November ,19488e Jaargang - No. 11DeWoningbouwverenigingUitgave van de Nationale Woningraad, Algemene Bond van WoningbouwverenigingenVemchijnt maandelijksAdres voor Redactie en Abonnementen: Wouwermanstraat 27, Amsterdam Z., Telefoon 24298Adres voor AdTertenties: Keizersgracht 188, Amsterdam C, Telefoon 49128Woningbouwverenigingen in EngelandIn Engeland heeft na de oorlog een levendige bouwbedrijvig-heid plaats gevonden, die veel belangstelling trekt. Wij den-ken aan hetgeen er wordt verricht op het gebied van demontagebouw. Ook is de totale omvang van de woningbouwer tot dusverre groter geweest dan bij ons. Alle reden dus omnader kennis te maken.Wat ons bij deze nadere kennismaking in de eerste plaats treft,is dat vrijwel alle woningbouw overheidsbouw is, in handenvan de local authorities. De particuliere woningbouw vindtweinig aanmoediging, maar ook van de woningbouwverenigin-gen bespeurt men niet veel. Zijn die er niet? Jawel, ze zijner, zij hebben met onze verenigingen zelfs veel trekken ge-meen. Zij zijn evenwel niet zo rijk in aantal en spelen niet zo'nbelangrijke rol als de woningbouwverenigingen hier te lande.Toch loont het de moeite iets meer omtrent die woningbouw-verenigingen te weten. Vandaar, dat wij er aan de hand vanverkregen informatics enige bijzonderheden over willen ver-tellen.De Engelse housing association of liever housing society --,,association" is de meer formele betiteling -- heeft een voor-geschiedenis, die veel overeenkomst vertoont met die in Ne-derland. In de periode van de industriele revolutie kendeEngeland afgrijselijke slechte woningtoestanden. Sociaal voe-lende burgers achtten zich geroepen iets te doen om het levender armste burgers in de steden iets te verlichten. En zo werdin 1832 de eerste housing society gesticht. In ons land ge-beurde dat in 1852. Evenmin als hier heeft die eerste pioniers-arbeid grote invloed op de toestanden uitgeoefend. De vereni-gingscomplexen bleven, evenals hier, eilandjes in een krotten-zee. Van betekenis werd het werk pas, nadat een wettelijkeregeling de basis ervoor legde. Bij ons deed dat de Woningwetvan 1901, ginds geschiedde het door de Housing and TownPlanning Act van 1909. De woningbouwverenigingen werdentoen betiteld als public utility housing societies.De huidige wettehjke regeling dateert van 1936. Volgens dezeregeling is een housing society een instelling, opgericht uit-sluitend of mede met het doel arbeiderswoningen te bouwen,te verbeteren of te exploiteren. Daarbij mag geen winst wor-den beoogd of althans mag geen rente of dividend wordenbetaald, hoger dan een door de regering vastgesteld percen-tage. Dit percentage is thans bepaald op 5. Het aandelen-kapitaal der societies is verdeeld in stukken van 1- ^ond ster-ling. Individuele leden, die meer dan 200 pond aan aandelenmochten bezitten, krijgen over dat meerdere geen dividenduitbetaald.In de practijk kent men verschillende soorten van societies.Daar zijn in de eerste plaats de verenigingen van leden-bewo-ners. Hoewel daarbij dikwijls is gedacht aan bevordering vanhet eigen woningbezit, exploiteren zij in de practijk toch ge-woonlijk huurwoningen. Verkoop van woningen aan leden istoegestaan -- in welk geval de jaarlijkse bijdrage vervalt --\maar is uitzondering.Vervolgens kent men, evenals hier, de verenigingen van be-langstellenden en ten slotte de z.g. industrie-woningbouwvere-nigingen. Deze laatste zijn gesticht door ondernemingen tenbehoeve van hun personeel. Hieronder bevinden zich verschil-lende belangrijke verenigingen, met name die, welke zijn ge-sticht door de spoorwegmaatschappijen.Het werk der eerste societies in de vorige eeuw bleef beperkttot de bouw van een aantal complexen huurwoningen in hetcentrum van Londen en in andere Britse steden. Na 1909 ont-stonden er meer verenigingen. In 1939 waren er in totaal 250societies toegelaten, in October 1946 telde men er 280. In delaatste tijd groeit het aantal snel aan, waardoor de Engelsefederatie van woningbouwverenigingen thans 372 leden kent.Opvallend is de snelle aanwas van het aantal verenigingen,dat zich in het bijzonder met de huisvesting van ouden vandagen bezig houdt. Onder de leden der federatie telt menniet minder dan 90 van dergelijke lichamen, tegenover 40 ver-enigingen van ondernemingen. 'Hoe staat het met de financiering van de verenigingsbouw?Voor de kapitaalvoorziening is men, evenals hier, aangewezenop de gemeentebesturen, die voorschotten of garanties kunnenverstrekken. Deze gaan niet verder dan tot 90 % van het beno-digde bouwkapitaal. De aflossingstermijn is 60 jaar -- menkent geen onderscheid tussen bouw- en grondvoorschotten --,.de rente momenteel 3i%. De ontbrekende 10% van hetbouwkapitaal moet de woningbouwvereniging dus zelf bijeen-brengen, hetgeen als regel geschiedt door de uitgifte van aan-delen.Daarnaast kunnen de societies eenzelfde bijdrage in de exploi-tatiekosten krijgen als voor de gemeentelijke w^oningbouwwordt verleend. Deze bijdrage wordt niet als bij ons voor iedergeval afzonderlijk berekend, maar is gesteld op een vast bedragper woning. Dit bedrag is thans ? 22 ^--^ f 225 .-- waarvan? 16.10 voor rekening van het rijk komt en de rest voor reke-ning van de gemeente. Slechts in uitzonderingsgevallen kan '^de bijdrage hoger zijn. Zoals men ziet, zijn deze bijdragen invergelijking met hier vrij laag. Wij komen als regel tot hetdubbele ervan. De huren der nieuwe woningen in Engelandmoeten dus hoger , zijn.De Britse woningbouwverenigingen zijn georganiseerd in deNational Federation of Housing Societies, die in 1935 werdopgericht. Deze federatie is nadrukkelijk in de Woningwetvan 1936 erkend. Men is er in dit opzicht dus verder dan hier.Onze Nationale Woningraad heeft het tot dusverre nog niet ^zo ver kunnen brengen. De federatie treedt hoofdzakelijk ad-viserend op en wordt van rijkswege gesubsidieerd.Zoals wij reeds opmerkten, staat in Engeland de gemeentelijkewoningbouw voorop. Dientengevolge hebben de woningbouw-verenigingen er niet die ontplooiing kunnen vinden, welke zijin ons land vertonen. Het aantal ^verenigingen is klein in ver-gelijking met het onze. Waarbij evenwel dient te worden opge-merkt, dat men er ook niet de grote versnippering kent, waarinwij maar al te veel onze kracht zoeken. In begin Mei van ditjaar waren er in totaal slechts* een kleine 7000 verenigings-woningen in aanbouw. Toch krijgt men de indruk, dat debeweging groeiende is. In de laatste tijd opent zich daarbijeen nieuw arbeidsveld door de oprichtin^ van vele vereni-gingen, die zich speciaal toeleggen op de huisvesting vanouden van dagen. Er is een nieuwe wet tot stand gekomen,de National Assistance Act, op grond waarvan voor dit doelbijzondere subsidies kunnen worden verleend. Van rijkswegeworden de gemeentebesturen aangespoord om op dit gebiedsamen te werken met de woningbouwverenigingen.Het zal voor ons ongetwijfeld de moeite lonen de verdere ont-wikkeling van de Engelse woningbouwverenigingen gade teslaan. J. Bommer. / /Verhouding tussen de woningbouwvereniging enhaar huurdersHet is van groot belang, dat de verhouding tussen de woning-bouwvereniging en haar huurders nauwkeurig in een huur-overeenkomst en in een huurreglement wordt vastgelegd. Ditgeldt zowel voor stichtingen als voor verenigingen metieden-bewoners.? In de huurovereenkomst wordt de huurprijs vastgelegd, als-mede de periode, waarvoor de overeenkomst wordt aange-gaan. Tevens wordt meestal in de overeenkomst een verkla-ring opgenomen, dat de huurder(ster) bekend is met de rege-len voor -de huur en de wijze van bewoning, Gebruik is dezeregelen in de vorm van een huurreglement aan de overeen-komst toe te voegen, zodat later nooit ontkend kan worden,dat de huurder(ster) met die regelen bekend was.Uit de aard der zaak dient het huurreglement aan te sluitenbij de plaatselijke gebruiken. Bij het gebruiken van het aandeze beschouwing toegevoegde model dient men daarmededan ook terdege rekening te houden.De vraag wordt ons herhaaldelijk gesteid of een huurovereen-komst gezegeld moet worden.In het algemeen moet deze vraag bevestigend beantwoord wor-den. Op grond van art. 56 der Zegelwet zijn huurcontractenonderworpen aan een zegelretht van 10 cent voor iedere 100gulden van de huurprijs, over de gehele huurtijd berekend.lichter is volgens art. 57 generlei zegelrecht verschuldigd, in-dien de huurprijs, over de gehele huurtijd berekend, niet meerbedraagt dan f 250. --. De moeilijkheid schuilt nu in de woor-den: ,,0'ver de gehele huurtijd"; immers bij woningen, die totwederopzegging worden verhuurd, wordt door de wet de huurgeacht te zijn aangegaan voor 10 jaar. Voor een weekwoning,die tot wederopzegging toe voor f 2.50 wordt verhuurd, zouhet huurcontract zijn onderworpen aan een zegelrecht over10 ,X 52 X f 2.50 = f 1300.^, dus een bedrag van f 1.30.Dit kan echter voorkomen worden door het huurcontract zote stellen dat de huur schriftelijk wordt aangegaan voor nietlanger dan een week. Dan is dus de ganse huurtijd een weeken behoeft er, daar de totaalsom over de gehele huurtijdminder dan i 250.-- bedraagt, geen zegelrecht te worden be-! taald. Blijft na deze week de huurder in het bezit van hetgehuurde, zonder dat de verhuurder zich daartegen verzet, danwordt de huurder, krachtens art. 1623 van het Burgerlijk Wet-boek, geacht het verhuurde op dezelfde 'voorwaarden te blij-ven behouden voor de tijd, die het plaatselijk gebruik mee-brengt en kan hij het verhuurde niet verlaten, noch daaruitgezet worden dan na een tijdige opzegging, overeenkomstighet plaatselijk gebruik gedaan. Bij weekwoningen is de ge-bruikelijke opzegtermijn waarschijnlijk altijd een week.Hieronder is opgenomen een huurcontract, hetwelk als voor-beeld kan dienen.De ondergetekende >verklaart te hebben gehuurd van devereniging te een huis met erf,gelegen en zulks onder de volgende voor-waarden.1. De huur is aangegaan voor de tijd van een week, aanvan-gende op en eindigende2. De huurprijs bedraagt fDe huurder verplicht zich de bepalingen van het hem beken-de huurreglement stipt te zullen nakomen.Gedaan te (plaats en datum).(Ondertekening)Wordt dit model gevolgd, dan is generlei zegelrecht verschul-digd.Aan deze overeenkomst dienen dan de regelen te wordentoegevoegd, welke voor de bewoning gelden. Hieronder heb-. ben wij een reglement opgenomen, zoals geldt voor een wo-ningbouwvereniging in Amsterdam. Wij hebben reeds gezegd,dat plaatselijk gebruik een belangrijke rol speelt bij het stellenvan regelen voor bewoning. Het is dus vanzelfsprekend, dat/o onderstaande regelen slechts als voorbeeld waarde hebben.zeker voor de woningbouwverenigingen op het platteland zaivan dit voorbeeld afgeweken moeten worden.(Model voor een huurovereenkomst).,,De huurder (ster) verklaart voorts bekend te zijn met de hieronderstaande regelen voor de huur en de wijze van bewoning,en de bepalingen daarin vervat, stiptelijk te zullen naieven.in de woning der vereniging mag geen bedrijf of nering wor-den uitgeoefend, dan met goedkeuring der ledenvergaderingop voordracht van het bestuur.Door en uit de bewoners kunnen bewonerscommissien wordengekozen.Voor hare verkiezing, taak, werkwijze, enz., zullen bij afzon-derlijk reglement regelen worden vastgesteld.lemand, die een woning of winkel der vereniging in huurheeft, mag die woning (winkel) niet aan anderen in onder-huur geven, of in gebruik afstaan.Het bij zich huisvesten van personen, die niet tot het gezinbehoren, is alleen geoorioofd onder goedkeuring van het be-stuur.Bloedverwanten in opgaande linie, die zelf geen gezin hebben,worden als gezinsleden beschouwd.Het houden van commesaals is verboden.Het schoon- en reinhouden der woningen zij de(n) huur-der (ster) een voorwerp van voortdurende zorg.De huurders van de benedenwoningen moeten gang en por-taal schoonhouden, die der bovenwoningen hun portaal en detrap die naar hun verdieping leidt.De bewoners der bovenste verdieping zorgen, bovendien voorhet schoonhouden van de trap en het portaal van de zolderen het sluiten der dakvensters.In het algemeen is de huurder (ster) gehouden alles te doenwat tot het schoonhouden der woning wordt vereist, alles nate laten wat haar uiterlijk aanzien vermindert of tot haarschade strekt.Het is de(n) huurder (ster) ten strengste verboden den mede-bewoners direct of indirect op enige wijze overlast te veroor-zaken.Integendeel is hij (zij) gehouden al datgene te doen wat inzijn (haar) macht ligt, om zulk een overlast te verhinderen.Onder meer heeft het bestuur onder overlast of hinder terangschikken:a. het gebruik van waskuip en stamper op de bovenwoningen;b. het kloppen van kleden buiten de ramen, op de veranda's,in de portalen en in de tuinen;c. het drogen van goed buiten de ramen van de voorgevel, inde gemeenschappelijke tuinen en in de gemeenschappelijkeportalen;d. het verrichten van hinderlijke arbeid op de zolders en degemeenschappelijke portalen;e. verkoop van sterken drank ;f. dronkenschap;g. openbare ontucht;h. het houden van dieren, die een beletsel vormen voor eenbehoorlijke bewoning ;i. het houden van kippen of duiven.Het bepaalde onder sub i. is niet van toepassing voor de be-nedenbewoners, mits in afgesloten ruimte, die nimmer bovende afscheiding der tuinen uitkomt, en met inachtneming vanhet bepaalde in de 4e alinea van art. 7 en 9 H.R. Het bouwenvan hokken of loodsen mag alleen geschieden, na dat op schrif-telijke aanvraag, van het bestuur toestemming is verkregen.Door den opzichter zullen alsdan de nodige aanwijzingen wor-den verstrekt.Het hebben van reclameborden, alsook het beplakken aanof tegen de gevels, is slechts geoorioofd met goedkeuring vanhet bestuur.Deze goedkeuring kan nooit langer dan voor een jaar ver-leend worden.Het is in 't bijzonder verboden:Om daken of platten te betreden.Om branddeuren te openen, als geen brandgevaar bestaat.Om met kunstkalk of andere lijmhoudende bestanddelen pla-fonds en muren te bewerken.Om spijkers, krammen en schroeven in schilderijlijsten teslaan.Om zonder toestemming van het bestuur in de woning teschilderen, of in welke vorm ook iets aan het interieur teveranderen. ,Om bomen in de tuin te planten.Om zonder toestemming van het bestuur antennes te plaatsen.De huurder(ster) in wiens(r) woning de afsluitkraan derwaterleiding is geplaatst is verphcht bij vriezend weder ofingeval van herstelhng aan de leiding, de kraan af te sluitenen afgesloten te houden op de door den opzichter naderte bepalen uren.Het schoonhouden der schoorstenen komt ten laste der ver-eniging.Het bestuur en de door het bestuur aangestelde beambtenzijn bevoegd te alien tijde, met uitzondering van de urentussen zonsondergang en zonsopgang de woningen binnente treden, ten einde zich te overtuigen, dat de in de vorigeartikelen en in de statuten en huurovereenkomst gestelde re-gelen, worden nageleefd.Bij overtreding of niet naleving van het in deze overeenkomstbepaalde, kan de huur onmiddellijk worden opgezegd en hetbetrokken gezin uit de woning worden verwijderd.Ingeval van schade of van enig nadeel aan de woning ofwat daartoe behoort door de(n) huurder(ster) toegebracht,moet herstel ten koste van de(n) huurder(ster) geschiedenof door hem (haar) worden vergoed.De huurder(ster) verklaart bij het aangaan der huur het ge-huurde, daaronder begrepen de sleutels, de sluitingen, closetsen verder alles wat tot het huis behoort, in goede staat tehebben ofttvangen en bevonden.Het aanbrengen van andere sloten in deuren, zoals Lips-sloten en dergelijke, is toegestaan onder voorwaarde, datdeze bij het verlaten der woning NIET verwijderd mogenworden. Sleutels van deze sloten moeten met de andere deur-sieutels bij het verlaten der woning worden ingeleverd.Bij beeindiging der huur is de huurder(ster) verplicht een-maai per week, op Donderdag, de gelegenheid te openen, dewoning gedurende een uur te laten bezichtigen. Daartoealleen toe te laten de leden en hun echtgenoten op vertoonvan het lidmaatschapsbewijs.De woning zal tussen partijen worden beschouwd als te zijneen weekwoning, en moet een week voor het verlaten, schrif-telijk worden opgezegd. Deze opzegging moet uiterlijk Zater-dag op ons kantoor zijn ingeleverd. Komt die opzegging later,dan moet een week huur langer worden betaald.De eerste week huur moet worden voldaan bij het aangaanvan dit contract.Aldus in tweevoud opgemaakt en getekend tede 19Namens het Bestuur derWoningbouwvereniging :Secretaris.De Huurder(ster):In het bovenstaande hebben wij slechts de wettelijke ver-plichtingen tussen de woningbouwvereniging en haar huur-ders vastgelegd en een aantal regelen gegeven, welke eengoede ordentelijke bewoning verzekert.In een volgend artikel zullen wij nagaan, op welke anderewijzen het peil der bewoning, in het algemeen dus de woon-beschaving nog kan worden opgevoerd.P. A. in 't HoutDuplex-^voningenDe woningnood, een verschijnsel van vrijwel de gehele be-woonde wereld, wat zich niet beperkt tot een enkele groepder bevolking, maar alle lagen raakt, is een probleem van deeerste orde, ook in ons land. Vrijwel alle groepen die ge-interesseerd zijn bij het wel en wee der volkshuisvesting hou-den zich met de oplossing ervan bezig. Wij noemen hier voorons land het Ministerie van Wederopbouw en Volkshuisves-ting met haar Provinciale Directies, gemeentebesturen, wo-ningbouwverenigingen, architecten en particulieren en niet inhet minst de bevolking die onder deze nood te lijden heeft.En dat dit geen eenvoudig vraagstuk is blijkt wel uit de veler-lei oplossingen die bedacht zijn. Het eerst is begonnen metnoodwoningen bouwen, doch men besefte dat dit slechts eengedeelte der nood kon opheffen. Na deze aanloop richtte menzich op het aanmoedigen van montagebouw naar verschillendesystemen. Ook de traditionele bouwwijze moest haar belang-rijk deel bijdragen.De noodwoningen met hun stempel van tijdelijkheid en primi-tiviteit konden niet in een te groot aantal worden gebouwd.De tweede oplossing, montagebouw, hoe goed en aantrek-kelijk ook voor de toekomst, berust nog geenszins op erva-ring. Naar de aard van vele Nederlanders worden de opdeze wijze verkregen producten met een zeker wantrouwenaanvaard. Ofschoon onverdiend, zal deze opvatting een snelleontwikkeling der productie niet sterk genoeg stimuleren,waardoor de achterstand kan worden ingehaald en een over-schot gevormd. Om de hiervoor genoemde reden zal bij velende voorkeur blijven voor de traditionele bouwwijze.Doch ook het bouwen volgens deze wijze geeft niet hetuitzicht, dat binnen korte tijd het woningprobleem is opge-lost. In vergelijking met de montagebouw staat de traditionelebouwmethode in snelheid ver ten achter.Beide methoden, montagebouw en traditionele bouw, zullentezamen aangewend moeten worden om het tekort aan woon-ruimte in te lopen.Zij hebben echter beiden met eenzelfde moeilijkheid te kam-pen, n.l. de schaarste aan arbeidskrachten en materialen, endaarmee met onze moeilijke deviezenpositie.Welke wijze van woningproductie wordt toegepast, zal dewoningzoekenden niet in de eerste plaats interesseren, Maarwel, binnen hoe korte tijd hebben zij woonruimte tot hunbeschikking en voldoet die dan aan redelijk gestelde eisen.Bij het ontwerpen der Woonruimtewet 1947 heeft als belang-rijk punt voorop gestaan, het juist verdelen der beschikbarewoonruimte en het redelijk intensief bezetten daarvan. Hetdubbel bezetten van een voor een gezin bestemde woning wasdaar vaak een gevolg van. Door de nood gedwongen werddus dubbelbewoning aanvaard. Reeds voor het in werkingtreden dezer Wet was het dubbel bewonen van een normaaleengezinshuis door meerdere gezinnen, vooral in de stedenmet een groot aantal ruime woningen en een tekort aan kleinetypen, een gewoon verschijnsel. Nu na de oorlog de z.g.n.middenstandswoningen, die daar het eerst voor in aanmerkingkwamen, of reeds waren bezet door meerdere gezinnen, ofwaar een dubbele huisvesting werd tegengewerkt, kwamenook vele der kleinere arbeiderswoningen voor dubbelbewo-ning in aanmerking.Ofschoon in een ruime woning een dubbele bezetting nietnormaal en dus verwerpelijk geacht moet worden, in een kleinewoning moeten we het beschouwen als een kwaad. De grotebezwaren hiervan zijn ons alien uit de praktijk bekend enbehoeven hier niet herhaald te worden. In vele toonaardenhebben wij de zorgen van inwoning kunnen vernemen. Tochzou een dubbelbewoning nog draaglijk zijn als de gezinnenmaar behoorlijk gescheiden konden leven en elkaar niet te-veel overlast behoefden aan te doen. Uit deze gedachte is deoplossing geboren, om gedwongen door de nood der tijden,een doelbewuste dubbel-bewoning toe te passen, de ,,duplexwoning".Had de oorspronkelijke vorm van dubbelbewoning dus alsgrootste bezwaar het gebruik van te veel gemeenschappelijkeruimten, als gang, W.C., keuken, bergruimte en trap, bij hetsysteem van de ,,duplex-woning" is dit opgevangen, door dehiervoor genoemde ruimten, voor elk gezin apart te bestem-men. Doch niet alleen met de verschillende ruimten, maar ookmet de geluidsisolatie dient rekening gehouden te worden,waardoor ook met het oog daarop, de gezinnen elkaar geenoverlast kunnen aandoen.Wij blijven op het standpunt staan dat een dergelijke gesplitstewoning, wat betreft haar ruimte en daarmee haar comfort, nietvoldoet aan de eisen die wij aan een normale woning stellen. lyToch zal dit de methode zijn die ons, samen.met de hiervoorreeds genoemde manieren, naar een snelle oplossing van hetnijpende woningvraagstuk voeren, waardoor vele gezinnen inzo kort mogelijke tijd aan een eigen woonruimte worden ge-holpen.Nog slechts korte tijd geleden kregen wij de indruk tijdenseen vergadering van een woningbouwvereniging, dat het juistedenkbeeld van het systeem der duplex-woningen, bij velebestuursleden niet aanwezig is.Door het accepteren van dergehjke woningen dacht men eenverlaging van het volkshuisvestingspeil te aanvaarden voorde toekomst.Dit is niet juist. De oplossing der duplex-woningen is een tij-delijke oplossing, welke de mogelijkheid inhoud van een rui-mere woning voor de toekomst. Doch hierover straks.Er meet een keus gedaan worden; of vele gezinnen moetende noodzakelijke woonruimte nog lange tijd ontberen, of wemoeten van de mogelijke oplossingen de minst kwade kiezen.Deze minst kwade is volgens ons de bouw van een grootaantal duplex-woningen. Geen oplossing voor een normaal ofeen groot gezin, maar voor kleine gezinnen, als ouden vandagen of gezinnen zonder kinderen.Ook onze Minister van Wederopbouw en Volkshuisvesting,Mr. Dr. J. in 't Veld, heeft bij verschillende gelegenhedendeze woningen aanbevolen en in samenwerking van het Mi-nisterie van Wederopbouw ende Bond van Nederlandse Ar-chitecten (B.N.A.) wordt de mogelijkheid bestudeerd om voorhet doel geschikte oplossingen te verkrijgen. De ontworpenvoorbeelden zullen t.z.t. worden gepubliceerd.De bouw van arbeiderswoningen is nog steeds gebonden aaneen inhoudsmaat van 260 M^. Deze maat wordt in het alge-meen te gering geacht voor een verantwoorde splitsing en menneemt voorlopig aan dat een inhoud van 280 tot 300 M^.gewenst is. Het bepalen der verantwoordde inhoudsmaat is,met andere vraagstukken, nog steeds een onderdeel van studieen vaste voorschriften zijn nog niet bekend gemaakt.Waar het belang van de bouw van duplex-woningen wordtingezien en een gemeente of woningbouwvereniging besluittot het bouwen ervan, dan kan alreeds voorlichting wordengegeven door de Provinciale Directies van het Miniyterie vanWederopbouw en Volkshuisvesting, aan de hand van doorde Centrale Directie uitgegeven - foor/opip'e instructies. Eendefinitieve instructie zal worden samengesteld na beeindigingder reeds genoemde studie over dit onderwerp.Bezien we de opzet van zo'n duplex-woning in grove trekkendan is het dus een normale eengezinswoning, waarbij met hetoog op de tijdelijke splitsing, o.a. gezorgd wordt voor een vrijetoegang naar elk der gesplitste gedeelten. Zo zal b.v. vanuiteen gemeenschappelijke entree, een aparte gescheiden toegangvoeren naar de beneden- en naar de bovenwoning. Heeft debenedenwoning z'n normale W.C. en keuken, ook voor debovenwoning is deze aanwezig. Naast nog verschillende meerondergeschikte zaken dient de eis te worden gesteld dat voorde bovenwoning ook voldoende koele bergruimte aanwezig is.Op deze wijze kunnen dus twee gezinnen leven in een woningwelke voor een gezin bestemd behoorde te zijn. Wei voor tweegezinnen te gering van inhoud maar toch zo dat ze elkaargeen ongezochte overlast behoeven te veroorzaken. Zowel descheiding der toegangen als de inrichting van keuken en W.C.der bovenwoning dragen een tijdelijk karakter. Na verloop vantijd, als de ergste woningnood voorbij is en de woningmarktwat ruimer is geworden (men verwacht na een verloop vanongeveer twaalf jaar), kan men overgaan tot verwijdering dertijdelijke elementen. De kamers en keuken op de verdiepingkrijgen dan hun juiste bestemming als slaapkamer of anders-zins en de W.C. krijgt zijn bestemming als douche-eel. Bij eenruime opzet van dit element kan zelfs de combinatie W.C. endouche-eel gehandhaafd blijven wanneer de woning voor eengezin wordt ingericht. Een zodanige eengezinswoning heefteen inhoud van naar de verwachting is 280 tot 300 M^., dusruimer dan de 260 M^. die nu is toegestaan.Waar in de eerste plaats aan de huidige noodtoestand moetworden gedacht, zo zullen wij toch ook stil moeten staan bijoU de overweging of de woningen die nu worden gebouwd ookin de toekomst hun waarde zullen hebben. Zij die na ons dein deze tijd gebouwde woningen moeten bewonen, zullen huneisen stellig niet lager maar wel hoger stellen en waar ruimteis zijn mogelijkheden. Met een inhoud'van 280 tot 300 M^.voor onze woningen reiken wij de hand aan de toekomst.Wellicht zal de vraag rijzen waar de geldmiddelen vandaanmoeten komen voor de kosten die we over tien jaar moetenmaken, wanneer de woning z'n definitieve bestemming krijgt.Verwacht kan worden, dat de mogelijkheid voor het vormenvan een reserve in de exploitatie-opzet aanwezig zal zijn,Een particulier eigenaar van een duplex-woning zal met hetoog op meerdere inkomsten, aan het maken van deze onkostenniet veel behoefte gevoelen. Allereerst zal een dubbele verhu-ring meer winst geven en ten tweede zullen de kosten voorhet verwijderen van scheidingen enz. bij hem sterker spreken,dan bij een vereniging of een gemeente. Tenzij de tijd hemdwingt, doordat de ruimte op de woningmarkt de mensen uitde kleine naar de ruimere woningen trekt, zal hij de gesplitstewoning zo lang mogelijk handhaven. Wij menen dan ook temoeten waarschuwen dat duplex-woningen niet in verkeerdehanden komen, opdat niet uit de nood van deze tijd een goedwinstobject kan worden verkregen. Maar een gemeente ofwoningbouwvereniging die geen commercieel doel heeft enhaar plicht beseft, zal zo spoedig mogelijk de woning in zijndefinitieve bestemming, .dus als eengezinswoning, brengen.Zullen de kosten welke voor dit doel moeten worden "besteedbij een particulier bezwaren teweeg brengen, de gemeenten enverenigingen kunnen in overleg met de regering, vanaf hetbegin der exploitatie de reserve voor dat doel vormen enstraks aanwenden.Hier ligt dus allereerst een zeer belangrijke plicht voor degemeenten en woningbouwverenigingen en wij achten het clanook raadzaam, dat in het belang van een snelle oplossing vanons woningvraagstuk, bij het opzetten van nieuwbouwplan-nen, waar dit mogelijk is de bouw van duplex-woningenserieus in overweging wordt genomen. Van de zijde derNationale Woningraad zal spoedig, aan de hand van defini-tieve richtlijnen, op dit onderwerp worden terug gekomen.Reeds nu echter willen wij duidelijk als onze mening vooropstellen, dat een duplex-woning in de eerste plaats behoort tezijn een toekomstige woning voor een groot gezin. Er zijnarchitecten, die bij het ontwerpen van een duplex-woning inhoofdzaak uitgaan van een woning voor twee gezinnen envergeten, dat het moet zijn een grote eengezinswoning, welketijdelijk voor de huisvesting van twee gezinnen moet wordengebruikt. Hoe minder een duplex-woning geschikt is voorpermanente woning voor twee gezinnen, des te meer zeker-heid hebben wij, dat ze over een tiental jaren zal wordenverbouwd tot eengezinswoning.Tevens dient er bij de bouw van duplex-woningen rekeningte worden gehouden met het aantal woningen voor ^rotegezinnen, dat gebouwd zal worden overeenkomstig de gezins-sterkte der gemeente. Het zou onjuist zijn, in een gemeentethans een belangrijk aantal duplex-woningen te bouwen, inverband met het aantal kleine gezinnen, dat moet wordengehuisvest, zonder rekening te houden met de in de toekomstte huisvesten grote gezinnen. Het gevolg zou zijn, dat ervoor de verbouwde duplex-woningen later niet voldoendegrote gezinnen beschikbaar zijn en deze dus dan zullen wor-den gehandhaafd voor huisvesting van kleine gezinnen.De duplex-woningen zijn aanvaardbaar en zelfs een oplos-sing, mits nadrukkelijk vast staat, dat zij een tijdelijk karakterhebben.' C. WulffraatLOTINADe Loodtitanaa t V e rfZie het artikel van de Heer J. Spek in hetSeptembernummer van dit bladVoor nadere bijzonderheden :N.V. HAARLEMSCHE STOOMVERFFABRIEK, Poslbus 204, HAARLEM,,Goed Wonen' (De inrichting van onze woning.)De inrichting van onze woningVelen onzer lezers hebben reeds op verschillende wijze kennisgenomen van het streven en d?el der Stichting ,,Goed Wo-nen" en ook velen hebben reeds blijk gegeven, belangstellingte hebben voor het werk dezer Stichting. Toch menen wijnog eens de aandacht te moeten vestigen op de belangrijkheidvoor ons volk in deze, een zaak die ons aller aandacht tenvoile waard is.Zoals bekend is, verschijnt een maandelijkse periodiek van deStichting en bij het openslaan van elk nummer wordt naastde staat van medewerkers onze aandacht getrokken door devolgende omschrijving:,,de Stichting ,,Goed Wonen" stelt zich ten doel het wonen inNederland op een hoger peil te brengen door verbetering derwoninginrichting in de ruimste zin van het woord, door hetbevorderen van de productie en de distributie van meubelen,stoffering, gebruiksvoorwerpen, enz., die aan bepaalde aesthe-tische, technische en sociale eisen voldoen."Over dit doel is heel veel te zeggen. We willen ons er echterin 't kort en dan nog in het algemeen even bij bepalen. Daar-toe zouden wij U in gedachten terug willen voeren naar detijd waarin onze grootouders en overgrootouders nog jongemensen waren.Nu bedoelen wij hier niet mee de welgestelde groep mensenuit die tijd, maar meer de toen levende arbeidersstand.Veelal te arm om de voor het gezin noodzakelijke meubelennieuw te kopen, werd vaak een allegaartje bij elkaar gekochtvan een verkoping en het resultaat was dan een nabootsingvan de sfeer zoals die in de woningen der welgestelden waste zien. Echter met het grote verschil dat de meubelen in hunoorspronkelijke bestemming dienden tot vulling van ruimevertrekken. Geplaatst in een kleine arbeidersbehuizing, vorm-den ze daar vaak door hun properties een contrast met de tegeringe ruimte.Ook de verschijning van het meubilair vormde door de veel-heid van versierselen ,een oontrsst met de armoede der ge-zinnen. /'Allen kennen we nog wel de ronde tafel met de zwaar ge-beeldhouwde en van veel krullen en stofnesten voorzieneondersteuning, of de met pluche beklede stoel, waarvan dekop der rugleuning was voorzien van beeldhouwwerk, waar-door fraaie bloemfiguren e.d. ontstonden. Ook willen wij stil-staan bij het gepolitoerde buffet met z'n kunstig bewerkte kapboven het spiegelgedeelte, geflankeerd aan beide zijden dooreen tweetal gedraaide versierselen. Kijken we nog even verderrond in zo'n kamer, dan zien we de kachel waarvan de vuurpotbeschermd is door een gietijzeren ombouw, alweer voorzienvan velerlei versieringsmotieven in grote overdaad. Vergetenwe ook niet het groot aantal schilderijen met kunstig bewerktelijsten en het fototafeltje met z'n overdaad aan portretten ende lichtbron voor de avonduren met z'n kralenkap. En of dit 81alles nog niet voldoende was voorzien van versieringen, werdde achtergrond waartegen het meubilair was geplaatst, ge-vormd door een behang vol van zware bloemfiguren in don-kerrood ,paars, bruin, grijs en andere kleuren, waarvan detinten toch vooral somber werden gehouden. De somberheidvan dit alles werd nog bevorderd door de lichtopeningen welkeaan de buitenzijden waren voorzien van luiken of jalouzieenen aan de binnenzijde van dichtgeschoven glasgordijnen, ge-flankeerd door met koorden en kwasten gedrapeerde overgor-dijnen.Zouden de mensen die in deze woningen leefden wel eensstil gestaan hebben bij het onzinnig aantal plaatsen waarzich stof en ongedierte kon verzamelen en zo ze dit ongerief-lijke al zagen, wisten ze dan wel.wat een kwaad dit betekendevoor de gczondheid? Gezien echter de alom bekende Hoi--landse zindelijkheid, kunnen we ook niet aannemen dat ditgewenst werd als een soort werkverschaffing voor de huis-vrouw, die toen, net als de huisvrouw van nu, ook wel watanders te doen had dan stof afnemen en de vloer vegen. Menvraagt zoch ook wel eens af, zouden die mensen bevreesd zijngeweest om de zon in huis te laten schijnen, waardoor de velekwade dingen zichtbaar werden? Neen, eerder geloven wijdat het juiste inzicht ontbrak bij hen die eisen konden stellen.Van opvattingen en inzichten der armere bevolking, de arbei-ders, was weinig merkbaar en kon door de toenmalige maat-schappelijke constitutie, ook niet worden verwacht. Toch wasnaast al het protserige en onhygienische in de woning nogwel eens wat goeds te zien. Maakte een eenvoudige timmer-man zijn onmisbare meubelen, dan waren deze vaak van veelminder versierselen voorzien en daardoor naar onze heden-daagse zienswijze beter.- / Een fotobeeld ligt voor mij en daarop zie ik een jong timmer-mansgezin uit het midden van de 19e eeuw, geschaard rondomeen robuste eikenhouten tafel, met eenvoudige stoelen. Hetgeheel bevindt zich voor een ruimschoots lichtdoorlatend keu-kenraam. Hier geen lichtwering voor de ramen. Langs dewanden enkele wandborden en op de rand boven de schouwenkele koperen gebruiksvoorwerpen. Opmerkelijk is de een-voud in deze omgeving. De sfeer in dit vertrek d'oet door z'nrijkelijke lichtdoorstraling en door de eenvoud, in alles gezonden verzorgd aan.Wat een verschil met de vertrekken waarin we ons zo juistverplaatst dachten. Doch de goede voorbeelden waren slechtsgering, de grote massa leefde in een omgeving van overdrevenvervorming, waardoor het zuivere karakter der elementen wasverloren gegaan.We kunnen echter de woningen van deze voorouders niet loszien van de tijd waarin zij leefden. Het leven der grote massawas toen veel rustiger, men was toen niet zo ingeschakeld inhet maatschappelijk gebeuren als het mensdom van onze tijd.Radio was onbekend, voorlichting der pers had geen betekenis.Van de communicatiemiddelen van nu kon men zelfs nog nietdromen. Door dit alles was de verhouding van het gezin vantoen, tjo.v. de maatschappij waarin zij leefden geheel andersdan nu. De overdrevenheid en onrust van het meubilair vandie tijd en de daardoor verkregen sfeer kon gedragen wordendoor het veel rustiger leven buiten de woning.Onze tijd is anders. Wij alien zijn in meerdere of minderemate ingeschakeld in het tegenwoordig maatschappelijk stelselen ondergaan daardoor ook de spanningen en nervositeit vanhet hedendaagse leven. Als men de gehele dag in de fabriekaan de band heeft gestaan of de spanningen van het zaken-leven heeft meegemaakt, dan verlangt men, vaak onbewust,naar de rust van z'n woning, naar de oase, om kracht te ver-zamelen voor de wachtende taak en om ons te bezinnen opwat achter ons ligt.Dit zullen wij niet vinden in een huis vol protserigheid en som-berheid, maar wel in een woning welker inrichting het stempeldraagt van eenvoud en nuchterheid, waar alle onderdelenoverdacht zijn op practische waarde, gepaard aan een juistevormgeving. Overdaad schaadt en zeker in onze tijd. Maar ditmoet ook zijn een inrichting waarvan het onderhouden een-voudig is en dus niet meer tijd vraagt dan nodig is, zodat ookO^ voor de huisvrouw geen onproductieve tijd verloren gaat enwaardoor zij de mogelijkheid heeft om aan andere belangrijkezaken,. het gezin betreffende, aandacht te besteden. Dit zaizeker de goede sfeer in het gezin bevorderen.Wij leven in een tijd waar nuchterheid en zakelijkheid bij eenieder bekende begrippen zijn geworden. Deze begrippen be-heersen.ons leven en uiten zich op velerlei terrein, ook op hetterrein onzer woning.Vele voorbeelden naar deze begrippen vinden wij dan ook inonze moderne arbeiderswoningen en onze huidige omstandig-heden met z'n schaarste op allerlei gebied dwingt ons tot een-voud.'Zoals reeds gezegd zijn onze woningen ontworpen naar be-grippen, die eigen zijn aan onze tijd. Doch niet is uit het oogverloren, dat na deze tijd nog een andere tijd komt en dat deontwikkeling zich niet beweegt in neergaande, maar in op-waartse richting. Wij behoeven hier slechts te wijzen op desanitaire verzorging onzer woningen, de toetreding van hchten de mogelijkheid tot luchtverversing. We zijn er echter noglang niet en de perfectionnering gaat door.Maar ook de inrichting der woning mag niet ten achter blij-ven. }a, is zo niet even belangrijk, mogelijk nog wel belang-rijker dan het huis zelf.Zie hier de taak die ,,Goed Wonen" zich stelt.Enige groepen uit onze bevolking, met name ontwerpers, fa-brikanten, winkeliers en verbruikers van meubelen, hebbendit begrepen en zich verenigd. Opvattingen worden verkon-digd, ervaringen uitgewisseld, nieuwe ideeen besproken enbestudeerd en alien werken met geestdrift om het gesteldedoel te bereiken. Ter voorlichting van de massa wordt maan-delijks het reeds genoemde tijdschrift uitgegeven. Tentoon-stellingen worden georganiseerd. Op het Rokin No. 56 teAmsterdam is een bureau ter voorlichting, waar een iederbelangstellende advies kan krijgen. In dit zelfde bureau iseen permanente tentoonstelling ingericht met door de Stich-ting gepropageerde meubelen. Doch de werkzaamheid van ditbureau bepaalt zich niet alleen tot de meubelen, maar tot alleswat in onze woning aan kleine zaken behoort, als versierse-len, speelgoed e.d.Miaar wat is beter, dan met practische voorbeelden laten zienwat mogelijk is. Zo is in samenwerking met de Volksuniver-siteit te Hengelo in een der nieuwgebouwde woningen aldaareen model-woning ingericht en wij achten het van belanghet daar bereikte resultaat onder de aandacht onzer lezers tebrengen. De hierbij afgedrukte foto's op pagina 81 en 83geven hiervan een goede indruk. Eenvoud van vorm en doel-matigheid zijn hier ten voile bereikt. De opstelling en propor-teis zijn zodanig ontworpen, dat een goede lichtdoorstraling isgegarandeerd.Zeker is hier te spreken van een goed evenwicht tussen dewoning en haar inrichting en een zekere waardigheid en ruststraalt van dit alles af. Ja, zo behoort een goede arbeiders-woning te zijn en zo is haar inrichting goed en wij verwachtendan ook, dat deze voorbeelden veler instemming zullen vinden.Doch deze instemming moet ook blijken door Uw medewer-king en steun. Hoe U dit kunt doen? Door U allereerst aante sluiten bij de Stichting ,,Goed Wonen" voor een bedragvan f 6,-- per jaar, waarvoor U dan het tijdschrift ,,GoedWonen" ontvangt.De woningbouwverenigingen vooral hebben hier een grotetaak te vervullen. Propaganda moet worden gemaakt. Hetwerk van ,,Goed Wonen" staat en valt met propaganda enwaar is de mogelijkheid beter dan bij de woningbouwvereni-gingen om deze propaganda intensief te voeren.Bestuurders van woningbouwverenigingen, maakt propagan-da onder Uw leden! Een goed verzorgde folder is hiervoorin elke gewenste hoeveelheid beschikbaar en door het ver-spreiden hiervan onder Uw leden, kan het streven van enke-len, nuttig worden voor de grote massa.De Nationale Woningraad zal hieraan alle medewerking ver-lenen. Opgaaf van abonnementen op het tijdschrift ,,GoedWonen" en het aanvragen van folders kan geschieden aanons Secretariaat, Wouwermanstraat 27, Amsterdam.C. WulffraatBESTELKAART VOOR BOEKWERKENAan N. SAMSOM N.V.Afd. BoekhandelALPHEN AAN DEN RUNPostbus 4Financieringsregeling woningbouw 1948Tekst met beknopte toelichtingleder, die bij de financieringsregeling woningbouw betrokken is.zal deze bewerking van de nieuwe bepalingen gaarne binnen zijnbereik hebben.Het boekje is geheel op de practijk afgestemd. Eerst geeft bet detekst van de regeling. Na een kort overzicht van de voornaamsteverschillen met de regeling 1947 volgt dan een overzichtelijke,artikelsgewijze toelichting van de regeling 1948.Marginale aantekeningen maken de raadpleging van tekst entoelichting bijzonder gemakkelijk.N. Samsom n.v. - Uitgever - Alphen aan den RijDe uitgaven in dit prospectus genoemdzijn ook verkrijgbaar in de boekhandelOndergetekende wenst te ontvangen voorrekening vanBoeklngsnr.Ordernr.Datum aanlegAdi-es:Ber. Nag. iex. F 717 Koster, Geldelijke verantwoording woningexploitatie,ex. r 733 Haringman, Regeling der bljdragen ingevolge de woningwet.ex. Financieringsregeling woningbouw 1948. Bestelnr 22973.ondertekening:1948169Er is naar gestreefd om naast een systematische behandeling vande stof de boekhouder en de bestuurders met tal van practischeraadgevingen met betrekking tot de inrichting van de administratieen de interne controle, alsmede met vele nuttige modellen voor deadministratie van dienst te zijn.Behalve modellen tussen de tekst zijn aan het boekje toegevoegdmodellen van een balans met exploitatierekening.De besttidering van dit werkje wordt aan ambtenaren, belast met degemeentelijke waningexploitatie,^ administrateurs en bestuurders vanwoningbouivcorporaties. verificateurs en beheerders van administratie-kantoren ten zeerste aanbevolen.Een alphabetisch register maakt het geheel gemakkelijktoegankelijk.Regeling der bijdrageningevolge de woningwetdoor M. J. G. A. HaringmanTeksten met beknopte toelichtlng en enkeleopmerMngen omtrent de kapitaalvoorziening voorwoningwetbouwDe belangrijke veranderingen, welke de regeling der bijdrageningevolge de woningwet door de wijziging van het woningbesluiten de nieuwe ,,beschikking bijdragen woningwetbouw 1948" heeftondergaan, maken het noodzakelijk, dat men zich van de nieuwegang van zaken goed rekenschap geeft. Bovengenoemd boekje biedtdaartoe uitstekend gelegenheid.Het geeft niet alleen een samenvatting van de betreffende voor-schriften, waarbij ook de belangrijke ministeriele circulaires van16 Juli 19.48 zijn afgedrukt, maar ook een heldere en practischetoelichting.Kortom: dit is een boekje voor de practijk. Ook besturenvanwoningbouwcorporaties zullen er gaarne gebruik van maken.Bij de desbetreffende ministeriele aanschrijving van 16 Juli 1948bovendien nog enige opmerkingen gemaakt [met ^betrekkingp_jj,, tot\de kapitaalvoorziening voor woningwetbouw.Q.nkele practi^che uitgaalje^ivoor bsMuren en adminUtrateur^)oan woningbouwverentginciefx^De geldelijke verantwoordingbetreffende een woningexploitatiemet steun ingevolge dewoningwetdoor H. J. Koster Hzn, Adj.-accountant by de Centrale Directievan de VolkshuisTestingxAan de administraties van corporaties, welke met steun ingevolgede woningwet woningen stichten en exploiteren, worden bijzondereeisen gesteld. Eensdeels is dat een gevolg van door de overheidgegeven regels betreffende de inricliting van de administratie en devorm van de jaarlijks af te leggen verantwoording, anderdeels hetgevolg van bepalingen in woningwet en woningbesluit, welke in deloop der jaren meermalen aanvulling of wijziging ondergingen. Alsdeze omstandigheden de ervaren boekhouder reeds moeite bezorgen,hoeveel te groter zijn dan de moeilijkheden voor hen, die geen boek-houder van professio zijn. Vooral om hen, die door studie of practischeervaring zich enige boekhoudkundige kennis hebben eigen gemaakt,te hulp te komen, is bovengenoemd boekje geschreven.De inhond omvat o.m.:Inleiding en verantwoordingOpzet van de administratie bijI. niet-commerciele boekhoudingII. commerciele boekhoudinga. dubbel en enkel boekhoiidenb. inrichting van de administratiec. controlemiddelen enHet samenstellen van de jaarstukken,,Goed Wonen" (De inrichting vian onze woning.)Een bestek en inschrijving voor de uitvoeringvan schilderwerk.De woningbouwvereniging ,,Het Westen" te Amsterdamheeft het voornemen de voor- en zijgevels van 208 woningente schilderen. De kozijnen, ramen, deuren en balustraden zijnvan staal; smalle lijsten en waterdorpels van hout. Het aantalvierkante meters uit te voeren schilderwerk bedraagt rond4100, het glas, sponningen, kanten van deuren en waterdor-pels meegemeten. De oppervlakte van het glas bedraagt 50 a55 % van de totale maat. Hoewel 816 ruiten elk ruim 1 m^meten, zijn zij toch meegemeten. Al het ijzerwerk is reedsrcestvrij gemaakt en, voorzover nodig, eenmaal gemenied.Het meniewerk beslaat ruim de helft van het totaal van hetwerk.Voor de verdere bewerking is het volgende bestek gemaakt,hetgeen de woningbouwverenigingen, welke woningen be-zitten met stalen onderdelen, vermoedelijk zal interesseren.WONINGBOUWVERENIGING ,,HET WESTEN".Bestek en Voorwaarde;n voor het schilderen van het buiten-werk van de voor- en zijgevels van het woningcomplex inLandlust, gelegen aan de L. de Collignystraat, J. v. Stolberg-straat, Bestevaerstraat en Willem de Zwijgerlaan. Het com-plex bestaat uit 208 woningen, is reeds roestvrij gemaakt eneenmaal, voorzover nodig, gemenied.Menien en gronden.1. Al het werk, voorzover dat reeds gemenied is, nog een-maal met zuivere loodmenie oververven. Houten dorpelsgronden met op kleur gemaakte strijkklare verf no. 1, be-staande uit 50 % loodwit en 50 % zinkwit en in de verfschuren.Stoppcn en plamuren.2. De openingen tussen ijzer en glas yan de onderste liggen-de raamregels en de staande raamregels goed waterdichtaanstoppen met stopstara.De deuren en andere staalconstructies aan de straat tot aanhet kalf van het ^kozijn en de panelen van de onderste raam-stellen schraal geheel plamuren met zuivere loodwitplamuur,zonder toevoeging van andere pigmenten, of met lakplamuur.Aan de houten kozijndorpels eventueel voorkomende scheurenen naden in het hout stoppen met loodmeniestopsel. Genoem-de houten kozijndorpels, benevens de houten gootlijst van deeengezinswoningen bijplamuren met plamuur met 25 % lood-wit.Overgronden.3. Het gemeniede werk afschuren met schuurpapier en over-gronden. Het nog niet gemeniede werk gronden en in deverf schuren. De kanten tegen het glas goed waterdichtverven. De houten kozijndorpels overgronden en in de verfschuren. Voor grondverf te gebruiken op kleur gemaaktestrijkklare verf no. 1, bestaande uit 50% loodwit en 50%zinkwit.Afschilderen. *4. Het vlakke werk luchtig afschuren met schuurpapier. Hetgeheel afschilderen met van de fabriek betrokken op kleurbereide, stand-loodtitanaatverf, op lijnoliebasis gefabriceerd.Kleuren.5. Het werk wordt uitgevoerd in lichte kleuren naar keuzevan het bestuur. Ramen, deuren en lijsten van de etages ineen kleur. Balustraden, deuren en staalconstructies aan destraat in iets donkerder kleur. De kleuren worden vastge-steld door het bestuur.Diverse andere werken.6. Alle op de gevels aangebrachfe nummers opnieuw aanbren-gen. De houten naambordjes schoonmaken, olien en inschu- o3ren en tweemaal lakken met goede kwaliteit buitenlak.De naamplaatjes zwart lakken en de bovenkanten van deletters schoon afvegen.Regeling der werkzaamhcdcn.7. Het opnieuw te menien werk moet binnen veertien dagenna het menien worden overgegrond.Het werk ikan in de voor buitenschilderwerk ongunstige win-terperiode, eventueel vroege voorjaarsperiode, wel wordenuitgevoerd, behalve bij onwerkbaar weer.Het bestuur behoudt zich het recht voor vast te stellen, wan-neer het onwerkbaar weer is en het werk dientengevolgemoet worden onderbroken. Het gehele werk moet tot genoe-gen van het bestuur worden opgeleverd voor 1 Juni 1949.Algemene bcpalingen.8. De algemene bepalingen, voorzover slaande op schilder-werken, zijn voor dit werk van toepassing. Het bestuur be-houdt zich het recht voor de materialen chemisch te latenonderzoeken. Als na chemisch onderzoek door een bevoegdbureau blijkt, dat de voorgeschreven soort en/of kwaliteitmaterialen niet worden of zijn verwerkt, is de aannemer ver-plicht:a. bij het niet verwerken van zuivere loodmenie al het reedsgemeniede werk over te menien;b. bij bet niet verwerken van grondverf no. 1, 50 % loodwiten 50% zinkwit, al het reeds gegronde werk over te gron-den;c. bij het niet verwerken van stand-loodtitanaatverf op olie-basis, al het reeds afgeschilderde werk nog eens af teschilderen.Odk verbindt ;de aannemer zich verregend, beschadigd of on-deugdelijk werk over te schilderen.Uitbetaling.9. De uitbetaling geschiedt in drie termijnen.De le termijn 40% van de aanneemsom als het gehele werkis gemenied en gegrond;De 2e termijn 50 % van de aanneemsom zodra het werk isafgeleverd tot genoegen van het bestuur;De 3e termijn a 10% zes weken na aflevering als eventuelezich vertonende gebreken tot genoegen van het bestuur inorde zijn gemaakt.Prijsopgavc, besteding, enz.10. De inschrijvingsbiljetten moeten op Maandag 15 Novem-ber 's middags te 14.00 uur in gesloten converts worden in-geleverd bij het bestuur van de Woningbouwvereniging ,,HetWesten", Keizersgracht 436 te Amsterdam, met duidelijkevermelding op het couvert: ,,Inschrijving schilderwerk".De opening van de biljetten vindt onmiddellijk daarna plaats,desgewenst in tegenwoordigheid van gegadigden.Het Bestuur.Prijsopgave en inschrijving. -Aan de werkgever, die het werk heeft ontroest en eenmaalgemenied, resp. bijgemenied, werd in eerste instantie prijsgevraagd. De verlangde prijs was rond f 24.000.--.Aangezien deze prijs veel te hoog is, werd een onderhandseinschrijving gehouden, waarbij 4 werkgevers inschreven methet volgende resultaat:1. f 15.000.--2. f 12.750.--3. f 10.970.--4. f 9.890.-Toelichting op het bestek?Als grondverf is voorgeschreven de beste strijkklare grond-verf voor buitenwerk, welke thans te krijgen is. Voorzover hetwerik moet worden geplamuurd, is plamuur voorgeschreven,die geen water bevat, omdat de waterdelen roest bevorderen.Eventueel voorkomende scheuren "en naden in houten dor-pels moeten met loodmeniestopverf worden gestopt. Gewonelijnoliestopverf, aangemaakt met krijtwit is hiervoor niet zodoelmatig als loodmeniestopverf.De openingen tussen ijzer en glas moeten aangestopt wordenmet stopstara.Stopstara is voor stalen ramen veel beter dan gewone stop-verf.Het afschuren van het gemeniede werk voor het aanbrengenvan de grondverf bevordert de hechting van de grondverf.Dat is vooral op menie gewenst. Loodtitanaatverf op olie-basis is voorgeschreven als de sterkste verf van de lichtekleuren (zie ,,De Woningbouwverneiging" van Augustus j.l.).Lichte kleuren zijn voor ijzerwerk in verband met dewerking van ijzer aan te bevelen boven donkere kleuren.In artikel 7 is reeds gesproken over uitvoering gedurende deongunstige winterperiode. Dit kan, doordat alle werk reedsgoed in de grondverf is gezet. Het materiaal ijzer trekt geenvocht aan en is bij geringe droging weer geschikt om verderbehandeld te worden. Om deze reden is het schilderen gedu-rende de winter en het prille voorjaar geen bezwaar.}. Spek.84fflAfb. 1. Nieuwbouw te Hengelo (O.) (plattegronden) Afb. 2. Nieuwbouw te Hengelo (O.) (zijgevel)Afb. 3. Nieuwbouw te Hengelo (O.) (voorgevel)Nieuwbouw te HengeloIn het artikel ,,De inrichting van onze woniug" hebben wijal even Uw aandacht gevestigd op de nieuwbouw te Hengelo.Stoniden we hier stil bij de inrichting, ook de woning zelfverdient aller belangstelling.De afbeeldingen Nos. 1 t/m 7 op pagina 84, 85, 86 en 87geven U de plattegronden en de gevels dezer woningen. Deplannen, welke reeds voor een gedeelte zijn gereed gekomen,vormen een complex van 101 woningen en een van 80 wonin-gen aan de Groenstrook te Hengelo. Opmerkelijk in dezewoningen is de goed doordachte en ruime opzet, terwijl degevels met alle eenvoud een beschaafde indruk geven.Alle woningen zijn voorzien van een douche-eel.Op een bijzonderheid menen wij nog de aandacht te moetenvestigen.Afb. no. 4 op pagina 85 laat U een gedeelte van de voorgevelzien. Hier is gebroken met de traditionele scheiding tussen devoortuintjes der verschillende woningen, hetzij een luguster-haag, hetzij een lelijk ijzeren hek. Een vrij doorlopend gras-veld langs de gehele voorgevel der woningen geeft een royalervoorkomen. Hier en daar langs de scheiding met de straat eenfleurig bloemgroepje en in het gazon een bontgekleurde tuin-stoel, zal stellig de goede voorgevel in aantrekkelijkheid nogdoen verhogen.De stichtingskosten van het complex van 101 woningen zijnals volgt:f 139.384.-1100.227,--grondkostenbouwkostenarchitecten-honorarium,toezicht, rente-verlies, enz. 53.150,--Afb 4. 'Nieuwbouw te Hengelo (O.) (voorgevel)f 1.292.761,-- : 101 = f 12806,-- per woning.De classificatie-inhoud bedraagt gefniddeld 284 m^. per.wo-,ning, de inhoud voor controle van de bouwkosten, gemid-deld 304 m^. per woning.De woningen volgens de afbeeldingen Nos. 4 t/m 7 zijn ont-worpen door architect W. Couwelaar, de woningen volgens deafbeeldingen Nos. 1 t/m 3 door arch.bureau H. en H. A.Klomp te Enschede.Van de met afbeelding 1 t/m 3 aangegeven woningen komen'80 stuks in exploitatie bij de bouwvereniging ,,Ons Belang"te Hengelo.Red.Mededelingen van de Nationale WoningraadNieuwe Leden :Sedert de vorige opgaaf zijn als lid toegetreden:Meppel: Meppeler Woningstichting.Enschede: Woningbouwvereniging ,,Patrimonium' .Heemstede: Woningstichting ,,Heemstede".Maasdam: Woningbouwvereniging ,,Maasdam".Vught: Charlotte Elisabeth van Beuningen-Stichting.'s-Hertogenbosch: Woningbouwvereniging ..Broederhulp".De Nationale Woningraad telt thans 682 leden.JubileumDe 7e November j.l, was het 35 jaar geleden dat de Woning-stichting in de gemeente Leeuwarderadeel werd opgericht. Na-dat in de oorlogsjaren de Stichting haar werkzaamheden overtwee gemeenten zag verdeeld, als gevclg van de annexatie vaneen deel der gemeente Leeuwarderadeel door de gemeenteLeeuwarden, is de naam gewijzigd in WoningstichtingLeeuwarden-Leeuwarderadeel. Dit jubileum van de Stichtinggaat vergezeld van een tweede, n.l. het 35 jaar onafgebrokendeel uitmaken van het bestuur der Stichting van de HeerJ. G. Jansonius. Vanaf de oprichting tot 28 September 1918was de Heer Jansonius plaatsvervangend voorzitter, vanaf diedatum tot heden voorzitter. Thans heeft de voorzitter te ken-nen gegeven, om in verband met zijn hoge ouderdom dezefunctie neer te leggen. De medebestuursleden zullen dit be-sluit moeten respecteren, doch de grote werkkracht en de toe-wijding van de Heer Jansonius aan de zaak van de volkshuis-vesting zal door hen node worden gemist. De Stichting exploi-teert 267 woningen van voor 1940, terwijl na 1945 vijftigarbeiderswoningen zijn gebouwd, welke reeds bewoond zijn. 85D DHl'fflDe Heer J. G. Jansonius, 35 jaar bestuurslid der Woningstichting ,,Leeuwarden-Leeuwarderadeel" Afd. 6. Nieuwbouw te Hengelo (O.) (voorgevel)Thans zijn nog 10 woningen in aanbouw, zodat in het beginvan 1949 een totaal van 327 woningen in exploitatie zal zijn.Leeuwarden, November 1948.Provinicale afdelinq Zuid^HollandDe afdeling Zuid-Holland van de Nationale Woningraadi^ierde op 27 November 1948 haar 25-jarig bestaan. In eenbijeenkomst, welke werd gehouden in de Blauwe Zaal vanhet Beursgebouw te Rotterdam werd dit jubileum gevierd.BerichtenToelating ingevolge de Woningwet werd verleendaan:Ambt Delden: de woningbouwvereniging ,,Ambt Delden".Maasdam: de woningbouwvereniging ,,Maasdam".Oostburg: de woningbouwvereniging ,,West Zeeuwsch Vlaan-deren".Het aantal toegelaten corporaties bedraagt thans: 1147.Financiering van de woningwetbouwTijdens een vraaggesprek met de pcrs, hetwelk op 10 Nov.j.l. te Renkum plaats vond, verklaarde Z.E. Mr. Dr. J. in 'tVeld, Minister van Wederopbouw en Volkshuisvesting, dat,mochten de gemeenten er niet in slagen het voor de woning-wetbouw in 1949 benodigde kapitaal op de Kapitaal-markt opte nemen, van Regeringswege maatregelen zullen worden over-86 Afb. 5. Nieuwbouw te Hengelo (O.) (achtergevel)wogen om een dergelijke calamiteit te ovcrbruggen. In geengeval zal de Regering lijdelijk toezien, dat tengevolge van eendergelijke calamiteit de woningwetbouw zal stagneren.Beschikking Risicoberekening 1948De Minister van Wederopbouw en Volkshuisvesting;Overwegende:dat ter uitvoering van artikel 12 der FinancieringsregelingWoningbouw 1948 en van artikel 3 der Beschikking bijdragenWoningwetbouw 1948 nadere regelen dienen te worden vast-gesteld, volgens welke verrekening zal plaats vinden van degedurende de uitvoering van bouwwerken eventueel optre-dende wijziging der bouwkosten ten gevolge van wettelijkevoorschriften, dan wel vanwege de Overheid toegestane ofopgelegde herziening van prijzen, lonen en sociale lasten;dat het wenselijk is deze regelen zodanig in te richten, dat zijtevens kunnen worden toegepast voor het berekenen van dewijziging der bouwkosten, eventueel optredende gedurende deuitvoering van bouwwerken, niet vallende onder de bepalingender Financieringsregeling Woningbouw 1948 en de Woning-wet, met haar uitvoeringsmaatregelen;Gezien het ter zake door de Commissie Indexcijfers Bouwkos-ten uitgebrachte rapport en het ingewonnen advies van deStichting Raad van Bestuur Bouwbedrijf;Heeft goedgevonden:vast te stellen de hierna volgende Beschikking Risico-bereke-ning 1948.Artikel 1.In deze beschikking en de daarbij behorende bijlagen wordtverstaan onder:,,de Minister": de Minister van Wederopbouw en Volkshuis-vesting:,,de opdrachtgever": in het geval van woningbouw op voetvan de Woningwet: de woningbouwcorporatie of de gemeen-te, naar gelang de bouw door een van deze beide geschiedt;in alle andere gevallen: degene, aan wie de financiele tege-moetkoming van het Rijk is of zal worden toegekend;,,inschrijvingsdatum": de datum der aanbesteding of, indiengeen aanbesteding plaats vindt, de dertigste dag voor de da-tum van aanvang van de bouw;,,gunningsdatum": indien het bouwwerk wordt aanbesteed: dedatum, waarop de gunning geschiedt; indien geen aanbeste-ding plaats vindt: de datum van aanvang van de bouw;,,bewoningsdatum". de datum, waarop de woningen voor be-woning gereed zijn; indien de woningen deel uitmaken van eencomplex en niet op dezelfde dag voor bewoning gereed komen,stelt de Minister een gemiddelde datum vast, welke als de be-woningsdatum wordt beschouwd; in het geval van bouw vanandere gebouwen dan woningen, wordt onder bewoningsda-tum verstaan de datum der eerste algehele oplevering van hetbouwwerk, c.q. de door de Minister te' bepalen gemiddeldedatum:,,bouwperiode": het tijdvak, liggende tussen de gunningsdatumen de bewoningsdatum;,,risico": de overeenkomstig bijlage I te bepalen wijziging derbouwkosten tussen inschrijvingsdatum en bewoningsdatum uit-sluitend ten gevolge van wettelijke voorschriften, dan welvanwege de Overheid toegestane of opgelegde herziening derprijzen, lonen en sociale lasten; deze wijziging is beperkt totde gevolgen van wijziging der uurlonen, arbeidsproductiviteit,sociale lasten, prijzen van bouwstoffen, vervoerkosten, hande-laarsmarges, belastingen en opslagpercentages.Artikel 2.1. Ingevolge deze beschikking zal risico worden berekend ingeval van:a. wcningbouw op voet van de Woningwet;b. wcningbouw, welke daarvoor, ingevolge de Financierings-regeling Woningbouw 1948, in aanmerking komt;c. bouw van woningen, niet vallende onder a of b, dan Vv^elvan andere gebouwen, welke plaats vindt met een financieletegemoetkoming van het Rijk, indien en vooi: zover deze be-schikking daarop van toepassing is verklaard.2. De berekening geschiedt met inachtneming van het bepaal-de in artikel 3.Indien de bijzondere constructie van het bouwwerk zulks naarhet oordeel van de Minister wettigt, kan daarvan echter wor-den afgeweken.Artikel 3.1. Bij de herziening van de financiele tegemoetkoming van hetRijk zal worden uitgegaan van het gecorrigeerde bedrag van:a. -- in het geval van woningbouw op voet van de Woning-wet -- de werkelijke aannemingssom;b. -- in alle andere gevallen -- de door of vanwege de Mi-nister met het oog op de financiele tegemoetkoming van hetRijk vastgestelde zuivere bouwkosten.2. Dit gecorrigeerde bedrag wordt verkregen door vermenig-vuldiging van:in het geval, bedoeld in het eerste lid onder a: de aannemings-som;in het geval, bedoeld in het eerste lid onder b: de vastgesteldezuivere bouwkosten, met een correctiefactor. Eventuele begro-tingsfouten worden hierbij niet hersteld.3. De berekening van deze correctiefactor geschiedt volgensde methode, aangegeven in bijlage I.Artikel 4.1. Verrekening van het risico vindt uitsluitend plaats op-schriftelijk verzoek van de opdrachtgever. Het verzoekschriftmoet aan de Minister worden gericht; het behoort, voorzienvan het bewijs der akkoordbevinding van het gemeentebestuur,binnen twee maanden na de eerste algehele oplevering van hetbouwwerk te worden ingediend bij de Provinciale Directie vande Wederopbouw en de Volkshuisvesting in de provincie,waarin het bouwwerk is uitgevoerd. Het verzoekschrift dientte worden gesteld op een formulier, waarvan het model doorde Minister wordt vastgesteld' en dat op aanvrage verkrijg-baar is bij het gemeentebestuur.2. Indien het bepaalde in het eerste lid niet of niet volledigwordt in acht genomen, is de opdrachtgever in zijn verzoekom verrekening niet ontvankelijk.In bijzondere gevallen kan de Minister echter van deze bepa-ling afwijken..Artikel 5. ,1. Wanneer de Provinciale Directie van de Wederopbouw ende Volkshuisvesting een verzoek, als bedoeld in artikel 4,heeft ontvangen, verzamelt zij de haar bekende gegevens, wel-ke voor de verrekening nodig zijn. *2. Deze gegevens zullen omvatten:a. korte omschrijving van het bouwwerk;b. gemeente, waar het bouwwerk is uitgevoerd, met een na-dere aanduiding van de ligging van het bouwwerk;c. aanduidingen omtrent de constructieve samenstelling;d. aanduidingen van eventuele ingrijpende wijzigingen van deconstructie gedurende de bouwperiode;e. inschrijvingsdatum;f. gunningsdatum;g. bewoningsdatum.Zij worden door de Provinciale Directie vermeld op een kaart,waarvan het model door de Minister wordt vastgesteld.3. De Provinciale Directie zendt een afschrift van de inge-vulde kaart ter verificatie van de gegevens aan de opdracht-gever. Indien de Provinciale Directie niet binnen drie wekenvan de opdrachtgever bericht van het tegendeel heeft ont-vangen, neemt zij aan, dat de op de kaart vermelde gegevensjuist zijn. Zij zendt vervolgens de kaart -- in geval de op-drachtgever heeft kenbpar gemaakt wijziging in de gegevenste willen zien aangebracht, na zich omtrent de juistheid dezerwijziging te hebben overtuigd en deze in de gegevens vande kaart te hebben verwerkt -- naar het Bureau Documen-tatie Bouwwezen.4. Het Bureau Documentatie Bouwwezen berekent de correc-tiefactor en deelt deze factor aan de Minister mede.Artikel 6.1. De Minister stelt de correctiefactor vast overeenkomstig degegevens, door het Bureau Documentatie Bouwwezen ver-strekt,2. Tegelijk met de mededeling van het besluit omtrent de her-ziening van de financiele tegemoetkoming van het Rijk wordtde correctiefactor medegedeeld aan de opdrachtgever, alsmede-- in het geval van Woningwetbouw, waarin de gemeente niettevens opdrachtgever is -- aan het bestuur der gemeente,waarin het bouwwerk is uitgevoerd.Artikel 7.Deze beschikking kan worden aangehaald onder de titel:Beschikking risico-berekening 1948; zij zal worden geplaatstin de Nederlandse Staatscourant.'s-Gravenhage, 18 November 1948.Centrale Directie van de Weder-opbouw en de Volkshuisvesting,no. 123439..De Minister van Wederopbouwen Volkshuisvesting,w.g. In 't Veld.Afb. 7. Nieuwbouw te Hengelo (O.) (plattegronden)Beperkende bepalingen bij het gebruik van dakpannenHet grote tekort aan dakpannen, waardoor de voltooiing vanvele bouwwerken wordt gestagneerd, heeft de Minister vanWederopbouw en Volkshuisvesting genoopt aan de gemeen- o/tebesturen mede te delen, dat de grootst mogelijke beperkingin het gebruik van dakpannen noodzakelijk is.Het ligt in de bedoeling van de Minister met ingang van 1Januari a.s. geen Rijksgoedkeuringen meer af te geven voorutiliteitsgebouwen, welke op speciale industrieterreinen wor-den opgericht, indien uit de aanvraag om goedkeuring blijkt,dat voor deze gebouwen een dalkbedekking met pannen is ont-worpen.De Minister doet voorts een beroep op de gemeentebesturenom er scherp op toe te zien, dat huiseigenaren niet overgaantot het vernieuwen van met pannen gedekte daken, zonderdat de vereiste goedkeuring is verkregen. Voorts dient hetverlenen van laatstbedoelde goedkeuringen slechts tot de wer-kehjk urgente gevallen te worden beperkt.Persbericht No. Ill's Gravenhage, 12 November 1948Ministerie van1 , Wederopbouw en Volkshuisvesting,Afdeling Voorlichting,Woningbouwprogram 1949(Richtlijnen voor de verdeling van het realiseerbaar geachteRijkswoningbouwvolume over de verschillehde provincies).Circulaire van Gedeputeerde Staten van Utrecht van 2 No-vember 1948, 2e afdeling, no. 3732/1890, aan Burgemeesteren Wethouders der gemeenten in die provincie.De Minister van Wederopbouw en Volkshuisvesting heeft hetdoor de Centrale Directie van de Wederopbouw en de Volks-huisvesting ontworpen woningbouwprogramma 1949 te onzerkennis gebracht. Daarbij wordt een verdeling van het reali-seerbaar geachte Rijkswoningbouwvolume over de verschil-lende provincies voorgesteld volgens de hierna in het kortaangegeven richtlijnen.le. Het bestaande en toekomstige woningtekort is maatge-vend, ongeacht de oorzaken van dit'tekort.2e. Het woningtekort moet in alle gebieden in zo kort mo-gelijke tijd een gelijk percentage bedragen. Hierbij is gedachtaan een tekort van 9 %, te bereiken aan het einde van 1953.3e. Met verschillen in kwaliteit en omvang der bestaandewoningen in de verschillende gebieden wordt in de eerstvol-gende jaren geen rekening gehouden.Voor de berekening van het woningtekort is uitgegaan van hettotaal aantal huish
Reacties