het oordeel en ge-legenheid laten tot hoger beroep. Het rechts-gevoel van de architect mag in geen enkelopzicht gekwetst worden.Ik ben ervan overtuigd, dat als aan dezevoorwaarden wordt voldaan, het welstands-toezicht een maohtig middel kan worden bijhet vrijmaken van een architectuur, die doorzoveel banden wordt gebonden en wordt be-dreigd.60StedebouwTijdschriftenOverzicht van TijdschriftenDuitslandMitteilungen der Deutschen Akademie fiirStadtebau und Landesplanung. No 2, Septem-ber 19S9.Das neue finnisohe Planungsgesetz door Prof.Otto I. Meurman. Op 1 juli 1959 is in Finlandccn nieuwc wet op de ruimtclijke ordening inwcrking getreden. De vorige wet, die van1932 was, gold als tamelijk verouderd. Sclir.doet in beknopte vorm enkele mededelingcnover de inhoud van de nieuwe wet. Het toe-zicht op de materie is opgedragen aan hetMinisterie van Binnenlandse Zaken. Het heefthet goedkeuringsreoht op regionale en gemeen-telijke structuurplannen, terwijl de provinciatebesturen de goedkeuring hebben op de bebou-wingsplannen voor dorpen en landelijke ne-dcrzettingen. De streekplannen worden toever-trouwd aan organisaties van gemeenten.Landesplanungs- und Stadtebauprobleme inSchweden door Fred. Forbat. Systematisch in-gedeelde lezing, die in kort bestek veel feite-lifke gegevens over de stedebouw en hetstreekplanwerk in Zweden bevat. Een landelijkorgaan voor dit werk ontbreekt. De verde-ling van de bevolking tussen steden en plat-teland wordt aangeroerd, alsook de sterke ver-spreiding van de landelijke bebouwing. Er be-staat een grote reserve ten aanzien van subsl-diering als instrument van de vestigingsplaats-politiek. De bahoefte aan coordinering vanalle maatregelen van ruimtelijke ordening doetzich steeds meer gevoelen. In het kader vande stedebouwkundige afdeling van de Rijks-bouwdirectie is nu een raad voor dit doel in-gesteld. Sommige vormen van planning, zoalswegenbouw en energievoorziening, worden welop Rijksniveau verzorgd. De streekplannen,berust?nd op een bouwwet van 1948, zijn inhanden van streokplancorporaties. Het streek-plan heeft maar zeer beperkte rechtswerkingen.Voorstellen tot vorming van grotere gemeen-te-achtige eenheden, naar het voorbeeld vanhet Roergebied, hebben nog geen effect. Alleenbouw, die in strijd is met het streekplan, kandoor de centrale overheid verhinderd worden.Het plan in hoofdzaak is voor 350 gemeententer hand genomen. Uit de stedebouwkundigeplannen worden enkele kenmerkende tendensenvan de laatste tijd aangegeven.Stadtplanumg in Istanbul door Prof. Dr. Ing.Hans Hogg. Korte voordraoht over het planvoor Istanbul. Sedert 2]4 jaar wordt door deTurkse Ministerpresident met grote kracht aande uitvoering van de buitengewoon moeilijkebouw- en saneringswerkzaamheid ter plaatsegearbeid. Het werk omvat o.a. 60 km aandoorbraakstraten.Mitteilungen des Deutschen Verbandes furWohnungswesen Stadtebau und RaumplanungNo III, 1959Interkommunale und Regionale Planungsge-meinschaften in der Bundesrepublik door Dr.von Borries. Publikatie in tabelvorm metenige toelichting, van een overzicht van de inDuitsland bestaande vrijwillige intercommu-nale en regionale planorganisaties., IV, 1959Die Grijnpolitik in der Stadt- und Landespla-nung. Bericht over een aan de groenpolitiekgewijde vergadering van het Deutsche Ver-band met tekist, ten dele in de vorm van eenuittreksel, van de voordrachten en lets over dediscussie.Hannibal in der Diskussion door Ernst May.Kritische bespreking van een in Stuttgart uit-gewerkt plan voor een woongebouw ,,Hanni-bal" genaamd. Ca 4000 mensen moeten in1200 woningen, in een ongeveer 650 m langen 50 m hoog bouwlicihaam onderdak wordengebracht. May oneent dat hier afbreuk wordtgedaan aan de strijd contra de massificatie vande mensiheid. Het motief dat op deze wijze debouwkosten gedrukt worden houdt geen steel?,immers de ervaring leert dat de woning in hethoge woongebouw 35 tot 40''/o duurder is dande gewone etagewoning. Laten wij Hannibalde poort naar de Duitse woningbouw versper-ren, aldus schr.Hannibal. Le Corbusier und andere, door MaxSteinniss. Schr. vergelijkt het plan Hannibalmet het project van Le Corbusier in Berlijn.Materieel is Hannibal z.i. een "Uber Corbu-sier", ideeel een "Unter Corbusier". Een so-ciologische grondslag ontbreekt.Neue Heimat, No 8, augustus 1959Das Wagnis der Neustadte door Jiirgen Heuer.Pogingen om in de Bondsrepubliek nieuwesteden te bouwen zijn niet talrijk. Twee ty-pes staan op de voorgrond, de vluchtelingen-steden die gebouwd zijn op oude munitie-ter-reinen, vooral in het Zuiden, en andererzijdsSennestad, als echte nieuwe stad. Beide vormen worden nader besproken, de vluchtelin-gensteden aan de hand van de voorbeeldenEspelkamp en Geretsried. Espelkamp met10 000 inwoners en met een mogelijke uitbrei-iding tot 20 000 vertoont de krachtigste ont-wikkeling van de vluohtelingensteden. Eris een duidelijke menging van vluchtelingenen autochtonen in deze steden. De grootstemoeilijkheden liggen in de verschaffing vanbestaandsgrondslagen. Ondanks krachtigeovenheidssteun helbben de industrieen, vooralde conjunctuurgevoelige, in deze steden vaakmoeilijkheden ondervonden, met name door deafstand tot de markt. De tijd van de opbouwis nog niet afgesloten. Als voorbeeld voorde verdere vestiging van nieuwe steden kunnendeze vluchtelingensteden moeilijk gelden. Daar-voor waren de omstandigheden ter plaatse tebizonder. Sennestadt is een meer met de Engel-se New Towns vergelijkbaar geval. Het planheeft een tijdlang in de waagschaal gelegenten gevolge van gemeentelijke belangentegen-stellingen. Men hoopt de rulmtenood in destad Bielefeld door de bouw van deze stad,die ten slotte 20 000 inwoners moet tellen, teverzachten. Eind 1958 konden de eerste lOOCwoningen betrokken worden. De vestiging vanindustrieen stuit op moeilijkheden. Het gevaardreigt dat de stad te veel woon- en slaapstadvan Bielefeld wordt. Met afbb.Stadtplanung und Fernstrassen. USA Lander-berioht door Use M. Liibkes. De Highway Act1956 voorziet in de bouw van 65 000 km we-gen binnen 16 jaar (kosten rond 40 milliarddollar). De stedebouwers vrezen dat de aan-leg van deze wegen de wilde woekering vande steden in het landschap bevorderen zai.Met interessante afbeeldingen. ^, No 10, oktober 1959Farbiger Stadtebau, door Hans AlbrechtSchilling. Eeuwenlang heeft de kleur in hetbouwen en in het stadsbeeld geen rol gespeeld.Nu is er een eerherstel. Schr. knoopt aan bijde ikleurentlheorie van Goethe en wijst crophoe "bij de Neue Vahr van de kleur een be-langrijk gebruik is gemaakt. Bij de keuze vande kleuren zijn modellen 1 op 500 toegepast.USA Chicago. Eine Millionenstadt erneuertsieh, door Use M. Liibkes. De stedebouwkun-dige ontwiikkeliinig van Chicago wordt ge-schetst. De doeleinden van de tegenwoordigestedebouwkundige activiteit worden omschre-61StedebouwTijdschrifter,ven. Het zwaartepunt van het artikel vormende voortreffelijke afbeeldingen.Der Stadtetag, No 7, juli 19S9Parkhauser in der Innenstadt, door Dr. HeinzKleppe. De oplossing van het parkeerprobleemdoor de stichtlng van grote parkeerruimtenaan de stadrand, met overstappen op open-bare vervoermiddelen, moet afgewezen wordenDeze oplossing tast het behoud van de city alseconomisch middelpunt aan. Er moet dus par-keerruimte in de city geschapen worden. Aanhet voorbeeld van Keulen licht sdhr. dit toe.Parkeren alleen gelijkvloers zou daar tot eente groot verlies aan kostbaar terrein leiden.Ondergronds parkeren en parkeergebouwenmoeten een uitweg leveren. Het ondergrondsparkeren is echter te duur. Er zijn al 6 par-keergebouwen in de city van Keulen aanwezigmet 1725 plaatsen; nog 2 dergelijke gebouwenzijn in uitvoering. Al deze gebouwen zijn aanparticulier initiatlef te danken. Ingegaanwordt op enkele tecihniscahe details en op definanciering., No 8, augustus 19S9Die Entschadigung fiir Planungseingriffe imBundesbaugesetz, door Dr. Friedrich Halsten-berg. Het ontwerp-bouwwet bevat op eenaantal plaatsen buiten het geval van onteige-ning bepalingen, die schadevergoeding in hetvooruitzicht stellen. Over het algemeen erkentschr. dat in die gevallen een grond voor ver-goeding aanwezig is. H. bespreekt in het bi-zonder de vraag of voorwaarden, wijze engrootte van de vergoeding, uit het oogpuntvan het gemeentelijk beleid gezien passend ge-regeld zijn. Op de Ingewikkelde casuistiek, diehierbij in het spel is, kan moeilijk worden in-gegaan.Die Erschliessung im Bundesbaugesetz, doorAlexander Joerges. Bespreking van een anderonderdeel van het ontwerp-bouwwet, namelijkdat, wiaarin het bouwrijp maken geregeldwordt, met de daaraan verbonden regelingvan de kosten., No 9, September 1959Die Ermittlung von Grundstiickswerten imBundesbaugesetz door Willi Bonczek en Mar-tin Tiemann. Wederom een artikel over eenbepaald aspect van het ontwerp Bouwwet,en wel dat inzake de bepaling van de waardevan terreinen., No 10, oktober 1959Hamburg plant ein neues Gesohaftsviertel,door "Werner Hebebrand. De Senaat vanHamburg heeft een nieuw stedebouwkundigplan aanvaard, dat o.a. de stichting vaneen nieuwe kantoorwijk op 6 km van debestaande city inhoudt. De toeneming vanhet autoverkeer heeft ertoe geleid in decity de capaciteit te begrenzen door het maxi-maal aantal verdiepingen (blijkbaar met ge-bruik voor city-doeleinden) op 2 te bepalen.Er was een gelegenheid om een terrein van117 ha voor een kantorenwijk ter beschikkingte stellen, aan de rand van de eigenlijke kern-stad. Het terrein en het plan worden naderbeschreven., No 11. november 1959Zur Stadterneuerung. Redactioneel artikelover de stadsverm'euwing in verband met delaatste vergadering van de Deutsche Akademiefiir Stadtebau und Landesplanung, waarin ditonderwerp aan de orde is gesteld. Becijferdwordt dat voor de sanering van alle steden inWest-duitsland een bedrag van 20 tot 30 mil-liard DM nodig zal zijn, uit de openbare kas,waarbij het nog alleen gaat om de eerste fasevan de sanering. Dit gaat de financiele hrachtvan de gemeenten ver te boven, echter niet dekraoht van het land als geheel, wanneer menbedenkt hoeveel voor wegenaanleg enz. wordtU'itgegeven.Vom Wohnungsbau zum Stadtebau, door FritzJaspert. De reconstructie van steden en dor-pen wordt in de komende jaren een evenbrandend probleem als eerst de woningbouwin kwantitatieve zin, daarna die in kwalitatie-ve zin geweest is. Een program wordt ont-wifckeld, dat de verbetering van de oude wo-ningvoorraad, de reconstructie van ordelozegebieden aan de rand van de steden, de ver-nieuwing van verouderde stadsdelen, de or-dening binnen de steden, de bouw van nieuwe.stadsdelen en van nieuwe steden, de verbete-ring van de stedelijke vepkeerssituatie en deregionale ruimtelijke ordening omvat.Parke und Kaufe in der Innenstadt, door Dr.Heinz Kleppe. Schr. gaat nader in op sommi-ge kwesties rondom de parkeergebouwen. Hetgdbruik daarvan in Keulen wordt bevorderddoordat sommige warenhuizen het parkeergeldvergoeden. Een nauwe samenwerking tussencity-winkelier en exploitant van parkeerge-bouwen zoals in Amerikaanse steden, is aan-gewezen. Het hierop gebaseerde systeem wordtuiteengezet.Naturschutz fiir die Stadt, door Gert Kragh.De inbreuken, die de stad in vele vormen ophet landschap maakt, zijn uitdrukking van eenverstoorde orde. Natuurbescherming en land-schapszorg moeten leiden tot een ordening vanhet landschap. De reohtsgrondslag daarvoor isin de Reichsnaturschutzgesetz maar gedeelte-lijk gegeven. Voorbeelden worden genoemdvan Duitse steden, die al in deze zin werk-zaam zijn, Frankfurt a. M. en Kassel o.a.Engeland ', Housing Review, No 6, november-december1959Towns within Cities. Inleidend redactioneelartikel bij enige bijdragen in hetzelfde nummerover stadsvernieuwing en verkeer in de steden.Co-existence: Witwatersrand, Rio de Janeiroand North Kensington, door Sir William Hol-ford. Causerie van de President van het Hou-sing Centre over de huisvestingsproblemen vanverschillende rassen bij elkaar. De drie in detitel genoemde steden leveren voorbeeldenvan dit probleem.NSJ'estgate Comprehensive Development Area,Gloucester. De stad Gloucester heeft een planopgesteld, dat beoogt aan de verdere groeiaan de stadsrand een eind te maken en de be-volking in het centrale stadsdeel terug te bren-gen. Men hoopt in de naaste 15 tot 20 jaarvoor 1250 inwoners woongelegenheid in hetcentrum te scheppen. De aanleg is gebaseerdop de hofvorm. Met afbeeldingen en verderebizonderheden.Mixed Housing and Commercial Developmentat Berwick Street, Soho. Kone gei'llustreerdebescihrijving van een woningbouwplan in Soho.Cities Built for Traffic, door H. J. Reifen-berg, Schr. meent dat de oude concentrischestadsvorm en de gedachte van een hart van destad hun tijd gehad hebben. Decentralisatievan dat hart zou de oplossing van de ver-keersziekte zijn. Er is geen reden waaromoverheid, banken, handel, markten, theaters,pakhulzen, warenhuizen en musea bij elkaarmoeten liggen in het centrum. Denkbaar is datin plaats daarvan Hjnen van subcentra ont-staan, met goede onderlinge veribinding. Schr.licht zijn denkbeelden aan de hand van enke-le schema's toe.Journal of the Town Planning Institute, No8, juli-augustus 1959 .Is our Coastline Ripe for Development, doorJames W. R. Adams. Lezing, waarin schr.62sisalkraftEen waterdicht bouwpapier,te gebruiken over dakbeschot,als werkvloer,tussen houten wanden etc.Sisalkraft is ook te leverenmet aan een of twee zijdeneen alunninium laag.importeursN.V. HANDELMAATSCHAPPIJPROOST BOUWMATERIALENrusland 17 amsterdam-c. tel. 64141Jachthaven ,,'t Fort", WarmondAannemersbedrijf TH. LEENENSweilandstraat 9 -- WARMOND -- Tel. 01711-810Woningbouw,Utiliteits- en Scholenbouwnnilllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllillllllllllllllllllllllllllllllllllllllllliniilill^^ModerneLIFTENNEDERLANDSFABRIKAATSTARLIFTVoorburg - tel. 778400 (070)iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiin^,"?"?; "'*fc. ^^^:^- Pirma P. RcrlORbT*!; ?* 11^?^^^^ t^"^",,^,^,. ;- '"1 WADDINXVEEN - Telefoon 01828-2313. r ???> ,???.***!???'*'*?- II ' ?' |,u||-.?"fJkiM *'*, .,-.>*I'UTILITEITS-EN WONINGWETBOUW(ook in de particuliere sector)92 woningen te Ridderkerk.Uw SPECIAAL adres voor het aanhrengen vanAkoestisch Board en Plastic PlafondsDesgewenst met levering.Aangebracht door het gehele landJarenlange ervaring.Vraagt vrijblijvend offerte.HET NOORDERBOARDHUISItIIEigenaar J. J. LEENEN Jr.ROTTERDAM -- Hooglandstraat 136 -- Tel. 01800-86 203GLAS en GLAS-IN-LOODAWes op het gehied van qlasSpeciale tarieven voor onderhoudswerkaan woningen en fabrieksbouw.C. M. BUIJS'GlasbedrijfSCHIEDAMRotterdamsedijk 201-D - Tel. 66159 - 68474Fa. J. C. C. KLICKAmsterdam-W AANNEMERSBEDRUFThorn Prikkerstraat 53 H-3 - Telefoon 134366Werkplaats: Laurierstraat 73 - Telefoon 35525? Nieuwbouw? Verbouwingen? OnderhoudAANNEMERSBEDRUFJAC. VAK RIETLEIDENHerenstraat 44 Tel. 25612Burggravenlaan 19 - Tel. 26078? Onderhoudswerk - Scholenbouw? Woning- en UtiliteitsbouwIntensieve beschermingen verfraaimg van houtm.mmBij coepassing van tropische houtsoorten(Yang-Afzelia-Tola Branca-Basralocus enz.)op nieuwbouw-obiectenOboleum Transparant (blank)een produkt, dat niet loslaat, geen blarenveroorzaakt maar het hout duurzaam beschermt.Oboieum wordt ook in 18 frisse standaardkieurenge/everd.OEVER & BOS N.V. GRONINGENCHEMISCHE FABRIEK - TEL. 05900-23219 - POSTBUS 67StedebouwTijdschrifteneerst de engelse kust fysisch-geografisch ty-pcert, daarna de ontwikkding in het verledennagaat en vervolgens de aanspraken, die thansop het kustgdbied worden gemaakt en wat ge-daan wordt en kan worden om de ontwikke-ling te leiden. De grote werkloosiheid in velekuststeden wordt gesignaleerd. Aantrekkingvan lichte industrie, die het meest aange-wezen is, stuit op moeilijkheden. Moderne vor-men van vacantie-verblijf en de daardoor op-geroepen problemen komen ter sprake. Atoom-energie en oHe-raffinaderij vragen diep wateren brengen een nieuwe bedreiging in de kust-streken. De Nationale Parken staan bloot aandruk van buiten en staan voor moeilijkhedendoordat een grote congestie van ontspanning-zoekenden optreedt. Wetenschappelijke belan-gen worden vaak onderschat in dit verband.Voor de toekomst beveelt schr. als richtlijnaan dat elke verdere uitbreiding langs de kustvan een ontwikkeling, die daartoe geen duide-lijk nationaal motief heeft, meet worden afge-wezen. Caravan-kampen e.d. zouden dan bin-nen het reeds geexploiteerde gebied een plaats.noeten vinden.Under and Over the Plan, door J. C. Cralg.Lezing over de voorzieningen onder en bovende grond, die een plaats vragen. In het bizon-der kom-t ter sprake in hoeverre leidingen e.d.vacbaar zijn voor verandering van het trace.De planner zal zich rekenschiap moeten gevenvan de consequenties van zijn plannen tenaanzien van hetgeen ondergronds een plaatsmoet vinden en zal actiever moeten zijn tenopzichte van het straatmeubilair., No 9, septcmher-oktober 1959The Future of Public Transport in Town andCountry, door J. D. C. Churchill. Het stede-lijk personenvervoer neemt in Engeland nietlanger toe of is zelfs aan het dalen. Moderni-sening van het apparaat is echter in gang. Hetvrij parkeren op de straat schept ongelijkheidtussen publiek en particulier vervoer. Daar-aan moet een eind komen. Organisatorische enteohnische vernieuwing van het stedelijk ver-voersapparaat is wenselijk en mogelijk. De ste-debouw zal in ruime mate moeten uitgaanvan het economische openbare vervoer.The Lake District National Park, door K. S.Himsworth. Overzicht van de werkzaamhedenvan de Planning Board voor het Lake District,waarbij vooiral een indruk wordt gegeven vanallerlei praktische vragen, waarvoor dit li-cihaam komt te staan ten aanziien van hetgeenin het geibied wel en niet toegelaten kan wor-den.The Effect of Farm Size on Systems of Far-ming and Efficient Agricultural Production,door H. G. Sanders. Bespreking van de be-drijfsgrootte in de landbouw en de betekenisdaarvan voor de doelmatigheid van het be-drijf.The Prediction of the Ultimate Costs ofOverspill, door P. A. Stone. Schr. ontwikkelteen methode om de uiteindelijke kosten vanverplaatsing van bewoners van centrale stads-delen naar elders tegenover die van nieuwehuisvesting ter plaatse te bepalen. De uitkom
Reacties