stedebouw & volkshuisvesting^Orgaan van hetNederlands Instituut voorRuimtelijke Ordeningen Volkshuisvestingin dit nummer:Studicdag Alniere:Ruimtelijke kader AlniereOntwikkelingsbeleid AlniereSociologisch perspectiefArbeid en bedrijf AlmereInfrastructuur AlniereOrganisatorisch aspectNabespreking studiedagNieuive boekenJournaalMededelingensamsom februari 1975hardhouten ramentienduizenden vierkante meters gevelworden jaarlijks van hardhouten ramenvoorzien.duizenden woningen waar een minimumvan onderhoud zo belangrijk is.duizenden en duizenden duurzame ramen,perfect van afwerking, kwaliteit en ...concurrerend van prijs.vraag onze uitgebreide documentatie.brekelmans ramen b.v.breda, haagweg 320-322, telefoon 01600-48855vrije universiteit amsterdainBlj de Subfaculteit Sociale Geografie en Planologie Ran worden benoemd eenwetenschappelijk medewerk(st)ervoor de vakgroep Planologie, voor maximaal 0.8 werktijd.De gedachten gaan daarbij uit naar een planoloog/socioloog/soclaal-geograaf metbelangstelling voor en ervaring op het terrein van de voor de planologie relevantedemografie.Van betrokkene wordt verwacht het leveren van een gerichte bijdrage in hetonderwijsprogramma voor doctoraalstudenten en eventueel het verzorgen van hetonderdeel inleiding prognostische aspecten van de demografie in het voorkandidaats-programma.Zijn/haar onderzoeksgebied zai met name betrekking hebben op de evaluatie enprognose van demografische processen samenhangend met specifieke ruimtelijkestructuren en ingrepen op regionaal en stedelijk niveau.Van gegadigden wordt instemming verwacht met de doelstelling van deVrije Universiteit.Voor inlichtingen kan men zich wenden tot Prof. dr. J. Buit(020 - 548 36 08 of thuis 030 - 71 75 80).Schriftelijke sollicitaties, onder vermelding van vacaturenummer 711 -235binnen 3 weken na het verschijnen van dezeadvertentiete richten aan hetHoofd van de Hoofdafdeling Personeelszaken, De Boelelaan 1105,postbus 71 61, Amsterdam.mj TechnischeHogeschool DelftDe vakgroep Planologie en Stedebouwkundevan de afdeling der Bouwkunde zoekt voor dewerkgroep stedebouwkundige planvorming inoprichting (Prof. ir. N.A. de Boer)fysischgeograaf-planoloogDe stedebouwkundige planvorming vraagteen multidisciplinaire aanpak die in de studie-situatie gesimuleerd moet worden. Daarbij ishet van het grootste belang gebleken, dat destudenten in hun oefeningen direkte begele'i-ding krijgen uit de hoek van de stedebouw-kunde zelf maar ook van deskundigen die deinbreng in de planvorming kunnen kanalise-ren:le. vanuit de gedragswetenschappen2e. vanuit de wetenschappen die zich bezig-houden met het fysisch-biologisch milieu inde ruimste zin van het woord.De taak van de fysisch geograaf-planoloogzal bestaan uit het voorbereiden en program-meren van studie-projecten en het begeleidenvan studiegroepen in het 3e en 4e studiejaar.De taak is bedoeld voor twee en een halve dagper week.Voor een goede taakvervulling is het nood-zakelijk dat de kandidaat grote planologischebelangstelling heeft en bij voorkeur ervaringin de stedebouwkundige praktijk. Daarnaastis didactische begaafdheid en ervaring metgroepswerk vereist.De nieuwe medewerker moet bereid zijndeel te nemen aan organisatorische aktiviteitenin werkgroep- en eventueel vakgroepverband.Aanstelling en bezoTdiging volgens Rijks-regeling zal geschieden in het rangenstelselder wetenschappelijke medewerkers.Directe opneming in welvaartsvast pensioen-fonds.Schriftelijke soUicitatlies te richten aan hetHoofd van de Centrale Personeelsdienst, Juli-analaan 134 te Delft, onder vermelding vannr. C 7502 in de rechterbovenhoek van debrief.gemeentegoudadienst openbare werkenBij de afdeling stedebouwkunde vande dienst openbare werken, welkeafdeling een belangrijke taak heeftbij de uitbouw van de stad, deontwikkeling van het centrum en devernieuwing van de bestaande wijken,wordt gevraagd eenervarenstedebouw-kundigedie bereid is in coUegiale samenwerkingin veelal horizontale werkstructurenaan deze taak mede te werken.Eisen:-- Academische of hogere opleiding(S.H.O.) in dit vakgebied.-- Kennis op het gebied van deruimtelijke ordening.-- Goede contactuele eigenschappen.-- Ruime ervaring alsstedebouwkundig ontwerper.Bezoldiging:-- Salariering naar bekwaamheid enervaring tot max. f 3.543,- permaand, excl. toeslag machtigingswet(salarisnorm van 1974). Degebruikelijke gemeentelijkerechtspositieverordeningen zijn vantoepassing. De gemeente Gouda isaangesloten bij het IZA.Geinteresseerden worden uitgenodigdeen sollicitatie te zenden aan dedirecteur van de dienst openbarewerken, postbus 148 te Gouda, ondervermelding van ,,sollicitatie" op deenvelop.013/iawBouwenopvertrouwenKan het nog? "Nee", zegt u en tochhebt u niet helemaal gelijk. Reinbouwkrijgt nog regelmatig opdrachten opbasis van vertrouwen. En wi! dat nietbeschamen.Reinbouw staat met zrjn kennis enca-paciteit garant voor een goed bouw-produkt. Wij zijn een complete bouw-onderneming. Woningbouwprojektenwordendooronsontwikkeid.gebouwd,verkociit of beheerd. Renovatie be-hoort tot ons vakgebied, evenais deontwikkeling van turn-key projektenVoorop bij al onze activiteiten staat,dat wij bouwen voor mensen. iVlensendie op ons kunnen vertrouwen.ReinbouwInliclitingen:Reinbouwgroep B.V.Dieren. Industrielaan 8,telefoon 08330-9018.Vakaturenummer: 1143.Bij de dienst van Openbare Werkenis vakant de functieHOOFDAFDELING STEDEBOUWZwolle - centrum voor een grote regie -heeft een waardevolle historische kern,omgeven door bebouwing uit de vorigeen de eerste helft van deze eeuw.Daarbuiten liggen omvangrijke uitbrei-dingen van recentere datum en eenlandscliappelljk belangwekkendbuitengebied.In de komende jaren zullen naast nieuweuitbreidingen de stadsvernieuwingsplannengrote aandacht vragen.De te benoemen functionaris zai naastde dagelijkse lelding van de afdeling totlaak hebben de koordinatie vanstedebouwkundige aktiviteiten, zowelbinnen als bulten de afdeling.Voor deze funktie gaan de gedachten uitnaar een ervaren stedebouwkundige vanakademisch niveau met organisatorischeen leidinggevende kwaliteiten. Hij moet inmultidisciplinair verband kunnen samen-werken en oog hebben voor meerderebestuurlijke elementen.Gewenste leeftijd 40-50 jaar.Het salaris is In overeenstemming met hetniveau van de funktie.Daarnaast kan gewezen worden op desekundaire arbeldsvoorwaarden, zoalsopname In het A.B.P. (Pensioenfonds),goede zlektekostenverzekering (IZA) en772% vakantletoelage.Nadere inllchtlngen w/orden gaarneverstrekt door de direkteur van de dienstvan Openbare Werken, ir. R. Krijtenberg(tel. 05200-10944, of prive 32056) of doorW. Beljer, medewerker CentralePersoneelsdienst (tel. 05200-71333, tsl 357of prIve 37439).Solllcitatles te richten aan de direkteurvan de Centrale Personeelsdienst van degemeente Zwolle, Ter Pelkwijkpark 18te Zwolle onder vermelding vanbovenstaand vakaturenummer.Uitgavc van Samsom UitgeverijAlphcn aan den RijnOrgaan van hetNederlands Instituut voorRuimtelijke Ordening en Volkshuisvesling56e jaargang, no. 2maandblad, februari 1975MRedactie Mr. J.H. EngelDrs. A. EvertsDrs. R. KokMr. A.M. Schaap-DubbelboerDr. N.C. SchoutenIr. W. WissingAdres voor Redactie en Abonnementen van Speykslraat 25, Den HaagTelefoon (070) 390121Postgironummer 29080Advertenties Bureau Van Vliet bv, ZandvoortBurg, van Fenemaplein 19, Postbus 20Telefoon (02507) 4745*ArtikelenNieuwe boekenJournaalMededelingenInhoudOpdrachten en materiaal worden voorde le van de maand op dit adres ingewacht(pers.adv. 6e van de maand).42 Symposium Almere - nieuwe stad:Almere, liet ruimtelijlc leader, prof. dr. R.H.A. van Duin48 Ontwililcelingsbeleid Almere, ir. D.H. Frieling58 Vragen over het sociologisch perspectief, prof. dr. F. Grunfeld61 Arbeid en bedrijf in de nieuwe stad Almere, drs. M. de Smidt67 Infrastructuur; een critische kanttekening, prof. ir. H. Wiggerts72 Vragen over het organisatorisch perspektief bij Almere, drs. G. Engberts75 Nabespreking, ir. J. Overeem77 Jaarverslag 1973 Rijksplanologische Dienst, drs. A. Everts; Simon Mari Pruys: De paradijs-bouwers, ir. W. Wissing78 Jan Launspach80Losse nummers/ 7,50Stedebouw en Volkshuisvesling, februari 1975Symposium Almere - nieuwe stadDc hierna volgende zes artikelen zijn de inleidingen die gehouden zijn op demede door het Nederlands Instituut voor Ruiintelijke Ordening en Volkshuis-vesting op 20 november 1974 te Amsterdam georganiseerde studiedag overAlmere.De discussic is samengevat door de heer ir. J. Overeem, medeiverker van deStickling Toekomstbeeld der Techniek.Almere, het ruimtelijk kaderprof. dr. R. H. A. van DuinInlcidingAan mij is dc taak om U iets te vertel-len over de nieuwe stad Almere in Fle-voland en in het bijzonder over hetruimtelijk kader van deze ,,ncwtown", ecn opdracht die ik overigensruim heb gei'nterpreteerd. Zoals U inde samenvatting van dit congres hebtkunnen lezen, heb ik het ruimtelijkkader in eerste benadering onderschei-den in twee gebieden, nl. het oudcland en het nieuwe land, met Almereop de grcns van deze twee gebieden.Hiervan kampt het ene gebied -- hetoude land -- met ruimtenood, terwijlhet andere gebied -- het nieuwe land-- beschikt over cen bcvrijdende hoe-veelheid ruimte. En in deze situatieligt ook opgesloten dat deze 2 werel-den nu nog weinig, maar straks heelveel met elkaar te maken zullen heb-ben. Deze groeiende relatie impliceertechter wel, dat Amsterdam, dat delaatste ceuw zijn expansie in west-waartse richting heeft gczocht, ookwccr oostwaarts leert kijken, naar deZuideUjke IJsselmeerpolders. En al-leen door dc ontvvikkeling van dit jon-gc gebied kan het noordelijk decl vande Randstad werkclijk z'n vleugelskrijgcn.Het ZuiderzeeprojectMaar eerst iets over het nieuwe land,het Zuiderzeegebicd, waar een halveeeuw geleden een project is gestart,dat nu in voile ontplooiing is. Een pro-ject, dat ondanks zijn lange duur, nogsteeds beantwoordt aan zijn primairedoelstcllingcn: namelijk de transfor-matie van het Zuiderzeegebicd tot ecnhoogwaardiger ruimte, door een opti-male benutting van dc fysische enruimtclijkc potcntics hiervan. Als con-crete doelstellingen kunnen hierbijworden genoemd:a. vcrgroting van dc vciligheid van hetoude land tegen overstroming, hetmedc veiligstcllen van de voedsel- enwatervoorziening van het Nederland-se volk en vergroting van dcrzelverwerkgelegenheid, aspecten die ookvandaag de dag nog volop actueelzijn;b. voorts vcrbetcring van dc verkeers-verbindingen tusscn dc aangrcnzcn-de regio's en ecn betere sprcidingvan de bevolking, in het bijzonderin het noordelijk deel van dc Rand-stad;c. tcnslotte in het gebied zclf, hetscheppen van een gediffcrcntieerdmilieu, waarin ecn vcclhcid \'anmensen, dieren en plantcn zich har-monisch kunnen ontwikkelen.Om deze doelstellingen te kunnen ef-fectuercn zijn primair 2 elem.entaircingrepen vereist, namelijk:-- compartimentering van het Zuider-zeegebicd door de aanleg van dijken;-- peilregeling van de hierdoor verkre-gen deelgebieden door de bouw vansluizen en gemalen, waarbij de in testellen waterpeilen uiteenlopcn tussenenkele meters onder de poldcrbodemen enkele meters hierboven.Op deze wijze worden dc vereiste con-dities geschapen voor verdere ontwik-kelingen, als daar zijn: drinkwater-voorziening, verkeers-infrastructuur,natuur- en landbouw, recreatie, woon-en werkgelegenheid.Het ruimte-tijd beeldDe wijze waarop de hiervoorgenoemdedoelstellingen gcstalte krijgen, is uiter-aard plaatsgebonden, maar niet allccnplaats- doch ook tijdgcbonden. Als wcterugzicn op dc ontwikkclingen van dcY-polders en de Haarlemmermecr danwordt duidelijk vvelke belangrijkcfunctievcrschuivingen er in de loopder tijden plaats kunnen vinden.Door de lange tijdsduur van het Zui-derzeeproject vindt deze accentver-schuiving reeds plaats tijdens dc uit-voeringsiase, zodat dc inrichting \'anFlevoland aanmerkelijk verschilt vandc inrichting van b.v. de Noordoost-polder. Zelfs tijdens dc uitvocringsfasevan een polder vindt een bijsturing derplanncn plaats. De lange duur van hetZuiderzeeproject, tesamcn met hetfcit dat de inrichting van cen gebiedvoor lange tijd wordt vastgelegd, brcn-gen met zich mee, dat de planncn zoflcxibel mogclijk mocten zijn opgc-steld en dat dc daarop volgende bc-sluitvorming ruimte moct latcn voorlatere ontwikkclingen. De verdeling42 Stedcbouw en Volkshuisvesting, fcbruari 1975ruimLclijk kudcr Almcrevan hot Zuidcrzccproject in afzonder-lijkc polderecnhedcn is cen voorbecldvan deze werkwijzc cvenals dc stede-bouwkundige opzct van Almere meteon aantal afzonderlijke woonkernen.Dat flexibiliteil en particle besluitvor-ming tcvcns een stuk fundamenteleonzekerheid in zich dragen is dan eendeel van de prijs die hiervoor betaaldmoct worden.Uit het voorgaande mag worden ge-concludecrd, dat bij de landinrichtingde tijd even wezenlijk is als dc ruimte,zodat dit type werken als het onder-havige Zuiderzeeproject, geen drio-,maar vceleer cen vier-dimensionaalproject is. En daar wil ik dan nog welcen vijfde dimensie aan tocvocgen: dcorganisatiestructuur, die nodig is omaan dit ruimtc-tijd bccld gestaltc tegevcn: allcen cen goede projcctorgani-satic, met een eenheid van besluitvor-ming, financiering en uitvoering kanvoorkomen dat allc middelpuntvlic-dende krachten in werking treden, dieIcidcn tot versnippering, fricties enstagnatie. Krachten die hun voedings-bodem vinden in drie bestuurslagen,met op rijksniveau het ,,Koninkrijkder 16 onvercnigde departementen".De positie van AlmereHoc dit zij, het Zuiderzeeproject alszodanig, met dc aangchouden volgor-de van uitvoering en geplaatst in hettijdbcstek waarin we nu leven, hebbener tesamcn toe geleid dat voor de ef-I'ectucring van het overloopbeleid uithet noordelijk deel van de Randstadzich thans cen nieuwe opvangkernaandient: Almere. Deze stad, of lieverdeze bundeling van woonkernen, is ge-situecrd aan de rand van Flevoland,tegenover Amsterdam en het Gooi.Deze excentrische ligging in de polderis duidclijk cen plaatsvcrschuiving tenopzichte van de agrarischc woonker-nen in de oudere IJsselmeerpolders,waar de woonkernen centraal in hetbijbehorende landbouwgebied liggen.De wijziging in functie van de woon-kernen in de nieuvvste polders wccr-spiegclt zich duidclijk in deze anderesituering: zowcl Lelystad als Zecwoldcen Almere zijn in Flevoland excen-trisch gelegen. Hierbij steckt Almerezclfs als een schicrciland in het IJmeerom a.h.w. zo dicht mogelijk bij dcdonorgcmeente Amsterdam te komen.Behalve om een vcrbinding via cendamtrace door het IJmeer in de rich-ting van dc Oranjesluizen vraagt dieschiercilandpositie om cen draagvleu-gelverbinding van Almere met het IJbij het Centraal Station.Het oude landNa deze cjpmerkingcn (n'cr het nieuweland nu eerst lets over de kcerzijde vandc medaille, het oude land (met Al-mere op de rand van dit muntstuk,waar geschreven staat: ,,God zij metons"). Hoe ziet de kcerzijde er uit enwelke processcn vinden daar plaats?Maatgcvend hierbij is de ontwikkelingvan de werkgelcgenheid in dit deel vande Randstad, waarbij cen zekcre ver-plaatsing in zuidwaartse richting on-miskenbaar is, met cen terugloop vandc werkgelcgenheid in de Zaanstrecken een toename van het aantal arbeids-plaatsen in het gebied rondom Schip-hol. En de bevolking trekt hier achter-aan, het groene hart van Holland in.Deze trend blijkt wel uit de ligging vande woonkernen met een sterke groci,zoals Haarlemmermeer, Alphcn enGouda, waar in de periodc 1970 t/m1973 in totaal ruim 10.000 woningenzijn gereed gckomen en nog mcer dan4.000 in aanbouw zijn (zie tabel).En als klap op dc vuurpijl straks wel-licht dc door de Rijks PlanologischeCommissie geopperde mogelijkheidvan een nieuwe grocikcrn, dc Haarlcm-mcrmeerstad. Het behocft geen be-toog, dat dcrgclijkc proposities de ge-loofwaardigheid van het overloopbe-leid in uitwaartse richting wel op cenheel laag pitjc zctten (op het overloop-beleid k(5m ik straks nog tcrug).Dc hiervoor gcschetste mobiliteit vanwerk- en woningzockenden gcldt nictvoor dc bevolking als geheel, maarslcchts voor bepaalde categorieen hicr-van, en met name voor de jonge gene-ratie en het is juist die bcvolkingscate-gorie die de toekomst met zich mce-draagt.Deze ontwikkeling Icidt dan weer totveroudering en cen lager inkomens-nivcau van de achterblijvcnde bevol-kingsgrocp en daarmec tot een dalingvan de bestcdingen. Hierdoor vindtvervolgcns een inkrimping plaats vanhet voorzieningenpakkct in de oudekerncn en een versmailing van dc basisvan het leefklimaat. Een drainagepro-ces dat men door rehabilitatie van de-ze oude stadswijken tracht in tc dam-men.Naast deze poging om de woonfunctievan de oude stadsgebieden te handha-ven is het groeikernenbclcid crop gc-richt om de uitgaande stroom vanmensen te leiden naar bepaalde, aange-wezen woonkernen, om daarmec desuburbanisatie in te dammen, d.w.z.het opzwellcn van plattelandskernenen het dichtslibben van de groeneruimte, gepaard gaande met cen sterkgespreid verkccrsaanbod dat zich nau-wclijks Icent voor openbaar vervoer.Uit dc cijfers in bijgaande tabel blijktdat dc suburbanisatie de laatste jarenversneld doorzet, waardoor dc wo-ningvoorraad in dc kleine woonkernenGereedgekomen woningen in enkele woonkernen in het groene hartWoonkern 1970 1971 1972 1973 '70 t/m'73 In uitv. l/l/'74HaarlemmermeerAlphenGouda397 586 1104 1464 3551506 946 755 1491 3698719 670 537 1014 294010001500190043 Stedebouw en Volkshuisvesting, februari 1975ruimlclijk kadcr Almerc2 a 3 maal zo sncl toenccmt als vol-gens dc landclijke norm (2,2% perjaar) toclaatbaar is.Toename van de woningvoorraad in gemeen-ten in Noord-Holland en Utrecht, ingedeeldnaar de mate van verstedelijkingUrbanisatiegraad Periode1960-'69 1970-'72Plattelandsgemeenten 3,5% 6,0%Verstedelijkt platteland 3,5% 4,0%Kleine steden 4,9% 6,6%Middelgrote steden 2,5% 2,0%Grote steden 1,4% 0,8%Met het voorgaandc zijn de twee we-zenlijke problemen geschetst in deruimtelijke ordening van dezc tijd:vcrpaupering van de oude stadskernenen verloedering van de groene ruim-ten, met als remedie: enerzijds hethandhaven van de woonfunctie doorstadsvernieuwing en anderzijds bunde-ling van de stadsverlaters in groeiker-ncn.Hiermee is nog niet alles gezegd overdc groeikernen, daar hierbij duidelijk2 categoriecn zijn te onderscheiden,namelijk: de groeikernen die de zuid-waarts gerichte bevolkingsstroom op-vangen in het kader van de gebundeldedeconcentratie, zoals Gouda en Al-phen, en de groeikernen die aan denoordzijde van de Randstad zijn gele-gen en zich tegen de keer in moetenontwikkelen. En hiermee komen weop het uitwaarts gerichte overloop-beleid, in welk kader Alkmaar, Hoorn,Purmerend, Lelystad en Almere zijnaangcwczen als groeikern. Het is evi-dent, dat dc problematiek bij het ont-wikkelen van deze excentrisch gelegengroeikernen veel gecompliceerder isdan bij de ecrdcr gcnoemde steden inhet groene hart.Het overloopbeleidOver de stadsvernieuwing wil ik hierverder weinig zcggen, want dat valtten dele buiten de vandaag aan de or-de zijndc problecmstelling en buitenonze taakstelling. Om daarvoor eenbeleid gestalte te geven zou, zoals weleens is gezegd, een Deltaplan voor destadsvernieuwing nodig zijn, maar deregcring heeft zojuist weer een paarmiljard extra in het echte Deltaplangestopt, zodat cr niet alleen gatenkomen in de Oosterscheldedam maarvooralsnog ook steeds meer gaten inde oude stadswijken. En in dit geval ishet evident dat jc niet het cne gat kanstoppen met het andere gat.Beperken we ons vandaag en in dit ka-der tot de uitwaarts gerichte overloop,dan is het duidelijk dat het hierbij nietalleen gaat om de belangcn van dedonorgemecntcn of van de opvangker-nen, maar om de ontwikkeling van deregio in zijn totaliteit, waarbij Amster-dam natuurlijk een zecr bijzondereplaats inneemt.Het te voeren beleid moet dan ook opde volgende premissen berusten:a. het draagvlak van de donorgemeen-ten moet in principe in stand blij-ven en zo mogelijk versterkt wor-den;b. in de opvanggemeenten moet eenevcnwichtige bevolkingssamenstel-ling tot stand komen naar Iceftijds-opbouw en inkomen;c. zowcl in de donor- als in de opvang-gemeenten moet een integratie vanwonen en werkcn worden nage-streefd, waarbij de forensenstromenelkaar ongeveer in evenwicht hou-den.De maatregelen, die hiervoor zowel inde donor- als in de groeikernen nodigzijn hebben betrekking op:a. het realiseren van een attractiefwoonmilieu voor alle bevolkings-catcgoricen;b. het handhaven, c.q. scheppen vaneen goed vestigingsklimaat voor be-drijven;c. het tot stand brengen van goedeverkeersverbindingen tussen over-loop- en opvanggebieden.Het voor deze overloop-operatie tevoeren beleid dient zo min mogelijkop dwang te berusten, hoe verleidelijkdit uit een oogpunt van korte-termijn-succes ook is. We hebben na de oorlogwel gezien, hoe het woningbouwbeleidin het slop is gcraakt door het ontbre-kcn van kcuzevrijheid, als gevolg vande woningnood, met als resultaat ccnmassalc en in feite niet gewenste hoog-bouw en met als ncvenbezwaar eenomvangrijke visuele landschapsaantas-ting.Essentieel voor het overloopbeleid is,dat de middelen worden verschaft omhet woonmilieu in de groeikernen zo-danig te doen zijn dat dit concurre-rend kan zijn met dat in suburbanegebicden. Helaas zijn tot nu toe demogelijkheden om een goed woon-milieu te scheppen in sommige groei-kernen niet beter, maar eerder slechterdan elders.Ook voor het vestigingsbeleid geldt,dat verleiden te prefereren is boven ge-weld; men kan inderdaad door premie-heffing en verbodsbepalingen onge-wenste vestigingen wel tegengaan,maar met dergelijke goedbedoeldemaatregelen komen de bedrijven nogniet vanzelf op de plaatsen waar we zewel graag willen hebben. Daartoe ishet scheppen van een goed vestigings-klimaat in de groeikernen vereist,waartoe b.v. stimuleringspremies kun-nen worden gerekend.Ook de totstandkoming van de infra-structuur en met name van de ver-keersverbindingen dient te wordenafgestemd op de gewenste ontwikke-lingen en mag niet alleen gebaseerdworden op kwantitatieve verkeersbe-rekeningen. Baseert men zich immersalleen op de feitelijke (niet gewenste)ontwikkelingen, dan wordt de vicieu-ze cirkel van werken-woncn-wegenaan-leg in eindeloze opeenvolging alleenmaar versterkt. Zo dient de aanleg vanverkeersverbindingen in de Randstaduitwaarts gericht te zijn en niet cen-traal op het groene hart. Bekijken we44 Stedebouw en Volkshuisvesting, februari 1975ruimtclijk kudcr Almcrrwat dit belrcft dc grocikcnicn in dcIJsscImccrpoldcrs, dan blijkt dat allcverkcer zich via de HakkelaarsbrugFlcvoland in inoct wringen en misscnwc dc algcmccn noodzakelijk gcachtcZuidcr/.ccspoorlijn, icrwijl in Rijks-weg 6 hct csscnticlc traject ontbrcekttussen rijkswcg 1 en rijksvveg 2.Wat betreft de vcrbindingen met degroeikernen Purmerend en Hoornsprcekt de gebrekkige situatie voorzichzelf. De onlangs weer aangevarenen beschadigde Hembrug is er eenV(jorbccld van, dat een verkeersstruc-tuur op meer gebaseerd nnoet zijn danop kwantiteiten en dat bij iict te voe-ren beleid met name ook de bedrijfs-y.ekerheid een factor van betckenis is.De bovenstaande ontwikkelingen moe-ten uiteraard niet vvorden gezien alsonwil van de overheid om haar eigenbeleid uit te voercn, maar veeleer alsccn schoolvoorbecld van het gedicht:,,Tussen droom en daad staan wettenin de weg en praktische bezwaren".Waarbij ik overigens niet wil verhelen,dat wisselingen in bestuur o(jk hunweerslag vinden in vs'ijzigingen van be-leid. Op zichzelf is dat legitiem, maarhet is niet de weg om structurele pro-blemen op te lossen. Zo is de gerichteoverloop vele jaren geleden als beleids-doelstelling geformuleerd en dit beleidis eigenlijk pas recent operationeel ge-Wf)rden. Een wijziging van dit beleidkomt neer op stagnatie nu, terwijl deelTectuering van een ander beleid weervele jaren vergt, met als consequentie,dat als dat nicuwe beleid dan eindelijkeffectief wordt, er mutatis mutandisopnieuw een ander beleid is, zodat erdan voorlopig weer niets gebeurt, enz.enz. En ondertussen gaan het vervalvan de oude stadswijken, de wildgroeiin het landelijk gebied en de concen-traties in het groene hart rustig door,met ;Jle ongewenste gevolgen vandien. Zo gezien hangt de reeds langaangckondigde verstedelijkingsnota alseen donkere wolk aan de cinder Ikweet, dat er velen zijn die twijfelenaan de noodzaak van dc overloopopc- lectuering van het overloopbelcid?ratic: gcboortcdaling en rchabilitatie Uitgangspunt bij deze vraagstelling isworden dan als afdoende remedies ge- het rapport van de Commissie Roelsezien, doch in werkelijkheid is het zo (zie tabel onderaan de bladzijde).dat zcli's als het overloopbelcid voile-dig zou slagen, er tot 1980, als gevolg Dc taakstelling in dc periodevan de tocname van het aantal huis- 1970-1980 bedraagt 60.000 wonin-houdens, nog zo'n half miljoen men- gen, te verdelcn over Alkmaar, Hoorn,sen uit dc noordvleugel door de mazen Purmerend en de Zuidclijkc IJsscl-van hct net zuUen kruipen en het Ian- mecrpolders (Lelystad en Almerc). Nadelijk gebied zullen intrekken, bocrdc- 4 jaar, d.i. 2/5 decl van deze 10-jarigerijen, dorpen en stadjes bezettcn en periode, is nog niet 1/5 decl \an hctdaarmcc tevens de basis leggen voor dc programma gerealisccrd, terwijl dcverdere groci hiervan, want nadat deallochtonen ecnmaal gevcstigd zijn,zijn zc autochtoon geworden. V'oor-waar, als we nog lets van het onvolpre-zen Hollands landschap met zijn unic-vooruitzichten voor de komendc jarenniet beter zijn. Dit houdt in dat dcachtcrstand steeds grotcr wordt. Vandc aangewezen groeikernen heeftvooral Purmerend kwantitaticf eenkc steden en landschapsschoon willcn goedc start gehad, terwijl thans Lcly-rcddcn, moct nu toch wel de nood- stad als koploper gaat fungeren. Bij-klok worden gcluid over deze lage Ian- gaande tabel over de aantallen ver-(len. huurde woningen aan uit AmsterdamKort geformuleerd gaat het erom dat vertrokken huishoudens is in dit op-dc woningbouw, gericht op de opvang zicht illustratiei.van de bevolkingsgroei en het inhalcnvan de achtcrstand die is opgclopen inde dertiger en veertigcr jaren, moctworden vervolgd, maar nu vooral inrclatic tot de afnemende woningbczet-ting en dc noodzaak van vervangingvan verslctcn woningen en woonbuur-ten. Allcen al t.g.v. de dalende wo-ningbezetting moct het woningbc-stand dc komendc decennia met ca1/3 worden uitgebreid!De resultaten van het overloopbelcidHoe staat het momenteel met de cf-Woningbouu) in de groeikernen in het noordelijk dcel van de Randstad en de situatie in 1974Aantal verhuurde woningen aan uit Amster-dam via Dienst Herhuisvesting vertrokkenhuishoudens in 1974Groeikern le enkwar-taal2e3ekwar-taalTotaal Id. in %Alkmaar 139 64 203 38Iloorn 9 5 14 2Purmerend 0 70 70 13Lelystad 162 93 255 47Totaal 310 232 542 100Groeikern Taakstelling Gerealiseerd Nog te bouwen1970 t/m19791970 t/m1973In uitvocringper 1-1-1974periode19/4 t/m1979gemiddeldperjaarPurmerend 16.000Hoorn 16.000Alkmaar 17.000Z. IJsselm. p. 11.0002.9502.3502.6002.55013.05013.65014.4008.4502.2002.3002.4001.4006531961.1141.256Totaal 60.000 10.450 49.550 8.300 3.21945 .Stedebouw en Volkshuisvesting, februari 19 75ruimlclijk kadcr AlniereHicruit blijkl, dat in dc ccrstc drickwartalcn van 1974 ongevecr dc helftvan dczc huishoudcns naar Lclystad isvertrokkcn, met Alkmaar als gocdetweedc (38%) en Purmercnd als derde(13%), tenvijl Hoorn in de achterhoe-deligt (2%).'De cijlers voor iiet lopende kwartaalzullen dit beeld vvaarschijnlijk verster-ken. Overigcns ligt hel belangrijkstebouwl'ront nog steeds in Amsterdamzelf, waar op 1 januari van dit jaarrond 6800 woningen in aanbouw wa-rcn, dat is ruim twee maal zoveel als inalle groeikernen van de noordvleugeltesamen.Vooral in Purmerend is de situatievoor de nabije toekomst weinig roos-kleurig, in wclk verband ecn recentkrantebericht illustratief is (Het Pa-rool van 31 oktobcr 1974).,,Gcvrecsd moet worden dat het struc-tuurplan, dat in november 1972 doorde gemcentcraad in Purmerend werdvastgestcld, politick, planologisch enjuridisch geen hcchte basis mcer kanzijn voor de verdcre bestemmingsplan-nen. Zelfs is het de vraag of het be-stemmingsplan De Gors voor1500 woningen in zijn huidige vormgehandhaafd kan blijven. Het ont-werp-bestemmingsplan Purmer I voor6800 woningen komt helemaal op los-se schroeven te staan, omdat het uit-gaat van ecn volledige bebouwing vandc Purmer. Men mag ervoor vrczen datbij ecn bezwaarschriften-procedure totaan dc Kroon dc planncn juist daar dcmist in zullen gaan."Dczc uitsprakcn worden vanuit ecnandcre visic ondcrschrcven door wet-houder Lammers als hij -- blijkens ecnkrantebericht -- zegt het ,,onaanvaard-baar tc achten dat dc procedureskrachtens dc Wet op de RuimtelijkeOrdening door dc provincialc overheidzo worden gei'nterpretcerd dat de ccr-stc paal in dc Purmer ecrder in detachtiger dan in dc zcventiger jarcnkan worden vcrwacht". Men kan ge-vocglijk aanncmen dat deze ontwikke-ling de druk op Lclystad en Almerealleen maar zal versterken, zcker als ertcgelijkcrtijd ecn krachtig beleid tcgendc sub-urbanisatic wordt gevoerd, zo-als Gedeputccrde Staten van Noord-Holland hcbben aangekondigd.Dit is kcnnelijk ook het standpunt vanMinister Gruyters, die aan dc Kamerschrijft, dat ,,naarmate dc problemen,die zich bij de ontwikkeling van de op-vangkernen op het oude land voor-doen, groter zijn, ecn sterker beroepzal mocten worden gedaan op dcgroeikernen op het nieuwe land",waarbij Minister Gruyters Lclystad enAlmere dus beschouwt als saldo-groci-kcrncn. Mijn naamgenoot Rocl vanDuin hceft dit alles trefzekcr ver-woord met dc uitspraak: ,,Als het inPurmerend dondert, gaat voor Almerede zon op" (Nieuwe Linic).Doch ook in dc IJsselmeerpoldcrsgroeien dc huizcn niet vanzelf, hocvruchtbaar de bodem daar ook is, zo-dat ecn verdcre frictic tusscn wens envverkclijkheid inzake het ovcrloopbc-leid onontkoombaar lijkt. Bij dit allesis dc ontwikkeling van dc werkgele-genheid in dc groeikernen nog nauwe-lijks genoemd. Het is duidelijk datopvangen van ,,overlopcrs", zondcrdat dc bijbehorende werkgelegenheidmcekomt, op den duur onhcrrocpclijkmoet vastlopen. Momcntccl werkt nogongevecr 80%o van dc Lelystadsc bcvol-king in Lclystad zelf. Enigc daling vandit percentage is wel toclaatbaar, maarvecl lager mag dit niet worden, tcrwil-le van ecn harmonische groei van Lcly-stad zelf. En dit principc geldt uitcr-aard voor alle groeikernen.Bestaande of nieuw te stichtcn groei-kernenEcn gchccl andcr aspect van het groci-kerncnbeleid volgt uit dc vraag op ba-sis van welkc overwegingen dczc ker-ncn worden gekozen, waarbij voor mijde mcer gerichtc vraag intrigcrcnd isof je reeds bestaande stadjes als groei-kern moet aanwijzcn of dat je echtcnew towns moet stichtcn, d.w.z. metecn schonc lei beginnen, zoals dat indc IJssclmeerpolders het geval is.In cerstc instantie is het verleidelijkom aan te breicn aan ecn bestaandewoonkcrn, vooral als dat ecn oud stad-je is, zodat er van meet af aan ecnaantrekkelijk woon- en vcstigingskli-maat is. In feite is dit ook ecn van dcrandvoorwaarden van de suburbanisa-tic: ecn reeds aanwczigc infrastruc-tuur, waarop voorlopig geparasiteerdkan worden. Maar na verloop van tijdbegint die beginstructuur, die de startzo gemakkclijk maaktc, allengs teknellen, en als dc gcplandc snclle enomvangrijkc groei wordt gchaald,barst de oude kern uit zijn vocgen.In dc nieuwe steden in de IJssclmeer-polders is er in de beginfase alleenmaar moddcr; geen winkcls, geen so-cialc culturelc voorzicningcn, geenbruinc krocg, geen kaasmarkt en vultU de dingen maar in, die U in ecn oudstadjc gezellig vindt. Dit Icidt ertoedat bij deze nieuwe steden die start-fase bcpaald moeilijkcr is, maar doorde mcer op dc toekomst afgestemdcbasisstructuur is de vcrvolgfase wel-licht gemakkelijkcr. Waar het even-tuelc omslagpunt ligt tusscn dc moci-lijkc startfase en dc gemakkelijkcr vcr-volgfase is nog niet te zeggen, maarLclystad hceft wcllicht binnenkort hetpunt bercikt dat de achtcrstand ecnvoorsprong kan worden.Overigcns zou het wcllicht goed zijnmcer aandacht tc bcsteden aan de en-gclsc organisatiestructuur, waar dcnew towns wcliswaar ook tcgen be-staande kernen worden aangcbouwd,maar waar de onder rijksvcrantwoor-delijkhcid werkende DevelopmentCorporation naast dc totstandkomingvan de new town tegclijk de rccon-structie van dc bestaande kern terhand neemt (vcrgclijk Warington).Lelystad en AlmereHet begrippenpaar achtcrstand envoorsprong en de voorsprong van de46 Stedebouw en Volkshuisvesting, februari 1975ruimtelijk kader Almereachterstand spclen ook in dc relaticLelystad--Almere een rol. Een relatiedie voor sommigen een heet hangijzeris, als gevolg van een gevreesde concur-rcnlie tussen deze groeii^ernen, vooranderen is dit stedenplan daarentegeneen beeld van elkaar aanvullende enversterkende stcdelijke vestigingcn,met ieder een cigen specificke situatieen onderling complementair.Voor Lelystad ligt hierbij dan hel ac-cent op zijn centrale ligging en zijnverzorgende functie voor de IJsscl-meerpolders, hetwelk ook tot uitingkomt in zijn concentrische stedebouw-kundige structuur, met een gemakke-lijk bereikbaar centrumgebied. Doorde bouw van Almere komt dc rand-stad allecn maar dichterbij en komt(K:)k de Zuiderzee-spoorlijn binnen dehorizon, factoren die voor Lelystadstimulerend zullen werken.Anderzijds heeft Almere het voordcelvan zijn ligging vlak bij de overloop-gebiedcn, waarmee het best voldaanwordt aan de eisen die Amsterdam aande groeikernen stelt: ,,snel, veel endichtbij bouwen". Daarnaast heeftAlmere ook een zekere handicap, om-dat regclmatig een nieuvve pionierfaseontstaat, als gevolg van de start vaneen volgende woonkern in het kadervan de gekozen polynucleaire struc-tuur. De bcdoeling van deze stede-bouwkundige opzet is, om zoveelmogelijk flexibiliteit te houden tenaanzien van eindomvang, groeitempo,stcdebouwkundige opzet en organi-satie en om tevens een alternatiei tebieden voor het wonen in kleine ker-nen. Dit implicccrt tevens dat aan degroene ruimten tussen de af'zonder-lijkc kernen veel zorg meet wordenbesteed. (In feite gaat het om de in-richting van een stedelijk landschap.)Lelystad en Almere zullen dus elk eeneigen gezicht moeten krijgen met spe-cificke kwaliteiten, waarbij in Lely-stad bv. het accent kan liggcn op eenruimer grondgebruik in de woongebie-den en meer op de particulicrc bouw.terwijl Almere wellicht een meerklein-stedclijk milieu biedt met extraveel aandacht voor mensen die willenwandelen, fietsen en rijden in bussenen treinen, een plaats ook die aantrek-kclijk is voor mensen, die -- om metde dichter Marsman te spreken -- ,,devervuilde stegen, de smalle, kronkelen-dc straten van het onsterfelijk, prach-tig Amsterdam" binnen handbereikwillen hcbben.Wat bctreft de wcrkgelcgenheid wordtLelystad nu al gekcnmerkt door deaanwezigheid van vele instituten enrijksdiensten, terwijl de wcrkgelcgen-heid in Almere meer dirccte relatiemet Amsterdam en het Gooi kan heb-ben (kantoren, onderwijsinstellingen,radio en televisie?).De eerste, bctrekkclijk kleine kern vanAlmere is aan het Gooimeer gelegen,tussen de bruggen bij Muiderberg inRW 6 (gereed) en bij Huizen in RW 27(in voorbereiding). Dc tweedc kern,die tevens de grootste moct worden, isgesitueerd aan de Zuiderzeespoorlijn,die aansluit op de spoorlijn Amster-dam-Hilversum.Voor de continui'teit in de overloopnaar Almere is een snelle besluitvor-ming vereist over de situering en hettijdstip van aanvang van de tweedekern, omdat in deze tweede kern eenbelangrijk deel van de overloop aanhet eind van de zcventiger jaren en vanhet begin van de tachtiger jaren zalmoeten worden opgevangen. Al kortdaarna zal ook de derde kern operatio-neel moeten worden (zie tabel).Planning van ecrst op te leveren woningcn inde eerste 3 kernen van AlmereJaar le kern 2e kern 3e kern Totaal1976 500 - ~ 5001978 900 600 - 15001980 800 1500 600 29001982 700 1500 800 3000Slo t op merk mgcnDe iMarkerwaard heb ik in dit verbandnog niet gcnocmd, niet omdat die nietvan wczenlijk belang is voor de ont-wikkeling van de noordvleugel van derandstad en van Almere en Lelystad inhet bijzonder, maar voor die discussiekomen stellig nog andcre gelegenhe-den. Voor vandaag is het al genoeg omte wijzen op dc welhaast beslissendcrol die Almere speelt voor het slagenvan de overloop uit Amsterdam, waar-toe aan enkele essentiele voorwaardenmoet zijn voldaan:-- aanvang op korte termijn met de 2cen 3e kern van Almere;-- aanlcg op korte termijn van dc Zui-derzeespoorlijn naar Almere, Lelystaden verder;-- aanlcg van het deel van RW 6 tussende brug over het G(K)imeer en RW 1en vervolgcns van het deel van RW 6tussen RW 1 en RW 2;-- maatregelcn ter bevordering van dewcrkgelcgenheid in de Zuidelijke IJs-selmccrpcjlders;-- middclcn voor het scheppcn vaneen gocd woonmilieu, zowel wat bc-treft de woning als de woonomgeving,in het bijzonder ook afgestemd op dc,,vergeten" bevolkingscatcgorieen.Ten slottc wil ik in de marge van ditbetoog nog opmerken dat sociaal-cul-turele en recrcaticve voorzicningenvoor een echtc ,,new town" reeds inde allereerste fase van dc bewoningvan dc grond moeten komen. Hetmoest eigenlijk overbodig zijn om de-ze punten te nocmen, maar dc wcrke-lijkheid van het leven Icert dat ze nietvaak genoeg gczegd kunnen worden.47 Stedebouw en Volkshuisvesting, fcbruari 1975Ontwikkelingsbeleid Almereir. D. II. FrielingOp het kaartje hieronder is aangegevenwaar dc Amsterdammers wonen diebciangstclling hebben geloond voorecn huis in Almcrc. Hct kaartje geeftdc situatic per 1 oktober jL Het zijn2235 adresscn. Tot en met 15 novem-ber van dit jaar hebben in totaal4275 mensen ons ecn brief gesciirevenvoor cen huis. De officiele taakstelHngvoor dc vvoningbouvv in Almere tot1980 omvat 4.000 vvoningen.Uit de Kinkerbuurt, de Pijp, Oostcr-parkbuurt, Dapperbuurt en Indischcbuurt mcldden zich in totaal 569 huis-houdcns. Bij de huidige gemiddeldewoningbczctting in Amsterdam zijndat rond 1500 mensen. Gemiddeldover de afgelopen vijl jaren vcrtrokkenuit deze vijf buurten tesamcn per jaarruim 19.000 mensen. Rond 8 procentdaarvan toont nu, driekwart jaar voorde eerste paal voor de woningbouw degrond ingaat en meer dan andcrhalfjaar voor dc eerste woningen wordenopgelevcrd, belangstelling voor Al-mere.Wat zijn het voor mensen die in Al-> nr buurtcomblnafie1 -- 3 adressen4--10 adressenI 11--20 adressenKaart belangstellenden inAmsterdam per 1 oktober 197448 Stedebouw ep Volkshuisvesting, februari 1975oiilxcilxki'liiiiisliclriil At III f remere willen wonen? Op twee kenmer-kcn wil ik hicr ingaan, namclijk hctinkomcn en cle leeflijd van dc hoof'dcnvan dc huishoudcns. Om de bctckenisvan die gcgcvens te plaatscn geef ikdezclfdc kenmerken voor achterccn-volgens:-- Amsterdam in zijn geiieel-- dc urgcnte woningbchoevendcn-- dcgenen die in 1972 naar de nieuw-bouw in Noord-Holland zijn vertrok-ken en vermcld ik tevens de taakslcl-iing \oor Almere-Haven.Het gaat om schattingen per 1 januari1974. Die hebben geen absolute maarvoornamelijk een relatieve bctekcnis.Daarom wordt volstaan met percen-tages.Dc Eerste Jan van(Icr Heijdenstraat in
Reacties