I SteOrgaan van het Nederlandsch Instituut voor Volkshuis-vesting en Stedebouw en van den Nationalen Woningraad,Algemeenen Bond van Woningbouwvereenigingen, tevensgewijd aan den WederopbouwApril 1941 22e Jaargang no. 4in wonmgen:geen irappenhu'is of vesiibulein fabrieken:geen moderne kleed- ofscbafilokalen."W-'in boerderijen:geen moderne sialZONDERMOSA.TEGELSALS WANDBEKLEEDINGVMMHOLLANDMuurtegelfabriek?MOSA?MAASTRICHTLEVERBAAR DOOR DEN HANDELcM?i>fvN.V.MOLYN^COROTTERDAM??W^.tNederlandsch Fabrikaat HOUTCONSERVEERINGweert schimmels, zwammen, insecten e.d.; verhoogt levensduurvan het hout; vermindert brandgevaar; is onschadelijk en reukloosN.V. CHEMISCHE INDUSTRIE * Alleenverkoop voor het Noorden:,,BERRIT" N.V.HANDEL MlJ.v.h. ROEMELING EVERS&Co.DEN HAAG - TASMANSTRAAT 188 TELEFOON 330318 WINSCHOTEN - GRACHTSTRAAT 7 - TELEFOON 183Tijdschriftvoor Volkshuisvesting en Stedebou^^^Orgaan van het Nederlandsch Instituut voor Volkshuisvesting en Stedebouw enden Nationalen Woningraad, Algemeenen Bond van Woningbouwvereenigingen,tevens gewijd aan den WederopbouwRedactie : H. P. J. Bloemers, J. Bommer, Jhr. M. J. I. de Jonge van Ellemeet, Ir. L. S. P. Scheffer,'?": Ir. P. Bakker Schut, Mr. J. Vink, Ir. J. M. A. Zoetmulder1*, Medevrerkers voor den Wederopbouvf: Dr. Ir. Z. Y. van der Meer, Secretaris van het Regeerings-commissariaat voor den Wederopbouw, Dr. Ir. F. Bakker Schut, G. F. E. Kiers,Ir. A. M. Kuysten, Ir. P. K. van Meurs en Jhr. Ir. J. de Ranitz, Inspecteurs voor deVolkshuisvesting in de betrokken gewestenAdres voor Redactie en Abonnementen: Kloveniersburgwal 70, Amsterdam C, Telefoon 40588Advertenties: Keizersgracht 188, Amsterdam C, Telefoon 49128April 194132e Jaargang No. 4MaandbladIn Memoriam Ir. Arie Keppler *Keppler is heengegaan en met hem een bizonder spre-kende figuur uit onzen kring, die nog niet behoorde totwat men de oude garde pleegt te noemen, maar die tochtientallen van jaren onafgebroken de zaak der volks-huisvesting heeft gediend en op een wijze, die zijn naamsteeds zal doen blijven khnken onder hen, die zich aandezen tak van sociale zorg wijden.De dagbladen gaven een uitvoerig levensbericht vanKeppler, waaraan hier ter plaatse slechts weinig be-hoeft te worden toegevoegd, Het ligt voor de hand, dathij een dergenen was, die het Instituut hebben opgerichten evenzeer, dat hij van den aanvang tot aan zijn over-lijden bestuurslid was. Tevens heeft hij vooraangestaanin de International Federation, die destijds te Londenwas gevestigd, heeft hij medegemaakt en als onvermij-delijk erkend de afsplitsing van het InternationaleWohnungsverband te Frankfurt en heeft hij, door ver-bindingen met de beide organisaties aan te houden,krachtdadig medegewerkt tot de hereeniging, die in denieuwe, te Brussel resideerende International Federa-tion tot stand kwam.Maar men zal zich Keppler niet in de eerste plaats her-inneren als een bestuurder van vereenigingen. Vooralles zien wij hem als den onvermoeiden strijder voorde verheffing van het woningpeil gedurende zijn geheeleambtelijke leven, eerst als volontair, dan als ambtenaar,ten slotte 22 jaar als Directeur van den GemeentelijkenWoningdienst in onze hoofdstad. Vele duizenden nieu-we woningen van de gemeente en van woningbouwver-eenigingen zijn door zijn initiatief tot stand gekomen,duizenden Amsterdamsche krotten zijn verdwenen, velehectaren slum zijn opgeruimd en toch is dit werk voorhem nooit massaal geworden in dien zin, dat hij geenbelangstelling behield voor een individueel geval; hettegendeel liet hij telkens weer blijken.Keppler zag het woningvraagstuk voor alles als eensociaal vraagstuk. Naar veler meening was die visieniet vrij van eenzijdigheid en mogelijk ontleende hij juistdaaraan de kracht, om steeds alles er op te richten, dathet sociale doel zoo volkomen mogelijk zou wordenbenaderd. En dit zonder een zweem van sentimentali-teit. Maatschappelijke opvoeding van den bewonervoelde hij terecht als een onmisbaar onderdeel van dewoningzorg, maar daarvoor aanvaardde hij dan ookvolgaarne een intensief bewoningstoezicht en een stiptvasthouden aan regelmatige huurbetaling.Het is te begrijpen, dat voor iemand van zijn aanleg juistdat gebied van de volkshuisvesting de voorliefde ge-noot, dat eigenlijk alleen een socialen kant vertoont.Mijn sprekendste herinneringen aan de spontane figuurvan Keppler zal ik behouden uit de tochten, die ik samenmet hem maakte door de woninggroepen voor asocialegezinnen. Deze tak van volkshuisvesting vormt ver-moedelijk wel de minst dankbare taak en zeker legt mener niet veel eer mede in, maar als men Keppler op dit 65*In MemoriamWederopbouwgebied aan het werk zag, voelde men eerst recht zijngroote liefde voor zijn werk.Hi] was onder ons een der eersten, die belangstellingwekte voor de huisvesting van ouden van dagen. Ookhierbij zal het sociale element voor hem een groote aan-trekkelijkheid hebben gevormd, maar daarnaast voeldehi] dit onderdeel van zijn werk gedragen door eenkrachtige Nederlandsche traditie, die zich in al onzesteden in de vermaarde hofjes uitspreekt. En Kepplerwas een man, wien de traditie veel te zeggen had. Datklinkt even vreemd voor iemand, die in menig opzichteerder revolutionnair kon worden genoemd, maar het iseen feit, dat in hem beide neigingen zich doorkruistenen zonder dat daaruit veel innerlijk conflict ontstond.En zou het juist niet dit geweest zijn, wat hem zoomachtig aantrok in Parijs, die stad met haar eeuwig-durende wisselwerking tusschen eenerzijds een prach-tige traditie en andererzijds een bruisend, zich steedsvernieuwend leven?Wat Keppler tot stand bracht, heeft hem veel strijd ge-kost. Hi] heeft dien strijd nooit ontweken, eerder hettegendeel, maar hij trok zich toch die scherpe oppositiepersoonlijk zeer aan. Veel van wat hij met groote moei-te bevocht, is thans een doodgewone zaak en wij mogenons wel ter dege herinneren, dat niets daarvan zonderstrijd is verkregen.Bekend is het gezegde van Keppler over den gemeen-telijken woningbouw: ,,zij staan er en knap is hij, die zeweer afbreekt!" Vandaag is er niemand meer, die deafbraak zou begeeren en waarschijnlijk zijn er zelfs nietveel meer, die nu nog zouden wenschen, dat die wo-ningen nooit waren gebouwd. Reeds daarin is Keppler'swerk gerechtvaardigd.Nadat hij ongeveer 30 jaar zich onvermoeid aan de zaakder volkshuisvesting had gewijd, kwam aan zijn ambte-lijke loopbaan voor den normalen tijd een einde. Wijhadden hem zoo gaarne gegund, dat hij daarna nog velejaren buiten het aangrijpende strijdgewoel zijn belang-stelling aan de zaak had kunnen blijven geven, maar eenernstige kwaal heeft geleidelijk die mogelijkheid minderdoen worden en zoo zijn de laatste levensjaren voorhem en voor zijn gezin heel moeilijk geworden.Eindelijk heeft hij nu rust gevonden. Het Instituutbrengt een eerbiedigen groet aan zijn nagedachtenis metgroote dankbaarheid voor zijn toewijding aan een le-vensbelang van het Nederlandsche Volk.M. }. I. de Jonge van EllemeetAfb. I. R.K. Kerk met pastorie te EedeDe wederopbouw van stad en landAmbtsgebied Westelijk deel van Noord Brabanten Zeeland xMiddelburgDe Stichting Herbouw Middelburg kwam gereed methaar arbeid betreffende herverkaveling van de binnen-stad. Met meer dan 600 gedupeerden werden onderhan-delingen gevoerd over nieuwe kavels. Dat deze bespre-kingen in twee maanden tot een zoodanig resultaat geleidhebben, dat overgegaan kon worden tot het in kaartbrengen van de voorloopige nieuwe indeeling, mag alseen bewijs beschouwd worden voor de groote tact, ken-nis van zaken en werkkracht, waarmede het bureau vande Stichting deze zaak aangepakt heeft. Bij de herverka-veling is gebleken, dat de animo om te bouwen, mits ereen dragelijke financieele regeling komt, veel grooter isdan verwacht was. Dit heeft ertoe geleid dat zelfs inhet stadsplan wijzigingen moesten worden aangebracht,teneinde meer bouwterrein beschikbaar te krijgen. Deeerste aanvragen voor herbouw zijn tevens binnengeko-men en met de door bemiddeling van de Stichting aande gedupeerden toegevoegde architecten is nauw over-leg gepleegd ten aanzien van de architectuur. In ditoverzicht wil ik op deze architectuur van de stad nietingaan, omdat ik daarover binnenkort afzonderlijke me-dedeelingen in dit Tijdschrift hoop te doen. Dit kan ech-ter beter geschieden wanneer een keuze gedaan kanworden uit een grooter aantal bouwplannen, waarvanhet zeker is dat zij in dien vorm zullen doorgaan. Thansworden in Middelburg voorbereid de bouw van een 50tot 70 panden in de binnenstad; bijna uitsluitend winkelsen bedrijven en het grootste deel met bovenwoningen.Het ligt in het voornemen met den bouw van deze eerstegroep nog dit voorjaar een aanvang te maken.Teneinde deze bouw zooveel mogelijk te bespoedigen, isdoor bemiddeling van de Stichting een onderzoek inge-steld naar de financieele omstandigheden van dezegedupeerden (formulier A, onroerende goederen). Ver-der zijn zij alien op het bureau geroepen om ingelicht teworden omtrent de definitieve plaats en grootte van hunnieuwen kavel. Tevens werden zij dan in contact ge-bracht met den architect, die voor hen het pand zalbouwen. De gedupeerden zijn natuurlijk vrij in de keuzevan hun architect, binnen het kader van de aanbevolenarchitecten. Indien zij echter geen voorkeur hebben.zullen zij van de zijde van de Stichting hieromtrent ad-vies ontvangen. De architecten moeten binnen een zeerkorten tijd (bijv. 10 dagen) een schetsplan indienen. Ditschetsplan dient uitsluitend om na te gaan hoeveel ku-bieke meters inhoud voor den betrokkene gebouwd zalworden. Wanneer de prijs per m"' momenteel gerekendwordt op / 17.--, zijn dus ook de herbouwkosten be-kend; terwijl vervolgens de architect, in overleg met hetbureau van de Stichting zijn plan uitwerkt, kan tegelij-kertijd het schetsplan met een financieringsplan aan denAlgemeen Gemachtigde voor den Wederopbouw en deBouwnijverheid worden voorgelegd. De Stichting zal erten strengste tegen moeten waken dat er van den kantvan de gedupeerden overvraagd wordt in ,,kubieke me-ters gebouw"; nochtans moet het plan zoodanig zijn, datde gebruikers er in kunnen ,,leven en bestaan".66NORTONPUTTENProefboringen voor grond- en wateronderzoek.J. MOS voorheen FIRMA JAC VRIJ RHOONTelefoon 37Roode TegelschePlavuizen20X20X3 cm15X15X2DE vloertegel voor woningbouw.RUSSEL-TIGLIATEGELENCHIRAC UTRECHTAUTOMATISCHE KOLENSTOKERSbruynzeelliQiiieiiii7naae-ii^j/e t'/a^^ c/e^,binnendeuren in occume of met edelfineerenvoordeuren in teak, occumeen edeliineeren9 modellenIGEWAPEND ASBEST-CEMENT.TERMORCO??N.V. Industrieele en Handelmaatschappi]>TERRANOVA?Noorderweg 52A -- Telefoon 8581 HILVERSUMFabrikante van ,,TERMORCO"BUIZEN - KOKERS - Speciale SCHOORSTEENKANALEN(ook DUBBELWANDIGE) - WASEMKAPPEN en KANALENVENTILATIE-LEIDINGEN ONTLUCHTINGSKOKERS.>Stroom.De grootste besparing op Uwstroomrantsoen verkrijgt U door hetgebruik van de beste en zuinigstelompen ooit door Philips vervoardigd:PHILIPSLAMPEN\WederopbouwDe schetsplannen voor de eerste groep te herbouwen ge-bouwen zijn grootendeels gereed. Door bemiddeling vande Stichting zijn uitvoerige besprekingen met den Alge-meen Gemachtigde gehouden zoowel over het plan, dematerialen, als de financiering. Het laat zich aanzien dateerlang de oplossing bereikt zal worden.Daar in het herbouwplan van Middelburg geen plantsmeer is voor het herbouwen van de noodige woningen,omdat de geheele binnenstad door bedrijven en winkelsingenomen wordt, zullen deze woningen in het uitbrei-dingsplan buiten de wallen gebouwd moeten worden.Teneinde zulks mogelijk te maken is in November be-gonnen met het maken van een uitbreidingsplan buitende wallen; dit uitbreidingsplan kwam in ontwerp eindFebruari gereed. Op grond van dit ontwerp zal nu doorde Diwemi (Dienst Wederopbouw Middelburg) eenaantal terreinen op t Zand bouwrijp gemaakt wordenen daar zullen nog dit voorjaar een 146-tal arbeiderswo-ningen moeten verrijzen, waaronder twee winkels. Dezewoningen zullen gefinancierd worden met een Woning-wetvoorschot. Van de 144 woningen zullen er circa 26kleine gebouwd worden, waarin slechts twee slaapka-mers komen.De plannen voor dezen woningbouw kunnen zeer binnen-kort gepubliceerd worden. Het ontwerp is van Ir. Briet,die de schetsen voor deze plannen met groote voortva-rendheid ter hand genomen heeft en binnen een weekgereed kwam. Hoogstwaarschijnlijk zal nog in Mei metden bouw aangevangen worden. De uitvoering van dezeplannen heeft de grenswijziging tusschen Middelburg enKoudekerke aan de orde gesteld. Ook hierover werdendoor den Contactcommissaris, de gemeentebesturen vanKoudekerke en Middelburg, het algemeen comite vanAfb. 2. Plan voor 5 ar-beiderswoningen in deNieuwe Kerkstraat teYerseke. Architect H.Wesselo te Bussumvcorbereiding voor het streekplan Walcheren en den In-specteur herhaalde besprekingen gevoerd, die echter nogniet tot een voor alle partijen bevredigend resultaat moch-ten leiden.YersekeIn deze gemeente kwam de herverkaveling voor eengroot deel gereed en is de onteigening ongeveer tegelij-kertijd aangezegd. 10 woningen aan een nieuwe straatzijn aanbesteed. Deze woningen zullen voorloopig gefi-nancierd worden met een soort Woningwetvoorschot.Dit was noodzakelijk, omdat voor deze 10 woningennog niet onmiddellijk eigenaren gevonden kunnen wor-den, daar hiervoor nog enkele besprekingen van finan-cieelen aard noodig waren. Teneinde toch ten spoedigste 67Wederopbouw j^gt (Jgji bouw tc beginncn, is de bovengenoemde weggevolgd.Verder wordt hierbij afgedrukt het ontwerp voor enkeledubbele arbeiderswoningen in dezelfde gemeente (afb. 2)(ontwerp architect H. Wesselo, Bussum). Deze laatstewoningen staan buiten het verwoeste complex om dekerk.In Yerseke is de nieuwbouw van een aantal kleine wo-ningen in voorbereiding. Deze tweede groep, die even-eens met een Woningwetvoorschot gefinancierd zal wor-den, wordt ontworpen door architect Roodenburgh uitAmsterdam.KapelleIn deze gemeente kwam de herverkavehng gereed entegehjkertijd werd ook de onteigening aangezegd.Tenslotte moge hier een perspectief teekening gepubh-ceerd worden van den herbouw van de kerk in Eede,Zeeuwsch-Vlaanderen (afb. 1). (Supervisie architect H.Wesselo, Bussum).Verder voeg ik hierbij een supervisie van den herbouwvan een woonhuis te Sas-van-Gent (afb. 3). (SupervisorIr. A. Rothuizen, Middelburg).Het ontwerp van de woning voor een melkslijterijtje teGroede moest in verband met 's mans financieele om-standigheden aanmerkelijk vereenvoudigd w^orden. Hetgecorrigeerde ontwerp wordt hierbij afgedrukt (afb. 4).(Supervisie Ir. A. Rothuizen, Middelburg).Een supervisiegeval in Hoofdplaat, dat hier tevens af-gedrukt wordt, behoeft geen nadere toelichting (afb. 5).Verder wordt hierbij afgedrukt het ontwerp van een derAfb. 3. Woonhuis te Sas-van-Gent. Architect L. de Bruyne te Terneuzen.Supervisor Ir. A. Rothuizen te Middelburgb^r^ieJJi&cpryt^i^IfJ0UA. %su^di.^&Mfiyfu?-^yu^ CAM^i.Afb. 4. Woning voor een melkslij-terijtje te Groede. Architect J. I. deGroote te Breskens. Supervisor Ir. A.Rothuizen te Middelburgtypen van 10 arbeiderswoningen, die gebouwd zullenworden aan de Irenestraat (ontwerp Ir. F. van Lissa,Rotterdam) (afb. 6). De bouwkosten bedragen circaf 15.50 per m3, gerekend van den bovenkant van denbegane-grondvloer af. Met het bouwen is op 18 Maarteen aanvang gemr.r.!:t.In Hansweert zullen evenals in Yerseke een aantal wo-ningen gebouwd worden met behulp van Woningwet-voorschotten. Dit geschiedt ook hier om spoediger totden werkelijken bouw te geraken. De plannen zijn vooreen complex van 10 a 12 woningen in voorbereiding bijIr. Klokke, terwijl Ir. Dingemans nog een twcetal dub-bele woninkjes zal bouwen.68VOOrqeve! achleiaeIn Hoek zijn twee verwoeste gebouwen nog niet gereed,omdat hiervoor nieuw terrein aangekocht moest wordenin de nabijheid van het Boerengat. Dit leverde aanvan-kelijk moeilijkheden op, die thans echter vrijwel uit denweg geruimd zijn.In Hoofdplaat rijzen nog groote moeilijkheden ten op-zichte van de financiering van een drietal woningen.In Schoondijke zijn de plannen en de financieringsme-thode voor drie te herbouwen huizen gereed gekomen.In Sluis schiet de herbouw nog niet veel op.In Ter Neuzen zijn de financieringsmoeilijkheden groo-tendeels overwonnen en de bouwplannen in een verge-vorderd stadium van voorbereiding. De herverkavelin-gen, die in de verspreide verwoeste complexen in TerNeuzen vrijwel overal noodzakelijk waren, zijn reeds tergoedkeuring aan den Algemeen Gemachtigde ingezondenen wellicht reeds goedgekeurd.Ook het nieuwe bouwplan in Sluiskil is reeds naar denAlgemeen Gemachtigde gezonden. Enkele panden zijn inherbouw.In Westdorpe zijn van de 27 verwoeste perceelen er 8gereed en bewoond, 14 in herbouw en 5 nog niet op gang.Deze gemeente blijft dus nog steeds aan de spits staan.WederopbouwAfb. 5. Woonhuis te Hoofdplaat. Architect G. A. Nelissen, aldaar.Supervisor Ir. A. Rothuizen te MiddelburgAfb. 6. Ontwerp van een der typen van 10 arbeiderswoningen, tebouwen aan de Irenestraat te Yerseke. Architect Ir. F. van Lissate RotterdamDe tekorten in de exploitatie zullen door Rijk en gemeen-te gezamenlijk gedragen worden in een verhouding van9:1. Dit geldt voor alle Woningwetvoorschotten, diethans in voorbereiding zijn in het verwoeste gebied inZeeland.De stand van den wederopbouw in Zeeuwsch-Vlaande-ren is thans als volgt.In Aavdenburg zijn de bouwplannen en de financieringvoor twee winkels gereed. Een woning is reeds vrijwelgereed, terwijl nog twee gevallen niet opschieten. Eenvan deze beide gevallen wordt in ernstige mate bemoei-lijkt, doordat de gevel op de monumentenlijst staat, het-geen, behalve financieele moeilijkheden, ook vertragingmet zich medebrengt.In Axel zijn van de 7 a 8 gevallen er enkele aan het her-bouwen. De overige schieten nog niet op, omdat nog geenredelijke financieringsmethode gevonden is.De herstellingen in Eede zijn vrijwel gereed. Met denbouw van de R.K. kerk wordt een aanvang gemaakt.In Groede is de woning van den gemeentearchitect her-steld, terwijl twee andere plannen, zoowel wat de finan-ciering als de plannen betreft, in orde zijn.69fl~ jr^-^uA '/AT'-fflii=T" Jruiaiim?\ IBBItiiijiimltnffllMMr laiminijijiVerklaring:-3j^" Gemeentegrens Bestaande landelijke bebouwing..^^- = Ontworpen wegen(J. W. Verdenius, Hattem)ArtikelcnAfb. 5. Lutten (gemeente Ambt-Hardenberg), Lintbebouwing langsde Dedemsvaart(J. W. Verdenius, Hattem)dorp ruim 4000 wonen, is juist een besluit ex art. 36 4elid genomen. Op de talrijke belangrijke problemen indeze nog in ontwikkeling zijnde gemeente, kom ik we!-licht later nog terug.Ook wordt voor Hoogeveen een plan voor de geheelegemeente voorbereid. Op het 5900 ha groote gebied heeftzich eigenlijk maar een kern ontwikkeld, die in 19306883 inwoners telde.De overige dorpjes en buurtschappen zijn aan de ver-keerswegen ontstaan, en langs de kanalen en wijken. InAfb. 6. Dedemsvaart 1[ gemeente Avereest). Een voorbeeld vanversnippering van het landelijk gebiedVerklaring:BestaandBebouwde kom 0 I gj^l BB Lintbebouwing(J. W. Verdenius, Hattem)OntworpenArWegen'j^^^///f'Ti '.\\\ Diverse soorten van bebouwiing'mmy/t Industrie- en opslagterrein' ^'-ijW:-^.1;?. ,'-',? T^'Jhi.,;i.^?llWiWii"i'kS^^.;l^6?: ;tj-^4--i-^^-^ k-. ^^: '^1N^ tf^y,rr?~.^-- j^-- .V... .Hftfltfr * g*. ,,'. Cj ? fii-vV'^ ' ?.'r''?K ?;?*\iTA --o:^^ .-^^ r- ,.Vi-T**!'_ /) V \ 79Artikclende bouwverordening is het bouwen aan waterwegen toe-gelaten. Zoo ontstonden b.v. Hollandsche Veld, Elimen Zuideropgaande. Noordsche Schut, Nieuweroord enAlteveer zijn lintbebouwingen, grootendeels langs ver-harde wegen. In 1930 bedroeg de bevolking 15.313, dieinmiddels is gestegen tot 17.300.Van 1930--1939 werden gebouwd in het landelijk gebied46 boerderijen en 71 landarbeiderswoningen, alsmede185 andere woningen. Ter illustratie van de bebouwingten plattelande volgen hieronder nog enkele cijfers.Van 1930--1940 werden gebouwd in de gemeenteMarum (Gr.):6 boerderijen grooter dan 5 ha \5 boerderijen van 2--^5 ha I u ^15 landarbeiderswoningen ( , , ,.., ' .van?1000m2^2ha tft20 woningen met rijkssteun \ ^45 woningen zonder steun j , ,5 woningen binnen de kernen.In de gemeente Grootegast:22 boerderijen grooter dan 5 ha13 boerderijen van 2^--5 ha7 arbeiderswoningen grooter dan t na12 landarbeiderswoningen van ? 1000 m2 I54 woningen met rijkssteun26 woningen zonder rijkssteun103 woningen in de kernen.4 hein hetlandelijkgebiedIk teeken hierbij aan, dat de gemeente Grootegast geeneigenlijke kernen heeft; bedoeld wordt, in nauw verbandmet de bestaande bebouwing langs den provincialen weg.Het grootste gedeelte der laatstgenoemde woningen isook in het landelijk gebied verrezen.In de gemeente Kollumerland:12 boerderijen grooter dan 5 ha10 boerderijen van 2--5 ha10 boerderijen van J ha50 woningen buiten de kernen118 woningen binnen de kernen.\ larin hetlandelijk^ gebied80In het hoofddorp Kollum wordt reeds sinds vele jarengebouwd overeenkomstig een partieel plan. Een plan inhoofdzaak is evenwel niet gemaakt. Overigens ken ik degemeente onvoldoende om te beoordeelen of de 118 wo-ningen alle binnen de kernen verrezen.Over de gemeente Achtkarspelen rapporteert de architect(wiens cijfers ik hier overigens zonder commentaar weer-geef; alleen herinner ik aan de beschrijving der gemeen-telijke struktuur):53 boerderijen x' waaronder 80 wo-424 woningen in de kernen ^. ^^^ ^207 woningen bmten de kernen C j-i^gssteun.In hetzelfde tijdvak werden er in de volgende gemeentenuit de kleistreek gebouwd:In Usquert:2 boerderijen grooter dan 5 ha ,2 landarbeidersplaatsjes14 woningen buiten de kernen8 woningen in de kernengeen woningen met regeeringssteun.In Leeuwarderadeeh4 boerderijen grooter dan 5 ha2 boerderijen van ^--2 haGeen landarbeiderswoningenIn de kernen 1264 woningen (waaronder 6 ter vervan-ging van krotwoningen) ...Buiten de kernen 56 woningenGeen woningen met Regeeringssteun. , :-,Is dit alles voor den ontwerper van het uitbreidingsplanvan beteekenis? M.i. wel.Het ongelimiteerd verleenen van bouwvergunning voorwoningen, die niet noodzakelijk in het landelijk gebiedthuisbehooren, heeft reeds ernstige misstanden in hetleven geroepen, die moeilijk meer te saneeren zijn. Hier-tegen behoort zich dus het uitbreidingsplan te verzetten.De vraag die bij elk plan rijst, is: welke bebouwing is inhet landelijk gebied gewenscht? En bijna steeds zal hieropgeantwoord moeten worden, uitsluitend de woning voorhet gezin, dat bij het doelmatig exploiteeren van denbodem niet kan worden gemist. Ik reken hiertoe natuur-iijk den boer en de in zijn bedrijf werkzame arbeiders,den tuinbouwer en b.v. ook den pluimveefokker. Ten-slotte den boschwachter en zijn personeel, en, onder om-standigheden, den veenarbeider. Stelt men de grens zeerruim, dan zou ieder grondgebruiker die tenminste 1 hain cultuur heeft, tot het landelijk gebied mogen wordentoegelaten, mits met inachtneming van bepaalde rooi-lijnen en zijdelingsche afstanden, die naar gelang vande plaats waar, en den weg waaraan gebouwd wordt,zullen moeten worden vastgesteld.In vele gemeenten bestaat hierover verschil van meening.Hier en daar zijn evenwel, zelfs bij boeren-raadsleden,stemmen opgegaan ter bescherming van het landelijk ge-bied. Men heeft ingezien, dat door het maar raak ver-leenen van bouwvergunningen de speculatie in terreintjeszeer is toegenomen, dat het verleidelijk lijkt, om doorverkaveling der perceelen meer geld te ontvangen voorde kultuurgronden, doch dat het ten slotte een, voor denboer in de eerste plaats, groot belang is, dat de grondniet boven de cultuurwaarde wordt verkocht. Meer daneens zijn er ook reeds in landelijke gemeenten stemmenopgegaan, om geen bebouwing toe te staan anders danten behoeve van bedrijven met een oppervlakte, voldoen-de groot cm er een bestaan op te kunnen vinden.Een gemeenteraadslid (een kleine boer) zei eens in eenraadsvergadering, -- gedurende welke ik uren langtevergeefs gepleit had voor een ruimere bouwwijze vanhet landelijk gebied en gewezen had op de toekomstigemoeilijkheden, die elke bebouwing met zich brengt alshet gezin niet in staat is zich in het agrarisch gebied eenzelfstandig bestaan te scheppen, als de man dan eenshier, dan eens daar werkt, en meestal van alle werk ververwijderd woont --, de in dit milieu merkwaardigewoorden: ,,die menschen moeten tegen zichzelf be-schermd worden, het gezin is met een woning alleen nietgeholpen, de plaats waar de woning staat is even be-langrijk". Kleine grondgebruikers behooren m.i. dan ookmin of meer in verband met de kern te bouwen en moe-ten uit het landelijk gebied worden geweerd.Veel gemeentebesturen kunnen zich met dezen gedach-tengang vereenigen, doch zijn niet bij machte de noo-dige maatregelen te treffen om dit mogelijk te maken.Wat heeft men aan een plan van uitbreiding, wanneerde hierin aangegeven richtlijnen niet kunnen wordengevolgd. Jaarlijks toch worden door het Rijk millioenenbesteed teneinde de totstandkoming te bevorderen vanwoningen op terreinen, in het landelijk gebied, aan zand-wegen gelegen, dikwijls ver van elke kern verwijderd,die daar zeker niet thuis hooren.Zoo verrezen volgens de boven aangehaalde gegevens:in de laatste 10 jaar b.v. in de gemeente Grootegast54 woningen, in Achtkarspelen 80 woningen. Op AmbtHardenberg werd reeds eerder gewezen.In de gemeente Emmen werden bijna uitsluitend in hetlandelijk gebied aan zandwegen en met rijkssteun ge-bouwd:in 1936 259 woningen,. 1937 116,, 1938 240 ,,,, 1939 216Ik ga aan de beteekenis dezer cijfers thans stilzwijgendvoorbij.De vraag rijst evenwel, waarom is dit hier en elders zoogeschied? Zeer zeker niet overal met sympathie der ge-meentebesturen, maar dikwijls omdat men finantieel nietanders kon.Men moest bouwen, teneinde een deel der krotbewonerste verlossen; daarom werd de plaats bepaald door denprijs der beschikbare, niet der geschikte, terreinen. Degemeentebesturen dienen evenwel voor den bouw vandergelijke woningen overeenkomstig het uitbreidingsplante kunnen beschikken over gunstig gelegen terreinen,aan, of dichtbij verharde wegen gelegen, en onmiddellijkgrenzende aan een bestaande kernbebouwing.Dat deze gronden tegen een prijs, die de cultuurgrond-waarde niet aanmerkelijk overschrijdt, in het algemeenbelang en in het bizonder in het belang der volkshuis-vestig, desnoods, moeten kunnen worden gevocderdspreekt m.i. vanzelf.Hier moet elke grondspeculatie, reeds bij voorbaat, on-mogelijk zijn.Ten slotte rijst de vraag: waarom wordt bij het bouwrijp'maken van op een goedgekeurd uitbreidingsplan, voorarbeiderswoningbouw bestemde terreinen, niet meer gc-bruik gemaakt van de diensten der 'werkverschaffing?Het is mij bij ervaring gebleken, dat enkele inspecteursder werkverschaffing er niet voor voelen; naar hun mee-ning zou hier geen sprake van productief werk zijn.Naast het vraagstuk der volkshuisvesting is ook eenvoorname argrarische kwestie, n.l. de verkaveling vanhet landelijk gebied in den loop der jaren, al meer in hetgedrang gekomen. Het uitbreidingsplan en in het bizon-der het plan in hoofdzaak heeft hier een belangrijke taakte vervullen voor elke plattelandsgemeente.Hierop vooral met nadruk de aandacht te vestigen is hetdoel van dit artikel.De herziening van het Haarlemsche uitbrei- ^""'"''=''dingsplandoor Ir. F. OttevangersHet uitbreidingsplan van Haarlem, waarbij de bestem-ming van alle in het plan begrepen gronden in onderdee-len bepaald was, dateerde van de eerste jaren na degrenswijziging van 1927, toen er op het nieuwe grond-gebied een groote bouwbedrijvigheid heerschte. De snellebevolkingstoeneming van Haarlem en directe omgeving,voornamelijk tengevolge van de zeer groote vestigings-overschotten in die dagen, was daar wel de voornaamsteoorzaak van. Om die bouwbedrijvigheid in ordelijkebanen te kunnen leiden, werd toen met spoed een planvan uitbreiding ontworpen, zonder dat men zich feitelijkvoldoende rekenschap gaf en kon geven van de eigen-lijke behoefte aan uitbreidingsmogelijkheid.Den laatsten tijd is echter de vraag gerezen, of het uit-breidingsplan destijds niet te groot was opgezet. De uit-breidingssnelheid van de bebouwing in het decennium nade annexatie deed vermoeden, dat verscheidene deelenvan het uitbreidingsplan wellicht eerst over tientallenvan jaren volgebouwd zullen worden. En het kan tochniet in overeenstemming zijn met een goed stedebouw-kundig begrip, de in een verre toekomst te verwachtenbebouwing en allerlei details omtrent den aard dezer be-bouwing thans reeds vastgesteld te hebben, zonder metde dan geldende verhoudingen, eischen en inzichten, dieongetwijfeld van de huidige min of meer belangrijk zul-len afwijken, rekening te kunnen houden.Ten einde een inzicht te verkrijgen in de orde van groot-te, die redelijkerwijs voor den toekomstigen stadsom-vang verwacht mag worden, is toen een onderzoek inge-steld naar de bevolkingsbeweging van Haarlem en om-geving. In verband met de groote rol, die de migratiehier speelt, is een drietal prognosen opgesteld, dat eendenkbeeld gaf van het minimale, maximale en meestwaarschijnlijke toekomstige bevolkingsaantal. Volgensde meest waarschijnlijke verwachting zal Haarlem, datthans 143.000 inwoners heeft, omstreeks het einde dezereeuw een dan niet meer toenemende bevolking vanongeveer 220.000 zielen hebben; in ieder geval mag eenminimum bevolking van circa 195.000 inwoners ver-wacht worden, terwijl bij een samenloop van zeer gunsti-ge, thans nog niet te voorziene, omstandigheden voorHaarlem omstreeks het jaar 2000 een maximum bevol-king verwacht kan worden, welker aantal toch altijd nogbeneden de 250.000 zal liggen. Voor nadere bizonder-heden van dit demografisch onderzoek moge verwezenworden naar Publieke Werken, 1937, Nr. 5.Voor een juiste beoordeeling van de meest gewenschtecapaciteit van het uitbreidingsplan is vervolgens eenonderzoek ingesteld naar de woningvoorziening en watdaarmede samenhangt, terwijl berekeningen opgesteldzijn van den te verwachten benoodigden woningvoorraaden van het toekomstig aantal op nieuw terrein te bouwenwoningen. Daarbij is uitvoerig aandacht geschonken aande verandering van de gemiddelde woningbezetting ten-gevolge van de z.g. gezinsverdunning en aan de city-vorming en de saneering van oude stadswijken. Als eind-resultaat zij vermeld, dat de woningvoorraad na 1 Ja-nuari 1937 met vermoedelijk nog 77% zal moeten toe- 81Artikelen 424140i9565736-55543S32313029ABSOLUTE QOOOTTEIN DUIZENPTALLEN1936 MO++!?+ -H82(Openbare Werken, Haarlem)Nieuwbouw bij maximale bevolkingstoenemingNieuwbouw bij minimale bevolkingstoenemingNieuwbouw bij meest waarschijnlijke bevolkingstoenemingCapaciteit oorspronkelijk uitbreidingsplan op 1 Jan. 1937Capaciteit herzien uitbreidingsplan op 1 Jan. 1937Capaciteit overblijvende dctailplannen op 1 Jan. 1937Afb. 1. Prognosen betreffende den op nieuw terrein te stichten wo-ningvoorraad na 1936nemen, terwijl het aantal op nieuw terrein te bouwenwoningen naar alle waarschijnlijkheid circa 87 % vanden woningvoorraad op genoemden datum zal bedragen.De Haarlemsche bevolking zal volgens de meest waar-schijnlijke verwachting met nog circa 65 % toenemen.Voorts is een onderzoek ingesteld naar de uiteindelijkebehoefte aan terreinen voor recreatieve doeleinden. Metname werden voor de parken, de sportterreinen en devolkstuinen aan de hand van de resultaten van het de-mografisch onderzoek en de in de praktijk gebleken be-hoefte normen opgesteld en berekeningen gemaakt vande oppervlakten, die in het uitbreidingsplan daarvoorgereserveerd behooren te worden. Ook aan het verkeerwerd de noodige aandacht geschonken. Wegens gebrekaan voldoende gegevens is een onderzoek naar de be-noodigde hoeveelheid industrieterrein voorloopig achter-wege gebleven; de ligging van die terreinen in het uit-breidingsplan ten opzichte van de andere stadsgedeeltenen de mogelijkheden van ontwikkeling zijn van dienaard, dat aan een dergelijk onderzoek geen dringendebehoefte was.Bij toetsing van een en ander aan het oorspronkelijkeuitbreidingsplan bleek, dat dit plan een capaciteit had,die reikte tot een jaar, vallende na 1960 en voor 1980.Aangezien volgens de bedoeling der Woningwet eengedetailleerd uitbreidingsplan slechts dient vastgesteldte worden voor die gronden, waarop in de eerstvolgendejaren de bebouwing zich zal uitbreiden, was beperkingvan den omvang van het oorspronkelijke plan, mede opgrond van de hiervoor reeds vermelde overwegingen,inderdaad gewenscht.Voorts kwam vast te staan, dat de voorziening in debehoefte aan parken en plantsoenen voldoende was, dochdat de sportterreinen en de volkstuinen een belangrijkgrooter opperylak noodig hadden.Op grond van het vorenstaande is een plan tot herzie-ning van het uitbreidingsplan opgemaakt, waarbij ver-schillende detailplannen zouden worden ingetrokken eneen nieuw uitbreidingsplan vastgesteld, waarbij de be-stemming van den in het plan begrepen grond in hoofd-zaak bepaald is. Een deel van de gronden, liggende inde ingetrokken gedetailleerde plannen, werd met debestemming van ,.bebouwing met woningen" in datbestemmingsplan opgenomen. Op die wijze wordt be-reikt, dat het plan in onderdeelen in de behoeften totomstreeks 1950 voorziet, terwijl het plan in hoofdzaakdan nog voor een tiental jaren daarna voldoende is, zoo-als blijkt uit afb. 1, waarin het resultaat der berekeningengrafisch is voorgesteld.Een overzicht van het plan van uitbreiding na de herzie-ning is weergegeven in afb. 2. Op deze kaart is debestaande bebouwing op sprekende wijze ingeteekend.De poliepachtige manier, waarop de laatste tien jarenhet stadslichaam uitgegroeid is, demonstreert al zeerduidelijk de ongunstige gevolgen van een te groot gede-tailleerd uitbreidingsplan.Het herzieningsplan voorzag in het definitief intrekkenvan bebouwingsplannen, die als overgangen naar op hetgebied van een aangrenzende gemeente ontworpen enlater weer ingetrokken plannen bedoeld waren of die deaanzetten vormden voor zich nog verder uitstrekkendetoekomstige uitbreidingsplannen op Haarlemsch gebied.Op die wijze werd een afgerond geheel verkregen.Ingetrokken en vervangen door een ,,plan in hoofdzaak"moesten de nog niet door de bebouwing aangesneden,.plannen in onderdeelen" worden, die tevens op zichzelfeen min of meer afgerond geheel vormden.De in het oude uitbreidingsplan ontworpen parken ensportterreincomplexen zijn in verband met de bij het on-derzoek gebleken behoefte van de aangrenzende stads-wijken gehandhaafd, ook al vielen ze buiten het gebiedvan de overblijvende gedetailleerde plannen. Het wasniet zoo zeer de per inwoner noodig geachte oppervlak-te, als wel de aan de verdeeling over het stadsgebied testellen eischen, die hier dus den doorslag gaven. Dat deoppervlakte aan parken voldoende geacht kan worden,moge blijken uit het volgende: na algeheele voltooiingvan het herziene uitbreidingsplan zal er per inwoner vanHaarlem volgens de berekeningen aanwezig zijn 4.43 m^aan Haarlemsche parken en 6.33 m^ aan Haarlemscheparken en parken, gelegen op maximum 800 m van deHaarlemsche bebouwing. Beschouwt men de aangren-zende gemeenten Bloemendaal en Heemstede met Haar-lem gezamenlijk, hetgeen juister is, omdat de parken enbosschen van die buitengemeenten ook door de Haar-lemmers druk bezocht worden, dan is er in de toekomstuiteindelijk voor den dan levenden inwoner van Groot-Haarlem (om het chauvinistisch zoo maar eens te noe-men) 9.20 m^ aan park beschikbaar.Voor de berekening van de benoodigde oppervlakte aansportterreinen werd bij het opmaken van het herzienings-plan, overeenkomstig de voor Amsterdam volgens demethode Wagner opgestelde berekeningen, een normvan 5 m2 per inwoner voor den tegenwoordigen tijd aan-genomen, afloopend tot 4.6 m^ per inwoner voor het jaar1960, als omstreeks dien tijd het herziene plan voltooidzal zijn. Voor de volkstuin-complexen werd een normbecijferd van 3 m^ per inwoner. Mede in verband metde geringe bebouwingsdichtheid (74 % van alle Haar-lemsche woningen zijn eengezinswoonhuizen) bleek datcijfer overeen te komen met de behoefte in normale tij-den. In verband echter met de ten tijde van het opmakenvan het herzieningsplan heerschende onzekerheid betref-fende de rechtmatigheid van bestemmingen, die niet denwoningbouw betreffen of daarmee onmiddellijk verbandhouden (het drama met het uitbreidingsplan met eenland- en tuinbouwbestemming was nog maar kort achterden rug!), werd het uit tactische overwegingen betergeacht, niet alle berekende oppervlakten aan sportter-rein en volkstuin in het uitbreidingsplan vast te leggen,maar zich te beperken tot het voor den eerstvolgendentijd benoodigde. Te gelegener tijd kunnen dan de nogontbrekende oppervlakten aangewezen worden.Als eerste maatregel ter uitvoering der herzieningsplan-nen is op 23 Februari 1938 een raadsbesluit genomen,waarbij drie gedetailleerde uitbreidingsplannen geheelen van zes dergelijke plannen een gedeelte werden inge-trokken, terwijl tevens bepaald werd, dat voor de in dieplannen begrepen gronden de vaststelling van een uit-breidingsplan in voorbereiding is.Zooals te verwachten was, hebben enkele grondexploi-tanten, wier gronden juist in een drietal gedeeltelijk in-getrokken plannen lagen, aan Gedeputeerde Staten ver-zocht, hun goedkeuring aan dat raadsbesluit te onthou-den. Zij voerden daarbij o.m. aan, dat het raadsbesluitin wezen strekt tot herziening van uitbreidingsplannen endat een gedeeltelijke intrekking een wijziging van hetplan is, zoodat te voren de plannen ter visie haddengelegd moeten worden. Gedeputeerde Staten van NoordHolland hebben die bezwaren niet ontvankelijk verklaarden keurden 6 Juh 1938 het betreffende raadsbesluitgoed. Reclamanten zijn daartegen in beroep bij de Kroongegaan, die hen formeel in het gelijk stelde.In het Koninklijk Besluit van 11 Januari 1939, Nr. 24,wordt overwogen, dat de intrekking van slechts een ge-deelte van uitbreidingsplannen in wezen niet is aan temerken als intrekking van een uitbreidingsplan, dochals een herziening van een uitbreidingsplan, omdat eenuitbreidingsplan, waarvan door gedeeltelijke intrekkingde omvang beperkt is geworden, niet meer gelijk is aanArtikelenAEQDENHOUTVERKLARING" GEMEENTEGDENS-- 5P00PWEGENH BESTAANDE EfBOUWINGONTWonPEN BEBOUWiNGfPLAN iN O^0EDDEEL?NJ7, 7, (PLAN IN HOOFDZAAK)I " 1 ONTWODPEN INDUSTQIETEPPEINl:':-^''^:--"'-l SPOflTTEPREIN^r^rx] 5CM00L-EN VOLKSTUINENrti"tTl KERKMOF^^5^1 INRlChTINGEn VOOD WATERSPORTI ] LAND -EN -UlNBOUWGcSiCO(Openbare Werken, Haarlem)Afb. 2. Overzichtskaart uitbreidingsplannen van Haarlemhet oorspronkelijke plan en dus geacht moet worden tezijn gewijzigd. Dientengevolge werd vernietigd hetbesluit van Gedeputeerde Staten, voorzoover daarbijgoedkeuring was verleend aan de gedeelten van hetRaadsbesluit, strekkende tot intrekking van gedeeltenvan twee uitbreidingsplannen, waarin grond van recla-manten lag.Het komt mij voor, dat tegen dezen gedachtengang nogwel een en ander is in te brengen.De Woningwet spreekt uitsluitend over ,,het plan vanuitbreiding". Nergens staat er echter in de wet, dat vooreen bepaalde gemeente zoo'n plan slechts in zijn geheelmag worden vastgesteld of ingetrokken. Hoewel art. 36alleen handelt over de vaststelling van ,,het" of ,,een"plan van uitbreiding, is het toch algemeen gebruikelijken werd er voorzoover mij bekend van hoogerhand nognooit bezwaar tegen gemaakt, dat een dergelijk plan bijgedeelten vastgesteld wordt, waarbij ieder gedeelte inalle opzichten als een ,,plan van uitbreiding" beschouwdwordt. Waarom nu aan het begrip ,,plan van uitbrei-ding" in art. 37 (regelende o.a. de intrekking) een an- 83Artikelendere beteekenis toegekend moet worden dan aan dat inart. 36, is mij niet duidelijk.Het Haarlemsche plan van uitbreiding bestond uit ver-schillende detailplannen, waarvan de meesten o.a. doorlatere partieele herzieningen een zeer willekeurige be-grenzing hebben gekregen, zoodat ieder afzonderlijkdetailplan, hoewel een ,,plan van uitbreiding" zijnde, ingeenen deele een afgerond geheel vormde. In wezen waser dan ook geen verschil tusschen een gedeeltelijk inge-trokken plan en een in zijn geheel ingetrokken plan.Waarom het tweede niet en het eerste wel als een her-ziening aan te merken is, ontgaat mij.En indien dan een gedeeltelijke intrekking een herzieningis, zoodat een besluit tot goedkeuring vernietigd moestworden, omdat voor die intrekking de procedure van hetuitbreidingsplan niet gevolgd was en dus in strijd met dewet was gehandeld, waarom werd dan niet tevens ver-nietigd de goedkeuring van de gedeelten van het Haar-lemsche raadsbesluit, strekkende tot intrekking van ge-deelten van vier andere plannen, waar bovendien nog inhet ingetrokken gedeelte van een dier plannen eveneensgrond van een der reclamanten lag? Op deze vraag zalwel niemand een bevredigend antwoord kunnen geven.In het Koninklijk Besluit wordt voorts nog opgemerkt,dat door de op de plannen toegepaste omvangsbeperkingde samenhang tusschen de destijds aan de gronden ge-geven bestemmingen wordt verbroken. Bij het opmakenvan de intrekkingsplannen is er echter destijds zorgvul-dig voor gewaakt, dat de overblijvende plannen een be-hoorlijk afgerond geheel bleven vormen. Ten gevolgevan het K. B., waarbij de intrekking van een stuk uitbrei-dingsplan dicht bij de bestaande bebouwing niet en dievan een plan verderaf wel werd teniet gedaan, ontstondnu deze zonderlinge toestand, dat er ergens midden inhet land een stuk uitbreidingsplan lag, zoodat er toenvan een samenhang tusschen de deelen van het gede-tailleerde uitbreidingsplan in het geheel geen sprakewas!Kort na de bekendwording van het K.B. begon de Ge-meente de tweede ronde, die haar uiteindelijk tot de zegezou voeren. Ze legde n.l. ter visie le. een tweetal ont-werp-plannen tot wijziging van een uitbreidingsplan doorintrekking van een gedeelte van het plan en 2e. een] :. ontwerp-uitbreidingsplan in hoofdzaak, overeenkomstighetgeen hiervoor werd beschreven. Tevens was in hetbetreffende ontwerp-Raadsbesluit de opdracht aan Bur-gemeester en Wethouders opgenomen, om met de eige-: naren van de gronden in het zuid-oosten der gemeente,waarop een park en een sportterreincomplex volgens hetoude uitbreidingsplan ontworpen was en welke bestem-ming onveranderd gelaten was, over aankoop van diegronden te onderhandelen en, zoo die onderhandelingengeen bevredigend resultaat mochten opleveren. voorstel-len tot onteigening van die gronden in te dienen.De grondeigenaren, die destijds tegen het intrekkings-besluit bezwaar hadden gemaakt, dienden thans natuur-lijk weer een bezwaarschrift in. Hun voornaamste be-zwaar was, dat in strijd met art. 36 van de Woningwetgehandeld zou zijn, omdat op hun gronden, die huns in-ziens zeer spoedig voor bebouwing in aanmerking kwa-men, geen plan in onderdeelen was ontworpen; zij zou-den schade lijden, omdat hun gronden door de vervan-o4 ging van het daarop liggende plan in onderdeelen dooreen plan in hoofdzaak van waardevol bouwterrein totweiland werden gedegradeerd.De gemeenteraad overwoog evenwel, dat het juist zaakwas te beletten, dat op de terreinen van de requestran-ten gebouwd zou worden, voordat een op goede wijzegeleide groei van de bestaande bebouwing tot aan dieterreinen genaderd zou zijn. Men wilde een verdere po-liepachtige stadsuitbreiding, die met alle gezonde begrip-pen van stedebouwkunde spotte en aan de gemeenschapniets dan schade kon toebrengen, met alle wettige mid-delen voorkomen en koos daarvoor den rechten weg.Zou echter het bewandelen van dien weg aan de ge-meente onmogelijk gemaakt worden, dan zou zij haardoel op andere, wel is waar legale, maar in feite tochminder juiste wijze zien te bereiken, indachtig aan hetmilitaire axioma: kan het niet zooals het moet, dan moethet maar zooals het kan. Zij zou n.l. hetzelfde doel ookkunnen bereiken door toepassing van de HaarlemscheVerordening houdende algemeene voorwaarden nopensde aanvaarding van voor den openbaren dienst bestem-de gronden, welke verordening echter voor een geheelander doel in het leven geroepen is. De waarde van deaan de requestranten toebehoorende gronden werdderhalve door die vervanging van het plan in onderdee-len door een plan in hoofdzaak niet verminderd; zij bleefdie van toekomstig bouwterrein.Bij zijn besluit van 14 Juni 1939, Nr. 12, stelde de ge-meenteraad de plannen vast,Zooals te verwachten was, herhaalden de grondeigena-ren hun bezwaren bij Gedeputeerde Staten van NoordHolland, ditmaal met succes. Op 17 Juh 1940 besloot ditcollege goedkeuring te onthouden aan het betreffenderaadsbesluit voor zoover betrof de intrekking van ge-deelten van uitbreidingsplannen in onderdeelen en devaststelling voor die gebieden van een plan in hoofdzaak.Gedeputeerde Staten overwogen daarbij, dat de waardevan de aan de requestreerende eigenaren behoorendegronden door het vervallen van de voor die gronden gel-dende uitbreidingsplannen in onderdeelen inderdaad inbeduidende mate dreigt te worden verminderd; dat de opdie wijze geleden schade niet kan worden gerechtvaar-digd door het belang van het tegengaan van verspreidebebouwing, aangezien dat evenzeer bereikt zou kunnenworden door een oordeelkundige toepassing van de ver-ordening, houdende algemeene voorwaarden nopens deaanvaarding door de gemeente Haarlem van gronden,bestemd voor den openbaren dienst (een verordeningbetreffende het in exploitatie brengen van bouwterreinendoor particulieren); en dat, door van het zuid-oostelijkeuitbreidingsplan uitsluitend in stand te houden het ge-deelte, waarbij de gronden zijn bestemd voor park- ensportdoeleinden, in de aanspraken, welke de belangheb-benden aan dat uitbreidingsplan bij de vaststelling daar-van konden ontleenen, een ongeoorloofde wijzigingwordt gebracht, terwijl het nadeel, dat daaruit voor debelanghebbenden voortvloeit, niet wordt opgeheven doorde toezegging tot aankoop of onteigening, nu geen ze-kerheid zou bestaan, dat bij zoodanige onteigening hetvoorschrift van art, 92 der Onteigeningswet toepassingzal vinden.Thans was het de Gemeente, die van het besluit vanGedeputeerde Staten in hooger beroep ging. De Secre-taris-Generaal van het Departement van BinnenlandscheUSTONAPLASTBi/ET>EV(INKEL^^;gON|CFransch Patent846.172JlllfkKEEEBSIBafl'FABRIEKSMERKBelgisch Patent430.884H.P.H. HET IDEAAL voor iedere keuken!Andere patenten aangemeld.Geen uitgebeten en gescheurdegootsteenen meer!Vraagt hetH.P.H. AANRECHTBLADmet afneembare vuurklei- of emaille-spoelbak.Voldoet aan alle te stellen eischen.Inlichtingen, brochures enz. bij:H.PIJLS-HULSMAASTRICHTDUITSCHE POORT 14 - TELEFOON 2935FABRIKANT-UITVINDERSoliede Nederlandsche dekkin^van het brand- en stormrisico van Wonin^bouwvereenigingenverstrekt de Verzekeringsbank . , .. ,De Nieuwe Eerste Nederlandsche n.v.Vraagt vrijblijvend offerte Prinsesse^racht 13 - Den Haa^ALKASIT-CELLULOSE-LIIMHEX BINDMIDDEL VOORL IJ M V E R F,KALKVERF,P L A S T I E K enP L A M U U RGEEN BARSTEN OF BLADDEREN !ALKASIT-CELLULOSE-PLAKSELHET PLAKSEL VOORLIGHT EN ZWAAR BEHANGEN PLAFONDDOEKALKASIT-GRONDEERMIDDELHET UITSTRIJKBARE ISOLATIE-MIDDEL; WARMTE ISOLEREND ENACOUSTIEK VERBETEREND.SPAART TIJD EN KOSTEN!ALLEEN ALKASIT 75KALK- EN CEMENT-ECHT!VRAAGT PROSPECTI EN GRATIS ABONNBMENT OP ONSVAKBLAD ,,DE ALKASIT-VAKMAN"N.V.,,DE ATLAS". DELFTWESTVEST 51-53 TELEFOON 1077 EN 2392N.v. NEDEC2L. INSTA,ULA.TIE. MAA.T5CU,AM?TE:CDAM-V/ , VONDELSTPAAT 56TE:L.. J7E NIEUWE &OUW&LOmtENVAN ONOE??STAANDE BOOWVEPeENIGIMGEN/,_, 1 AMSTEBDAM'ID6 '^ONINCJENI OLYMPIAPLEIN,,OMDrpLIMGr 9TEUN"^169 WONIMQENIUITE,AM9TEQDAM- ZUIDxsrr. I AMSTEE-DAM'ZOl WOMINQE.N luiTEBW.S-ne/MOEEDiJUjTK.,, M IJ. vooc VOLl/9 WOMI IN GE h "CO Vf'ONIMGENi Btccspouoee.A.M2TeeOAMBWAACOEMSTe.?P. A. BOS P. Azn. BOSCHKANT 6 ZEISTVlamovenstraatklinkersin waal-, dik- en keiformaat.T IfllilOvlCS (drooggeperste klinkerkeien)voor wegen, dijkbeglooiingen, kademuren en brugpeilersZaken bleek het standpunt van de gemeente Haarlemgeheel te kunnen deelen en besloot dd. 20 Februari 1941B.Z. Nr. 2 V, met vernietiging voor zooveel noodig vanhet bestreden besluit van Gedeputeerde Staten, de ge-deelten van het betreffende besluit van den Raad der ge-meente Haarlem, welke door Gedeputee
Reacties