Vol shuisvestinoSteOrgaan van het Nederlandsch Insiltuut voor Volkshuis-vesting en Stedebouw en van den Nationaten Woningraad,Algemeenen Bond van WoningbouwvereenigingenJuni 1939 20e Jaargang no. OStaniS^roen en ^nH?3Jtu>itvan PIETER SCHOEN & ZOOM N.V.,ZAANDAM, geven een voornaam aan-zien, gepaard aan groote duurzaamheid.Deze producten bezorgen den schildereen tevreden clientele IVr?agt onsenl?uwe kiaurenlcaarlColUctl* 1938. 12 k3 1(16 U3 k3 k1 k!'?n StandgroanAntlakwitStandbrulnStandroodStandblauwStandzwartPIETER SCHOEN & ZOOM N.V.VERF- EN VERNiSFABRIKANTEN - ZAANDAMGEWAPEND ASBEST-CEMENT?TERMORCO?N.V. Industri?ele en Handelmaatschappij?TERRANOVA?Noorderwcg 52A - Telefoon 8581 HILVERSUMFabrikante van ,,TERMORCO"BUIZEN - KOKERS - Spedale SCHOORSTEENKANALEN(ook DUBBELWANDIGE) - WASEMKAPPEN en KANALENVENTILATIE-LEIDINGEN ONTLUCHTINGSKOKERS.EENDOORSTROOMAPPARAATIN UW KEUKEN MET ZIJLEIDINGNAAR EEN DOUCHECEL KANNIET MEER WORDEN GEMIST.LET U SLECHTS BIJ AANKOOP OPONDERSTAAND MERKZUTPHENz HOLLANDN.V. INDUSTRIEELE MAATSCHAPPIJ ?ZUTPHEN?FABRIEK VOOR SPECIAALAPPARATEN EN MASSA-ARTIKELENVnagI omUeurcnboekteKOUDWATERVERFis een eenvoudige en dus een goed-koope opiossing voor nriuren met drogen,vasten ondergrond.Edn laag dekt niee?tal voldoende. Met1 Kg. Hydroline kunt U ongeveer lOM*?4nmaal beschilderen.Gaten en oneHen-heden kunnen bijw'ijze van plamuur metdeegvormlge Hydroline gestopt worden.PIETER SCHOEN & ZOON N.V.VERF- EN VERNISFABRIKANTEN - ZAANDAMN.V. ,,ETERNIT^*v.h. EERSTE NEDERLANDSCHE FABRIEK VANASBEST-CEMENTPLATEN ,,MARTINIT**Kantoor: NIEUWE DOELENSTRAAT No. 20-22AMSTERDAM.CTEL. 49644. 49744. 49844RECHTHOEKIGE EN VIERKANTE KOKERSMEERVOUDIGE KOKERSNAADLOOZE PIJPENLUCHTKANALENW ASEM KAPPENSCHOORSTEENENHULPSTUKKENKABELKOKERSBAKKENWiJ bdasten ons met het compleet levcren en monteerenvan LUCHTKANALEN en maken hiervoor gaatncgehecl vrijblijvcnd offertc.Vraagt Brochure en PrijseoBrwit.N.V. ,,ETERNIT" - AMSTERDAMTijdschriftvoor Volkshuisvesting en StedebouwOrgaan van het Nederlandsch Instituut voor Volkshuisvesting en Stedebouw enden Nationalen Woningraad, Algemeenen Bond van WoningbouwvereenigingenRedactie: H. P. J. Bloemers, J. Bommer, Jhr. M. J. I. de Jonge van EUemeel, Ir. L. S. P. Scheffer,Ir. P. Bakker Schut, Mr. J. Vink, Ir. J. M. A. Zoetmulder,,^ . Adres voor Redactie en Abonnementen : Kloveniersburgwal 70, Amsterdam C, Telefoon 40588Advertenties: Keizersgracht 188, Amsterdam C, Telefoon 49128Juni 193920e JaargangNo. 6MaandbladDc voorstellen van de Regeering tot het heffen van eenz.g.n. Huurbelasting hebben de redactie aanleidinggegeven de Heeren A. }. Belo, Verificateur der ge-meentefinancien te Utrecht, en S. J. Mook, Voorzittervan den Nederlandschen Bond van Huis- en Grond-eigenaren en Bouwondernemers, te verzoeken vooronze lezers een beknopte uiteenzetting te willen gevenvan de beteekenis van deze voorstellen, resp. voor deexploitatie van vereenigings- en gemeentewoningen envoor de exploitatie van particuliere woningen.De Huurbelastingdoor A. J. BeloHet op 3 Mei 1939 aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal aangeboden ontwerp van wet tot heffing vaneen nationale inkomsten- en winstbelasting, heeft ookzijn beteekenis voor de exploitatie van de met overheids-steun gebouwde woningen.Voorgesteld wordt n.l. om naast rente-, loon-, winst-en vennootschapsbelastingen een huurbelasting te heffengroot 1.6%van de bruto-huuropbrengst.Artikel 4 van het ontwerp bepaalt, dat huurbelasting zalworden geheven van:a. de opbrengst van binnen het Rijk gelegen onroerendegoederen;b. de opbrengst van niet binnen het Rijk gelegen onroe-rende goederen, indien en voorzoover zij wordt genotendoor natuurlijke personen, die binnen het Rijk wonen ofdoor al dan niet rechtspersoonlijkheid bezittende licha-men, die binnen het Rijk gevestigd zijn.Als opbrengst van onroerende goederen worden verder,voor de toepassing van de bepalingen ten aanzien vandeze belasting, blijkens artikel 5 beschouwd:a. huur en pachtsommen en verdere prestatien van huur-ders en pachters van zoodanige goederen;b. de huur- of pachtwaarde van onroerende goederenbij eigen gebruik voor woning of tot huishoudelijke doel-einden.Uit het voorgaande volgt, dat noch voor de publiekrech-telijke lichamen, noch voor de woningbouwcorporaties,ten aanzien van de heffing der belasting een uitzonderingwordt gemaakt.De belasting zal verder verschuldigd zijn over de ont-vangen bruto-huur en zal dus berekend worden over hettotaalbedrag van de vastgestelde week- of maandhuren.verminderd met de huurderving wegens het leegstaan vanwoningen en met de oninbare huurvorderingen en boven-dien over de huurwaarde van gebouwen of woningen,welke door den verhuurder voor woning of tot huishou-delijke doeleinden worden gebruikt, bijv. de woning vaneen concierge of opzichter, die bij een woningbouwcorpo-ratie in dienst is.De nationale inkomsten- en winstbelasting beoogt te hef-fen 2% van het netto-inkomen.Volstaan zou dan ook kunnen worden met een heffingvan 2% van de netto-huuropbrengst d.w.z. van de even-genoemde ontvangen bruto-huuropbrengst, verminderdmet onderhoud, belastingen, verzekering, water, kostenvan beheer, rente van grond- en bouwvoorschotten, erf-pachtscanon, enz.Aangezien echter de heffing van de huurbelasting nauwsamenhangt met die van andere reeds in den aanvanggenoemde belastingen, zooals met de hierna te vermeldenrentebelasting, heeft men aan een heffing over de bruto-huur de voorkeur gegeven, waarbij er echter naar ge-streefd wordt, om aan den belastingschuldige tengevolgevan een dergelijke regeling geen of slechts geringe schadetoe te brengen.Zou de heffing op 2% van de brutohuuropbrengst zijngesteld, dan zou, in verband met de heffing over hetnetto-inkomen, aan den belastingschuldige 2% over deexploitatielasten moeten worden gerestitueerd. Dezeterugbetaling wordt echter door de volgende regelingvoorkomen.Bij artikel 20 van de wet wordt voorgeschreven, dat debinnen het Rijk wonende of gevestigde schuldenaar vaneen aan rentebelasting onderworpen opbrengst verplichtis, bij de uitbetaling van die opbrengst de deswege ver-schuldigde rentebelasting in te houden. Door nu te bepa-len, dat de schuldenaar de ingehouden rentebelasting(bedragende 2% van de evengenoemde opbrengst), magbehouden, wordt bereikt, dat hij ten aanzien van de rentevan grond- en bouwvoorschotten (de erfpachtscanonvalt eveneens onder de rentebelasting) reeds restitutiegeniet.Over blijft dan nog de restitutie over de overige exploi-tatielasten, als onderhoud, belasting, water, verzekering,kosten van het beheer, enz.Deze kosten zijn bij het ontwerp gefixeerd op 20% vande reeds genoemde bruto-huuropbrengst.Ten einde te bereiken, dat over die kosten evenmin resti-tutie zal behoeven te worden verleend, zijn zij in de hef- 129Artikeien. . fing verdisconteerd en is de belasting bepaald op 2% X(100-20%) = 1.6% van de bruto-huur.Op te merken valt, dat over de afschrijving, welke meestalbij Woningwetwoningen is gelijk te stellen met de aflos-sing van de geldleeningen (aflossingsbestanddeelen vande annuiteiten) geen restitutie wordt gegeven.Onder artikel 15 is nog een bepaling opgenomen, waar-mede getracht wordt te voorkomen, dat nadeel wordttoegebracht aan den belastingschuldige in het geval, datde genoemde exploitatielasten als onderhoud, belastingenenz. de aangehouden 20% van de bruto-huuropbrengstbelangrijk te boven gaan.Bedoelde bepaling luidt als volgt; ,,Aan dengene, dieonroerend goed anders dan in de uitoefening van een be-drijf of beroep verhuurt of die onroerend goed in eigengebruik heeft voor woning of tot huishoudelijke doelein-den, wordt op zijn verzoek teruggaaf van huurbelastingverleend, indien hij aannemelijk maakt, dat de te zijnenlaste komende onkosten van al zijn onroerende goederenals hier zijn bedoeld, tezamen over eenig kalenderjaarmeer hebben bedragen dan 30% van de opbrengst vandie goederen, waarover hij over dat kalenderjaar huur-belasting heeft voldaan."De teruggaaf wordt verder bepaald op 2% van het be-drag, waarmede de ten laste van den verhuurder of dengebruiker gekomen onkosten van al diens aan de huur-belasting onderworpen, evengenoemde onroerende goe-deren tezamen, over het kalenderjaar 20% van de op-brengst, waarover over dat kalenderjaar huurbelasting isbetaald, hebben overtroffen, met dien verstande, dat, zoo-als voor de hand ligt, nimmer een hooger bedrag wordtteruggegeven dan de verhuurder of gebruiker, op welkewijze ook, over dat kalenderjaar aan huurbelasting heeftvoldaan.Uit voorgaande bepalingen volgt, dat zij, die van hetverhuren van onroerende goederen een bedrijf of beroepmaken, voor deze tegemoetkoming niet in aanmerkingkomen en dat aan hen, die daarvan geen bedrijf of beroepmaken, geen restitutie zal worden verleend voor de over-schrijding van het gefixeerde bedrag der lasten van 20%van de brutohuuropbrengst, zoolang die overschrijdingniet meer zal bedragen dan 10% van laatstgenoemdeopbrengst.Aangezien publiekrechtelijke lichamen en woningbouw-corporaties, welke uitsluitend in het belang van de ver-betering der volkshuisvesting werkzaam zijn, niet hetverkrijgen van winst tot doel hebben, kunnen zij wordengerekend tot de eigenaren, die voor bedoelde restitutieeventueel in aanmerking komen.Voor een woningbouwcorporatie zuUen over het alge-meen de nieuwe belastingvoorstellen er op neerkomen,dat 1.6% van de ontvangen bruto-huur moet wordenbetaald, terwijl 2% van de betaalde rente van hypothe-ken en van de rentebestanddeelen van bouw- en grond-voorschotten, van grondrente en van de erfpachtscanonsdoor haar wordt terugontvangen.Aangezien de rente van de voorschotten met de erf-pachtscanons, bij de exploitatie van Woningwetwoningeneen zeer groot gedeelte van de exploitatielasten uitmaken,zal de per saldo op te brengen belasting geen belangrijkeuitgaaf eischen; het geval is zelfs niet denkbeeldig, datde 2% inhouding voor de rentebelasting een hooger be-.. ^^ drag zal aangeven dan de 1.6% huurbelasting zal bedra-ioU gen, bijv. bij woningcomplexen, waarbij bij normale ver-huring reeds belangrijke exploitatietekorten optreden,welke tekorten al dan niet geheel of gedeeltelijk doorRijks- en/of gemeentelijke bijdragen worden gedekt, ofbij complexen met woningen, welke dikwijls onverhuurdzijn.Te vermelden zij nog, dat de huurbelasting, welke tenlaste van den eigenaar komt, niet op den huurder magworden afgewenteld en dat bedingen, welke in strijd metdit verbond zijn gemaakt, ongeldig zijn.De voile belangstelhng van alien, die bij de exploitatievan Woningwetwoningen zijn betrokken, dient verder teworden gewekt voor de voorschriften, welke in het ont-werp zijn opgenomen met het doel een richtige heffingvan de belasting te verzekeren.Hoewel het oorspronkelijke denkbeeld om ook deze be-lasting bij de bron te heffen, door het verschuldigde be-drag bij de betaling van de huur door den huurder tedoen inhouden, is losgelaten, blijft de huurder bij de in-vordering van de belasting ingeschakeld.Artikel 8 schrijft dienaangaande het volgende voor:..Behoudens de bepahng van artikel 10 derde lid, (dit lidheeft betrekking op niet door den werkgever gehuurdeonroerende goederen, welke voor woning of huishoude-lijke doeleinden bij den werknemer in gebruik zijn), is deverhuurder van binnen het Rijk gelegen onroerende goe-deren verplicht, telkens wanneer een opbrengst wordtontvangen, aan den huurder af te geven of te doen af-geven een gedagteekende en onderteekende kwitantie ofverklaring, vermeldende het ontvangen bedrag, dan welde geldswaarde van hetgeen in anderen vorm dan in geldis genoten of geacht wordt genoten te zijn, alsmede hettijdvak, waarop de betaling, verrekening of ter beschik-kingstelhng betrekking heeft. De kwitantie of verklaringmoet worden voorzien van een of meer huurbelasting-zegels, ter waarde van de belasting, welke zegels voor deafgifte van de kwitantie of verklaring, voor herhaald ge-bruik ongeschikt moeten worden gemaakt."Verder wordt aan den Minister van Financien de be-voegdheid toegekend om toe te staan dat de voldoeningder belasting kan blijken door middel van een stempel-afdruk op de kwitantie of de verklaring, aangebrachtmet gebruikmaking van een daarvoor door of namenshem goedgekeurde machine.Vervolgens legt artikel 9 den huurder de verphchting op,om de kwitantie of verklaring te bewaren gedurende eenjaar na den eersten Januari, die volgt op de dagteekeningvan de kwitantie of verklaring en haar desgevraagd terinzage te geven aan den ambtenaar der belastingen; bo-vendien wordt den huurder de verphchting opgelegd,uiterlijk binnen een maand, nadat door hem de huur isbetaald, den inspecteur der belastingen er van in kenniste stellen, indien aan hem bij de betaling geen kwitantieis uitgereikt of de huurbelastingzegels niet tot een vol-doende waarde zijn bevestigd, dan wel de zegels niet opde door den Minister van Financien voorgeschreven wijzeonbruikbaar zijn gemaakt.Aan den verhuurder van binnen het Rijk gelegen onroe-rende goederen wordt dan nog ten slotte. bij artikel 73,de verphchting opgelegd om op de door genoemden Mi-nister te bepalen wijze en binnen den daarvoor te bepalentermijn, in registers of andere bescheiden aanteekening tehouden van de bij artikel 8 voorgeschreven kwitanties ofverklaringen.Het behoeft geen betoog, dat toepassing van de in deartikelen 8 en 9 gegcven voorschriften, bij de exploitatievan met overheidssteun opgerichte woningcomplexen eenbelangrijke uitbreiding zal geven aan de administratievewerkzaamheden.Niet uit het oog mag worden verloren, dat woningbouw-corporaties, wier uitgaven voor beheerskosten zijn geli-miteerd, gestreefd hebben naar het ingebruiknemen vankwijtingsbewijzen, welke den arbeid, verbonden aan hetgereedmaken der kwitanties, zooveel mogehjk hebbenondervangen. In dit verband kan verwezen worden naarde in gebruik zijnde jaarkwitantiekaarten, waarop 52 of53 bianco vakjes voorkomen en waarop wekehjks dekwijting wordt aangegeven door middel van een handtee-keningsstempel of naar de kwitantiekaarten, welke zijnsamengesteld uit 52 of 53 geperfqreerde weekstrookjes enwaarvan elke week, bij de betaling, een strookje wordtafgescheurd en aan den huurder ter hand gesteld.Ook meet worden gedacht aan de moeilijkheden, welkebij de exploitatie van woningen voor de z.g. economisch-zwakke en sociaal-zwakke gezinnen zullen ontstaan.Het komt toch veelvuldig voor dat bij die gezinnen eenigeweken huurachterstand ontstaat, welke achterstand inden regel wordt ingehaald door wekelijksche betalingenvan zeer geringe bedragen en dat meestal nieuwe achter-stand is ontstaan alvorens de oude is afbetaald.Bij de exploitatie van dergelijke complexen wordt tervoorkoming van het verloren gaan van het overzicht vande huurschuld voor den bewoner en ter vermijding vanhet gereedmaken en afgeven van talloos vele voorloopigeen definitieve kwitanties een huurboekje gebruikt, waarinbij elke betaling het bedrag met de handteekening en degrootte van de huurschuld worden aangebracht.Het mag als overbodig worden beschouwd te wijzen opde goede diensten, welke dergelijke huurboekjes tengunste van de administratie en van de met de controlebelaste ambtenaren bewijzen.Hoewel de extra arbeid, verbonden voor de groote ge-meenten, aan het wekelijks vervaardigen van de duizen-den huurkwitanties en het noteeren van de gegevens inde registers kan worden beperkt door het in gebruiknemen van een ,,Adressograph", welke met gebruikma-king van electriciteit, de gegevens van de kwitantie-plaatjes op de kwitantieformulieren en op een strookpapier overbrengt (automatische telling is daarbij nogniet mogelijk), kan niet worden ontkend, dat uitvoeringvan de desbetreffende voorschriften extra-werk en velemoeilijkheden zal veroorzaken, afgezien nog van het ver-mioeden, dat de verplichting van het bewaren van dekwitanties, door de huurders niet al te serieus zal wor-den nagekomen. Het is daarom dan ook van bizonderbelang voor de bedoelde publiekrechtelijke lichamen ende woningbouwcorporaties, dat in het eerste lid onderletter a van artikel 75 de mogelijkheid wordt geopendom een regeling te verkrijgen, waarbij niet noodzakelijkeadministratieve werkzaamheden kunnen worden verme-den.Bedoeld lid omvat de bepaling, dat bij algemeenen maat-regel van bestuur, ter vereenvoudiging van de heffingvan de belasting, groepen van belanghebbenden kunnenworden aangewezen, ten aanzien van wie van deze wetafwijkende regelingen kunnen worden vastgesteld,Dat een dergelijke regeling voor de exploitatie van Wo-ningwetwoningen gewenscht is, werd hiervoren reedsuitvoerig uiteengezet, dat zij mogelijk is, valt niet moei- Anikeienlijk aan te toonen.De van een complex weekwoningen in het kasboek teverantwoorden bruto-huur wordt wekelijks op de vol-gende wijze vastgesteld.Huurschuld bij het begin der week a. fBij bruto-weekhuur b. ,,fAf huurderving c. ,,fAf huurschuld bij het einde derweek d. ,,Te verantwoorden bruto-huur e. fDe bruto-huur, onder b. aangeduid, wordt ontleend aanhet stamregister der huren, waarin perceelsgewijze degeldende huurprijzen zijn aangegeven, onder vermeldingvan het na optelling verkregen totaalbedrag; dit totaal-bedrag blijft dus vaststaan en wordt wekelijks bij hetsamenstellen van evengenoemde berekening gebruikt.Eerst bij wijziging der huurprijzen dient het totaalbedragopnieuw te worden vastgesteld.Naast dit stamregister is een z.g. huurontvangstenboekin gebruik, waarin wekelijks perceelsgewijze wordt aan-geteekend zoowel de huurachterstand als de huurder-ving en waarin tevens de reeds genoemde huurbereke-ning kan worden opgenomen.Aangezien dit register een beknopt en duidelijk over-zicht geeft van den huurachterstand en van de huur-derving, daar de aanteekening zich tot het vermeldenvan die cijfers beperkt, kan wekelijks op eenvoudigewijze aan dit register worden ontleend de in de bere-kening onder a en d aangeduide huurachterstanden ende onder c op te nemen huurderving.Wat de in het stamregister opgenomen huurprijzen be-treft, kan worden opgemerkt, dat de huren van Woning-wetwoningen, welke door de gemeenten worden ge-exploiteerd, worden vastgesteld door den Gemeenteraaden aan de goedkeuring zijn onderworpen van Gedepu-teerde Staten en van den Minister van BinnenlandscheZaken en dat de huren van de complexen, welke dewoningbouwcorporaties beheeren, worden goedgekeurddoor de gemeentebesturen en indien die complexen metRijksgeld zijn gesticht, bovendien door den hiervorengenoemden Minister.Hieruit volgt dat ten aanzien van de bruto-huur stelligde waarborg aanwezig is, welke voor een juiste heffingvan de belasting noodzakelijk moet worden geacht.Deze waarborg kan nog worden vergroot door in hetstamregister der huren een door Burgemeester en Wet-houders te onderteekenen verklaring op te nemen,waarin het bruto-huurbedrag per week of per maandcomplex-gewijs wordt aangegeven.Voor de vaststelling van den aanslag in de belastingdienen de op de aangegeven wijze verkregen bruto-bedragen te worden verminderd met het totaalbedragvan de huurderving wegens leegstaan en tengevolgevan wanbetaling, welke gegevens aan het hiervorenbeschreven z.g. huurontvangstenboek worden ontleend.Wordt daarbij verder nog in aanmerking genomen datop de met gemeentegeld gestichte woningcomplexen toe- ioLArtikelenzicht wordt uitgeoefend vanwege de gemeenten en opde met Rijksgeld gebouwde complexen vanwege de ge-meenten en het Rijk, dan ligt de conclusie voor de hand,dat de hiervoren omschreven huuradministratie veiligals basis voor de belastingheffing kan worden aanvaard.Het komt mij dan ook voor dat er geen enkel bezwaartegen bestaat om voor de publiekrechtelijke lichamenen woningbouwcorporaties, welke met overheidssteungestichte woningen exploiteeren, de voldoening van debelasting te doen geschieden door middel van een aan-slag via een aangiftc, waardoor het afgeven van kwi-tanties, welke van zegels moeten worden voorzien en deverdere verlangde administratieve werkzaamheden wor-den vermeden.Duidehjk blijkt, dat de eventueel maandelijksche of drie-maandehjksche aangifte van het totaalbedrag van deontvangen bruto-huur van alle onroerende goederen envan de totale huurderving op gemakkehjke wijze en metzeer geringe moeite uit de huuradministratie valt af teleiden.De verwachting mag dan ook worden uitgesproken,dat een dergehjke regehng stelHg kan rekenen op deinstemming van alien, die direct of indirect bij de exploi-tatie van met overheidssteun gebouwde woningen be-trokken zijn.De Huurbelasting, haar toepassing en gevolgendoor S. J. MookHet bij de Tweede Kamer ingediende ontwerp van Wet,,Belastingherziening 1939" beoogt, naast wijzigingenvan enkele belastingen o.m. een algemeene heffing van2% van het inkomen.Het inkomen, genoten als opbrengst van onroerende goe-deren is ondergebracht in een afzonderlijk onderdeel vande nationale inkomsten- en winstbelasting en wordtaangeduid met den naam ,,huurbelasting".Uitzondering hierop vormt uitkeering ter zake van opstal,erfpacht, beklemming of vaste huur, of ter zake vangrondrente of andere op onroerend goed gevestigdeschuldphchtigheid, welke onder de rentebelasting vallen.(Art. 16 sub f.)Bij bedrijfsmatige exploitatie vallen de opbrengsten onderde winstbelasting en wordt bij de berekening hiervan dehuurbelasting gerestitueerd.Bij nadere kennisname zoowel van de wijze, waarop mendeze leidende gedachten in praktijk wenscht te brengen,alsmede van de wijze van heffing ontmoeten wij bezwa-ren. waarvan de voornaamste hieronder beknopt wordenweergegeven.Al direct treft bij art. 6, dat een heffing wordt toegepastvan de bruto huren, zij het met een heffingspercentagevan 1.6, waarover straks meer.In de Memorie van Toelichting wordt met betrekking totart. 6 opgemerkt, dat een berekening van de huurbelas-ting naar de netto opbrengst van het onroerend goed, tegroote mogelijkheden voor ontduiking zou opleveren.Deze opmerking lijkt mij zonder eenige nadere motivee-1 QO "^'"^ "'^' geheel houdbaar, daarvoor is de opbrengst vanLoZ onroerende goederen te gemakkelijk door den belasting-dienst te controleeren en zijn de risico's verbonden aanontduiking te groot.Op een m.i. wel wankele basis heeft men dus het recht-vaardige principe van een heffing van de netto huur-opbrengsten prijs gegeven en heeft men daarvoor in deplaats gesteld het minder fraaie systeem om de ne^tohuuropbrengsten zooveel mogelijk te benaderen.Men heeft dit gedaan door een heffingspercentage van1.6 van de bruto huren te nemen, waarbij dus is uitge-gaan van een geraamd totaal aan onkosten incl. vastelasten van 20% van de bruto huuropbrengst.Bij bedrijfsmatige exploitatie levert dit geen ander be-zwaar dan onnoodige administratieve rompslomp. Im-mers, in die gevallen wordt uitsluitend de netto op-brengst, t.w. door de winstbelasting, getroffen.Anders is het, indien niet bedrijfsmatig wordt geexploi-teerd.In die gevallen wordt te veel betaalde huurbelasting,hetgeen als regel het geval zal zijn, slechts gerestitueerd,indien men aannemelijk kan maken, dat de onkosten vanal zijn onroerende goederen tezamen over eenig kalender-jaar meer hebben bedragen dan 30%.Deze onrechtvaardigheid wordt in de Memorie van Toe-lichting met twee argumenten gemotiveerd.le. Meet hierin worden berust, omdat bij geringere on-kosten (hetgeen overigens bij gebouwd onroerendgoed zelden voorkomt) ook geen bijvordering plaatsheeft.2e. Acht men het raadzaam geen restitutie te verleenen,omdat zooveel mogelijk ambtelijke arbeid moet wor-den voorkomen. (Memorie van Toelichting art. 15).Beide argumenten spreken voor zichzelf, zij lijken mijeven onbillijk als het feit zelf.Verandering in art. 15 (1) van 30% in 20% ware danook noodzakelijk.Hierdoor zou onder alle omstandigheden te veel betaaldehuurbelasting kunnen worden teruggevorderd, hetgeenm.i. een redelijke eisch geacht mag worden, ook al gaathet om vaak kleine bedragen.Aannemende, dat een wijziging van art. 15 in den doormij aangegeven zin tot stand zou komen, dan nog is nietgeheel gewaarborgd, dat eigenaren van onroerende goe-deren niet belangrijk meer zullen moeten betalen dan 2%van de netto huuropbrengsten. Integendeel, zullen talrijkeeigenaren belangrijk meer dan 2% moeten betalen, indiende Wet niet zou worden gewijzigd. Ik zal dit nader aan-toonen.Zooals reeds bij het begin van dit artikel is opgemerktmogen de op de exploitatie van onroerende goederendrukkende rentelasten niet als onkosten worden be-schouwd en vallen de opbrengsten dezer schulden onderde rentebelasting.De debiteur moet nu de verschuldigde rentebelasting in-houden en behoeft die niet aan den fiscus af te dragen,waarmede de moeilijkheid, dat hij de rentelasten niet alsonkosten mocht beschouwen, schijnt opgelost te zijn.Opgelost schijnt, omdat bij de overgangsbepalingen inart. 117 wordt bepaald, dat met afwijking van het be-paalde bij art. 20, voor 1 October 1938 gemaaktebedingen, krachtens welke schuldenaren van aan rente-belasting onderworpen opbrengsten zich hebben verbon-den, de belastingen die van die opbrengsten worden ofzullen worden geheven voor hun rekening te nemen, ookna het in werking treden van deze wet geldig blijven.Belgisch patent430.884Andere patentenaangemeld'TBXX^aSBSSMmH.P.H. HET IDEAAL voor iedere keuken!Is t geen SChande, dat er dulzenden en nogeens duizenden uitgebeten en gescheurde ^goot-steenen onze zindelijke keukens ontsieren Daarom verlangt thans iedere huisvrouw een:H.P.H. AANRECHTBLADmet afneembare vuurklei- of emaille-gootsteen.Inlichtingen, brochures enz. verstrekken:Alleenverkoop voor Nederland:?UBO? INGENIEURSBUREAUHAARLEM - Jan Haringstraat 14 - Telefoon 23931H. PIJLS-HULSMAASTRICHT - Duitsche Poort 14 - Telefoon 2935FABRIKANT-UITVINDERfHET IS OM GEKTE WORDEN ^'Alweer een plafond aan het bladderen !L I J M V E R F moest verboden worden !Hoe vaak heeft de schilder hierdoor al last energer gehad! ?Dikwijls heeft men niet alleen zijnwinst, maar ook zijn klant verloren.WAS DAT NODIG ? ?Als menN E E N ! !ALKASIT-CELLULOSE^LIJMhad verwerkt, was hetafbladderen niet voorgekomen!N,V.,,DE ATLAS". DELFTAfd. KleefstoffenWESTVEST 51-53 -- TELEFOON 1077VAN LEER sFOTODRUKINDUSTRIE RV.Postbus 158 AMSTERDAM Tekf. 91780FOTO s en FOTOKAARTENin OPLAGENM7oJ. BONT&Co ^ ^'"'"^^^^'^^^'^iiitiiiiii iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii I SCHOORSTEENMANTELS - PLINTENSTEENHOUWERIJ I DORPELS - VENSTERTABLETTENWORMFPVFFP t AANRECHTBLADENWUKMERVctK % VRAAGT INLICHTINGEN EN PRIJSOPGERICHT1910TEL.81365vJldUfen VOORCENTRALE VERWARMINGSANITAIRE EN ELECTRISCHEINSTALLATIES -Een oud en Bctrouwbaar adres!Gevestigd BAZARSTRAAT 1 - DEN HAAGN,V. KLEIWARENFABRIEK,,NIEUW WERKLUST^^HAZERSWOUDE bij Leiden. Telef. Leiden 2201Alle soorten DAKPANNENin rood, blauw en verglaasd.Specialiteit op het gebied vanDRAINEERBUIZEN.; ?^Wij leverden onze pannen in den loop der tijden aan de verschil-lende Woningbouwvereenigingen en waren ook de leveranciers vande mooie Romaansche pannen voor het pas afgeleverde Woning-bouwcomplex der Woningbouwvereeniging ,.Spinoza" te Rijnsburg,Architect A. v. d. HEYDEN te Leiden.RijwielstandersJ. KUIPERSLEEUWARDENPoslbus 79 Tel. 30523 trappen van vergelijking:GOED BETEREDEL-STANDGROEN{'t kati trouwens van al onzeproducten gezegd warden.)De Koning der vervende verf van KoningNyMET5EL5TEEN%ANTG'DNGELDEN5STEENFABRIKANTEN-- Nl/MEGEN --Hoofdkantoor;NIJMEGEN Parkweg 96-102 . . Telefoon 23641-42Bijkantoren:AMSTERDAM Joh. Verhulststraat 76 ... . Telef. 94434UTRECHT Westerstraat 5 Telef. 14853DEN HAAG 2e Louise de Colignystraat 154 Telef. 720772A L M E L O Boddenstraat 80 Telef. 3432ROTTERDAM Telef. 69170EINDHOVEN Willem de Zwijgerstraat 55 . Telef. 5893LONDEN Telef. 2285(Museum)FRANCO^LEVERING pereigen DIESELTRACTIEU GREATTI - AMSTERDAMKALFJESLAAN 56 - TELEFOON 24181TERRAZZO - MOZAIEK - AANRECHTBLADENESTRICH-VLOEREN - HOUTGRANIETGRANITINE VOOR TRAPPEN EN MUURBEKLEEDINGBij tal van WONINGBOUWVEREENIGINGEN toegepast.Als men nu bedenkt, dat aan de hand van talrijke hypo-theekacten, zoo niet van de meeste, deze bepahng gel-dend kan worden gemaakt, dan zijn de gevolgen, indienart. 117 niet zou worden gewijzigd, eenvoudig fataal.Men komt dan niet tot een heffing van 2% van de nettohuuropbrengsten, maar belangrijk meer en wat erger is,steeds hooger naarmate de debiteur door ongunstigerschuldverhoudingen finantieel zwakker is. (Dit is pro-gressie op zijn kop.)Hoe wordt nu deze ernstige bedreiging gemotiveerd?Men leest daarover in de Memorie van Toehchting totart. 117 het volgende:,,Voor bepaalde schuldenaren is het in het belang vanhun credietwaardigheid wenschelijk, dat zij een aange-gane verbintenis om de belastingen die van de door henverschuldigde rente worden of zullen worden gehevenvoor eigen rekening te nemen, kunnen nakomen."Deze motiveering is eenvoudig onbegrijpelijk. De lei-dende gedachte van het wetsontwerp nationale inkom-sten- en winstbelasting is toch, het Nederlandsche volkin al zijn geledingen door een heffing van 2% van hetinkomen te belasten.Dat aan de opbrengsten van rente van schulden de naam,,rentebelasting" is gegeven, is een kwestie van prakti-sche overweging, maar geeft allerminst rechtvaardig-heidsgrond, om met een beroep op het belang van de cre-dietwaardigheid van schuldenaren, deze extra te belas-ten met de voldoening van de belasting, die in wezenhun crediteuren in persoon moet treffen.Moge deze schromelijke onrechtvaardigheid tenminsteuit het wetsontwerp verdwijnen !Naast bovengenoemde bezwaren voornamelijk met be-trekking tot de bepaling van de netto huuropbrengstenrijzen nog talrijke bezwaren van praktischen aard.De voldoening der huurbelasting moet geschieden doormiddel van zegels op betalingsbewijzen.Vooral bij weekhuren vormt dit een niet te onderschattenlast, zelfs al heeft regelmatige betaling plaats. Ingewik-kelder wordt het nog, indien huurders op een bepaaldmoment slechts een gedeelte der huur betalen, ofwel even-tueelen achterstand met enkele dubbeltjes per week gaaninhalen. In die gevallen moeten telkens verschillendezegels gebruikt worden.Ook de betaling per giro geeft extra moeilijkheden enkosten.Weliswaar opent art. 75 de mogelijkheid, de belastingop andere wijze te voldoen, maar of zulks voldoenderedres zal geven moet sterk worden betwijfeld en zekerniet voor z.g.n. kleine eigenaren.De verhuurder moet bovendien nog van de afgegevenkwitanties of verklaringen op een door den Minister vanFinancien aan te geven wijze en binnen door dien Mi-nister te bepalen tijd in een register of op andere be-scheiden aanteekening houden.Gezien den administratieven rompslomp, de praktischebezwaren en het feit, dat dan nog de netto opbrengstenzijn benaderd, lijkt het mij gewenscht en ook logisch, dathet geheele systeem wordt veranderd en de huurbelastingdoor middel van een aanslag van 2% van de netto huur-opbrengsten wordt geheven. Het ingewikkelde systeemvan restituties zou daarbij tevens komen te vervallen.In beginsel heeft men trouwens deze wijze van heffingreeds geintroduceerd bij onroerende goederen in eigengebruik.Men kan aanvoeren, dat de controle van de huurders Artikdendan wordt gemist, maar deze wordt reeds gemist als debelasting overeenkomstig een regeling krachtens art. 75wordt voldaan. Bovendien, ik stelde dit reeds bij den aan-vang van dit artikel, is de opbrengst van onroerendegoederen zoo eenvoudig door den belastingdienst te con-troleeren, dat fraude met alle daaraan verbonden risico'swelhaast uitgesloten lijkt.Tenslotte nog enkele algemeene opmerkingen.Het is naar mijn meening niet aan te nemen, dat het ge-heele complex van belastingmaatregelen zonder eenigeuitwerking op het onroerend goed als zoodanig zal blij-ven.Wanneer wij b.v. de loonbelasting in aanmerking nemen,dan moet niet worden onderschat, dat breede lagen onzerbevolking, behoorende tot de niet draagkrachtigen, doordeze belasting zwaar worden getroffen en hun consump-tieve mogelijkheden direct worden aangetast.Zij worden gedwongen te zoeken naar compensaties, diehun budget weer in evenwicht moeten brengen en zullen.gezien de situatie op de woningmarkt, althans trachtenlangs den weg van den minsten weerstand, deze compen-saties voor een belangrijk deel te vinden in de huishuur.Een loonbelasting van 2% lijkt gering, maar komt over-een met ? 6 weken huishuur bij normale verhoudingentusschen inkomen en huur.Bedenkt men daarbij, dat de meeste huurders aan de,,grens" van hun kunnen wonen, dan behoort een verderehuurdruk zeker niet tot de onmogelijkheden.Tengevolge hiervan worden dan weer de scheefgetrokkenschuldverhoudingen verder ontwricht.Een bespreking van de vennootschapsbelasting valteveneens buiten het kader van dit artikel, maar is vooreigenaren, die hun onroerende goederen in vennoot-schapsvorm, hetzij voor zichzelf of in samenwerking metderden exploiteeren, evenmin zonder bedenkelijke pers-pectieven.Het kan niet worden ontkend, dat enkele verlagingen vanbelastingen een klein lichtstraaltje vormen, maar ditwordt weer eenigermate getemperd door de vrees, datgemeentebesturen mogelijk de personeele belasting opwoonhuizen weer zullen verhoogen.Al met al is er voor eigenaren van onroerende goederenaanleiding te over om het complex van belastingmaatre-gelen, al of niet gewijzigd, met zorg tegemoet te zien.De woningstatistiek bij de volkstellingen, inhet bijzonder de statistiek der een-kamer-woningendoor Mr. J. KrusemanII (Slot)Voor de beoordeeling of een ,,woning" voor de ,,woon-ruimte-statistiek" als een een-vertreks-woning of als eenmeer-vertreks-woning was op te geven op de telkaart,was het natuurlijk van belang te vermelden wat ondereen ,,vertrek", behalve wat iedereen aanstonds als zoo-danig zou aanmerken, mede moest worden verstaan. Bijde telling van 1899 werd een serre wel, doch bij die van ^ ^r^1909 niet als een vertrek medegerekend, omdat dit, vooral xooArtikelenin de groote steden, tot onjuistc conclusies had geleid.In 1930 is, volgens het voorbericht in deel IV, bepaald:,,In de woningstatistiek, die tezamen met een gezins-statistiek in dit deel van de Uitkomsten der lie volkstel-ling is opgenomen, zijn als ,,woning" aangemerkt devoor bewoning bestemde vertrekken, waarover een gezinof afzonderlijk levend persoon beschikt. Onder voorbewoning bestemde vertrekken worden ook verstaanserres, die als afzonderlijk vertrek gebruikt worden (b.v.als slaapvertrek), slaapkamers, alkoven, keukens, linnen-kamers, kleedkamers, zolderkamers, en voorts ruimten inde woning, zooals bergkelders, bergzolders, stallen e.d.,voor zoover deze als woon- of slaapruimten bij een gezinof een afzonderlijk levend persoon in gebruik zijn. Overi-gens zijn de hier genoemde ruimten, zoomede winkel-ruimten e.d. en serres, voor zoover deze laatste niet alsafzonderlijk vertrek gebruikt worden, niet medegeteldonder de voor bewoning bestemde vertrekken".Uit de tabellen van 1899, 1909 en 1930 i) blijkt nu hetvolgende omtrent de verhouding tusschen het aantaleen-vertreks-woningen en het totaal aantal woningen inde verschillende provincien:31 Dec. 1899. 31 Dec. 1909. 31 Dec. 1930.ProvincieAantal een-vertreks-woningen%Aantal een-vertreks-woningen%Aantal een-vertreks-woningen%Noord Brabant 19.945 \7.7 13.392 10.79 6.330 3.56Gelderland . . . 26.969 23.6 19.023 14.68 7.626 4.19Zuid Holland. . . 61.114 24.5 46.710 15.16 34.336 6.95Noord Holland . . 46.340 21.2 30.786 11.86 28.431 7.05Zeeland .... 16.240 34.6 11.537 22.38 4.426 7.05Utrecht 10.522 19.5 6.652 10.55 3.755 3.84Friesland .... 48.237 62.7 41.076 49.23 17.738 17.61Overijssel.... 20.547 30.4 15.880 20.35 6.184 5.43Groningen. . . . 34.857 54.0 29.864 41.18 14.682 15.24Drenthe .... 18.853 65.8 18.916 55.62 12.243 25.78Limburg 4.313 7.9 3.459 5.47 3.636 3.31Het Rijk ? ? 307.937 28.3 237.295 18.72 139.387 7.39134Zooals in het eerste gedeelte van dit artikel is vermeldraoet er bij deze cijfers op worden gelet dat hierin begre-pen zijn de als woningen beschouwde woonruimten, ingebruik bij kamerhuurders en commensaals, die niet alsvolledige kostgangers (zonder afzonderlijk gebruik vaneen kamer) tot het gezin gerekend worden. Daar ditvoor een uit het oogpunt van volkshuisvesting te be-schouwen woningstatistiek een stoornis opleverende feitzich in 1899, 1909 en 1930 gelijkelijk voordoet, kan ditcijfermateriaal niettemin als vergelijkingsmateriaal wor-den gebezigd. Het percentage voor het geheele Rijk wasin 1930 teruggeloopen tot een zoodanig gedeelte van hettotaal aantal woningen, dat er een belangrijke vermin-dering valt te constateeren. De verschillen in de cijfersvoor de onderscheidene provincien blijven groot; nogsteeds staan Drenthe, Groningen en Friesland tegenoverde andere provincien, in het bizonder tegenover Utrecht,Limburg en Noord Brabant. Opvallend is de verbeteringin Zeeland. Men zou echter een even diepgaande studieover de economische en sociale toestanden in deze pro-vincien moeten maken als Faber deed ten opzichte vanFriesland, om de oorzaken van deze verschillen op tesporen. Terecht wijst Prof. Verrijn Stuart er in zijnInleiding op dat de statistiek niet in staat is ons licht teverschaffen over de causaliteit der in cijfers uitgedrukteverschijnselen.In deze woonruimte-statistiek van 1930 is het een ver-betering dat onderscheid werd gemaakt tusschen de een-vertreks-woningen, die door gezinnen en die door alleenlevende personen werden bewoond. Bij de eerste cate-goric benadert men het gewone begrip ,,een-kamer-woning" veel nauwkeuriger dan bij de tweede. De cijfers,vooral die van de eerste categorie, zijn natuurlijk voor devraag der toelaatbaarheid van een-kamer-woningen vangroot belang. De totalen dezer twee categorieen waren,volgens deel IV, biz. 17, onderscheidenlijk 73.476 en65.911 woningen. De tabellen der percentages van deeen-vertreks-woningen van gezinnen op het totale aantalgezinswoningen, en van het aantal een-vertreks-wonin-gen van alleen levenden op het totale aantal woningenvan alleen levenden (deel IX van 1930, biz. 91-92) be-vatten deze cijfers:^) Uitkomsten woningstatistiek-1899, biz. 2^53; Inleiding tot deuitkomsten der volkstelling-1909, biz. 134; Volkstelling-1930, deelIX, biz. 107, en deel IV, biz. 2-4.N.V. MOLYN^LCOROTTERDAMFa. EMILE SANDERSAlex. Boersstraat 21 Amsterdam-Z Telef. 23428SPECIALITEIT:200 X 200 X 45 m/m.PRISMATISCHETegels en Bouwsteenenin blank of gekleurdHALF-KRISTALNEDERLANDSCH fabrikaatRuim 24.000 van deze HALF-KRISTALTegels werden in de onder- en schakel-stations der thans geelectrificeerdelijnen der Ned. Spoorwegen toegepastP. A. BOS P.Azn.ZEIST Boschkant 6Vlamoven-straatklinkersin Diverse soortenVlamovics(Drooggeperste Klinkerkeien)voor Wegen, DijkbeglooiVngen,Kademuren en BrugpeilersGebakken Tegels20 X 20 X 5 cM.voor Plantsoenen en TrottoirsCfiRAC UTRECHTAUTOMATISCHE KOLENSTOKERTSAsphalt^ en Chemische Fabrieken SMID 6 HOLLANDERHOOGKERK Producten voor: Slf^^.l^.l^il^^i^^L^DAKBEDEKKINGBITULEUM (Teervrij dakvilt)BITUMENWEEFSEL & BANDAGEBITULINE (Koudc Kleefstof)TEERVRIJ CEMENT-MASTIEKASPHALTPAPIER - DAKLEER - MASTIEKTeerproducten (Carbolineum, Blackvarnish, Creoline enz.Tclcfoon Hoogkerk No. 35??'^ ' Telcf. Groningen No. 4079WEGENBOUWESHALITE (asphaltcmulsic)WEGENTEERPETROLEUMASPHALTVOEGVULLINGWEGENPAPIER (voor bctonwcgen)Uitvoering van ASPHALTWERKEN.S-H. MOFFENKIT voor bchandcling van rioolbuizen.UNEEDIT VlfASCHBARE MUURVERF (Nieuw Procede)VOOR BINNEN EN BUITEN OP lEDEREN ONDERGRONDVERFFABRIEKEN N.V. RESINK - HAARLEM - LEIDSCHEVAART 574'f*^nil'^ X 'T '? 'T 'W'TwW w ?*'*tttv^v*'VOOR PLAFOND,WAND EN OMKL.cAdes&
Reacties