In dit nummer:Het Structuurplannovember 1962Uitgave van hetNederlands Instituut voorVolkshuisvesting en Stedebouwstedebouw & volkshuisvestingPENBARE VfEPKEN f^3CHSIER IKOENE TEGELS:K0iOV&frucfuur von c/ts nttsut^a s>/c}cd&er op Zoom.271StructuurplannenBergen op Zoomof kregen een agrarische bestem-ming zonder bebouwing (woongebiednoordzijde en gedeelte industrieter-rein), andere werden pro memorie opde kaart aangegeven (primaire ver-keerswegen).C. Bergen op Zoom is, hoewel nietbizonder groot van omvang, (onge-veer 35.000 zielen) reeds thans eenstreekcentrum, zowel op het gebiedvan de werkgelegenheid als van deverzorging.Zijn invloedssfeer bestrijkt een flinkstuk van West-Brabant en dringt ooktamelljk ver in Zeeland door, zelfs totin Zeeuws-Vlaanderen.In de provinciale ontwikkelingsplan-nen wordt deze functie niet slechtsversterkt, maar daarin is Bergen opZoom bovendien gekwalificeerd alshet belangrijkste wooncentrum voorhet grote industrieproject aan de Wes-terschelde (Kreekrakhaven). '')Als zodanig maakt het deel uit vaneen bandvormig langs de Schelde zichontwikkelend woongebied, dat in detoekomst via Woensdrecht, Ossen-dreoht en Putte en enkele Belgischegemeenten (Stabroek, Kapelle) tot aanAntwerpen zal reiken.Van deze bandvormige ontwikkeling,nu, -- parallel aan de industrieontwik-keling aan de Sohelde --, vormt Ber-gen op Zoom de noordelijke kop.Uit het in de provinciale studie neer-gelegde streekonderzoek kwam naarvoren dat Bergen op Zoom in de eer-ste fase een enigszins versterkte groeivanuit de streek zal moeten opnemen.In cijfers: de plaats zou in 1980 65 000a 70 000 inwoners moeten huisvesten.Na 1980 zou een stormachtige groeite verwachten zijn omdat dan het*) Zie de door het provinoiaal bestuur in1959 uitigegevem brochure ,,Noord-Brabant inhet Nieuwe Westen".Kreekrakplan tot voile ontwikkelingzal zijn gekomen. De stad zou in deze2e periode moeten kunnen uitgroeientot circa 200 000 inwoners.D. Naast de hiervoren vermelde al-gemene uitgangspunten hebben voor-al de volgende overwegingen de stede-bouwkundige vorm van het structuur-plan bepaald:1. voor het waardevolle stadscentrummoeten voorwaarden worden gescha-pen opdat de streekfunctie behoudenen zelfs nog versterkt wordt.2. het contact met de natuur moet zointensief mogelijk zijn.3. de werkgebieden dienen gunstig tezijn gesitueerd t.o.v. het verkeerswe-gennet en de woonwijken, en tegelijkzoveel mogelijk steun verlenen aan hetstadscentrum.4. een scheiding van doorgaand- enbestemmingsverkeer t.o.v. de woon-wijken moet zover mogelijk wordendoorgevoerd.E. De bizondere aspecten van hetplan komen naar voren indien we devermelde 4 overwegingen nader toe-lichten.ad. 1. Aan de noordzijde grenst hetstadscentrum van Bergen op Zoomdirect tegen de gemeente Haisteren,en daardoor tegen een -- stedelijk ge-zien -- ,,leeg" gebied.Als tegenmaatregel tegen een verschra-ling en verschuiving van het centrumkan worden gedacht aan het creerenvan een stadsuitbreiding aan de noord-zijde, onmiddellijk tegen het stadscen-trum aan op het grondgebied van Hai-steren. Men kan ook denken aan eenuitgroei van de kom van Haisterenzelf. In het structuurplan is zowel hetene als het andere gedaan.Om te bereiken dat het stadscentrumin het stedelijk geheel zijn exclusievepositie behoudt, is voorts gestreefdnaar een zodanige opzet van de nieu-we grote woonwijken, dat deze naarligging en omvang ondergesohikt zijnaan het eigenlijke compacte stadsli-chaam. Dit laatste zal in de eerste fasevan de groei van Bergen op Zoom uit-groeien tot circa 65 000 a 70 000 zie-len. De nieuwe wijken zullen daartegenover ten hoogste 35 000 inwo-ners omvatten.Ze hebben voorts stuk voor stuk eenvan elkaar geisoleerde ligging gekre-gen, waardoor zij, voor wat betrefthet hoogste voorzieningenniveau, ophet bestaande stadscentrum van Bergenop Zoom zullen zijn aangewezen.ad 2. Bergen op Zoom grenst aan 2zijden op een markante wijze aan denatuur: aan de westzijde aan het wa-ter (Oosterschelde) en aan de oostzijdeaan de fraaie bosgordel die zich aan diezijde vanaf Haisteren tot aan Antwer-pen voortzet. Op dit gegeven is in hetstructuurplan voortgebouwd. De nieu-we wijken zijn aan resp. de noordzijdeen zuidzijde ontworpen, waardoor enhet stadshchaam en de nieuwe wijkenzelf een intensief contact met de na-tuur zullen bezitten. De typisch ste-delijke randvoorzieningen zijn uit debosgordel geweerd. Zij moeten aan denoord- en zuidzijde tussen de grotewoonwijken in worden ondergebracht.ad 3. De werkgebieden zijn over 3punten verspreid. Een ligt aan denoord-westzijde (Theodorushaven aande Oosterschelde met circa 60 ha) eneen tweede aan de noord-oostzijde vanhet compacte stadsgebied (,,De lageMeren" met circa 40 ha) en het derdeligt geheel buiten de gemeente (Kreek-rakhaven).ad 4. Dit punt behoeft nauwelijks272STRUCTUUF*- J* *^" * "if? *OP ZOOl91980WOONW'JKEN STEDELUK GROEN." STEDELUKRANDGEBIEDINDUSTRIE VAARWATERStructuurplannenBergen op ZoomDrcchtstcdcnweiidhting. De geisoleerde ligging vande grote woonwijken bood gelegenheldom het hier gestelde te verwezenlijken.Tot slot moet nog een opmerklng wor-den gemaakt over de bizondere positievan Halsteren in bet structuurplan vanBergen op Zoom. Door zijn nabije lig-ging heeft Halsteren duidelijk een func-tie in het conglomeraat van Bergen opZoom.In de structuur van het stedebouw-kundige plan voor het geheel heefthet een positie die vergeleken konworden met de 3 op Bergen op Zoomsgrondgebied ontworpen grote woon-wijken.In tegenstelling tot deze is de stede-bouwkundige binding met het com-pacte stadslichaam van Bergen opZoom minder sterk.Dit is ook gemotiveerd te achten.Niet alleen betreft het hier een zelf-standige gemeente, maar door zijnhistorische ontwikkeling heeft het so-ciaal en economisch duidelijk eeneigenheid. Een zekere stedebouwkun-dige binding is intussen wel aan tewijzen, o.a. in de functie van het tus-sengelegen agrarische gebied dat in detoekomst ongetwijfeld bepaalde ste-delijke randvoorzienlngen zal gaanopnemen '?').'') Innjssen is op 1 Jan. 1962 een wijziiigmgvan de gemeentegrens Tan B. op Z. van krachtgeworden.Toelichting op het structuurplan voor de Drechtsteden Ir W. WissingI. de opgave, a, zoals die uit onzeopdracht voortkwamIngevolge de opdracht, stond onzewerkgroep, samengesteld uit de stede-bouwkundige adviseurs van de ne-gen gemeenten en bestaande uit deheren: Jhr. Ir J. de Ranitz, Ir C. Pou-deroyen, (later vervangen door Ir St.van Duin), Ir W. F. Schut en Ir W.Wissing, voor de opgave ,,bij bunoverleg te streven naar een zodanigesituatie, dat de facto voor de geza-menlijke negen gemeenten een struc-tuurplan ontstaat".Voorzover bij deze opgave de kwes-tie van de binnenstad van Dordrechtter sprake kwam, was aan deze werk-groep Ir S. J. van Embden toege-voegd.Zoals de officiele opdracht voortsluidde, diende ,,bij de uitvoering vandeze opdradht rekening te worden ge-houden met de maximaal voor onzeagglomeratie mogelijk te achten uit-breidings- en opname-capaciteit voorde vestiging van zeescbeepvaart (totschepen van + 25.000 ton) en groteriviersdheepvaart behoevende, als-mede andere industriele en commer-ciele bedrijven in de meest ruime zin"./. de opgave, b, zoals die vanuit dehistorische waarde van het onder-havige gebied moet worden gezienHistorisch gezien bestond de opgavevan onze werkgroep uit een collectiefvan negen gemeenten die slechts tendele en groepsgewijs historisdh samen-bang vertoonden.De belangrijkste samenhang vormtuiteraard de functie van streekcen-trum, die in vroeger eeuwen uitslui-tend door Dordreciht, in latere tijdendoor Dordredht-Zwijndrecbt en Pa-pendrecht tezarnen werd uitgeoefend.Als de tekenen niet bedriegen wordtintussen een deel van deze streekfunc-tie reeds afgeieid naar 's-Gravendeel(voorzover het de Hoekse Waard be-treft), naar Alblasserdam en naar Slie-drecht (voorzover bet delen van ideAlblasserwaard betreft).Een tweede functie, die al in de grijzeoudheid aan dit gebied zijn betekenisgaf, is de scheepvaart en de daaruitvoortvloeiende bedrij'vigbeden alshandel en sdbeepsbouw.Het is bdkend, dat Dordreaht een vanonze oudste havensteden is en vermoe-delijk onze oudste transito-haven,waar de waren van de zeesdhepen opde rivierscbepen werden overgeladenen omgekeerd.Een derde functie, die al in bet verreverleden niet slechts in de Dordtseboutzaagmolens en scbeepswerven totuiting kwam, dodh ook in de zoutke-ten van bet Zwijndrecbtse en in eenlater stadium zijn voortzetting vondin de sloperijen van Ambacht, de in-dustriele bedrij'vigbeid in Alblasser-dam en Papendredht en de baggerbe-drijven van Sliedrecht, wordt ge-vormd door de diverse vormen vanIndustrie.Een vierde functie, die in zekere zinmet de eerste en derde, reeds genoem-de functies samenhangt en een gevolgis van de geografische gesteldheid wel-ke tot bet ontstaan van de tweedefunctie aanleiding gaf is de verkeers-functie, die zijn vorm vond eerst indoorwaadbare plaatsen, wat taalkun-dig in bet acbtervoegsel dredht (Dor-drecht, Papendredbt, Zwijndrecbt,Sliedrecht, Wieldrecbt) tot uitdruk-king komt en in de verbindingen dieover de vele ,,zwinnen" in dat gebiedontstonden, onder meer over dammen.(Dubbeldam, Alblasserdam).274StructuurplannenDrfchtstedenLater kwam deze verkeersfunctie totuitdrukking in diverse veerverbindin-gen, vrijwel uitsluitend gelegen op deplaats van de vroegere doorwaadbareplaatsen.Intussen zijn wij genaderd aan het sta-dium dat 'de verkeersbdhoefte dusda-nig is gegroeid, dat de een na de an-der van 'deze veerverbindingen doorvaste oeververbindingen wordt ver-vangen.Het is intussen in zekere zin merk-waardig dat de oudste verbinding, diedit gebied doorkruist, namelijk de Ro-meinse weg van Keulen naar Vlaar-dingen, die over het gedeelte tussenMeeuwen aan de Maas en Heerjans-dam nog op diverse plaatsen in detopografie herkenbaar is (de Vriese-weg op het eiland van Dordt en deLangeweg tussen Zwijndrecht en Am-bacht), alchans over het deel vanDordt naar het zuid-oosten nog nietde betekenis en de outillage heeft ver-kregen, die de andere verbindingen indit gebied kregen of krijgen.In dit verlband is bet uitemiate belang-wekkend, dat wij mogen reJeverendat bij: de P.P.D. in Zuid Holland dsgedachte leeft aan een nieuwe super-weg welke een trace beoosten Rotter-dam, Alblasserdam en via de Baan-hoeik beoosten Dordrecht in de ricii-ting van Keulen zal krijgen.Inderdaad kan deze weg als een re-gelreohte opvolger van de oude Ro-meinse heerweg worden gezien.Een vijfde functie, welke in de tijdgezien, zich het laatst is komen aan-dienen, is de woonfunctie.Vooral Hendrik-Ido-Ambadht enZwijndrecht, dodh ook alle andere,,Drec'htsteden" blijlken in meerdere ofmindere mate deze functie uit te oefe-nen.Een en ander strookt ook met het-geen in onze opdraoht werd gesteld,namelijk, dat de omvang van het planonder meer diende te worden bepaald,,,met het oog op de nabij gelegen,sterk groeiende Rotterdamse agglo-meratie, die als geheel zeker geibaatzal zijn met huisvestingsmogelijkhe-den op redelijke afstand gelegen inandere geimeenten"./. de opgave, c, vanuit de geografi-sche en topograjische situatie bezienDe geografische situatie van deDrechtsteden werd thiervoor reeds ge-noemid als een der aanleidingen tothet ontstaan van menselijke vestigin-gen in dit gebied. Steeds is dit geibiedeen deltagebied geweest van de Rijnen de Maas.Lange tijd is de situatie sterk wisse-lend igeweest. Zo is bet bekend, datDordrecht vroeger aan een vrij onbe-tdkende rivierarm (bet Zwin) lag endat de Nieuwe Merwede en de Bra-bantse Biesbos niet of nauwelijks inde buidige vorm aanwezig waren ener onder meer betere verbindingenmet bet land van Maas en "Waal be-stonden dan er eeuwen daarna mo-gelijk waren.Intussen beeft zicb de situatie, sindsde St. Elisabethsvloed, 'die Dordrechtvan zijn toenmalige aohterland (landvan Maas en Waal en vermoedelijkeen deel van Brabant alsmede van deZwijndrechtse en de Alblasserwaard)beroofde, door latere inpolderingen inzoverre gewijizigd, dat de noordelijkegebieden, Alblasserwaard en Zwijn-drecbtse waard, weer droog kwamenen met Dordrecht verbonden werden,wat ook bet geval was met een grootdeel van bet eilamd van Dordrecbt,dat in een eeuwenlang gevecht doorde stadsoverbeid van Dordrecbt aanhet opdringende water werd ontrukt(zie de z.g. Stadspolder).Bovendien orienteerde zicb de Hoek-se Waard, dank zij de bedrijvigheidwelke aldaar ontstond, in steeds ster-kere mate op Dordrecht, c.q. de an-dere Drechtsteden. Het verlies vanhet zuidelijke en zuidoostelijke acb-terland werd tot op de buidige dagevenwel niet goedgemaakt.Momenteel geeft de topografie van dewaterwegen in bet onderbavige ge-bied ide figuur van een diabolo te zien:De route van Merwede naar OudeMaas en die van Noord naar Kilkruisen en verenigen zich in bet ri-viergedeelte tussen Zwijndrecht enDordrecht.Intussen blijken ook de routes vanOude Maas naar Kil en van Noordnaar Merwede niet zonder belang: jahet staat zelfs vast dat de laatstge-noemde route wat bet getal van dedoorvarende schepen betreft een derbelangrijkste is, in elk geval van zogroot belang 'dat een spoedige verrui-ming van de bocht van de rivier voorPapendrecht en van bet recbttrekkenvan de Noord door een deel van deSophiapolder door de Rijkswaterstaaturgent wordt geacht.Hoewel het kaartbeeld van dit gebiedook nog de route via de Nieuwe Mer-wede, bet water dat van bet eilandvan Dordredht inderdaad een eilandmaakt, door het Hollands Diep metde Merwede bij Hardinxveld te ver-binden, als een mogelijkheid biedt,hebben onderzoekingen uitgewezen,dat bet waterverkeer langs deze rou-te minimaal is.De redenen hierover scbijnen eensdeelsin de moeilijke bevaar'baafheid vandit water, andersdeels in bet ontbre-ken van bet contact met bet centralebavenbekken der Drechtsteden te lig-gen.Wat de geografische gesteldbeid be-275StructuurplannenDrechtstedentreft, blljikt dat enkele gebieden, zo-als een deel van de zuidzijde en vrij-wel de gehele -- Sliedreohts gemeen-telijik gebied zijnde -- oostpunt vanhet eiland van Dordt, niet van eenzodanige kwaliteit zijn dat daarop be-bou'wing technisch mogelijk is. Waarbelde gebieden reeds nu voor een deelbij de watersport in gebruik zijn, werdvoor deze geibieden in hoofdzaak vaneen recreatieve bestemming uitgegaan.Enkele andere gebieden, onder meertussen Hendrik-Ido-Ambacht enZwijndrecht en op het eiland vanDordt bleken terecht intensief bij detuinbouw in gebruik te zijn: voor dezegebieden, werd, waar dit steddbouw-kundig mogelijk was, het huidigegrondgeibruik gecontinueerd gedacht.Ook bleken enkele gebieden, binnenhet territoir van de Drechtsteden ge-legen, hoewel niet direct nodig voorstadsuitbreiding of industrie, van zo-danige landscihappelijke waarde bijhun huidige gdbruik en bestemming,dat in het belang van alle huidigeen toekomstige bewoners van dit ge-bied, handhaving en conservering vandit gebruik wenselijk bleek./. de opgave, d, gezien vanuit de eco-nomic en gericht op de omvangvan woon- en werkgebiedenDe stedebouwkundige werkgroep werdwat dit aspect betreft, op haar ver-zoek voorgelicht door Ihet ETI te Rot-terdam, terwijl ook door de onder-zoekafdeling van de PPD waardev
Reacties