niiiRvesTinOrgaan van het Nederlands Instituut voor Volkshuis-vesting en Stedebouw en van de Nationale Woningraad,waarin opgenomen de mededelingen van de Rijksdienskvoor het Nationale Plan, en tevens gewijd aan deWederopbouwSeptember 1947 28e Jaargang no. 9? ??dat kost geld!Proefnemingen in Araerika hebben b?wezen dat een te lage temperatuui ineen werkplaats of fabrifk de aibeidsca-paciteit op ongekende wijze vermindortHet is voor elken fabrieksdirecteur du?van het allergrootste belang, zijn gehaelebedrijf (nauwkeurig) tot de juiste t?ni-peratuur te verwaimen. Als ge Uw b?-drijt op de doeltreffendste wijze ver-warmd en geventileerd wenscht te zien,- vraag onzen deskundige dan eens omeen advies.E.NDHO31N CENTRALE VERWARMING N.V.Specialileil in het aanleggen van fabrieksapparaten voor verwarming2fiQ bevochtigrng - ontneveling - droging en koeling.HOLLAND TRIPLEX IMPORTROTTERDAM - Schiedamschesingel 50 - Tel. 28303293Abraham van Stolk & Zonen n.v.ROTTERDAMPOST B us 1100TELEF. No. 35400444HOUTHANDELphilips' bouwbedrijiwederopbouw-adretvelsenjan kostelijklaan 30tel. 4484385spruitenboschstraat 1 7tel. 16902HaarlemVoor den wederopbouwvoerden wij reeds vele grooie op-drachten uH. Mel de daardoor ver-worven ervaring siaan wij gaarne ioiUw diensi voor hei verzorgen vanal Uw schilderwerk ISchildersbedrijfW. BLOK * ROTTERDAMMijnsheerenlaan 172 BTelefoon 70802Tijdschrift voorVolkshuisvesting enSeptember 194728e Jaargang - No. 9MaandbladStedebouAvOrgaan van het Nederlandsch Instituut voor Volkshuisvesting en Stedebouw en de NationaleWoningraad, Algemene Bond van Woningbouwverenigingen, waarin opgenomen- de mede-delingen van de Rijksdienst voor het Nationale Plan, en tevens gewijd aan de WederopbouwRedactie: Mr. H. W. Bloemfers, J. Bommer, Ir. H. M. Buskens, Jhr. M. J. I. de Jonge van EUemeet, B. Merkelbach,Ir. L. S. P. Scheffer, Ir. P. Bakker Schut, Mr. J. Vink, Drs. H. van der WeijdeAdres voor Redactie en Aboimementen: Lange Voorhout 19, 's Gravenhage, Telefoon 115720Advertenties! Keizersgracht 188, Amsterdam C, Telefoon 49128In Memoriam H. P. J. BloemersOp 16 September 1.1. overleed in zijn woning te Velp HenriPetrus Johan Bloemers, 67 jaar oud. Daarmede kwam eeneinde aan een uiterst werkzaam leven als burgemeester vanachtereenvolgens Willemstad, Borculo, Rheden, Groningenen Arnhem en als functionaris in tal van instellingen uit hetmaatschappelijk leven. Het ligt niet in de bedoeling, hier eenvolledige beschrijving van dit rijke leven te geven; voor delezers van dit Tijdschrift staat de figuur van Bloemers daarals de strijder op het gebied van de volkshuisvesting en destedebouw, de man die met enige anderen het Instituut in hetleven riep en daarop zijn stempel drukte. Toen na een korteoprichtingsperiode het Instituut kon worden geconsolideerdwerd Bloemers, van de aanvang af lid van het DagelijksBestuur, met ingang van 1 Januari 1921 tot voorzitter gekozenen als zodanig heeft hij tot 1931 gefungeerd, toen zijn benoe-ming tot burgemeester van Groningen hem noopte het voor-zitterschap neer te leggen. Dit betekende intussen geenafscheid. Het feit, dat de afgetreden voorzitter nadien voor-zitter van de Stedebouwkundige Raad werd en dat hij tot nade bevrijding zittlng behield in het Dagelijks Bestuur doetwel blijken, dat van een verzwakte belangstelling voor hetInstituut geen sprake was.In de grotere ledenkring heeft Bloemers zich echter in delaatste tijd niet veel meer bewogen en waarschijnlijk zal dezefiguur dan ook aan verscheidene jongere leden niet zo heldervoor ogen staan als aan heii, die met hem mochten samen-werken. Men mag hun dan aanraden, nog eens het Gedenk-boek van het Instituut ,,De Woningwet 1902-'29" op te slaanen daarin het door Bloemers geschreven Voorwoord te lezen,dat tevens de geschiedenis van het Instituut tot 1930 bevat.De schrijver noemt daarin zich zelf slechts een enkele maalen het is stellig niet zijn bedoehng geweest, daarin ook maariets van een zelfportret te geven. maar in dat verslag van degeboorte van ons Instituut treedt de figuur van Bloemersduidelijk voor ons met zijn actiyiteit, zijn heldere overwe-gingen, .zijn besluitvaardigheid; de geboren bestuurder.Zijn rijke gaven van hoofd en hart zijn ten voile gewijd aande belangen der gemeenschap die hij diende en in ons Insti-tuut en daar buiten, vooral in d-e gemeenten, die hij achter-eenvolgens bestuurde. En ook daar zijn het met name destedebouw en de volkshuisvesting, die zijn zorg hebben gehad.Als wij daaruit enkele grepen doen, dan noemen wij het be-houd van de Vesting Willemstad met de oprichting van,,Menno van Coehoorn" en de stichting van het onverge-lijkelijke Nationale Park Veluwezoom, waarin een nieuwetoerweg naa^ Bloemers werd genoemd. En zo is er veel meer.Ook daden, die in het licht van vandaag misschien nietbizonder opvallen, maar die enkele decennia geleden nogslechts door de strijd der overtuiging konden geschieden enhet mag nog wel eens gezegd worden, dat wij aan de strijdersvan toen' hebben te danken, dat veel van wat toen alsbizonder gold nu min of meer gemeengoed is geworden.Bloemers is een van die strijders geweest; een sterk idealismegepaard aan een helder inzicht omtrent de mogelijkheid vanverwezenlijking heeft hem daarbij steeds gedragen.Zijn ambtelijke loopbaan werd in 1944 door de Duitsersafgesneden. Zo gaarne had men hem nog lange jaren rusttoegewenst, die hij zich te voren nooit heeft gegund. Hetheeft niet zo mogen zijn. Een kwaal, waaraan de ergernissenvan een getrouw burgemeester in de bezettingstijd zeker nietvreemd zullen zijn geweest heeft thans h?t einde gebracht.Plaats en tijdstip van de begrafenis zijn niet te voren bekendgemaakt, geheel in de geest van deze man, die in de vervullingvan zijn levenstaak nooit eigen eer heeft gezocht. Met eerbieden dankbaarheid zullen wij Bloemers blijven gedenken. Zijngestalte blijft helder voor ons staan.M. J. I. de Jonge van EllemeetOfficiele mededelingenNederlandsch InstituutBestuurHet gemeentebestuur van Amsterdam heeft de wethoudervoor de Publieke Werken en de Volkshuisvesting, deHeer L. Seegers, aangewezen als zijn vertegenwoordiger inhet bestuur van het Instituut, in de plaats van de Heer MrW. F. Schokkinq.Prae-adviezenvergaderingOp 18 September heeft te Amsterdam de vergadering plaatsgehad over de uitvoering van het woningbouwprogramma,waaromtrent prae-adviezen waren uitgebracht door de herenJ. Bommer, Ir. J. J. van der Wal, Dr. Claudius Prinsen enB. Merkelbach. De vergadering was zeer goed bezocht. Wijhopen het verslag van de beraadslagingen binnen niet telange tijd te kunnen publiceren.Rijksdienst voor het Nationale Plan. Benoeming lid van de Vaste CommissieDe Minister van Wederopbouw en Volkshuisvesting Overwegende, dat het gewenst is aan de Vaste Commissie van de Rijks-dienst voor het Nationale Plan een lid toe te voegen, hetwelk geacht kanworden deskundig te zijn op het gebied van het mrlitair beleid, zoals datdoor de Minister van Oorlog wordt gevoerd ; 109Nationale PlaArtiktlenGezien het advies van de Minister van Oorlog van 5 Augustus 1947,no. 1002, sectie G. 1. Bur. Op.;Heeft goedgevonden :de Luitenant-Kolonel van de Generale StafT. E. E. H. Mathonwerkzaam bij het hoofdkwartier van de Generale Staf, Clingendaalkazernete s Gravenhage, te benoemen tot lid van de Vaste Commissie voornoemd.Afschrift dezer te zenden aan de Minister van Oorlog, de benoemde, ende President van de Rijksdienst voor het Nationale Plan.De Minister van Wederopbouwen Volkshuisvesting,, Voor den Minister's-Gravenhage, 23 Augustus 1947De Secretaris-Generaal,(w.g.) H. W. Mouton110Prov. Planologische Dienst UtrechtDe Commissaris der Koningin in de Provincie UtrechtGezien het schrijven dd. 14 Miaart 1947, no. 1 M afd. N. PL van deMinister van Wederopbouw en Volkshuisvesting, waarin de wenselijkheidwordt bepleit een directeur van een gewestelijk arbeidsbureau in de VasteCommissie van de provinciale planologische dienst als lid op te nemen;Gezien het schrijven dd. 4 Juni 1947, nr. 6129, afd. Directie. van deDirecteur van het Gewestelijk Arbeidsbureau Utrecht, houdende mede-deling, dat de Ministers van Sociale Zaken en van Wederopbouw enVolkshuisvesting er hun goedkeuring aan hebben gehecht, dat genoemdeDirecteur in voormelde Vaste Commissie zitting zal nemen ;Overwegende, dat bij hem, Commissiaris der Koningin, tegen opnemingvan de directeur van het gewestelijk arbeidsbureau Utrecht als lid in deVaste Commissie van de provinciale planologische dienst geen bezwaarbestaat;Gelet op artikel 5 van de Derde Uitvoeringsbeschikking van de Secretaris-Generaal van het departement van Binnenlandse Zaken, met betrekkingtot het besluit van 15 Mei 1941 (nr. 91/1941), houdende voorschriftenbetreffende het Nationale Plan en Streekplannen;Besluit:I. Te benoemen tot lid van de Vaste Commissie van de provinciale plano-logische dienst, Mr, J. A. Snijders, directeur van het gewestelijk arbeids-bureau Utrecht te Utrecht;II. Afschrift van dit besluit te zenden aan:De Commissaris der Koningin voornoemd,Overeenkomstig het oorspronkelijke,^ De Griffier der Staten,(w.g.) Ph. LoggersUtrecht, 21 Juh 1947Streekplan Zeeu-wsch-VlaanderenDe Commissaris der Koningin in Zeelandoverwegende, dat het, tengevolge van de zeer ernstige oorlogsschade inWest-Zeeuwsch-Vlaanderen en de noodzaak het dd. 13 Augustus 1937goedgekeurde streekplan voor de kuststrook Breskens-Retranchement inverband met het wederopbouwplan voor de gemeente Cadzand ten spoe-digste te herzien, noodzakelijk is een streekplan voor dit gebied vast testellen;dat de sociaal-economische problemen voor het Westen ten nauwstesamenhangen met die in het oostelijk deel van Zeeuwsch-Vlaanderen,Aveshalve het gewenst is het sociaal-economisch onderzoek uit te strekkenover geheel Zeeuwsch-Vlaanderen;dat het derhalve gewenst is te bepalen, diat een streekplan voor Zeeuwsch-Vlaanderen in voorbereiding is ;gezien het advies van de Vaste Commissie van de Rijksdienst voor hetiSTationale Plan dd. 19 Juni 1947, no. 52;gelet op artikel 8, le lid van de Derde uitvoeringsbeschikking van deSecretaris-Generaal van het Depiartement van Binnenlandse ^aken metbetrekking tot het besluit van 15 Mei 1941 (no. 91/1941) houdendevoorschriften betreffende het Nationale Plan en Streekplannen ;Besluit:te bepalen, dat voor Zeeuwsch-Vlaanderen, omvattende het gebied dergemeenten Breskens, Groede, Nieuwvliet, Retranchement, Zuidzande, Oost-burg, Sluis, Aardenburg, Waterlandkerkje, Schoondijke, IJzendijke, Bier-vliet, Hoofdplaat, Terneuzen, Hoek, Phillippine, Sas van Gent, Westdorpe,Zuiddorpe, Overslag, Koewacht, Axel, Zaamslag, Vogelwaarde, flonte-nisse, Graauw- en Langendam, Hulst, St. Jansteen en Clinge, een streekplanwordt voorbereid.De Commissaris der Koningin voornoemd,(w.g.) Quarles van UffordMiddelburg, 14 Juli 1947Streekplan Schouwen en DuivelandDe Commissaris der Koningin in ZeefendOverwegende, dat het in verband met de noodzakelijke herziening c.q.vaststelling van uitbreidingsplannen voor de gemeenten Burgh, Haamstedeen Renesse, zulks mede als gevolg van de geleden oorlogsschade, alsmedeter bescherming van de recreatiemogelijkheden in het duingebied van ge-noemde gemeenten en van Noordwelle en voorts ter beveiliging van dewiaterwinplaatsen voor de drinkwatervoorziening in genoemd gebied nood-zakelijk is een streekplan vast te stellen voor Westelijk Schouwen ;dat de sociaal-economische problemen voor het gebied van genoemdegemeenten, hoezeer hun gebied ook in zekere zin een eigen structuur ver-toont, toch niet zonder samenhang met die geldende voor de overige ge-meenten op Schouwen en Duiveland kunnen worden bezien, weshalvehet aanbeveling verdient het sociaal-economisch onderzoek uit te .strekkenover geheel Schouwen en Duiveland ;dat het derhalve gewenst is te bepalen, dat een streekplan voor Schouwenen Duiveland in voorbereiding is ;gezien het advies van de Vaste Commissie van de Rijksdienst voor hetINfationale Plan dd. 2 October 1946, no. 92;gelet op artikel 8, le lid van de Derde Uitvoeringsbeschikking van deSecretaris-Generaal vian het Departement van Binnenlandse Zaken metbetrekking tot het besluit van 15 Mei 1941 (no. 91/1941) houdende voor-schriften betreffende het Nationale Plan en Streekplannen;Besluit:te bepalen, dat voor Schouwen en Duiveland, omvattende het gebied dergemeenten Brouwershaven, Bruinisse, Burgh, Dreischor, Duivendijke, Elker-zee, EUemeet, Haamstede, Kerkwerve, Nieuwerkerk, Noordgouwe, Noord-welle, Oosterland, Ouwerkerk, Renesse, Serooskerfe (S.), Zierikzee enZonnemaire een streekplan wordt voorbereid.De Commissaris der Koningin voornoemd,(w.g.) Quiarles van UffordMiddelburg, 31 Juli 1947Het nieuwe Walcherendoor Jhr. M. J. I. de Jonge van EllemeetIn het begin van November 1944 werd Walcheren bevrijd.Wij weten, dat deze bevrijding slechts heeft kunnen slagen,doordat men de in de loop der eeuwen tot stand gebrachtewaterkeringen gedeeltelijk vernielde met alle gevolgen van-dien. Met grote inspanning is men er daarna in geslaagd, hetzeewater weer buiten te sluiten, maar daarmede was het char-mante eiland nog allerminst teruggewonnen. Achter de inun-datiegaten tal van poelen en kreken, grote oppervlaktenhumuslaag weggespoeld of met zand bedekt, de plantengroeivernietigd en een onnoemelijke schade aan gebouwen.Men heeft dadelijk ingezien, dat het hier niet kon gaan omeen herstel van hetgeen verloren was gegaan, maar dat hierin een groter kader maatregelen zouden moeten worden ge-troffen om tot een nieuw Walcheren te geraken. Er zou snelmoeten worden gehandeld en overeenstemming moeten wor-den bereikt over de grondslagen van het herstelprocede endaartoe heeft men de Snelcommissie Walcheren ingesteld,welke op 2 Augustus 1945 door de Commissaris der Koninginwerd gei'nstalleerd.De opdracht der commissie luidde: ,,in een tijdsverloop van,,ongeveer acht maanden een plan op te stellen, dat als grond-,,slag zou kunnen dienen voor de herverkaveling in het geinun-,,deerde gedeelte van Walcheren, het herstel van het land-,,schap en de recreatiemogelijkheden, alsmede voor de verbe-,,tering van het verkeer en de vestigingsmogelijkheden van,,de Industrie."De commissie werkt deze bondige formulering verder als volgtuit: ,,dat het herstelplan voor Walcheren zodanig zou moeten,,worden ontworpen, dat na de uitvoering van dit plan Wal-,,cheren als een gezond onderdeel van het nationale geheel,,zijn functies naar behoren zou kunnen vervullen. Daarmede,,werd dus uitgesproken, dat niet volstaan zou kunnen worden,,met de herbouw van datgene, wat vernield was en weer op,,t5 bouwen zou zijn, doch. dat al die maatregelen zouden,,moeten worden getroffen, welke van Walcheren weer een,,levend organisch geheel zouden kunnen maken. Deze maat-.,regelen dienden derhalve te bestaan uit het herstel en de,,versterking van de drie belangrijkste functies, welke Wal-,,cheren in het economisch leven van ons land vervult, te,,weten: de landbouw, de Industrie en het vreemdelingenver-,,keer. Voor de landbouw is hiertoe gezocht naar versteviging,,van het economische fundament door voortzetting van de.,reeds begonnen werkzaamheden ter voorbereiding van de..herverkaveling.... Nauw verbonden met de nieuwe agrarische,,indeling is het ontwerpen van een nieuw landschap.... Het,,oude Walcherense landschap van voor de inundatie zal noodt..rneer terug kunnen keren door de totale vernietiging van alle,,plantengroei en als gevolg van de grotere kavelstructuur en,,de meer rechte wegen.... Voor de bijzondere recreatie-..gebieden zijn richtlijnen getrokken ten behoeve van de orde-,,ning van de bebouwing en de openstelling van deze terreinen,,voor het publiek.... Ten aanzien van de industrie en het,,bedrijfsleven is gezocht naar gunstig gelegen terreinen met,,voldoende accomodatie en aansluiting aan het weg-, rail-,,en waterverkeer. Nauw aansluitend hieraan werd een nieuwe,,plaats voor het vliegveld voor midden-Zeeland geprojecteerd."De commissie heeft met acht maanden niet ktinnen volstaanen dat is begrijpelijk. In Augustus 1946 werd het rapport on-dertekend en sindsdien is het in druk verschenen: 50 bladzijdenkwarto met enige kaarten; het laatste hoofdstuk wordt ge-vormd door rond 60 conclusi^s. En helaas hebben wij ervaren,dat er met veel dingen niet zoveel haast was als wij na debevrijding wel hoopten en verwachtten. Bij elke herstelarbeid,niet alleen bij de technische, plegen zich twee stromirigen af tetekenen, waarvan de ene vooral conserverend, de andere uit-gesproken constructief gericht is. Bij de eerste staat op devoorgrond, dat het waardevolle, dat verloren ging, zo goedmogelijk moet worden hersteld of vervangen, met zorgvuldigbehoud van wat de ramp doorstond; de andere stelt de hogekwaliteit van de nieuwe schepping voorop, ook al zal die Senandere geest ademen dan het verlorene en dan behoeft ergeen overwegend bezwaar tegen te zijn, ook nog het bestaandeaan te tasten als daardoor het eindresultaat v/ordt gebaat.Zoals iemand ten aanzien van een zwaar beschadigd Gelderslandgoed opmerkte: men kan het overgeblevene zorgvuldigbeschermen en daaruit het landgoed reconstrueren, dan welook de rest omhakken en ter plaatse een heel mooi nieuwgeheel maken. In de praktijk kan nooit een der beide principesconsequent worden doorgevoerd, enerzijds omdat er altijdwaarden verloren gingen, die redelijkerwijs niet kunnen wor-den terugverkregen, andererzijds omdat er steeds nog allerleiwerd bewaard, dat men redelijkerwijs niet mag vernietigen.De praktijk komt dan tot een of andere tussenoplossing, waar-bij men intussen in de regel duidelijk de gerichtheid van deontwerpers kan herkennen. Ook de Snelcommissie Walcherenstond voor dit dilemma. Dit eiland had een zeer karakteristiekestructuur, met name in de geinundeerde gebieden en een har-monisch daaruit gegroeid landschap. De ramp heeft ontzag-gelijk veel daarvan verwoest, maar vooral op de hogere gron-den ook nog tamelijk wat ongedeerd gelaten en niemand kaner aan denken, ook die reminiscenties nog op te ruimen. An-dererzijds kon de commissie zich ook onmogelijk op het con-serverende standpunt stellen. Daargelaten of dit technischuitvoerbaar zou zijn, was reeds enige maanden voor haar in,-stelling aan een deskundig driemanschap de voorbereidingvan een herverkaveling opgedragen, zodat een ingrijpendeverandering van de structuur van het eiland bij voorbaat vaststond. Ook de Snelcommissie kon dus slechts naar een tussen-oplossing streven en dan zoekt men tevergeefs naar een be-paalde visie, die het gehele ontwerp in al zijn elementendraagt. Men krijgt daarentegen de indruk dat bij allerlei af-zonderlijke onderwerpen enige strijd tussen conserverendenen constructieven (als men ze zo noemen mag) uitbrak, metals resultaat een oplossing naar gelang van, het concreteonderwerp. De Snelcommissie is namelijk buitengewoonopenhartig geweest. De lezer van haar rapport wordt op talvan plaatsen in de raadkamer der commissie gevoerd om hetdebat goed te kunnen volgen. Dit is bizonder eerlijk en op-jectief, maar het werkt niet zeer overtuigend en het doet welde vraag rijzen, of hetgeen nu wordt aangeboden wel als ge- Anikeienheel door een meerderheid van de commissie wordt ge-dragen.Het eerste hoofdstuk handelt over het wegenplan, waarbij decommissie drie principes vooropstelt, welke echter door degekozen' nomenclatuur enige verwarring kunnen wekken,wanneer men niet dadelijk de uitwerking van die denkbeeldener bij leest. Voor snelverkeer over lange afstand is op Wal-cheren geen plaats; men moet Middelburg en Vlissingen metflinke snelheid rijdende kunnen bereiken en wordt voor hetoverige verwezen naar de secundaire en tertiaire wegen (inhet rapport ook als hoofdverkeerswegen aangeduid). Voorde hoofdverbinding met de beide steden is een nieuw projectaangegeven, dat wel boven dat van de Rijkswaterstaat aan-beveling lijkt te verdienen, maar waardoor het mooie Sou-burg wel wat in de klem dreigt te geraken. Overigens is ookdeze hoofdader conform de reeds bestaande verbinding doorZuid-Beveland voor gemengd verkeer bestemd en zullenboerderijen daarop uitweg verkrijgen; het profiel omvat eenrijweg van 6 m met vrijliggende rijwielpaden. Is daarmedewel in harmonic, dat het rapport bij de kanaalkruising aanbeide zijden (op de kaart aan een zijde) klaverbladen nodigacht, zij het dan nog niet dadelijk?Na enige strijd is de commissie er toe gekomen, bij het ont-werpen van de secundaire en tertiaire netten in hoofdzaakde oude lijnen te handhavcn. Dit was een moeilijk punt. Deoude belopen zijn niet zo willekeurig als men wel eens denkt;ze zijn ontstaan uit het bodemrehef, waarbij zowel dorpenals wegen op de ruggen zijn ontstaan. Ook de nieuwe ver-kaveling eist alleen rechte wegen voor twee evenwijdigekavelzijden. Maar vermoedelijk zal deze verkaveling toch aanhet Walcherse landschap een heel andere structuur en schaalgeven. Past het dan nog wel om met bochtverbeteringen enverruimingen te volstaan? In de charmante, voor autoverkeervolkomen ongeschikte Seisweg van vroeger acceptecrde defietser gaarne de talloze bochten, maar hoe zal men er nuover denken, nu de heggen verdwenen zijn en ook volgensde commissie niet meer zulleii terugkeren? Hebben de finan-ciele overwegingen hier niet al te sterk gesproken?Deze secundaire en tertiaire wegen zullen door de dorps-kommen worden geleid, aldus de commissie (behoudens eenopponent) en terecht. Maar tenslotte besluit men toch met hetoog op de toekomst de mogelijkheid van omleidingswegen opente willen houden. Is dat laatste wel zo onschuldig als hetlijkt? Het houdt in, dat het dorp een zichtbare beeindigingmoet verkrijgen, hetgeen in het algemeen door sommigenaanvaardbaar wordt geacht en door anderen niet. Komt deomlciding niet tot stand, dan vervalt veelal daarmede hetmotief van de begrenzing en zal deze laatste wat wonderlijkaandoen.De financien hebben daarentegen niet de doorslag gegevenin het moeilijke probleem-Noordweg; men beschikte namelijk^niet over vergelijkbare ramingen. Het gaat hier om de hoofd-verbinding van Middelburg met de noordelijke badplaatsen,welke thans vanuit de stad begint met een tweezijdige, kilo-meters lange, bijna gesloten lintbebouwing. Vijf commissie-leden pleitten voor radicale verbetering, maar een meerderheidvan acht leden gaf de voorkeur aan een nieuwe weg op ge-middeld 600 m ten Westen van de Noordweg. \Vederzijdseargumenten worden vrij uitvoerig vermeld. Of de eerste ge-dachte, het verbeteringsplan, werkelijk een aanvaardbare op-lossing zou kunnen leveren, valt zonder intense bestuderingter plaatse niet te beoordelen, maar de nieuwe weg door hetkomgebied lijkt stedebouwkundig wel hoogst onbevredigend ende daarvoor gedachte uitgang door een bastion wordt terechtals een fortificatorische ketterij gesignaleerd, wat bij eenmonument als Middelburg toch dient te worden vermeden.Het is zeer te hopen, dat dit belangrijke punt nog eens opnieuwin studie wordt genomen. Dat de nieuwe weg in strijd methet principe buiten Serooskerke wordt gehouden, vindt in hetrapport geen motivering. IllArtikelen ,.--j --. ., ,.., .-,,... . , ^ , ,^.sBECON5TRUCTIEPLAN WALCHERENPROVINCIALE PUNOLOaiSCHE DIEN5T112Zonder overigens diep in te gaan op de stof van het hoofdstukWegenplan mag nog een punt bizonder de aandacht verkrijgen.Een afzonderlijke groep in het wegenschema vormen de land-wegen met interlocale laetekenis, wegen met een primair agra-risch doel, maar waarbij men voor detoekomst een sterker uit-gesproken verbindingsfunctie verwacht. Als eerste voorbeeldwordt dan genoemd de nieuw ontworpen weg langs de duin-voet tussen Vlissingen en Zoutelande, waarvan de waardevoor de landbouw vermoedelijk gering zal zijn, maar waaraanterecht zeer grote waarde wordt toegekend uit recreatleoog-punt. Maar voor het laatste is juist weer nodig, dat de ver-bindingsfunctie zoveel mogehjk wordt beknot. Alles ongetwij-feld juist, maar wat is er nu nog van het begrip ,,landwegmet interlocale betekenis" over?Laten wij tenslotte van harte hopen, dat de wens der com-missie om de lintbebouwing langs de Nieuwe Vlissingse Wegreeds nu te doen onteigenen in vervuUing mag gaan.Dat de commissie tot een oplossing zou komen voor hetVlissingse stationsvraagstuk mocht redelijkerwijs niet wordenverwacht. Hierbij strijden om de voorkeur enerzijds de ver-binding met de andere Schelde-oever en met Engeland, ande-rcrzijds de behoeften van de stad en van de badplaats. In hetrapport worden tal van denkbeelden aangesneden, die aan delezer geen van alien bevrediging kunnen schenken en eindelijkN.V. H. GADELLAno OUDEGRACHT 312 - UTRECHTlevert wefir Waterpasinstrumenten en Jalons 5r S
Reacties