stedebouw volkshuisvestingUitgave van hetNederlands Instituut voorVolkshuisvesting en StedebouwIn dit nummer:kPlanologisch dcnkenHet streekplan in het kader van de regionale planningStedebouwVolkshuisvestingDe toekomstige WoningbehoefteSummaryebruari 1961Het nieuwe vcrsterkerprogramma omval juist voorde cenlrale antenne-installaties vele nieuwe onl-wikkelingen. In lotaal zijn er nu 104 typen ver-sterkers -- voor elk speciaal doel onlwikkeld --zodat ie alien tijde een economisch verantjwoordecentrale antenne-installatie in elk bestek kanworden opgenomen.inllchilngen en formulieren vooro.a. bestekopgav?n an voorschrlftenbfj de importaur.Haag, Waganilraal 126a, Tel. IS 39 84*N- S- V x? N- N-KOENE TEGELS\YM^j4tkfTalefoon 778566WAND- en VLOERTEGELSMOZAIEKonverglaasdverglaasdglasMARMER-TEGELSNATUURSTEENVorstvrij materiaalin tegeis en strippenPLASTIG-VLOERENALPHA MUURVERFFABRIEKEN N.V. ALPHEN MD RUN TEL. 01720-2192stedebouwenvolkshuisvestingUitgave van hetNederlands Instituut voorVolkshuisvesting en Stedebouw41e jaargang 1960INHOUDI. BinnenlandbladzijdeBestuurAftreden van Ir. B. Fokkinga als lidvan het dagelijks bestuur 169Benoeming van S. J. Mook als lid vanhet dagelijks bestuur 169Bestuur Mr. Hudig StichtingBenoeming Ir. J. W. Hudig 209BibliotheekNieuwe aanwinsten bibliotheek 68,103, 152, 210BoekbesprekingZelfstandige woningen en pensiontehui-zen. Publicatie van het Bouwcentrum 31Mr. G. A. van Beusekom, Ruimtelijkeordening en volkshuisvesting in nieuwwettelijk kader 77Bouwkosten en woninghuren. Een ana-lyse van de huur- en kostenstijgingPublikatie van de Stichting voor Eco-nomisch onderzoek der Universiteitvan Amsterdam 82BouwbedrijfRisicoregeling woningbouw 101CommissiesCommissie Spreiding Rijksinstellingen 77Commissie Schadevergoedingsverorde-ningen 84Commissie-Woonwijken 102Commissie Hoogbouw-Laagbouw .... 102Rapport Supervisie en Welstandstoe-zicht 209ContributieContributicverhoging 209ExamensVerslag v. d. Examencommissie M.P.O.1959 16Examen Middelbaar Planologisch On-derzoeker 36, 132ExcursiesExcursie Amsterdam 84, 151Studiegroep voor Planologisch Onder-zoek, excursie Amsterdam 170bladzijdeGemeenten, Provincies, GewestenAmsterdamExcursie 84, 151Bouw van woningen voor alleenstaan-den en atelierwoningen 129Bezwaar i.z. storten van baggerspecie inde buitenpolder IJdoorn onder Durger-dam 104Bouw van goedkope gemeentewoningen 151Studiegroep voor Planologisch Onder-zoeker, excursie 170AssenBezwaar i.z. het inrichten van een ver-keersspeeltuin op een terrein van hetAsserbos 171BaarnBezwaar i.z. ontzanding percelen be-horende tot het gebied waarin Pluis-meer is gelegen 132's-GravenhageUitbreiding van de Haagse agglomeratie 147KatwoudeBezwaar i.z. de bouw van een woningmet garage op een terrein binnen degemeente Katwoude 171RhenenBezwaar i.z. het plaatsen van een in-formatiebureautje ten behoeve van deV.V.V. op perceel nabij Posbank, ge-meente Rhenen 132RoggelBezwaar i.z. bouw bungalow op perceelin de gemeente Roggel 171RotterdamWoningbouw 14Woningwetbouw 191UtrechtVerkeersplan Utrecht 9WittemBezwaar uitbreidingsplan Wittem .... 36OverijsselHet streekplan voor Noordwest-Over-ijssel (artikel Prof. Mr. J. V. RypperdaWierdsma) 142bladzijdeDelflandVelden en dreven van Midden-Delfland 135GooiRuimtelijke ontwikkeling Gooi 28Nieuwe-WaterweggebiedVoorontwerp bovengemeentelijke rege-ling bestuursvraagstukken 8YmondStreekplan Ymond Noord 190Grootboek WoningverbeteringOpheffing van het Grootboek voorWoningverbetering 66Persbericht inzake gestorte bedragen.. 84Honorarium-regelingHonorarium-regeling voor Stedebouw-kundig Werk 68HurenWetsontwerp tot wijziging van deHuurwet 33Wijziging Huurwet 51De Huurwet in de Tweede Kamer. ... 63Bouwkosten en Woninghuren. Een ana-lyse van de huur- en kostenstijging.Publikatie van de Stichting voor Eco-nomisch onderzoek der Universiteitvan Amsterdam (artikel Mr. C. M. vanden Hoff) 82IndustrieForumvergadering 8 november inzakeStedebouw en Industrie 188Kroniek 24, 44, 74, 96, 123, 143, 162,166, 202LezingenLezing wettelijke regeling in Duitsland 132NatuurbeschermingEigendomsbeperking ten behoeve vanruimtelijke ordening en natuurbescher-ming. Inzichten van Prof. Dr. C. W.van der Pot f (artikel Mr. Dr. J. W.Reiser) 184bladzijdeOfficiele mededelingenVerslag van de ExamencommissieM.P.O. 1959 16Publikatie Bouwcentrum 20Examen Middelbaar Planologisch On-derzoeker 36Overheidssteun ,Het nieuwe stelsel van financiele steunaan de woningbouw (artikel S. J.Mook) 23, 64Het nieuwe stelsel van financiele steunaan de woningbouw (artikel Mr. F.Andriessen) 49Extra Woningwetbijdragen voor effi-ciente woningbouwplannen 128PersonaliaIn Memoriam Mej. A. C. Kooistra.... 131In Memoriam Prof. Mr. Dr. C. W. vander Pot 131In Memoriam Ir. F. B. M. Moubis 131In Memoriam Mr. M. J. A. Moltzer.. 209PlattelandDe leefbaarheid van het platteland (ar-tikel Ir. J. Ph. L. Petri) 3PremieregelingPremie- en Bijdragebesluit Woning-bouw 1960 66Premie- en Bijdrage-Beschikking Wo-ningbouw 1960 67PublikatiesRapport Supervisie en Welstandstoe-zicht 209RecreatieOpenluchtrecreatie in het poldergebiedbij de Randstad Holland: behoeften enmogelijkheden (artikel Dr. D. de Jonge) 117Velden en dreven van Midden-Delfland 135RijksbegrotingDe ruimtelijke ordening in de TweedeKamer 47De Volkshuisvesting in de TweedeKamer 51De begroting van Volkshuisvesting enBouwnijverheid 168Rijksbegroting 206Rijksdienst voor het Nationale PlanBezwaar i.z. vigerende uitbreidingsplander Gemeente Wittem 36Bezwaar i.z. storten van baggerspeciein de buitenpolder IJdoorn onder Dur-gerdam 104Bezwaar i.z. het plaatsen van een in-formatiebureautje ten behoeve van deV.V.V. op perceel nabij Posbank, ge-meente Rhenen 132Bezwaar i.z. ontzanding percelen be-horende tot het gebied waarin Pluis-meer is gelegen, gemeente Baarn .... 132bladzijdeBezwaar i.z. het inrichten van een ver-keersspeeltuin op een terrein van hetAsserbos 171Bezwaar i.z. de bouw van een woningmet garage op een terrein binnen degemeente Katwoude 171Bezwaar i.z. bouw bungalow op per-ceel in de gemeente Roggel 171RooilijnEnige kanttekeningen bij het rooilijn-begrip (artikel Ir. Paul Kessler) 93RuilverkavelingDe ontwikkeling van de ruilverkave-ling in Nederland en haar verhoudingtot de ruimtelijke ordening (artikel Ir.S. Herweijer) 175Ruimtelijke OrdeningVoorontwerp bovengemeentelijke rege-ling bestuursvraagstukken Nieuwe-Wa-terweggebied 8Ruimtelijke ontwikkeling Gooi 28De ruimtelijke ordening in de TweedeKamer 47Mr. G. A. van Beusekom, Ruimtelijkeordening en volkshuisvesting in nieuwwettelijk kader 77Een nieuwe handleiding voor orde-naars (artikel Prof. Mr. G. A. vanPoelje) ...155De nota inzake de ruimtelijke ordening 158De ontwikkeling van de ruilverkave-ling in Nederland en haar verhoudingtot de ruimtelijke ordening (artikel Ir.S. Herweijer) 175Eigendomsbeperking ten behoeve vanruimtelijke ordening en natuurbescher-ming. Inzichten van Prof. Dr. W. vander Pot t (artikel Mr. Dr. J. W. Keiser) 184Wetsontwerp ruimtelijke ordening. ... 189Vergadering Stedebouwkundige Raadover Nota inzake de ruimtelijke orde-ning 171, 192StedebouwVerkeersplan Utrecht 9Zijn we op de goede weg met de volks-huisvesting en stedebouw? (artikel Drs.J. Barends) 12Verkenningen in de stedebouw (arti-kel Drs. J. A. Launspach) 71, 87Enige kanttekeningen bij het rooilijn-begrip (artikel Ir. Paul Kessler) .... 93Plan-Wilsveen 126Uitbreiding van de Haagse agglomeratie 147Onderzoek stedebouwkundige vormen-taal (artikel Ir. A. van Hezik) 159Forumvergadering 8 november inzakeStedebouw en Industrie 188Streekplan -Het streekplan voor Noordwest-Over-ijssel (artikel Prof. Mr. J. V. RypperdaWierdsma) 142Streekplan Ymond Noord 190TehuizenZelfstandige woningen en pensionte-huizen. Publikatie van het Bouwcen-trum 1959 (artikel Ir. H. F. F. Kricns) 31bladzijdeTijdschriften (overzicht van)Bouw 15Bouwkundig weekblad 9Bouwwereld 15Forum 15De Gemeente 10Heemschut 9De Ingenieur 9Natuur en Landschap 9De Nederlandse Gemeente 9Publieke Werken 10Tijdschrift der Nederlandse Heide-Maatschappij 10Tijdschrift voor Overheidsadministratie 15Volkshuisvesting 15VergaderingenVergadering over het beleid ter uit-voering van de voorstellen van deWerkcommissie Westen des Lands.... 35Ledenvergadering 13 mei over het be-leid ter uitvoering van de voorstellenvan de Werkcommissie Westen desLands 84Vergadering 8 nov. Stedebouw en In-dustrie 152Ledenvergadering 9 dec. inzake bevor-dering bouw van woningen volgens dez.g. Keuzeplannen en het algemene fi-nanciele beleid van de Regering betref-fend de woningbouw 170, 209Ledenvergadering inzake keuzewonin-gen en woningbeleid 192Vergaderingen Stedebouwkundige RaadVergaderingen Stedebouwkundige Raad20 Jan. en 11 maart 52Vergadering Stedebouwkundige Raad6 mei 84Vergadering Stedebouwkundige Raadover Nota inzake Ruimtelijke Orde-ning 171, 192, 209WelstandstoezichtHet welstandstoezicht en de vrijheidvan de kunst, inleiding van Prof. Ir.M. J. Granpre Moliere 59WereldstedebouwdagLedenvergadering 8 nov. inzake Stede-bouw en Industrie 152, 170, 188Westen des Lands ,Vergaderingen over het beleid ter uit-voering van de voorstellen van dewerkcommissie Westen des Lands .... 35Ledenvergadering 13 mei over het be-leid ter uitvoering van de voorstellenvan de Werkcommissie Westen desLands 84Openluchtrecreatiegebied in het pol-dergebied bij de Randstad Holland:behoeften en mogelijkheden (artikelDr. D. de Jonge) 117Velden en dreven van Midden-Delfland 135? bladzijdeWetgevingWetsontwerp tot wijziging van deHuurwet 33Wijziging Huurwet 51De Huurwet in de Tweede Kamer. ... 65Wetsontwerp ruimtelijke ordening. . . . 189Het ontwerp voor een nieuwe woning-wet 190WoningbehoefteModerne woonidealen en woonwensenin Nederland, (artikel W. J. de Bruyne) 195Aspecten van de privacy bij het mo-derne wonen (artikel Dr. D. de Jonge) 198WoningbouwFinanciering van de Woningbouw. ... 13Woningbouw Rotterdam 14Publikatie Bouwcentrum 20Het nieuwe stelsel van financiele steunaan de woningbouw (artikel S. J.Mook) 23, 64Het nieuwe stelsel van financiele steunaan de woningbouw (artikel Mr. F.Andriessen) 49Woningbouw in Juli 1960 151Woningbouw 191bladzijdeWoningen met bizondere bestemming2elfstandige woningen en pensionte-huizen, publikatie van het Bouwcen-trum 1959 (artikel Ir. H. F. F. Kriens) 31De huisvesting van het sociaal onaan-gepaste gezin in grote steden (artikelDrs. W. J. Bruyn) 99Bouw van woningen voor alleenstaan-den en atelierwoningen Amsterdam .. 129WoningstatistiekDe terminologie rond de bepaling vande woningbehoefte en woningvoorraad 55Een nieuwe methode voor het bijhou-den van de veranderingen in de wo-ningbehoefte (artikel G. J. Bruyns) .. 107De toekomstige woningbehoefte inNederland; poging tot een eenvoudigebenadering (artikel T. E. Puister).... 115Rectificatie artikel G. J. Bruyns. Eennieuwe methode voor het bijhoudenvan veranderingen in de woningbe-hoefte 167WoningtypeVoorschriften en wenken voor het ont-werpen van Woningen 66bladzijdeWoningvoorzieningWijziging besluit bevordering eigenwoningbezit 67Wijziging beschikking bevorderingeigen woningbezit 67WoningwetbouwWijziging Beschikking Bijdragen Wo-ningwetbouw 1950 67Extra Woningwetbijdragen voor effi-ciente woningbouwplannen 128Bouw van goedkope gemeentewoningenAmsterdam 151Woningwetbouw Rotterdam 191WoningwetwoningenReservevorming bij woningwetwonin-gen 129WoonwijkMens en woning in een nieuwe stads-wijk (artikel Mej. E. Graeve en Drs.E. Land) 78II. Buitenlandbladzijdea. AlgemeenBoekbesprekingJose V. M. Samperio, La poblaci6n delarea metropolitana de Caracas. Fac-tores de crecimiento y tendencia futura 26La vivienda popular en Venezuela(1928-1952) 26CongressenCongres van de International Federa-tion for Housing and Planning inPorto Rico 77, 98Internationaal Congres van Land-schapsarchitecten te Amsterdam .... 78CursusInternationale Cursus integrale plan-mng 98StedebouwJose V. M. Samperio, La poblacion delarea metropolitana de Caracas. Factoresde crecimiento y tendencia futura .... 26Brasilia, hoofdstad van Brazilie (artikelDrs. Tj. Tjalkens) 39Tijdschriften (overzicht van)InternationaalFamilies dans le monde 15lula Quarterly 29, 78, 204News Sheet of the International Fede-ration for Housing and Planning 126, 204ieDe Gemeente 208Rythme 29Wonen 35, 102, 126, 130CanadaCommunity Planning Review .... 10, 78bladzijdeDultslandDie Bauverwaltung 29Informationen Institut fiir Raumfor-schung 10, 29, 78, 127Innere Kolonisation 10Mitteilungen der deutschen Akademiefiir Stadtebau und Landesplanung 10,61, 127Mitteilungen des deutschen Verbandesfiir Wohnungswesen, Stadtebau undRaumplanung 10, 61, 127, 130Neue Heimat 10, 15, 35, 61, 67, 127, 130Raumforschung und Raumordnung . . 127Der Stadtetag 62, 67, 131EngelandBritish Housing and Planning Review 16Housing Review H, 62, 208Journal of the Royal Institute of Bri-tish Architects 30, 204Journal of the Town Planning Institute11, 30, 62, 149The Society of Housing Managers,Quarterly Bulletin 67Town and Country Planning 30, 150, 204Town Planning Review 48, 63, 205FrankrijkLa Vie Urbaine 64, 164L'Habitation 164OostenrijkDer Aufbau 48, 164Verenigde StatenJournal of the American Institute ofPlanners 48, 165Journal of Housing 52Planning and Civic Comment 48Zweden , ^ . ;'Plan 49bladzijdeZwitserlandHabitation 52, 166Plan 49, 166VolkshuisvestingLa vivienda popular en Venezuela(1928-1952) 26Woningpolitiek, Engeland 191"WetgevingLezing wettelijke regeling in Duitsland 169b. Internationaalen volgens de landenInternationaalCongres van de International Federa-tion for Housing and Planning inPorto Rico 77, 98Internationaal Congres van Land-schapsarchitecten te Amsterdam .... 78Internationale Cursus integrale planning 98BrazilieBrasilia, hoofdstad van Brazilie (artikelDrs. Tj. Tjalkens) 39DuitslandLezing wettelijke regeling in Duitsland 169EngelandWoningpolitiek 191VenezuelaLa vivienda popular en Venezuela(1928-1952) 26III. Alphabetisch register der schrijvers van artikelenbladzijdeAndriessen, Mr. F.Het nieuwe stelsel van financiele steunaan de woningbouw 49Barends, Drs. J.Zijn we op de goede weg met de volks-huisvesting en stedebouw? 12Bruyn, Drs. W. J.De huisvesting van het sociaal onaan-gepaste gezin in grote steden 99Bruyne, Drs .W. J. deModerne woonidealen en woonwensenin Nederland 195Bruyns, G. J.Een nieuwe methode voor het bijhou-den van de veranderingen in de wo-ningbehoefte 107Graeve, Mej. E. en Drs. E. LandMens en woning in een nieuwe stads-wijk 78Granpre Moliere, Prof. Ir. M. J.Het welstandstoezicht en de vrijheidvan de kunst 59Herwijer, Ir. S.De ontwikkeHng van de ruilverkave-ling in Nederland en haar verhoudingtot de ruimtelijke ordening 175bladzijdeHezik, Ir. A. vanOnderzoek stedebouwkundige vormen-taal 159Hoff, Mr. C. M. van denBouwkosten en woninghuren. Een ana-lyse van de huur- en kostenstijging.Publikatie Stichting voor Economischonderzoek der Universiteit Amsterdam(Boekbespreking) 82Jonge, Dr. D. deOpenluchtrecreatie in het poldergebiedbij de Randstad Holland; behoeften enmogelijkheden 117Aspecten van de privacy bij het mo-derne wonen 198Keiser, Mr. Dr. J. W.Eigendomsbeperking ten behoeve vanruimtelijke ordening en natuurbescher-ming. Inzichten van Prof. Dr. C. W.van der Pot | 184Kessler, Ir. PaulEnige kanttekeningen bij het rooilijn-begrip 93Kriens, Ir. H. F. F.Huisvesting van bejaarden 31Land, Drs. E. en Mej. E. GraeveMens en woning in een nieuwe stads-wijk 78Launspach, Drs. J. A.Verkenningen in de stedebouw. ... 71, 87bladzijdeMook, S. J.Het nieuwe stelsel van financiele steunaan de woningbouw 23, 64Petri, Ir. J. Ph. L.De leefbaarheid van het platteland.. 3Kroniek en kommentaar 24, 44, 74, 96, 123143, 162, 202Poelje, Prof. Dr. G. A. vanEen nieuwe handleiding voor ordenaars 155Praag, Mr. Ir. M. M. vanKroniek 166Puister, T. E.De toekomstige woningbehoefte inNederland; poging tot een eenvoudigebenadering 115Rypperda Wierdsma, Prof. Mr. J. V.Het streekplan voor Noordwest-Over-ijssel 142Tjalkens, Drs. Tj.Brasilia, hoofdstad van Brazilie 39Jose V. M. Samperio, La poblacion delarea metropolitana de Caracas. Factoresde crecimiento y tendencia futura.Caracas 1956 (Boekbespreking) 26La vivienda popular en Venezuela(1928-1952) (Boekbespreking) 26W, H. v.d.Mr. G. A. van Beusekom, Ruimtelijkeordening en volkshuisvesting in nieuwwettelijk kader (Boekbespreking) .... 77s&vUitgave van hetNederlands Instituut voorVolkshuisvesting en StedebouwMaandbladfebruari 196142e jaargang no. 2Redactie:Mevrouw Prof. C. W. VisserMe']. R. HartstraIr. B. FokkingaMr. C. A. van GorcumH. ]. A. Havens GreveProf. Mr. A. KleijnDrs. R. KokIr. P. K. van MeursDr. S. O. van Poel'jeMr. Ir. M. M. van PraagH. van SaaneW. ScheerensIr. W. van TijenDrs. H. V. d. WeijdeIr. W. WissingAdres voor Redactie en Abonnementen:Lange Voorhout 19, 's-GravenhageTelefoon 184225Advertenties:Keizersgracht 188, Amsterdam-C.Postgiro nummer 113028Telefoon 249128Dit nummerncht de aandacht van de lezer opnieuw op het wezen van de ruimtelijke ordening. Het isopmerkelijk dat er vrij plotseling in Nederland belangrijke bijdragen warden geleverd tat dehezinning over dit onderwerp. De stedebouw en later de ruimtelijke ordening in groter gea-grafisch verband zijn bij ons lang beaefend op een wijze, die grotendeels bepaald was door detraditie en door de eisen van de dagelijkse praktijk, zander dat men althans in de literatuuriets merkte van \een streven am wat er gebeurde te toetsen aan een filasofische arienteringomtrent de doelstelling, de methodiek en de grenzen van dit vak. Dit wardt de laatste tijdanders. Het is ons een genoegen opnieuw twee artikelen te publiceren, die daarvan blijk geven.Het eerste, getiteld ,,Planologisch denken" van Drs. J. ]. G. Stalpers, sluit ten dele aan bijde bekende artikelen van Drs. J. A. Launspach in de vorige jaargang. Het tweede artikel vanDrs. E. A. Huisman behandelt ,,Het streekplan in het kader van de regionale planning".Overigens bevat dit nummer de gcwone rubrieken, zij het in verband met de omvang van ditnummer in y.ecr bcperkte male. Ilet in het vorige nummer uungekondigdc verslaf^ van dc op9 december l.l. gehouden ledenvergadering van het Instituut moet tot het valgende nummerwarden uitgesteld.2yInhoudPlanologisch denken, Drs. J. J. G. Stal-persHet streekplan in het kader van deregionale planning, Drs. E. A. HuismanStedebouwKlaagzang313645VolkshuisvestingDe toekomstige woningbchoefte in Ne-derland, Drs. J. C. Jansse 45Binnenland 48Summary 48Abonnementsprijs f 20,--. Losse nummers f 7,--.De leden van het Nederlands Instituut i/oor Volkshuisvesting en Stedebouw en de leden vande Nationale Woningraad ontvangcn het hlad kosteloos.30Plaiiologisch dcukcnPlanologisch denken Drs. J. ]. G. StalpersEnkele aantekeningenIn Economisch Statistische Berichten is onlangseen artikel verschenen, getiteld: Is hoogbouwsooiaal een gevaar? van de hand van Drs. J.G. van der Ploeg. i)Afgezien van detailbezwaren, die tegen ditartikel kunnen worden ingebracht, zoals decmotionele reactie van de schrijver tegen dezijns inziens emotionele bevoorkeuring van heteengezinshuis en de onjuiste interpretatie vande uitkomsten van onderzoekingen naar woon-stijl en woonwensen, ^) is het vooral de denk-wijze die uit dit artikel spreekt, welke tot eenreactie uitlokt.Zo wordt o.m. betoogd, dat hoogbouw eenmiddel kan zijn om de in aantal niet on-belangrijke groep van a- en zwaksocialen tehelpen.Men brengt ze in hoogbouw immers bij elkaaren kan hen daardoor zeer intens bewerkcn.Dit is hetzelfde type van rcdenering datGropius uitsprak toen hij zei dat de hogebouw met gemeenschappelijke voorzieningende gemeenschapsgeest zou bevorderen.Op een andere plaats zegt de schrijver dat dehoogbouw sociaal geen gevaar behoeft te zijn.2olang het tegendeel nict is bcwczen, hoeftmen dit niet aan te nemen. Dit bewijs nu achthij niet geleverd. Men zou willen opmerkendat er hier van een teveel aan logica sprakcis. In zijn bock Sociale Wijsbegeerte wijstPlattel crop dat het redenerend denken nietaan het gevaar ontkomen is om de stelling dathet algebraisch denken tot het uitzeggen vanwaarheden in staat is, te verengen. Het uit-gangspunt van het denken wordt dan: alleendatgene wat algebraisch te bewijzen is, is waar.Daaruit volgt dan vanzelf dat wat niet rede-nerend kan worden bewezen niet waar is.In bovengenoemd artikel komt deze denkwijzebizonder sterk naar voren. Zij is echter opvcle plaatsen aanwezig, bewust of onbewust,in het planologisch werk. Immers dit werkbaseert zijn uitspraken meestal op meetbaarmateriaal, dat zich algebraisch laat verwerken.Weliswaar wordt door velen erkend dat in destedebouwkundige sfeer vele imponderabiliaaanwezig zijn, d.i. niet weeg- of meetbareaspecten, maar al te licht worden deze nietweegbare zaken gelijk gcsteld met zaken vangeen gewicht.Doch ook waar het onweegbare bewust in debeschouwing wordt opgenomen, dreigt gemak-kelijk gevaar, dat de exacte uitspraken om-trent de meetbare dingen aantoonbaar enwetenschappelijk verantwoord, het onweten-schappelijk proza der beschouwingen over-stemmen.In de film Ninotschka poogde de Russischeagente het idee dat zij verliefd was uit haarhoofd te zetten met de overweging dat ver-liefdheid slechts een kwestie van hormonenwas, zoals de wetenschap zou hebben aange-toond. Totdat zij, door het leven gedwongen,over haar wetenschap heenstapte en werkelijkverliefd werd.lets dergelijks gebeurt in de praktijk wanneerde wetenschappelijke rapporten van onder-zoekers door ontwerpers of gemeentebesturenin de kast worden gelegd en bij de realiseringvan plannen op, volgens de onderzoeker, min-der of zelfs onverantwoorde wijze wordttewerk gegaan. Dit gebeurt dan terecht wan-neer de onderzoeker de meetbare bercdeneer-bare werkelijkheid identiek stelt met de voilewerkelijkheid. De ervaring heeft geleerd datde vakman zozeer zonder reserve op kangaan -- dit opgaan in de meest strikte zin vanhet woord -- in zijn beperkte wetenschappe-lijke wereld, dat hij zijn wereld voor de wereldhoudt. Een soon bewustzijnsvernauwing dus.Het heeft zin voor degenen die zich met stede-bouw, als vormgevers of als onderzoekers,bezighouden, attent te zijn voor de kritiek dievooral van fenomenologische zijde op het ra-tionele denken wordt uitgeoefend. Een door-denking op de planologische bezigheid kano.i. bevruchtend werken doordat zij bij deonderzoekers bewust kan maken welke waardeaan het wetenschappelijk onderzoek en dedaarbij gehanteerde begrippen moet wordentoegekend. Zij kan tevens leiden tot een nieu-we doordenking van de verhouding ontwerper-onderzoeker.Mens en functiesDe stedebouwkundige praktijk heeft als doelorde te scheppen in de samenleving, voor zo-ver deze samenleving in duurzame materielevormen haar beslag krijgt. Deze materielevormen zijn dan o.a. de woningen, de scholen,de fabrieken en werkplaatsen, de sport- enspeelgelegenheden.Elk dezer vormen is een concretisering vanmenselijke behoeften.De ervaring leert dat de mens de neiging heeftaan zijn behoeften een zekere samenhang, con-sistentie, te geven, zodat de ene in dienst often dienste staat van de andere. In vele vanzijn bezigheden is de mens in functie, functio-naris, vrij consequent gericht op een bepaaldbeperkt doel.In andere situaties is het in-functie-zijn ge-sublimeerd aanwezig, zoals met name in degezinssfeer en dc vriendenkring. Hier wordthet bestaan gevierd. Dit ,,vieren" staat hier inde oorspronkelijke zin van ,,de voile vrijheidgeven", waaraan ook het feestelijk ,,vieren"zijn ontstaan dankt. In dit vieren van hetbestaan ervaart de mens een grotere volheidvan bestaan of, zoals Lacroix ^) het uitdrukt:legt een volledige bekentenis af van zijn be-staan. Negatief geformuleerd: waar gevierd1) E.S.B. 5 okober 1960^) Zowel bij het Arnhemse onderzoek als bijhet onderzoek van Dr. D. de Jonge (ver-meld in Moderne Woonidealen en Woon-wensen in Nederland) is voorkeur voor heteengezinshuis uitgesproken ook door huis-houdens die de hoogbouw- zowel als delaagbouwwoning kenden uit ervaring.^) Lacroix: Kracht en zwakheid in het gezin.Mens en medemens.31Planologisch denkenwordt ontkomt men aan functionele, d.i. be-perkte gerichtheid, op een beperkt doel. Eenrationele verklaring van het gedrag van devierende is nauwelijks of niet te geven. Er isveel ,,zo maar", om onnaspeurbare, niet meet-bare redenen. Er is overvloed aan subjectivi-teit in ons bestaan. De werkelijkheid van dithandelen gaat niet helemaal op in de fysiekeverschijnselen, laat zich niet uitputtend in dezeverschijnselen verklaren. De uiterlijke dlngenhebben daarbij in hoge mate een symbool-waarde. Zo is dan vast te stellen dat in hetmenselijke bestaan een serie van situaties zichvoordoet, varierend van objectief-doelmatigtot subjectief-doelmatig, met alle tussenvormen.Naarraate het doel minder voliedig menselijkis (hoe minder er gevierd wordt), hoe objec-tiever het doel nagestreefd wordt en daarom,hoe wetenschappelijker grijpbaar het is. Daar-entegen hoe meer voliedig menselijk het doelis, hoc meer het zich aan een rationed weten-schappelijke benadering onttrekt, daar de vie-ring der subjectiviteit de wetmatigheid zo vermogelijk achter zich laat.Dit is dan ook de reden, dat waar menselijkeverschijnselen objectief wetenschappelijk wor-den bezien, zoals ook in de stedebouw hetgeval is, de te signaliseren wetmatigheden eenzeer genuanceerd karakter hebben. Een ex-treem voorbeeld levert de stromenkaart vanhet woon-werk-verkcer, welke geheel of bijnageheel uit doelmatig-rationele overwegingenvan de weggebruiker voortvloeit. Daarnaastis het patroon van de stromenkaart van dewandelaars zo-maar, gratuit, enkel beperktdoor de fysieke mogelijkheden die de lichame-lijkheid biedt en waaraan de mens natuur-lijkerwijs nooit ontkomt.De stedebouw geeft vorm aan de menselijkebehoeften. In deze vorm zal de menselijkebehoefte zo adequaat mogelijk tot uitdrukkingmoeten komen. Waar de behoefte grote subjec-tieve diepte heeft zal een minder rationeduitzegbare vormgeving vereist zijn dan waarde objectiviteit domineert. Zo zal, indien hetgezin wordt erkend als een plaats waar hetbestaan gevierd wordt of dient te worden, dewoninc niet kunnen worden gezien als de somvan een aantal rationele functies, uit wdke,als ze eenmaal gekend zijn, de vormgevingstrikt consequent voortvloeit.Beperkte mogelijkheid van de wetenschapDoor Kwant is er op gewezen, dat de moge-lijkheid tot verwetenschappdijking niet op alleterreinen even groot is. Onder verwetenschap-pdijking is dan bedoeld de formulering vanalgemene wetmatigheden, het adequaat terug-voeren van de werkelijkheid op oorzaken.Omdat deze verwetenschappdijking niet over-al even grote mogdijkheid heeft is ook onzemacht over de materie over welke de weten-schappen handelen, niet overal even groot.Naarmate de dingen waarmede de wetenschapte doen heeft een grotere bestaansvolheid heb-ben, onttrekken zij zich meer aan eenvoudigeoorzakdijkheid en daarmede aan eenvoudigehanteerbaarheid. De individualiteit treedt dansterker op de voorgrond.,,Bij het onderscheid tussen de verschillendeterreinen moet men wd nauwkeurig toezienwaarover het precies gaat. Wanneer de mensin het geding is, wordt hij niet altijd beoogdjuist als mens. Ons persoonlijk leven worteltin een duistere onpersoonlijke bodem en kanvan daaruit worden beinvloed. Naarmate ditmeer het geval is, nemen de mogelijkheden vanmacht weer toe. Maar dan treedt men de mensniet langer als een persoon tegemoet, maarbenadert men hem in de dingmatigheid waar-aan hij deel heeft. Het is voor elke practischeof tocgepaste wetenschap van het grootste be-lang, dat zij haar eigen mogelijkheden onder-zoekt en de eventuele beperktheid daarvanerkent". ^)Het is een hoogmoed van het rationele den-ken te menen dat de voile werkelijkheid opkenbare oorzaken uitputtend kan worden te-ruggevoerd.Dit te menen is een onjuist a priori. De men-selijke werkelijkheid heeft vele voorbeddenvan dwaasheden. Vele wetenschappelijke rede-neringen kan men wel begrijpen zonder over-tuigd te worden. Het heeft lets van de situatiedat men, uitgegaan om een concert te horen.van de dirigent alleen de thema's op de pianovoorgespedd krijgt, met de toevoeging: derest is bijzaak.Stedebouw-functie-zinWat betekent dit voor het stedebouwkundigwerk?Bij dit werk worden onderscheiden het on-derzoek en de vormgeving. De onderzoekerformuleert zijn wetten en baseert daarop zijnop objectieve gronden verkregen eisen, utilitai-re functies waaraan het plan moet voldoen.Hij kan dus alleen wetenschappelijk formulerenwat zich wetenschappelijk formuleren laat.Dat blijkt uit ervaring niet alles te zijn.De hartstochtelijke woorden waarmee dichtersen wijsgeren momented om een nieuwe stadvragen, zijn het antwoord op een stedebouwen een architectuur die s^terk functioned leer-den denken.Een goede stad vervult onze heimdijkste wen-sen. Elke stadsarchitect met planvrees houderekening met oproer, met een opgebroken, op-gehitst cor cordium. Wie dat niet wil bouwegeen stad van volmaaktheid, geen stad Gods.(Lucebert in Forum 12 1959/'60.)"Kunsteis en matematische juistheid verbergende ware wortel.... tussen menselijke betrek-kingen.""Maar in onze architectuur en stedebouw is demens niet concreet, maar abstract geworden,niet subject, maar object, een nummer, eenstatistisch getal."(Joop Hardy in Forum 3 '60/'61)"Het zijn niet de cijfers en argumenten dieover ons lot beslissen, maar een geheimzinnigeverborgen heerser, een hardnekkige anonymus,n.l. het menselijke instinct."(Prof. Ir. M. J. Granpre Molierein de Tijd-Maasbode -- 5.11.'60)1) Kwant R.C.: De ontmoeting van weten-schap en arbeid pag. 59-60.32het nieuwe verfplan voorc4)"o>c-D10cc?cc.0)goo>ii*%fe%?*Schilderwerk belangrijk voor huurverhoging.Sikkens heeft kunnen aantonen dat binnenschilder-werk niet langer verwaarloosd behoeft te worden.Financieel en technisch zijn er thans voldoendemogelijkheden. De uitvoering zai in de meestegevallen over verscheidene jaren gespreid moetenworden. Geen bezwaar, als men tenminste werktvolgens een van te voren opgesteld plan, volgenshet Sikkens A-Z plan, het nieuwe verfplan voorbinnen.Toestemming tot huurverhoging wordt gegeven als ook binnen-schilderwerk in prima staat verkeert. Door huurverhoging nu beteronderhoud mogelijk. Of huurverhoging na beter onderhoud! Hetnieuwe Sikkens Verfplan voor binnen, is een antwoord op de actuelevraag naar beter binnen-schiiderwerk. Uw schilder zai u nu gaarneeen offerte maken voor deze winter, het voordellge seizoen. Hijkan u alles over het nieuwe Verfplan vertellen. U kunt ook hetboekje over Sikkens A-Z plan aanvragen bij Sikkens - Sassenheim,(tel. 0 1711 -844) of bij de Sikkens Officiele Verkoper in de omgevingvan uw woonplaats.5IKKEN5 planfief nieuweverfplanvoor binnenSIKKENS LAKFABRIEKEN N.V. SASSENHEIMGEMEENTE HELMONOIn verband met uitbreiding van de afdeling stadsont-wikkeling van de dienst van Publieke Werken kunnenworden geplaatst:A. Stedebouwkundig ontwerperVereist wordt het diploma H.B.O. of V.B.O. terwijl er-varing in het ontwerpen van uitbreidingsplannen tot aan-beveling strekt.Salaris, afhankelijk van ervaring en bekwaamheid, naderovereen te komen.B. Stedebouwkundig tekenaarVereist wordt het diploma stedebouwkundig tekenaarP.B.N.A. of gevorderde studie daarvoor.De salariering en aanstelling zuUen geschieden in eender tekenaarsrangen, afhankelijk van ervaring en be-kwaamheid.De gemeente Helmond is aangesloten bij de I.Z.A.-rege-ling Noord-Brabant (Instituut ZiektekostenvoorzieningAmbtenaren) terwijl het verplaatsingsikostenbesluit vantoepassing is.Sollicitaties met uitvoerige inlichtinge omtrent opleidingen praktische ervaring binnen 14 dagen na verschijningvan dit blad te richten aan de Directeur van PubliekeWerken, Prins Hendriklaan 25 te Helmond.GEMEENTE BEVERWIJKBij de afdeling Stadsontwikkeling van de dienst Openba-re Werken kunnen worden geplaatstEEN STEDEBOUWKUNDIG TEKENAAREN EEN LEERLING-TEKENAARSalaris voor stedebouwkundig tekenaar, afhankelijk vanbekwaamheid en ervaring,als tekenaar B: /' 434,52 -- / 542,23;als tekenaar A: /' 498,94 -- /' 606,65 ofals techniisch ambtenaar: ./' 480,98 -- / 671,06inclusief de geldende verhogingen.Salaris lecrling-tekenaar nader overeen te komen.Van toepassing zijn: l.Z.A.-regeling N.H.; verplaatsings-kostenbesluit, premie-spaarregeling en studiekostenrege-ling.Sollicitaties met uitvoerige inlichtingen omtrent persona-lia, opleiding, verrichte werkzaamheden en referenties terichten aan de directeur van Openbare Werken, Bree-straat 37, Beverwijk.Een VACATURE?De iuiste man op de juiste plaatsdoor een advertentie in dit tijdschrift!GEMEENTE GELEENBurgemeester en wethouders van Geleen roepen sollici-tanten op voor de vakante betrekking vanSTEDEBOUWKUNDIG TEKENAARin de rang van tekenaar.Salarisgrenzen / 3.801,60 - / 5.012,88.Het bezit van of vergevorderde studie voor het diplomastedebouwkundig tekenaar P.B.N.A. is vereist.Bekendheid met de wettelijke bepalingen ten aanzien vanuitbreidingsplannen strekt tot aanbeveling.Sollicitaties in te zenden binnen 10 dagen aan de burge-meester. Op de enveloppe dient te worden vermeld ,,sol-licitatie tekenaar". Geen bezoek dan na oproep.Bij het bureau van de PROVINCIALE PLANOLOGISCHEDIENST VAN NOORDHOLLAND kan worden geplaatsteen tecKnische functionarisvoor het behandelen van gemeentelijke plannen, in derang van Technisch ambtenaar A of Bsalarissen liggende tussen / 6.374,04 en / 8.985,24, teverhogen met 4''/o vakantietoeslag en 2^2"In huurco-mpen-satie 1960.Gegadigden dienen over ervaring te beschikken en moe-ten administratief onderlegd zijn. Het diploma H.T.S. afd.Bouwkunde strekt tot aanbeveling.Schriftelijke sollicitaties te richten aan de Hoofdinge-nieur-Directeur van de Provinciate Waterstaat van Noord-hoUand, Nieuwe Gracht 47 te Haarlem, onder vermeldingvan no. 23.J.J.NEDERSTIGTZILKHIUEGOMTelefoon 02520-5929 en 5710Handel inGRASZODENvoor sportvelden en gozonsAanleg en onderhoud vanSPORTVELDEN enPLANTSOENENGratis adviexenPlanologisch denkenDoor Launspach wordt in zijn artikel Verken-ningen in de Stedebouw ') gewezen op hetdrievoudig aspect van de stedebouw.Haar producten hebben een utilitaire, een so-ciocukurele en een esthetische functie. De utili-taire functie is gericht op "liet nut van hetmenselijk leven op organisch niveau". In hunsocioculturele functie hebben de stedebouw-kundige producten een betekenis, welke doorde mens er aan gegevcn is. De esthetische func-tie is de schoonheidservaring. In het door deschrijver gegeven voorbeeld van de pyramideis de utilitaire functie: ruimte voor een dode:een uitsparing dus van + 2 x 1 x 0,50.Als socioculturele functie wijst de pyramideop "zaken met eeuwigheidswaarde". Dit doetzij, zou ik willen toevoegen, door de maat engestalte van het monument, die in de Egyp-tischc samenleving deze zin hadden gekregen,en in andere beschavingen deze zin helemaalniet hebben ^).Vorm als symhoolDeze vormentaal is anders dan de spreektaal,een nict-expliciterende taal, zij drukt zich nietuit in klare begrippen. JVIen zou willen zeg-gen: de bouwer van de pyramide is beangstigddat men degene die er begraven ligt voor nietsanders dan een voorgoed voorbije afgeschrevenpersoon zal houden. Hij weet dat de dodekoning op de een of andere manier grootsvoortbestaat en stelt daarvoor een teken in depyramide. Dit tcken, zoals elk symbool,"spreekt" tot ons, maar tegelijk -- doordat hetniet in begrippen spreekt -- verhult het eenonuitzegbare waarhcid. In dit verhullenspreekt het echter nog, want wij ervaren dater lets vcrhuld wordt, dat er nog meer waar-hcid is achter de bekcnd gemaakte.Deze kenmerken zijn aanwezig in elk symbool.Van Duinkcrken ?') heeft crop gewezen, dathet des dichters is de woorden hun voile sym-bolischc zin te hergeven. AUe beperkte func-ties worden, in het dichterlijk gebruikte woordimpliciet opgenomen, doordat dit woord naarde existentiele volheid wil verwijzen. Hetzelf-de geldt voor de schilder- en beeldhouw-kunst ^).Hetzelfde geldt ook voor de stedebouw enhaar elementen, zoals woonwijk, binnenstad,industriecomplexen, winkelgalerijen. In devormgeving dienen de functie of de functies teworden opgenomen tot een meer volmaakteweergave van onze wijze van bestaan in dezemilieu's. In deze symboolvorming bij de ste-debouw lezen wij meer dan zich verwoordenlaat.Ontwerp en ondcrzoekHier tekent zich de verhouding onderzoeker-ontwerper duidelijker af.De wetenschappelijke onderzoeker kan uit devoile menselijke ervaring alleen de algemenegeverifieerde wetmatigheden aanwijzen. Maarhij kan dat, wat hij weet, in klare formulesen exacte cijfers weergeven. De ontwerperneemt deze waarheidsmomenten in zijn ont-werp op, doch gemodificeerd zodanig, dat zijnontwerp een meer complete weergave van hetmenselijk ervaren aanwijst. Zijn argumentatieis evenwel tegenover de onderzoeker de zwak-ke zijde: hij heeft geen woorden voor wat hijdoet, omdat er geen woorden voor zijn, tenzijhet analoge woord dat niet exact is.De vorm- of gestaltegeving is dus niet zo alseenmaal aan de utilitaire eisen is voldaan, ereen volmaakte vrijheid van vormgeving over-blijft. De vormgeving is geheel gebonden aande zingeving van het bestaan in de concretesituatie. Men verzet zich tegen stations die eruit zien als kathedralen, tegen woningen dieer uit zien als kazernes, tegen PNEM-gebou-wen die feodale kastelen gelijken. In dezevoorbeelden verwijst de gestalte van het bouw-wcrk naar een bestaanservaring die staat bui-ten de bestaanservaring van degene voor wiehet bouwwerk is geschapen. De vrijheid vanvormgeving is dus beperkt: n.l. tot binnen dewerkelijkheid van het bestaan in de concretesituatie, waarvoor het bouwwerk is bestemd.Verwijst het symbool naar lets daarbuiten, danwordt dit als misplaatst (in de letterlijke enfiguurlijke zin) ervaren.Een verschraald bestaan -- dat is dus overalwaar ik slechts in functie aanwezig ben, zoalsb.v. op kantoor, in een station of op een in-dustriecomplex -- zal dus om een andere min-der rijke vormuitdrukking vragen, dan een"gevierd" bestaan. Dit laat zich niet bewijzen,maar alleen ervaren.Onze afwijzing, ons niet-overtuigd zijn, is hierhet enige bewijs dat het zo is.Het hier betoogde houdt tevens in dat devormgeving een overvorming betekent, een"meer aan vormgeving dan zuiver utilitairgezien nodig is en soms ook enigermate instrijd daarmede", zoals Launspach opmerkt ^)Het "meer dan de functies" dat de vorm wiluitdrukken kan leiden tot een inperking vandeze geformuleerde functies, omdat hogerewaarden, die in dit meer begrepen zijn, metmeer recht om erkenning vragen. Tevens wordtdan duidelijk dat esthetiek in zijn voile zinsamenvalt met socioculturele vormgeving, methet scheppen van betekenisvolle vormen.Stedebouw en esthetiekAls Launspach dus naast de socioculturelefuncties van de stedebouw nog een aparte es-thetische functie onderscheidt, die te omschrij-ven is als het sensitieve genoegen in het vor-menspel (zo bij een gedicht het ondergaanvan de klankwaarde buiten alle betekenissenom of bij de stedebouw de verhouding vanruimten en massa's) dan betreft het hier m.i.') Drs. J. A. Launspach in dit Tijdschrift nrs.5 en 6 -- 1960.-) Daaroni vragen we ons wel eens af: Watheeft de architect bedoeld? Wij verstaansoms elkaar niet meer.'') In Ascese der schoonheid.*) Het marxisme ontkent het onuitzegbare:Er is maar een werkelijkheid en wel dewerkelijkheid der materie. De hele natuurvan mens zowel als van wereld is terugte voeren op materie.De kunst is bovcndien dan alleen juist alszij de enige zin van het bestaan aanwijst,te weten de arbeid.Het heeft zin de marxistische stedebouwen architectuur op deze dogma's te toetsen.?") o.c. pag. 92.Bouwkundige begrippen als rest-ruimte (d.i.niet functioned achterhaalbare ruimte) wij-zen op dit meer dan utilitair zijn.33Planologisch denkenalleen een aspect van de voile symboolwaarde.Deze esthetische beleving is evenals hat zuiverutilitair beleven, een onvolledige beleving. De-ze esthetische functie (in de zin van Launs-pach) staat dus niet los van de betekenis diein de gestalte van het gebouw of gebouwen-complex tot uitdrukking gebracht is. Daarme-de valt ook de conclusie weg, die -- toege-spitst op het vraagstuk van de hoge bouw --door Launspach wordt getrokken: hij nierktop: "datgene wat tot uitdrukking komt kan defunctie zijn maar nodig is dit niet. De expres-sieve iverking van een woongebouw of eenreeks van woongebouwen als element in descedebouwkundige samenhang kan dus een ge-heel andere zijn dan het aanschouwelijk wor-den van de woonfunctie".Wij formuleren: de vorm brengt niets anderstot uitdrukking dan de bestaansvolheid vanhet wonen waarin mede begrepen zijn deanalyseerbare functies. Als een woonsituatie,waarin de analyseerbare functies vervuld zijn,toch de bewoners niet overtuigt en bevredigt,dan is er een manko. Om niet misverstaan teworden moet er direct bijgevoegd worden datonder woonsituatie hier meer wordt verstaandan datgene wat binnen de woning zich af-speelt. De Jonge haalt Kwant aan die hetwonen vergelijkt met een krachtveld, waarvande woning het middelpunt is en waarvan dewerking zwakker wordt naarmate wij de pe-riferie naderen. i)Onder het wonen is dus ook het samen-worvtate begrijpen. Het stellen van de vormgevingboven en los van de mens gaat terug op hethoogmoedig kunstenaarsschap van I'art pourPart.De stelling dat het wonen niet rijk genoeg isom daaraan symboolwaarde te ontlenen, mis-kent de waarde van gezin en samenleving,miskent de waardehierarchie in het menselijkbestaan.Opmerkelijk is nog te zien dat de architectenvan het moderne bouwen het hoge gebouw nogzagen als symbool van de collectiviteit. Hetsymbool verwees dus nog naar het samen-wonen.Deze symboolwaarde blijkt volgens enquetesniet aan te slaan. Nu wordt de waarde vanhet hoge gebouw gezien als een esthetisch vor-menspel, dat op zich zelf waarde heeft, bui-ten de woonwaarde om, en dat verplicht deminder gewaardeerde etagewoning voor lief tenemen.Het niet-aanslaan wordt nu teruggevoerd toteen gebrek aan esthetisch vermogen bij de be-woners. De hardnekkigheid waarmede door debewoners het eengezinshuis geprefereerd wordtmoet het opnemen tegen een hardnekkigheidvan rationalisaties, die wezenlijk van gebrekaan liefde of als men dit liever hoort van ge-brek aan democratisch gevoelen getuigt.Misschien heeft de stedebouw in dit opzichtlets te leren van de caritas, die wel is om-schreven als een gaan naar de ander, hem aan-vaarden zoals hij is en hem op zijn weg (dusniet de weg van de estheet of stedebouwkun-dige apostel) zetten.WaardehierarchieIn het bovenstaande is er van uitgegaan dater een waardehierarchie in het menselijk be-staan is of althans tendeert te zijn. Er is ge-sproken over een verschraald en over een ge-vierd bestaan, over meer en minder volledigemenselijke doeleinden. Het komt ons voor datonbewust in de stedebouw deze waardehierar-chie wordt erkend.Geen der elementen van de stedebouw is nade povere negentiende eeuw zo sterk geevo-lueerd en tot hogere glans gekomen als dewoning en de woonwijk.In geen enkele situatie wenst de authentiekemens zijn bestaan als mens geheel op te gevenen zich tevreden te stellen met een zuiverfunctioned zijn. Overal wenst men de ruimtcop te sieren, zijn hele subjectieve zinwereldbinnen te halen. Zelfs op de meest apparatuur-lijke verkeerspleinen staan tegenwoordigbloembakken. Maar de ene situatie laat meerruimte om ten voile te bestaan dan de andere.Dat gaat namelijk bijna steeds ten koste vaneen goed functioneren en vele der stedelijkeinstituten (met name die waarin arbeid gele-verd wordt) vragen van de mens een functio-neel handelen.Het heeft er evenwel de schijn van alsof demenselijke ontwikkeling gaat in de richtingvan een meer-ruimte-laten voor de persoon.Wij weten dat effectieve kaarsrechte wegenniet effectief zijn: ze geven verstrooiingen inhet bewustzijn, zijn slaapwekkend. Een ple-zierig bureau werkt beter dan een lege verve-lende ruimte. Van de andere kant schijnt tochondanks de toenemende vermenselijking hetzioh-niet-thuisvoelen te groeien. De algemeengeconstateerde eenzaamheidsgevoelens en degrote belangstelling voor de wijsbegeerte vande ontmoeting wijzen in deze richting. Ookde door Plattel gegeven uitdrukking van hetgezin als de vluchtheuvel in het menselijk be-staan. Men heeft de neiging de voorbije sa-menleving te zien als lets waarin het bestaanminder in functies was opgesplitst: de post-bode was nog niet "The invisible man" vanChesterton; men kende hem nog bij naam entoenaam. Andererzijds heeft men de indruk datdit overal ongedifferentieerd bestaan niet deintensiteit had die het nu heeft op die plaat-sen waar het echt gevierd wordt.Daartegenover staat dat er in ons dagelijks le-ven honderden langs ons gaan die slechtsvoorbijgangers zijn of niet bestaan voor ons.Als element van de rijkste zingeving is al ge-noemd de samenleving, de samenwoning, metals kernpunt de gezinswoning. Dit kernpunt-zijn met een eigen specifieke waardigheid zoudan blijkens de waardering der bewoners min-der goad tot zijn recht komen in de gestapeldewoning dan in het eengezinshuis.Een boven- en onderschikking, zoals ook dehoge bouw die kent, schijnt steeds in te hou-den de zin van telbaarheid, van algebraischeveelheid, waarin mens en gezin niet als een-heid, object, wenst te fungeren.De nevenscihikking is als zodanig evenmin ge-heel voldoende. Het fundamenteel sociale ka-rakter van het bestaan, ook buiten het gezin,vindt daarin op zich onvoldoende zijn uit-drukking. De schikking van huizen zou zokunnen zijn dat zich daarin een eenheid open-1) Moderne woonidealen en woonwensen inNederland -- Dr. D. de Jonge, pag. 17.34Gulden regelvoor hetmodernebouixrenIn de Nederlandse volkswoningbouwwordt toenemende aandacht besteedaan een moderne, doelmatige vioerafwerking.Dat wil zeggen: aan permanent linoleum.Permanente vioerafwerking vereist slechtseen matige verhoging van de huurprijs.De praktijk leert, dat iedere huurderdeze toeslag graag over heeftvoor de vele onmiskenbare voordelen :* permanent linoleum betekent voorde huurder een aanzienlijke verlichtingvan zijn installatie-budget;* garandeert ook de minder draagkrachtigeneen voiwaardige vioerbedekking;^ bevordert de geluid-isolatie tussende woonlagen;^ is blijvend bacteriendodend, dus hygienisch;"X* heeft een lange levensduur, de kleuren gaandoor-en-door, dus kunnen niet wegslijten;* verhoogt de woonbeschaving.linoleum kroiTimenieOnze afdelingtechnische adviezenverstrekt gaarnevolledige inlichtingen(telefoon 02980-81941).Voor keuken, douchecei en halook colovinyl plastic asbesttegels,soepel en slijtvast, in hoge mate bestand tegen olien,vetten, zuren en vele andere chemicalien.Vraag ook naar colorite cumaronhars tegels,eveneens in vele fraaie tinten.VACATUI^iS IS^^^^^^^^^^(vervolg)r "^De Directie Tuinbouw van het Ministerie van Landbouwen Visserij, le v.d. Boschstraat 4, Den Haag vraagt voorhaar afdeling Tuinbouw-Economische en Vestigingsaan-gelegenheden een:PLANOLOOGDeze functionaris zal zich bezig dienen te houden metde vraagstukken rond de tuinbouwvestiging. Academischeopleiding vereist, drs. Economie of LandbouwkundigIngenieur met economische scholing of ervaring. Kennisen ervaring met planologie en tuinbouw strekken totaanbeveling.Leeftijd 30-45 Jaar. Salariering in het rangenstelsel vanwetenschappelijk ambtenaar/ingenieur. Eigenhandig ge-schreven sollicitaties onder no. 5511/7769 (in linkerboven-hoek env. en brief) aan het bureau Personeelsvoorzieningvan de Rijksoverheid, Prins Mauritslaan 1, Den Haag.JBij de afdeling Stedebouw van de Centrale Directie vande Volkshuisvesting en de Bouwnijverheid is plaatsvoor eenstedebouwkundig medewerkervoor studies i.z. de inrichting van woonwijken (o.a. betr.verkavelingsvormen, grondgebruik, grondkosten en be-nodigde voorzieningen) alsmede i.z. de stedebouwkundigeaspecten van het saneringsvraagstuk.Vereist: dipl. bouwk. of civiel-technisch ingenieur metaantekening stedebouw of dipl. H.T.S. met ruime erva-ring op stedebouwkundig gebied. Salarisgrenzen afhan-kelijk van leeftijd, opleiding en ervaring f 637,-- totf 955,-- p. m. Bevorderingsmogelijlcheid aanwezig.Eigenhandig geschreven soUieitaties onder nr. 04986/7852(in linkerbovenhoek brief en env.) aan het Bureau Per-soneelsvoorziening V. d. Rijksoverheid, Prins Pvlaurits-laan 1, den Haag.Bij deNederlandse Centrale voor Huisvesting van Bejaardenkan geplaatst worden eenTECHNISCH MEDEWERKERdie zal worden belast met de begroting van de inrichtingvan bejaardentehuizen en het inkopen van meubilair enandere inventaris.Commerciele aanleg en modem esthetische ontwikkelingis gewenst.Leeftijd ca. 25--30 jaar.Salaris, afhankelijk van ervaring en capaciteiten, naderovereen te komen.Goede sociale voorzieningen.Indiensttreding zo spoedig mogelijk.Uitvoerige soUieitaties te zenden aan:Nederlandse Centrale voor Huisvesting van BejaardenKloveniersburgwal 25a, Amsterdam-centrum.DIENST VAN STADSONTWIKKEONGEN WEDEROPBOUWBij de afdeling Structuuronderzoek en Pro-gramstudle worden gevraagd:een socioloogeneen econoom(bij voorkeur bedrijfseconomische richting).Vereist: Bezit van de graad van drs., alsmedebelangstelling voor problemen betreffende deruimtelijke ordening.Benoeming geschiedt in de rang van assistent-planonderzoeker. (Salarisgrenzen: f6367,- -f 7917,-, excl. de huurcompensatie ad 2-1% meteen minimum van f 17,40 per maand en devakantietoeslag ad 4%).Aanstelling boven het minimum is mogelijk.Aan gehuwden worden in het algemeen de reis-of pensionkosten en verhuiskosten vergoed.SoUieitaties te richten tot de chef van hetbureau Personeelvoorziening, kamer 331, stad-huis, Rotterdam, binnen 14 dagen onder no. 118.V-gemeente . .enschedeEij het sociografisch en statistisch bureau van de se-cretarie kan worden geplaatst eeneconomisch doctorandusTaken Zijn voornaamste taken zullen zijnstedebouwkundig onderzoek, speciaal t.a.v.de economische aspecten,locaal en regionaal welvaartsonderzoek enbahoefberamingen,analyses en adviezen van uiteenlopende aard,verzorgen van een deel van de externecontacten.Bureau Het bureau heeft een veelzijdige gemeente-lijke en een regionaal medewerkende taak;het bestaat uit een onderzoekteam (soc.geograaf, econoom, socioloog, middelbaaronderzoekers) en een afdeling voor statistieken documentatie.Verlangd wordt bij voorkeur studierichting algemeneof sociale economie en ervaring in een ofmeer van de genoemde taken.Rangindeling naar gelang van bekwaamheid; salaris tus-en salaris sen f 655,-- en f 975,-- per maand. Voorgoede krachten zijn er vooruitzichten.Aanmelding uitsluitend schriftelijk met vermelding let-ter W bij de afdeling personeelszaken vande secretarie. Een sollicitatieformulier zaldaarna worden toegezonden.Planologisch denkenbaart. Een goede straatwand staat het niet toedaaruit een element weg te halen zonder dathct totaal beeld en elk der elementen aan har-monic verliest.Daardoor zou in vorrataal worden gezegd dathet bestaan van de een slechts door de andertot volheid komt.Deze zelfde idee herhaalt zich in de buurtop-bouw, de wijk, in stadsdeel en stad.Met de vergroting van het teken der socialiteit,neemt de vatbaarheid, grijpbaarheid, de moge-lijkheid om het symbool te lezen af. Het gaatde raenselijke maat en zintuigelijkheid te bo-ven. Tezelfdertijd groeit het apparaatkarakter,wordt het meer functionele element in devormgeving ovcrheersend, waardoor de orga-nisatie van dc stad meer naar voren komt.Wanneer het teken zo groot wordt, dat deleesbaarheid verraindert, ontstaat iets vaneen behoefe tot verdichting l) tot het stellenvan een kleiner, beter leesbaar teken van deeenheid in het samenzijn. De behoefte aanpleinen om andere dan utilitaire redenen,schijnt hiervoor het bewijs.Geen wetenschappelijk onderzoek kan dezebehoefte funderen. Toch schijnen zij essenticelbij de stedebouw te horen.Het komt ons voor dat uit deze overwegingook een beeld kan worden ontworpen, vanwat de city en de subcity voor de stad willenbetekenen.2in van de cityIn studentenkringen wordt op feesten hetfraaie, ?nigszins melancholieke lied gezongen,waarvan de tekst luidt: Ja, nog eenmaal willenwij fuiven met ons oud verroeste hart. Zo ietsis, menen wij, ook de idee of de ziel van dehuidige city. Zeker zijn er in de binnenstadvan de city functionele elementen aan te wij-zen. Wij behoeven dit niet te ontkennen omhaar toch een boven de functies uitgaand ka-rakter toe te kennen. Er zit waarheid in deomschrijving dat de city de ruimte is die vooreen zo groot mogelijk aantal zo nabij mogclijkgelegen is. Wei schijnt het dat ook hier hetfunctionele karakter in de analyse sterk ovcr-gewaardeerd wordt. Zo is het winkelen in decity meer dan zich voorzien van materielegoederen. In Zweden heet het: kopen is eenbelevenis, waarmede iets gezegd wil zijn als:het is veel meer dan economisch te werk gaan.In het onderzoek is aan deze werkelijkheidenig recht gedaan door de term Window-shopping. En wat betekent de city als plaatsvan wishful thinking?Duidt de ontwikkeling die wij in de praktijkten aanzien van de sanering der binnenstedenwaarnemen er niet op, dat dit de plaats iswaar wij het puik van onze eigentijdse, socia-le verworvenheden nog "eenmaal" groots sa-menvatten.Tot deze sociale verworvenheden (dat zijn dusde dingen die wij samen bereikt hebben of aanhet licht hebben gebracht) behoort op de al-lereerste plaats ons perspectief van te ontsnap-pen aan de lichamelijke en materiele nood,waaronder vorlge generaties nog hebben moe-ten lijden en als complement daarvan onzeontdekking van de ander als medemens, alsvrije persoon. Daartoe behoren voorts dekunst, de wetenschap en onze bestuurlijke ensociale instituten. Daarom vraagt elke city omhet exquise shopping center met rijke aankle-ding, een plein, een voetgangersruimte (hetsymbool van de medemens is de wandelaar, iseen monsieur Jacques), theaters en bioscopen,restaurants en hotels, musea, standbeelden,stadhuis en openbare gebouwen, bibliothekenen leeszaal en al die dingen die naar een rijkcrbestaan wijzen.De city moet "gezellig" zijn, welk woord nogsteeds "ergens" raakt aan zijn oorsprong van"gezel" of medemens. Het louter functionele(zoals verkeer en fabriek) moet uitgebannenworden, ondergebracht in dat deel van de bin-nenstad dat buiten de city ligt. Wonen in decity zou zich met deze zingeving verdragen.Het geeft een dimensie temeer als in haar ookde vroegere tijd in zijn rijke uitlngsvormen kanworden opgenomen: monumenten zijn er dusop hun plaats.Kan men de oude stadskernen zien als eenuiting van een samenleving waarin men, ineen verschrompeld bestaan en klein onder denog bijna niet beheerste krachten van de na-tuur, geborgenheid zoekt rond het huis vanGod, dat naar boven verwijst, m de nieuwesamenleving verschijnt een nieuwe mens, diezijn eigen vrijheid heeft ontdekt door de na-tuur aan zich dienstbaar te maken. De hogekerktoren valt weg in de hoge, voor de mensgeschapen ruimte en wordt tot kleine bidka-pel. De ware ontmoeting van de ander vraagtimmers een kleine schaal.Het is steeds zo geweest dat de raenselijke ge-schiiedenis eerder gestalte gekregen heeft dande zin van het nieuwe in woorden werd uitge-drukt. In dit opzicht loopt het denken inwoorden steeds achter op het denken, dat in hethandelen impliciet begrepen is. Van Picassois het woord; Ik zoek niet om te vinden, maarik vind terwijl ik aan het zoeken ben. Eenovereenkomst tussen de wordende wereld ende daaraan te geven zin maakt het waarheids-karakter van deze zin plausibeler.Nogmaals ontwerp en onderzoekTerugkomend op de verhouding ontwerper-onderzoeker kan men zich de vraag stellen ofdus de onderzoeker tegenover de ontwerperalleen de functie van opperman heeft, die destenen aandraagt, terwijl de architect er eigen-lijk pas iets van maakt.Wij menen van niet. Het is evenwel nodig datde onderzoeker, de onvolledigheid van alleenzijn wetenschappelijk onderzoek inziende, oogkrijgt voor de waarheidsmomenten, die de we-tenschap ontgaan. Daarmede is een substraatvan dieper wijsgerig denken bij de onderzoe-ker nodig dan aanwezig is in de stelling datde werkelijkheid samenvalt met het functio-nele. In de samenwerking die tussen vormge-ver en onderzoeker nodig is zal de onderzoe-ker moeten helpen om de zin van het bestaan,dat in onze tijd om actualisering dringt, teverhelderen; om de waarderingen van mens ensamenleving en in samenhang daarmede vande gehele geobjectiveerde cultuur, die op het') Verdichten hangt blijkbaar samen metdichten, het samenvatten, bijeenbrengenvan het verstrooide.35Planologisch denkenStreekplan in kadervan regionale planningpunt staan geboren te worden en waarvan deopenbaring reeds begonnen is, aan te wijzen.Deze zin en waardering dient gestalte te krij-gen in de stad. Wanneer de onderzoeker zijnwetenschap en zijn poging tot zinvinding in-brengt in het gesprek met de ontwerper, gaateen situatie ontstaan waarin men beide overhetzelfde spreekt, zij het ook ieder op eigenwijze: de ontwerper in de gestalte van bouw-werken, de onderzoeker in de gestalte vanwoorden. Het onderzoek dat zijn taak alleenziet in het leveren van cijfers is geen gc-sprekspartner.Een zuivering van het planologisch denken zaldienen aan te vangen met een grotere aan-dacht voor de werkelijkheid.Een wellicht onbewust ingenomen apostoli-sche bonding, die eigen toekomsoidealen ont-werpt, zal plaats moeten maken voor een meerluisterende houding en een accepteren van dewerkelijkheid zoals zij is en uitgroeit.Er is hier een aansluiting aan de groeiendebelangstelling in onderzoekerskringen voorvraaggesprekken met de bevolking. Een gro-tere openheid voor de werkelijke menselijkesituatie -- en daar heeft de stedebouw tochmede te maken -- zal ook voorkomen dat devoile ervaring wordt gereduceerd tot enkelfunctles. Om een gouden broche te onderzoe-ken slaat men haar niet eerst plat om daarnate zeggen dat ze 'n gram goud bevat.Een essentieel element is voorts de onderschei-ding tussen persoonlijke en sociale relaties.Daarbij worden ondar persoonlijke relatiesverstaan mens-mens relaties, waarbij de eenvoor de ander is (etre pour I'autre). De zinvan deze relaties ligt in de ander juist alssubjectieve persoon.Het nut van deze relaties (als men hier althansnog van nut spreken kan) ligt in de waardezelf. Daarnaast staan de relaties tussen mensen,waarbij een bepaald doe! intermediair is.Hier verhouden de mensen zich tot elkaar alsbijdragend tot het doel, in functie van hetdoel. De waarde van deze relaties zit in hetnut. Hoewel in alle feitelijke verhoudingenbcide aspecten aanwezlg zijn, is het toch zo,dat in bepaalde situaties (b.v. het gezin) depersoonlijke relatie overheerst en in anderc(b.v. de verkeersdeelnemers) de sociale relatie.Eerder is al gewezen op perspectieven die eenerkenning van deze hierarchie voor de stede-bouw kan inhouden.Een voorbeeld levert b.v. het zo vaak gehan-teerde begrip van schaalvergroting. Zonder tewillen ontkennen dat er lets in die richtinggaande is (het komt ons voor dat dit zichvooral afspeelt naarmate het in sterke matesociale relaties betreft) mag er op gewezenworden dat er ook een tendens tot schaal-verkleining plaats vindt, zoals verkleining vangezinnen en huishoudens, verkleining van deleerlingenschaal, verkleining van de kerkelijkegemeenten en parochies. (In het algemeen depersoonlijke relaties).Het Streekplan in het kader van de regionale planning Drs. E. A. HuismanEen streekplan is een gekozen functioneleruimtelijke geleding van een streek voor eenbepaalde fase in de toekomstige ontwikkeling.InleidingTen aanzien van de planologie groeit de ge-dachte, dat visie, na te streven modellen enrichtlijnen aan de eigenlijke planning moetenvoorafgaan. Met andere woorden dat aan deruiintelijke planning beleidsbeslissingen tengrondslag moeten liggen ^).De opvatting uit de tijd waarin het liberalismehoogtij vierde -- n.l. dat het principe derindividuele vrijheid tot het hoogste welzijnvoert -- wordt steeds meer verlaten. Men er-kent, dat ttit hoofde van de vrijwel algemeenaanvaarde norm der sociale gerechtigheid, deoverheid niet alleen een corrigerende taak,doch ook een stimulerende taakstelling heeft.Andererzijds is het doorvoeren door de over-heid van het principe der sociale zekerheid methet aan banden leggen van de vrijheid -- zoalsb.v. in de communistische landen -- zowel uitChristelijke als humanistische overwegingen on-aanvaardbaar. Zo tekent zidh in de west-europese politick als taakstelling af: het ver-krijgen van een synthese van vrijheid ensociale zekerheid op basis van het maatschap-pelijk evenwicht"). In het kader van ditstreven naar en het telkens herstellen van hetmaatschappelijk evenwicht treedt de ordenendetaak van de overheid naar voren, zowel eco-nomisch, sociaal, cultured als ruimtelijk.Het betreft hier een ingrijpen van de overheid,nauwkeurlger aan te dulden als een actievestimulerings- of afremmingspolitiek, ter be-nadering van een evenwicht waarbij extremenin de samenleving worden weggewerkt ofworden voorkomen. Indien daarbij zoveel mo-gelijk het recht van de vrijheid wordt gehand-haafd, zal deze ordenende taak van de over-held zich moeten beperken tot structuurver-beterende maatregelen en daarbij in hoge matemoeten geschieden als een gedecentraliseerds1) Prof. Ir. A. Kraayenhagen: De Stedebouwin de huidige maatschappelijke ontwikke-ling, 1959.G. Ziegler: Regionale Planungsgemeinschaf-ten, eine Notwendigkeit, Informationen,26 Mrt. 1959.^) Zie o.a. E. Dittrich: Das Leitbild in derRaumordnung, Informationen, 8 febr. 1958.36wie rekent, gebruiktKALKZANDSTEENl^HIHIIHIIHIII N.V. C.V.K.H|^BIH|||||^^ UTRECHTSEWEG 38diverse soorten, kleuren en formaten ill '^^ ^^1^1 HILVERSUMTEL 02950-16600KA-4-3 lllilMonderhoudBeroemdzijndeZaansehoutenhuizendoordevormschoon-heid die de oude bouwmeesters schiepen en die bewaardbleefdoor de conservering over eeuwen met ,,zaanse verf":duurzame grond- en glansverven. Deze duurzaamheidblijft steeds de grondslag voor de Drie Molens verfpro-dukten. Maar Jan Visser doet meer dan verfmalen alleen: demoderne research leverde ook het periodeschema, dat hetschilderwerk nog langere houdbaarheid geeft.Voor uitgebreide informaties:N.V. VERFFABRIEKEN JAN VISSER ZAANDAMTEL. 02980-637 42 (4 LIJNEN)de verfspecialisten siiids iSSgN.V. VERFFABRIEKEN JAN VISSER ZAANDAMAANNEMERS:Sloop- en grondwerken.Speciaal het uitvoeren vanwerken met springstoffen.VERHUUR:Luchtcompressoren,pneumatische werktuigen,draglines, shovels, enz.L KORTINGAMSTERDAM-N.BUIKSLOTERDIJK 614, TEL. (020) 61766BOUWBEDRIJFBAKKERHoofdweg 1246 - Tel. 02546 - 405NIEUW-VENNEPMomcnleel weik-.-nIII iiitvociing vooi degeme?:ntonAMSTERDAMenAMSTELVEENJWerkzaam voor woningbouwverenigingenen overheidsdiensten en -bedrijvenDE NIEUWE < PLUG |T]MET ZIJN TALLOZE MOGELIJKHEDEN\^y/////////p \y///////.W100% klemming, zelfs bijgespreide Plug-einden sterksteklemming in hard materiaal///////, ^!Doorsteek-bevestigingBevestiging in zacht materiaapleisterwerk etc.estiging in heraklithTECHNISCH HANDELSBUREAUIng. J. V. d. EYNDENGELEENSTRAAT 6, AMSTERDAM-Z.TEL. O 20 - 795369MetselbedrijfG. J. VAN DEN ANKERAristotclesstraat 19 -- Telefoon 13 06 39AMSTERDAM (Slotermeer)? STRAATWERK? RIOLERINGTEGEL-,METSEL- enBETONWERKSreekplan in kadervan regionale planningordcning, waarbij dus voldoendc aandacht aande individualiteit dcr te ordenen objectcnwordt bcsteed. Ecrst op dcze wljze kan meneen gecentraliceerde dictatorialc ordening enplanning, waarbij individuele verantwoorde-lijiiheid wordt ondermijnd en tcvcns een tegrote nivcllering ontstaat, voorkomen.Kan men in de economische sector spreken vanhct benadcrcn van een sociale markteconomie,in de ruimtelijke sector zou men kunnen stellende cis van een sociaal vcrantwoorde ruimtelijkefunctionelc geleding, waarbij van de zijde vande regeringen grove maar wcl duidelijke richt-lijnen worden gesteld conform de eisen vanhct maatschappelijk evenwicht.Het zoeken door dc regcring naar een stand-punt t.a.v. de decentralisatie van de Industrieop nationaal niveau en het stimuleren van dez.g. problccmgeblcdcn dient men in dit lichtte zien ^).Niet alleen op nationaal niveau, doch ook inprovlnciaal en regionaal verband komt de be-hoefte aan een duidelijke functionelc ruimte-lijke geleding naar voren. Naarmate de stede-lijke agglomeraties groeien en het omliggendeplatteland meer verstedelijkt (pendel!), be-nevens de decentralisatie van de Industrie zichvoordoet, wordt het vooral in ens ongelijkmaar dicht bevolkte land duidelijk, dat er overde administratieve grenzen heen economischgeografische eenheden ontstaan met een bizon-dere onderlinge afhankelijkheid, een intensiefonderling verkeer en vooral met gezamenlijkeaspiraties en plaatsbepaling. Dit brengt metzich mee een groei van het inzicht tot acti-vering van de regionale planning, zowel eco-nomisch, sociaal als ruimtelijk.Werd de regionale planning ?-- tot voor kortveelal gezien als regionale ruimtelijke planning--? als zodanig nauwelijks geaccepteerd, tegen-woordig wordt -- naarmate, in het kader vanhet streven naar maatschappelijk evenwicht,de economische en sociale sectoren van hctmaatschappelijk leven ook in regionaal of ge-westelijk verband hun problematiek tonen ?--de behoefte aan intograle regionale planningsteeds dringender.Dit is ook voor de regionaal ruimtelijke plan-ning van groot belang, aangezien daardoordeze planning meer inhoud krijgt, overzichte-lijker wordt en beter als onderdeel van eenruimere planmatige arbeid kan worden onder-kend.Gezien deze situatie nu, is hct noodzakelijkzich op de regionale ruimtelijke planning naderte bezinnen.In verband met de omstandigheid, dat tot nutoe velen zich nog onvoldoende bewust zijnvan het feit, dat het streekplan een onderdeelis van de totale regionale planning, verkeerthet streekplanwerk nog steeds in een begin-fase. Er bestaat nog geen algehele overeenstem-ming omtrent het doel en de inhoud van hetstreekplan ^) en bijgevolg evenmin omtrent hetvoorbereidend werk, met name het streekplan-onderzoek. Slechts weinigen -- zo zij er zijn-- overzien, wat het voorbereiden van eenstreekplan precies inhoudt en wat daarmcd
Reacties