stedebouw & volkshuisvestingUitgave van hetNederlands Instituut voorRuimtelijke Ordening en VolkshuisvestingIn dit nummer: StedebouwUrbcmisatie van NederlandVolkshuisvestingOfficiele MededelingenSummaryjanuari 1965UIT HET BESTEHOUT* Octrooi aangevraagdBetonmortel van de fabriekspaart geld op vele puntenHebt u wel eens overwogen wat u kunt besparendoor op uw bouwwerk betonmortel van de fabriekte gebruiken? Bouwen met betonmortel van defabriek betekent:geen personeel meer nodig voor betonmengenu bent onafhankelijk van een bepaalde molencapa-citeit; de aanvoer van betonmortel van de fabriek isin elk gewenst tempo mogelijkgeen investering in en onderhoudvanbetonmolens,sleepschoppen e.d.geen opslagkosten; geen verlies van zand, grindof cement door verwaaien, verregenen, wegzakkenin de modder, enz.minder verliezen door vorstverlet, daar ook ver-warmde betonspecie geleverd kan worden.Aanvoer van betonmortel in elk gew/enst tempo - tot60 m3 per uur - op de meeste plaatsen in Nederlandmogelijk. Betonmortel van de fabriek: gemakkelijk,economisch en van hoge kwaliteit.DIT IS EEN PUBLIKATIE VAN DE VERKOOPASSOCIATIE ENCI-CEMIJ N.V. TE AMSTERDAMVACATUI^iSEen bureau voor Architectuur en Stedebouwgevestigd binnen de invloedssfeer van Amsterdamvraagt voor spoedig eenADJUNCT DIRECTEURVereist: diploma bouwkundig Ingenieur Delft met ruimestedebouwkundige scholing en practijk -- leeftijd tot 40jaar. Bekwaam ontwerper. Leidinggevende capaciteiten.Degene die aan de gestelde eisen voldoet kan t.z.t. inde Directie worden opgenomen.Salaris naar ervaring en bekwaamheid / 18.000,-- tot/ 21.000,-- per jaar + 4"/o vacantietoeslag.Sollicitaties met voUedige inlichtingen worden gaarne in-gewacht onder No. 4712 bij de Administratie van ,,Stede-bouw en Volkshulsvesting", Keizersgracht 188, Amster-dam-C.Gemeente DelfzijIHAVENSTAD MET RUIM 18.000 INWONERSIn deze zich snel uitbreidende gemeente in bet Eems-mondgebied kan bij de dienst gemeentewerken wordengeplaatst eenstedebouwkundig tekenaarin de rang van technisch ambtenaar.U.T.S.-diploma of gelijkwaardige opleiding vereist (mini-mum).Bekendheid met stedebouwkundig tekenen strekt tot aan-beveling.Salaris / 660,80 - / 954,02 (incl. huurcompensatie dochexcl. event, kindertoelage).De gemeente DelfzijI is aangesloten bij bet I.Z.A.Van toepassing zijn: de Verplaatsingskosten-, Studietoe-lage- en Premiespaarregeling.Uw soUicitatie zien wij gaarne binnen een week na betverschijnen van dit blad tegemoet.Sollicitaties in te zenden aan de chef afd. personeels-zaken, Raadhuis, DelfzijI.Bij de Rijksdienst voor het Nationale Plan te 's-Graven-hage kan op de afdeling Onderzoek worden geplaatst eenSOCIOLOOGmet belangstelling voor planologische vraagstukken.Salaris naar gelang van leeftijd en ervaring volgens derang wetenscbappelijk ambtenaar / wetenscbanpelijkambtenaar le klasse, / 887,-- tot / 1633,-- p.m. exclusief5,3"/o huurcompensatie en 4''/o vakantietoelage.AOW-premie voor Rijksrekening.Schriftelijke sollicitaties onder nr. 5-0190/7769 (in linkerbovenhoek brief en env.) zenden aan de Rijks Psycholo-gische Dienst, Bureau Personeelsvoorziening van deRijksoverheid, Prins Mauritslaan 1 te 's-Gravenhage.Voor spoedig gevraagd:a. een bekwaam bouwkundig tekenaarop H.T.S. niveau en behoorlijke practijkervaring;b. een bekwaamstedebouwkundig tekenaarmet-of studerend voor het diploma P.B.N.A. en te-kenkamerervaring;c. een leerling tekenaarvoor de afdeling stedebouw.Geboden wordt een varierende en prettige werkkring opbasis van een goed salaris + 4''/o vacantietoeslag enjaarlijks een gratificatie.Sollicitaties met volledige inlichtingen te richten aanJ. F. Niepoth, Architect Stedebouwkundige B.N.S., Plant-soen Laanhorn 1, Amstelveen. Tel. 02964-31735.GEMEENTE ZWOLLEBij de dienst van Openbare Werken kan worden geplaatsteenhoofd van destedebouwkundige afdelingGegadigden worden verzocht zicii in een uitvoerige eigen-handig geschreven sollicitatiebrief te wenden tot de Direc-teur van de Centrale Personeeisdienst, Lombardstraat 3a,Zwolle onder no. 103.Voor huisvesting kan worden zorg gedragen.TER INFORMATIE:De aan te stellen functionariszai tot taak krijgen de behan-deling en het verder tot ontwik-keling brengen van alle voor-komende onderwerpen, verbandhoudend met de stedebouw enplanologie in een zich snel u't-breidende gemeente.Hierbij zai niet alleen de stads-uitbreiding, maar ook de sane-ring van de oude binnenstadeen belangrijk onderdeel vanzijn taak gaan vormen.Naast deze specifiek vaktech-nische facetten zai hij ook instaat moeten zijn leiding tegeven aan een kleine groepmedewerkers.Gedacht wordt hierbij aan eeningenieur met belangstellingvoor stedebouwkundige vraag-stukken. Enige jaren praktischeervaring gewenst, doch niet ver-eist.Aanstelling kan geschieden inde rang van ingenieur of inge-nieur le kl.s&vUitgave van het 46c jaargang no. 1Nederlands Instituut voor MaandhladRuimlelijke Ordening en Volkshuisvesting januari 1965Redactie :Mevrouw Prof. C. W. Visser Prof. Dr. S. O. van PoeljeMe;. R. Hartstra Mr. Ir. M. M. van PraagProf. C. van Eesteren Drs. W. ]. ValkenhurgMr. C. A. van Gorcum Drs. H. van der WeijdeH. ]. A. Hovens Greve Ir. W. WissingProf. Mr. A. KleijnDrs. R. KokIr. P. K. van MeursAdres voor Redactie en Abonnementen :Lange Voorhout 19, 's-GravenhageTelefoon 184223Postgironummer 29080Advertenties :Keizersgracht 188, Amsterdam-CTelefoon 249128Postgironummer 113028Dit nummerbevat als eerste bijdrage in de rubriek Stedebouw een door de StedebouwkundigeRaad van het Instituut opgestelde nota over de urbanisatie in Nederland. Dezefzota is de uitkomst van de bespreking van dit onderwerp in enige achtereen-volgende vergaderingen van de Raad. De nota is door het bestuur van hetInstituut overgelegd aan de Minister van Volkshuisvesting en Bouwnijverheid.Zij moet warden gezien als de neerslag van de hezorgdheid, die bij velen leeftover de snel om zich heen grijpende verstedelijking in Nederland, met namein ruimtelijk opzicht, een bezorgdheid, die zich in de deskundige kring van deStedebouwkundige Raad geuit heeft in de beredeneerde aanbeveling van eenaantal maatregelen van ruimtelijk beleid en daarmee samenhangende maatregelenvan andere aard.Onder volkshuisvesting worden twee sociologische artikelen gepubliceerd, diebeide betrekking hebben op het onderwerp ,,hoogbouw-laagbouw". Het eneartikel geejt Amsterdamse woonervaringen weer, het andere buitenlandse.Onder dezelfde rubriek is het reeds vroeger afgedrukte rapport over de energie-voorziening in de woning nog eens opgenomen. Door een misverstand is inder-tijd namelijk niet de dejinitieve versie van het rapport gepubliceerd.Woord van de maand :STADSVERNIEUWINGSlechts vernieuwing kan behoudenachter raakt wat stil blijft staan.E. J. PotgieterInhoudStedebouwDe urbanisatie van Nederland .Stedebouwkundige kroniek en kommen-taar -- Plakboek 1964, Ir. J. P. L. PetrlBinnenlandBuitenland91313VolkshuisvestingBestaat er verband tussen sociale statusen woonbeschaving ? A. H. D. Meijer-Spierings 13Gemeenschappelijke ruimten in hoog-bouw, Leonard M. Henny . . . . 19De woningbouw en de voorziening metgas en elektriciteit 29Binnenland 33Buitenland 34Officiele Mededelingen 35Summary 36Abonnementsprijs f 24,--. Losse nummers f 2,50.De leden van het Nederlands Instituut voor Ruimtelijke Ordening en Volkshuisvesting en deleden van de Nationale Woningraad ontvangen het blad kosteloos.StedebouwUrbanisatie van NederlandstedebouwDE URBANISATIE VAN NEDERLAND i)Omvang en karakter van de urbanisatieDe snelle groei van onze grote agglomeraties en van vele kleinere nederzet-tingen daarbuiten geeft aanleiding tot grote bezorgdheid over het verdereverloop van het proces van urbanisatie van Nederland, dat in deze verschijn-selen tot uitdrukking komt. ^)Dat die urbanisatie sterk om zich been zal grijpen, is zeer waarschijnlijk. Dena-oorlogse bevolkingsprognoses wijzen op een voortgaande sterke aanwasvan de bevolking van ons gehele land, zeker tot ruim 14 miljoen in 1980, meteen voortgezette stijging daarna. Ten gevolge van de industrialisatie en van deontwikkeling van de dienstensector zal een meer dan evenredig deel van deaanwas komen te wonen en te werken in nederzettingen, die door hun ruimte-lijke structuur en door de mentalitelt van de bevolking een stedelijk karakterhebben. De modernisering van de landbouw, waardoor met veel minder ar-beidskrachten kan worden volstaan, bevordert trouwens de afvloeiing van eendeel van de plattelandsbevolking naar dergelijke nederzettingen. Bovendien zalde sanering van de oude woonwijken en in het algemeen de reconstructie vande steden, waarmee nog nauwelijks een begin is gemaakt, ook bij zuinig ge-bruik van de grond tot een geringere bebouwingsdichtheid en dus tot ver-sterkte groei van de steden leiden. De invloed van de geschetste ontwikkelingop de toekomstige bestemming van onze bodem wordt nog aanzienlijk ver-sterkt doordat per hoofd van de bevolking steeds grotere oppervlakten nodigzijn voor velerlei voorzieningen van stedelijke aard, deels binnen de bebouwdekommen of direct daarbij aansluitend, deels op grote afstand daarvan. Mendenke aan havens, industrieterreinen, vliegvelden, andere verkeersvoorzienin-gen, onderwijsinstellingen van allerlei aard, recreatie-oorden e.d.m. Volgenseen recente raming moet kort na 1980 reeds ten gevolge van al deze in dezelfderichting werkende krachten op een verdubbeling van het stedelijk gebied inNederland worden gerekend.De geringe grootte van ons land en de geringe onderlinge afstand van debestaande nederzettingen hebben ten gevolge dat op vele plaatsen de duidelijkescheiding van naburige kernen verloren dreigt te gaan en dat grote steden- endorpengroepen van ingewikkelde structuur bezig zijn zich te ontwikkelen.Zelfs beginnen zich dergelijke groepen over de landsgrenzen been af te tekenen.De gebreken en bezwaren van een ordeloze groei van elke stad afzonderlijk,onder de indruk waarvan een vorige generatie het beginsel van stedebouw-kundige leiding heeft aanvaard, dreigen zich nu op veel grotere schaal en metveel ernstiger gevolgen voor onze gehele samenleving opnieuw voor te doen.Het is voor het Nederlandse volk een levenskwestie dat de grote stedelijke^) Nota van de Stedebouwkundige Raad.^) Vgl. de preadviezen voor de vergadering van de Nederlandse Maatschappij voor Nijver-heid en Handel op 10 juni 1.1.StedebouwUrbanisatie van Nederlandgebieden, die bezig zijn zich tot een samenhangend geheel te ontwikkelen, zozullen zijn ingedeeld en aangelegd dat daar onder zo gunstig mogelijke voor-waarden kan worden gewerkt, gewoond en geleefd.Ten aanzien van het werken moet worden bedacht dat verscheidene van dezegebieden een sociaal-economische functie hebben te vervullen in het in detoekomst steeds meer ge'integreerde Europa, een functie, die berust op bepaaldevestigingsvoordelen, waarvan het behoud en de bevordering mede afhankelijkzijn van de ruimtelijke ontwikkeHng van die gebieden.Het is voor het welzijn van ons volk eveneens van besHssend belang dat in diegrote stedeUjke gebieden, waar een steeds groter deel van de bevolking zijnwoonplaats vindt, onder zo gunstig mogelijke voorwaarden kan worden ge-woond en dat het gehele leven er zich in een gunstige, stimulerende omgevingkan ontplooien.De huidige ontwikkeHng van onze grote agglomeraties en vooral die van noggrotere stedelijke gebieden voldoet nog geenszins aan deze eisen, ondanks dezorg, die in gemeentelijk verband aan de stedebouwkundige ontwikkeHngwordt gegeven. Wij worden bijna dageHjks verontrust doordat belangrijke stede-Hjke elementen van het toekomstige Nederland in ruimteHjke zin worden vastge-legd, hetzij door de koop van terreinen naar willekeur door de meestbiedende,hetzij door incidentele besHssingen van de overheid, terwijl in beide gevallenklemmende belangen kenneHjk geen kans hebben gehad om tot hun recht tekomen. Bij de overgang van de eigendom van grond doet zich bovendien delaatste tijd ook ver buiten de stedeHjke sfeer een benauwende opdrijving vande prijzen gelden, die met name onze ruimtenood duideUjk demonstreert envoor de ruimteHjke ordening belemmeringen en zelfs gevaren oplevert.Eis van een nationaal ruimteHjk beleidDe schaal van de stedeHjke gebieden, die zich thans ontwikkelen en de omvangvan het probleem, dat zij doen ontstaan, eisen een krachtig nationaal ruimteHjkbeleid, dat op een doelmatige leiding van de urbanisatie gericht is. Het stemttot voldoening dat belangrijke voorwaarden voor een dergelijk beleid aanwezigzijn. Het bestaan en de activiteit sinds een aantal jaren van de Rijksdienst voorhet Nationale Plan, de vernieuwing van de wettelijke regeling van de ruimte-Hjke ordening, die onlangs tot stand gekomen is en het besef van de hier aange-duide problemen, waarvan de Regering in de Nota inzake de Ruimtelijke Orde-ning duidelijk blijk heeft gegeven, zijn steunpunten van grote waarde voor eendergelijk beleid. Maar dat beleid is hiermee nog niet gegeven.Wil het kans van slagen hebben, dan zal het het karakter moeten krijgen vaneen actieve ruimtelijke ordening, actief in deze zin dat men niet enkel trachtde lijnen van de ontwikkeHng op de voet te volgen, maar dat men zich bewustrekenschap geeft van de alternatieven bij de toekomstige ontwikkeHng en datmen vervolgens met alle beschikbare middelen tracht de ontwikkelingslijnen zoom te buigen, dat het toekomstbeeld, dat als het meest wenselijk is aanvaard,tot werkelijkheid wordt. Ter voorbereiding van die keuze zal in de eerste plaatsmeer nog dan tot dusver een programma van sociaal-wetenschappelijk onder-zoek, duidelijk gericht op de problemen van de praktijk moeten worden uitge-voerd.Voor bungalows en torenflats ..,voor schouwburgen en scholen,voor kerken en kantoorgebouwen,voor honderden, duizenden,tienduizenden woningen,jaar in, jaar uit. ..natuurlijk kalkzandsteenKalkzandsteen is al ruim een halve eeuw modern. Door zijnefficiente verwerking. Zijn effecten in kleur. Zijn onbe-grensde toepassingen. Modern ook dankzij eenvoortdurenderesearch en een regelmatige aanpassing van het assortimentaan de eisen van de dynamische bouwmarkt. Voortdurendis er een strenge kwaliteitscontrole door onafhankelijkeinstituten. Kalkzandsteen -- de ,,hoeksteen" van de modernebouw ... bij de tijd en tegen de tijd bestand!Moderne bouw =^ bouw inN.V. C.V.K., Utrechtseweg 38, Hilversum. Tel. 02950-44951De / ? duurzaam,,harde waarden" ? druksterkvan kalkzandsteen: ? maatvast? warmte-isolerend? vocht-absorberend? brandveilig? geluidwerendkalk.zandsteenVACATUIRI ^!1 GEMEENTE ROTTERDAM(vcrvolg),,PROVINCIALE PLANOLOGISCHE DIENST INZUID-HOLLAND"Bij het bureau ,,onderzoek" van de bovengenoemde dienstkan worden geplaatst eenMEDEWERKER OPMIDDELBAAR NIVEAUvoor werkzamheden ten behoeve van sociaal en econo-misch onderzoek.Van deze medewerker, die zal worden ingeschakeld bijhet voorbereiden van adviezen betreffende het planolo-gisch beleid in de provincie Zuid-Holland, wordt enigeervaring verlangd in statistische werkzaamheden en inhet samenstellen van eenvoudige rapporten.De voorkeur gaat uit naar een medewerker, die in hetbezit is van het diploma middelbaar planologisch onder-zoeker.Rang en salaris zijn afhankelijk van opleiding, ervaringen leeftijd.Uitsluitend schriftelijke sollicitaties kunnen worden ge-richt aan het hoofd van het bureau personeelszaken vande bovengenoemde dienst, Koningskade 2 te 's-Graven-hage. Desgewenst worden telefonisch nadere inlichtingenverstrekt (tel. 070 - 814611).ECONOMISCH-TECHNOLOGISCH INSTITUUTVOOR ZUID-HOLLANDBeursgebouw, Coolsingel 58, RotterdamOp ons bureau, dat zich o.m. bezig houdt met onder-zoekingswerk ten behoeve van stedebouwkundige plan-nen van een groot aantal gemeenten, is plaats vooreen planologisch onderzoekerVereist is een middelbare schoolopleiding, terwijl het di-ploma Middelbaar Planologisch Onderzoeker tot aanbe-veling strekt. Leeftijd ca. 25-35 jaar.Salaris naar leeftijd en ervaring volgens ambtelijke re-geling.Sollicitaties gaarne schriftelijk aan de directie van hetinstituut.Op het architectenbureau GOUWETOR EN MULDERSchiekade 119A -- Rotterdam -- Tel. 010-284626is plaats voor een bekwaamSTEDEBOUWKUNDIGTEKENAARmet diploma P.B.N.A. of daarvoor studerend.Aangeboden wordt gevarieerd werk tegen een goedesalariering, opname in het pensioenfonds, i^/o vakantie-toeslag + een jaarlijkse gratificatie.Sollicitaties, schriftelijk of telefonisch, te richten aanbovengenoemd bureau.DIENST VAN VOLKSHUISVESTINGBij het bureau Sociaal Onderzoek kan eenacademicusworden geplaatst, die zal worden belast methet voorbereiden en verrichten van onder-zoeklngen op grond waarvan adviezen kunnenworden uitgebracht inzake de sociale aspectenvan woningbouw en woningdistributie.De gedachten gaan uit naar een socioloog, eensociaal psycholoog of een econoom met belang-stelling voor marktonderzoek.Het salaris, llggende tussen f 730,-- f 1.530,--per maand, excluslef de huurcompensatie ad5,3% en de vakantietoeslag van 4%, is afhan-kelijk van leeftijd en ervaring.De Verordening inzake vergoeding van reis-,pension- en verhuiskosten is van toepasslng.Voor het verkrijgen van een woning wordt inbepaalde gevallen medewerking verleend.Sollicitaties te richten tot burgemeester enwethouders van Rotterdam en te adresserenaan de chef van het bureau Personeelvoor-zlening, kamer 331, stadhuis, Rotterdam,blnnen veertien dagen, onder nr. 19.GEMEENTE ARNHEMHerhaalde oproepBij de stedebouwkundige afdeling van de Dienst vanGemeentewerken bestaat de mogelijkheid tot het plaat-sen van:een stedebouwkundigontwerperdie in staat moet zijn onder leiding een belangrijke bij-drage te leveren tot de stedebouwkundige vormgevingin ruimste zin.Vereist wordt het diploma b.i., s.h.o., h.b.o., v.b.o., metervaring op stedebouwkundig gebied of een andere ge-lijkwaardige opleiding.Aanstelling naar gelang van opleiding, ervaring en leef-tijd in de rang van:Technisch hoofdambtenaar sal.: / 10.728, f 13.308,--ofTechnisch hoofdambtenaar A sal.: / 11.736,-- - / 14.964,--ofIngenieur le klas c.q.Technisch hoofdambtenaar afd. chefsal.: / 14.412, / 17.724,--excluslef huurtoeslag, vakantietoelage, kindertoelage ende salarisverhoging per 1 januari 1965.De Gemeente Arnhem is aangesloten bij het I.Z.A. Gel-derland. De premie A.O.W. komt voor rekening van dewerkgever.Sollicitaties schriftelijk in te dienen bij de directeur vanGemeentewerken, Westervoortsedijk 4a, Arnhem binnendrie weken na het plaatsen van deze oproep.Zij die reeds gesolliciteerd hebben, behoeven hun solli-citatie niet te herhalen.StedehouwUrhanisatie van NederlandEen creatieve visie zal meer nog dan tot dusver bij de bepaling van het beoogdetoekomstbeeld richting moeten geven.Het beleid, dat zich de verwezenlijking van dat beeld ten doel stelt, zal zichmoeten openbaren niet alleen in maatregelen van ruimtelijke ordening, maarelk onderdeel van het overheidsbeleid dat ruimtelijke consequenties heeft, zalvolledig op het ruimtelijk beleid afgestemd moeten zijn, elk departement en elketak van overheidsbemoeiing zal moeten nalaten wat met dat beleid in strijdkomt en zal al het mogelijke moeten doen om op eigen wijze dat beleid tebevorderen.Behalve aan een snelle invoering van de nieuwe Wet op de ruimtelijke orde-ning, waarop wij met klem aandringen, hechten wij derhalve grote betekenis aaneen actief en volledig in het gehele overheidsbestel geintegreerd ruimtelijk beleid.Wij hebben nog niet de overtuiging dat de ruimtelijke ordening, ondanks hetvoornemen van de Regering om die integratle tot stand te brengen. In allesectoren van het Rljksapparaat de richting gevende positie Inneemt, die voor-waarde Is voor het beleid, dat wij voorstaan.Een onmlsbaar onderdeel van het nieuwe ruimtelijke beleid zal moeten zijn debereidheld tot grote Investerlngen, ook op natlonaal niveau, tenelnde bestem-mlngen, die om redenen van natlonaal belang zijn vastgesteld en die in departiculiere sfeer niet kunnen worden verwezenlljkt, tot werkelljkheid te maken.Vooral voor de uitbouw van het openbaar vervoer en voor de aanleg van ultge-strekte recreatlegebieden, maar In het algemeen voor de Inrlchting en uitrustingvan het land buiten hetgeen In de particuliere sector kan gebeuren, zullen opRljksniveau grote kapitaalinvesterlngen nodig zijn. De ruimtelijke ordening zalmoeten worden begeleld door een daarmee overeenstemmend programma voordeze Investerlngen. Dit sluit in dat het Nederlandse volk bereld zal moeten zijntot offers voor de toekomst om ons land tot een goed Ingerlcht woon- en werk-gebied te maken. De sterke toeneming van de bevolking In ons toch reeds zodicht bevolkte land doet Immers de kosten van adequate stedelljke voorzienlngenmeer dan evenredig aan de bevolklngstoeneming stijgen.Het Is verder dringend nodig dat de Regering het vraagstuk van de prijsstljgingvan de grond In studie neemt en In het llcht van de uitkomsten van dat onder-zoek overweegt door welke maatregelen die prijsstljging kan worden tegenge-gaan, dan wel haar schadelijke ultwerklng op de ruimtelijke ordening wegge-nomen.Tenslotte wijzen wij op het ontbreken van de mogelijkheld om de vestlgingvan industrieen en van andere concentraties van werkgelegenheid, die een groteinvloed kunnen hebben op de ruimtelijke ontwikkeling, zoals kantoren, aanhet ruimtelijk beleid te toetsen en zo nodig op bepaalde plaatsen te weren.Met handhaving van de plannen van ruimtelijke ordening alleen kan men ditprobleem niet oplossen, omdat een discretionnair onderscheid tussen Inrich-tlngen, die voor de vervulling van de economlsche functie van een geblednodig zijn en andere op deze grondslag niet goed mogelljk is. Het stemt totvoldoening dat de Regering blijkens de ultlatingen van de Minister van Volks-hulsvestlng en Bouwnljverheid (Handelingen Tweede Kamer ZIttIng 1963-1964C 250) niet afwijzend staat tegenover maatregelen om hierin te voorzien.Een spoedige regeling van dit onderwerp, ondersteund door een in dezelfderichting werkend beleid met betrekking tot de vestiging van Rljkslnstellingen,Is zeer wenselljk.StedehouwUrbanisatie van NederlandRichtlijnen voor de urbanisatieMet betrekking tot de urbanisatie zal het belaid als richtlijn moeten aanvaar-den dat het ontstaan van een compact stedelijk geheel over grotere gebieden,gelijk in New York en London, moet worden afgewezen en dat naar hetbehoud of de totstandkoming van een gedeconcentreerd stedelijk patroondient te worden gestreefd. Bij de vorming van overzlchtelijke eenheden vanuitgesproken stedelijk karakter in een dergelijk geheel is een doeltreffendopenbaar vervoer een onmlsbare voorwaarde, naast ruimere mogelijkheden totgebruik van de auto. In het gei'ntegreerde beleid, dat wij voorstaan, zal hetopenbare vervoer veel meer dan tot dusver opgenomen moeten zijn en volledigdienstbaar moeten worden gemaakt aan de leiding, die de overheid aan deurbanisatie wil geven. Wij zien een efficient en comfortabel openbaar ver-voersapparaat, zo nodig met gesubsidieerde exploitatie, tevens als een van devoornaamste middelen tot tempering van de huidige en toekomstige verkeers-problemen.Binnen de stedelijke eenheden zal moeten worden gestreefd naar een maat-schappelijke structuur en een stedebouwkundige aanleg, die grote vrijheid vankeuze bieden -- beroepskeuze en keuze van woonvorm -- terwijl de aanlegmede zal moeten worden bepaald door de eis van een levend contact van degehele bevolking met het omringende landschap en door die van een goedbereikbaar voorzieningen-apparaat.Aan de woonvormen en aan de omgeving van de woning zullen hoge eisenmoeten worden gesteld, om de neiging tot een tweede woning in een aan-trekkelijker omgeving, waardoor grote landelijke gebieden ernstig gevaarlopen te worden aangetast, tegen te gaan.Het is dringend gewenst dat onze stedebouwkundigen zich met grote ernstbezinnen op de aanleg van het woonmilieu in de toekomstige stad, teneindedit woonmilieu volledig aan de behoeften van de toekomstige stadsbewonerte doen beantwoorden. Zij zullen daartoe alle door de traditie bepaaldebeginselen en vormen opnieuw kritisch moeten bezien en zo nodig herzien.Er zal naar moeten worden gestreefd de ongewenste stedelijke ontwikkelingvan vele landelijke nederzettingen in of nabij de grote agglomeraties tegen tegaan door daarin een geleding tot stand te brengen, waarbij o.m. gedacht kanworden aan een groepering tot bandsteden.Het landelijk gebiedDe problemen van de grote agglomeraties hebben hun complement in deproblemen van het landelijk gebied. Het ruimtelijk beleid zal mede gerichtmoeten zijn op reconstructie van dat gebied, uitgaande van een moderneagrarische productie en tevens van de behoefte aan uiteenlopende vormen vanrecreatie van de steeds meer verstedelijkte bevolking.Een zorgvuldig gestructureerd net van beter geoutilleerde kernen -- kleinerin aantal en ten dele groter van omvang dan de huidige -- met een verant-woorde functie-verdeling tussen die kernen zal de grondslag moeten zijn vandeze reconstructie. Verder zal een veelzijdig beleid moeten worden gevoerd,StedebouwUrhanisatie van Nederlanddat gericht is op bevordering van de samentrekking van de bevolking in diekernen en op een sterke beperking van alle verspreide bebouwing met namedie van niet-agrarisch karakter.Voor de grote recreatie-gebieden buiten de stedelijke sfeer zijn een indeling eninrichting nodig, die afgestemd zijn op de verscheidenheid van de recreatie-behoeften, met vorming van concentratiepunten en uitloopgebieden.Provinciaal beleidHet ruimtelijk beleid, waarvan in het voorafgaande enkele grote lijnen zijngetrokken, is uiteraard niet alleen een zaak van de Regering. Het Rijksbeleidzal moeten worden ondersteund, verfijnd en aangevuld door het beleid vande provinciale besturen, die gelukkig sinds lang de ruimtelijke ontwikkelingtot het voorwerp van hun aanhoudende zorg hebben gemaakt en die zich voorde vervulling van deze taak ambtelijk en commissoriaal goed hebben toegerust.Het is wenselijk dat met voUedig behoud van de verantwoordelijkheid vanhet Rijk voor de problemen van nationale dimensie aan de provinciale be-sturen armslag wordt gelaten om deze taak te vervuUen en dat ook in geweste-lijk verband de ruimtelijke ordening steeds meer tot een actief, volledig geinte-greerd en door een investeringsprogramma ondersteund ruimtelijk beleidwordt.Gemeentelijke indeling en gemeentelijk beleidOok op gemeentelijk niveau moet een actief en de gehele gemeentelijkebemoeiing doordringend ruimtelijk beleid worden gevoerd, zal de ontwikke-ling kunnen voldoen aan de hoge eisen, die de toekomst zal stellen. Dit ver-onderstelt de totstandkoming van een bestuursindeling, die aangepast is bijaard en grootte van de nieuwe stedelijke eenheden, welke bezig zijn te ontstaan.Juist in dit opzicht ontbreekt nog in hoge mate de noodzakelijke integratievan het beleid. De gemeentelijke indeling van ons land in gebieden waar deurbanisatie zich snel en over een groot oppervlak voltrekt, is zeer achter-gebleven bij hetgeen voor een doelmatig bestuur van de grote stedelijkeeenheden, met name in ruimtelijk opzicht, nodig is.Wij menen dat een ingrijpende herziening van de gemeentelijke indeling,zodanig, dat een nauw samenhangend geheel van stedelijke bestemmingen --verwezenlijkte of voor de toekomst vastgestelde -- in een gemeentelijk verbandwordt gebracht, dringend nodig is. Wij zijn ons ervan bewust dat de beslissingover hetgeen in deze gedachtengang in een gemeentelijk verband moet wordenverenigd, veelal niet gemakkelijk is, met name niet waar de invloedssferenvan verschillende steden elkaar doorkruisen. Wij zijn ons er ook van bewustdat bij de regeling van de gemeentelijke indeling andere overwegingen dandie ontleend aan het ruimtelijk beleid een plaats verdienen, maar dit doet aande betekenis van het gestelde beginsel niet af.De vorming van een district met een beperkte taak, zoals thans voor deRijnmond, zien wij als een nuttige aanvullende maatregel in bepaalde situatles,StedebouwUrbanisatie van Nederlandwaarin aldus een redelijke aanpassing van het bestuur bij de ruimtelijke ont-wikkellng kan worden bereikt. Gemeentelijke herindeling zal echter nietmogen worden achtergesteld bij de vorming van districten, omdat de vereisteeenheid en slagvaardigheld van het rulmtelijk beleid hiermee het meest gebaatzijn.SamenvattingWij hebben in het voorafgaande betoogd dat ons land met zijn sterke bevol-kingsaanwas en nog veel sterker om zich heen grijpende urbanisatie ernstiggevaar loopt zich ruimtelijk ondoelmatig te ontwikkelen, tot grote schade vanonze economische positie, van het welzijn en het geluk van onze toekomstigebevolking. Daartegenover is het nog mogelijk door een thans zonder verwijlter hand genomen krachtlge, goed overwogen ruimtelijke ordening ons landte maken tot een goed werkmilieu, een goed woonmllieu en een goed levens-milieu. Dit brengt ons tot de volgende eisen:1. De Regering zal de nieuwe Wet op de ruimtelijke ordening snel moeteninvoeren.2. Zij zal op de grondslag van die Wet een nationaal ruimtelijk beleid moetenvoeren, dat gericht is op een doelmatige leiding van de urbanisatie en opreconstructie van het landelijk gebied. Dit beleid zal het karakter moetenhebben van een actieve ruimtelijke ordening. Het zal het gehele Regerings-beleid volledig moeten doordringen en het zal geruggesteund moeten wor-den door een programma van vaak hoge investeringen.3. De Regering zal met spoed een onderzoek moeten instellen naar de onrust-barende prijsstijging van de grond en in het licht van de uitkomsten vandat onderzoek dienen te overwegen door welke maatregelen die prijs-stijging kan worden tegengegaan, dan wel haar schadelijke uitwerking opde ruimtelijke ordening weggenomen.4. De Regering zal nader moeten overwegen hoe zij de plaats van vestigingvan industrieen en van andere concentraties van werkgelegenheid beterkan beheersen.5. De stedebouwkundige vakwereld zal zich, met concentratie van haar bestekrachten, moeten bezinnen op de vormen, waarin de urbanisatie zichdient te voltrekken en in het bizonder op de vormen van het stedelijkwoonmilieu.6. Provinciaal en gemeentelijk zal allerwege binnen de nationale richtlijneneen ruimtelijk beleid moeten worden gevoerd van overeenkomstig karakterals het nationaal beleid.7. In het belang van de eenheid van het gemeentelijk ruimtelijk beleid en vaneen snelle, besluitvaardige uitvoering van dit beleid is een aanpassing vande gemeentelijke indeling bij omvang en schaal van de urbanisatie nodig.Daarnaast zal in bepaalde situaties ter aanvuUing de vorming van districtenmoeten worden bevorderd.op verschillende tappunten tegelijkDe Inventum elektrische heetwater boiler. Wat een weelde in uw woning.Heerlijk warm water in keul
Reacties