iSte'Orgaan van het Nederlandsch Instltuut voor Yolkshuis-vesting en Stedebouw en van de Nationale Woningraad,waarin opgenomen de mededelingen van de Rijksdienstvoor het Nationale Plan, en tevens gewijd aan deWederopbouwMei 1948 29e Jaargang no.ZONWAND BEHANGSELbezorgde ons uitstekende relerenties van talrijke woningbouwverenigingen en gemeentelijke instellingen, , ,, , door de voorireffelijke kwaliieiiUit onze uilgebreide collecties leveren wij aanVraagi ons aUijd aan woningbouwverenigingen tegen speciale lage prijzen. , OOOr 06 modeme beschaafde deSSinSH. ROTHMEYER BEHANGSELPAPIERHANDEL N.V., ROTTERDAM, MEENT 100, TEL. 21926VLOEREN en DAKEN vanNEDERLANDSEHOLLEBOUWSTEENNenobo-IdeaalMODELNad. Octrooi A.D. no. 130446 IJZER VERBRUIK"^"U^inste- SPECIE VERBRUIK EIGEN GEWICHTVerkoofi^antoor van Nederlandse holle bouwsteenN.V.NEHOBOWassenaarseweg 15, Den Haag, Telefoon 777345llllllllllllllllllllllllAbraham van Stolk&Zonen n.v.ROTTERDAMPOSTBUS 1100TELEF. No. 35400444HOUTHANDELVOOR BOUWVAKKEN EN INDUSTRIETEOFLAT EMULSIEVERFin 19 kleurenvoor gangen, muren en plafondsEenvoudig te verwerkenSneldrogend - AfwasbaarWAGENAKERSBREDAHEDI-ZUIGKAPvoor woningbouwin zware zinkuitvoering met grotezuigkracht. Geschikt voor afvoer-en uitluchtingsleidingen.Leverbaar van 6 cm tot 30 cmdoorsnee. Octrooi aangevraagd.Vraagt vrijblijvend bemonsterdeofferte. AUeenverkoop:Fa. FRANS JELTESHofstraat 10 -- Telefoon 28118GRONINGENVoor den wederopbouwvoerden wij reeds vele grooie op-drachien uH. Mel de daardoor ver-worven ervaring siaan wij gaarne ioiUw dienst voor hei verzorgen vanal Uw schilderwerklSchildersbedhjfW. BLOK ? ROTTERDAMMijnsheerenlaan 172 BTelefoon 708021848-1948100 jaar VcrfJSr. V. VBJRNTS EN- VBKFWAREnSTRABRIEK.-r^BTELEGRAM-ADRES: TEOUNCODES: RUDOVF MOSSEA.B.C. 5th & 6th EDITIONTELEFOON 7246 (3 IHNEN)BANK: DETWENTSCHE BANK N.V. HENGEL0(0.1POSTGIR0 59480IC.002TYP. vLDEPART BinnenlandL.S.sREDA. datum postmerk,(HOLLAND)Als TEOFLAT-Emulsieverf een gewone muurverf was, zoudt U even-goed alleen maar kunnen vragen naar "muurverf" zonder meer. MaarTEOFLAT-Emulsieverf is iets aparts op dit ge"bied. Zij heeft bijzon-dere eigenschappen.TEOPLAT heeft een groot uitstrijkvermogen en is dus zeer voor-delig in het gebniik. Met 1 Kg. TEOPLAT, verdund meti Itr. water, kan men op cementen muren 6-7 M2 schil-deren; op "behang 9-10 M2.TEOPLAT is eenvoudig en prettig te verwerken.TEOPLAT is spoedig droog en na enige tijd afwasbaar.TEOPLAT is onbeperkt en zonder vergunning leverbaar.TEOPLAT wordt gefabriceerd in wit en 18 mooie pasteltinten.Onze speciale TEOPLAT kleurenkaart zal U bewijzen datWAGEMAKERS-BREDA'haar faam op het gebied van mooiekleuren zonder twijfel verdient.TEOPLAT kan worden toegepast op steen, pleister, hout, bouw-platen, beton, behang, enz..TEOPLAT is daarom bij uitstek geschikt voor muren en plafonds,in ziekenhuizen, schoolgebouwen, kantoren, fabrieken,werkplaatsen, kloosters, enz..TEOPLAT is een product van WAGEMAKERS en ddt zegt alles!Op verzoek zenden w3j U gaarne een kleurenkaart met uitvoerigegebruiksaanwijzing en een monster, waarvoor U de hierbij gevoegdekaart kunt gebruiken.Steeds gaarne tot Uw dienst, //^' /I//. / / hoogachtend,N.V. Vf^NIS-EH VERFWARf^l^BRIEKV.H. j. VMyGcNAKERS ^ ^^NENAMSTERDAM DEN HAAG BRUSSEL WINSCHOTEN BERGEN OP ZOOMSPUISTRAAT 244 SCHENKWEG2 RUEST. BERNARD 172 TORENSTRAAT 27 BOSSTRAAT 25TEL. 33087 TEL. 720646 TEL.374208 TEL;146 TEL. 703M.Wij verzoeken U ons vrijblijvend te zenden:TEOFLAT kleurenkaartTEOPLAT monsterons offerte te maken voor de leveringvan Kg. TEOFLAT.**(Doorhalen wat niet gevrenst is).Hoogachtend,1349-l-'4gBRIEFKAARTAANN.V. VERN1S- EN VERFWARENFABRIEK v.h.J.WAGEMAKERS&ZONENBREDATijdschrift voorVolkshuisvesting enMei 194829e Jaargang - No. 5MaandbladStedebouw^Orgaan van het Nederlandsch Instituut voor Volkshuisvesting en Stedebouw en de NationaleWoningraad, Algemene Bond van Woningbouwverenigingen, waarin opgenomen de mede-delingen van de Rijksdienst voor het Nationale Plan, en tevens gewijd aan de WederopbouwRedactie: Mr. H. W. Bloeraers, J. Bommer, Ir. H. M. Buskens, Jhr. M. J. I. de Jonge van Ellemeet, B. Merkelbach,Ir. L. S. P. Scheffer, Ir. P. Bakker Schut, Mr. J. Vink, Drs. H. van der WeijdeAdres voor Redactie en Abonnementen: Lange Voorhout 19, 's Gravenhage, Telefoon 115720Advertenties! Keizersgracht 188, Amsterdam C, Telefoon 49128Officiele mededelingenNederlandsch InstituutVergadering nieuwe bouwsystemenDe leden zijn geconvoceerd voor een op 29 Mei l.I. gehoudenvergadering te Utrecht, waar de Heren Dr. Ir. J. P. Mazure,Prof. Ir. }. F. Berghoef en Prof. Ir. J. H. van den Broek in-leidingen hebben gehouden over nieuwe bouwsystemen enwel de Heer Mazure over noodzaak en mogehjkheden van deprefabricatie, de Heer Berghoef over de architectonische enstedebouwkundige consequenties bij de bouw van eengezins-huizen en de Heer van den Broek over de architectonischeen stedebouwkundige consequenties bij de bouw van etage-woningen. Een samenvatting van de drie inleidingen was bijde convocatie afgedrukt.Rijksdienst voor het Nationale PlanBescherming natuurgebieden GroningenDe President van de Rijksdienst voor het Nationale Plan,Gezien het daartoe strekkende voorstel van de Vaste Commissie van ge-noemde dienst;Overwegende, dat een ontwerp voor een nationa'al plan ter beschermingvan natuurgebieden in voorbereiding is;Gelet op artikel 5, tweede lid, van het besluit van 15 Mei 1941(No. 91/1941) betreffende de instelling van een Rijksdienst voor het Na-tionale Plan;Bepaaltle. dat het verzoek, als bedoeld in artikel 5, tweede lid, van voornoemdbesluit, geacht wordt te zijn gericht tot ieder, die het voornemen heeftbinnen de gebieden, opgenomen in de bij deze beschikking behorendelijst met kaartbladen, cnig werk uit te voeren -- zomede tot openbarelichamen, welke voornemens zijn binnen de vorenbedoelde gebiedengrond aan te kopen --, zulks met dien verstande, dat door tussenkomstvan de burgemeester der betrokken gemeente van de voorgenomenwerken of grondaankopen tijdig mededeling moet worden gedaan aanhet bureau van de Rijksdienst, voornoemd, Lange Voorhout 19 te's Gravenhage;2e. dat het bepaalde onder 1 in de plaats treedt van de verplichting inge-volge artikel 5, tweede lid, van voornoemd besluit, opgelegd ten aianzienvan de onder het hoofd ,,Groningen" opgenomen natuurgebieden inde bij de beschikking d.d. 20/21 juli 1942, No. 5627 M/M.N.P. van zijnambtsvoorganger behorende lijst van natuurreservaten, welke in deeerste plaats voor bescherming in aanmerking komen.Deze beschikking zal in de Nederlandse Staatscourant worden geplaatst.De daarbij behorende lijst met kaartbladen ligt ten burele van de Rijksdienstvoor een ieder ter inzage. ''s Gravenhage, 31 Maart 1948De President,w.g. J. Linthorst HomanKanttekeningen bij de woningpolitiekdoor Drs. H. van der WeijdeHet optreden van de nieuwe bewindsman, zijn gedachtenwis-seling met de Eerste Kamer en andere uitlatingen, maar ooknieuwe -- misschien in wezen heel oude -- geluiden buitende kring van Regering en Parlement geven stof tot enigekanttekeningen.Het beeld van de woningnood wordt nu in sterke mate medebepaald door de aangewakkerde woningproductie, die eindFebruari al meer dan 40.000 woningen in uitvoering omvatte,woningen, waarvan het nuttig effect door de uitdrukkehjkeaanvaarding van het stelsel van dubbele bewoning van degrotere woning nog wordt verhoogd. Er is inderdaad eenredehjk vooruitzicht dat wij dit jaar, als de aangekondigdevoltooiing van 30.000 woningen wordt gehaald, in de buurtblijven van de stijging van de behoefte. Wij moetener overigens voor oppassen in berekeningen de gesplitstewoningen zonder meer als dubbele mee te tellen. Zij zijn tochniet anders dan een demonstratie van de woningnood. Zijmogen voorlopig bevredigend zijn, door velen als een ver-lossing uit de woonellende worden begroet, zo lang zij alstijdelijk bedoeld zijn en niet aan alle eisen voldoen, is het on-juist ze als zelfstandige woningen tegenover het tekort testellen.Wij moeten ons hier hoeden voor een neiging tot camou-flage. Schuilt die neiging ook niet in de pogingen om hetwoningtekort lager voor te stellen dan de woningtelling vanverleden jaar aangaf? Terwijl in gemeentelijke kring deuitkomsten vaak aan de lage kant worden geacht -- men ziede cijfers over Amsterdam elders in dit nummer -^ wordtvan andere zijde betoogd dat ze te hoog zijn. i) Men komt toteen vermindering van het tekort tot beneden de 275.000.Vele van de nu samenwonende gezinnen -- zo is de re-denering -- zijn hieraan gewend geraakt. Zij verlangen nieteens meer een eigen woning. Bovendien kan voorlopig tochniet voor hen alien een eigen woning worden gebouwd. Mijlijkt deze gedachtengang even onlogisch als onpraktisch,even onpraktisch als onsociaal. Onlogisch, omdat men eentijdelijk subjectief verschijnsel, de afstomping van de slacht-offers van de woningnood, gevolg van de nood zelf, meeteltbij een berekening van de omvang van het objectieve, maat-schappelijke feit van de woningnood; onpraktisch, omdat menstraks als het lage, geraamde tekort is ingehaald, zal bemer-ken, dat men er nog lang niet is, doordat inmiddels een nieuwebehoefte is ontstaan; onsocipal, omdat hier de ernst van dewoningnood wordt verdoezeld. Het zou gemakkelijk zijn dezeopvatting door een persiflage te hekelen. Ik wil dit niet doen,omdat zij te goeder trouw wordt verdedigd, maar ik waar-schuw tegen de gevaarlijke strekking.^) Men zie Prof, van Beusekom in Bouw van II October 1947 69Arfkeien Qg cijfcrs Van hct tekort, zoals de woningtelling die heeftopgeleverd, blijven intussen mede richtsnoer voor de verdelingvan het bouwvolume. Dit onderwerp blijft tot veel strijd aan-leiding geven, organisatorisch, principieel en opportunistisch.Uit het eerstbedoelde oogpunt is het van betekenis, dat deMinister zich bhjft beperken tot een verdehng over de provin-cies, en dat voortaan de colleges van Gedeputeerde Staten huncontingent over de gemeenten zullen verdelen. Het is een ge-lukkige stap in de richting van decentrahsatie. Zal het ook eenstap zijn naar de door sommigen bepleite overdracht van degehele Rijkstaak bij de volkshuisvesting in de provincies aande provincie als bestuursorgaan? Zeker zal het mede van dewijze, waarop de Colleges van Gedeputeerde Staten zich vandeze voorlopig bescheiden taak kwijten en van de belangstel-ling, die zij voor het onderwerp tonen, afhangen of een verde-re delegatie zal volgen.De principiele vraag voor het ogenblik blijft naar welke maat-staven de verdeling van de nieuwbouw zal geschieden. Naarde bchoefte van het moment, dus naar het woningtekort vande telling en daarop aansluitend naar de bevolkingsprognose,of .-- voorstel Meyerink -- naar de bevolkingslijn op langetermijn, met terzijdestelling van de fluctuaties van de oorlog?Achter deze tegenstelling staat nog de vraag of men voorde naaste toekomst een zeer bewust, ordenend ingrijpen ver-wacht, een ,,positive planning", ten aanzien van bedrijfsvesti-ging en bevolkingsverspreiding, waardoor de feiteliike verde-ling alHcht belangrijk van de door vooroorlogse ve-!ioudingenbepaalde prognose zal gaan verschillen. Wordt dit werkelijk-heid, dan verliest de prognose als grondslag voor de verdelingvan het bouwvolume haar redelijke zin. Juist omdat wij hier inonzekerheid en in een overgangstoestand leven is een be-slissing moeilijk.Er zijn verder de opportunistische klachten over achterstellinqvan zwaar gctr.offen gebieden, uit Zeeland en Limburg vooral.Zou hier de gedachte van de Heer Meyerink om de woning-nood uit oorlogsschade dubbel te laten tellen in verhoudingtot die uit bevolkingstoeneming niet aantrekkelijk zijn? Nuschijnt het een Sinterklaasuitdeling zonder vaste lijn. Danblijft er uit de aard der zaak meningsverschil over de coeffi-cient -- of het 2 moet zijn of meer --, maar ieder kan deuitkomst narekenen, er is geen gevaar voor bevoorrechting enachterstelling.Tot zover over de kwantitatieve vraagstukken van de woning-bouw. Ook de kwalitatieve zijn aan de orde. Enige ongerust-heid is teweeg g&bracht door het bericht -- of liever het ge-rucht, bevestigd door een mededeling in de Eerste Kamer,later ook door het antwoord op vragen van het Tweede-Ka-merlid Maenen ?-- dat bij de arbeiderswoningen voor nor-male gezinnen voortaan 260 m^ als maximum zal gelden.Vroeger hield men dit niet aan. Het blijkt gelukkig niet zote zijn dat aan de woningbouw voor grote gezinnen nu depas is afgesneden. Ondertussen deed zich hier pijnlijk hetgemis voelen aan een duidelijke uiteenzetting. Het is zeer tebetreuren dat het Departement niet onmiddellijk in een open-bare circulaire heeft uiteengezet welke normen nu ten aanzienvan de grootte der woningen van kracht zijn. Dan warenongegronde geruchten, ongerustheid en mondelinge en schrif-telijke vragen in beide Kamers voorkomen. Het woningpeilis een te gevoelig punt dan dat enige ruimte zou mogen ont^staan voor vrees dat het peil toch naar beneden gaat. Trou-wens, een dergelijk beleid laat zich moeilijk verenigen met hetstreven de grotere woningen voor dubbele bewoning in terichten.Uit andere hoeken dreigt de bezuinigingswind zich intussenwel van het woningpeil meester te maken. Zo is onlangs eenmerkwaardig betoog voor een vermindering van het woning-peil geleverd door Ir. C. Wolterbeek in Maatschappijbelan-gen. Wij kunnen, om het in een woord te zeggen, de huidigeroyale woningen niet betalen. De schrijver, wiens artikel trou-wens nog niet ten einde is, zal zeker uitvoerige bestrijding vin-/U den. Ik volsta dus met op te merken dat zijn betoog quasi-eco-nomisch is. Het argument dat wij behoorlijke woningen nietkunnen betalen, betekcnt in wezen dat wij -- d.w.z. deze schrij-ver -- er niet genoeg voor over hebben, dat wij andere uit-gaven hoger aanslaan, dat wij aan een goede woning voorde arbeiders niet veel waarde hechten, althans niet genoegom er grote offers voor te aanvaarden, of het betekent datwij om tot iets meer woningbouw op korte termijn te komen,voor lange tijd ongerieflijke en onbehagelijke woningen willenaanvaarden. Het is het kopen van een kortstondige verlichtingmet lange naweeen.Een ander symptoom van bezuiniging op de woning is hetRotterdamse experiment in de polder Charlois, de bouw van500 woningen van bungalowtype, voldoende aan alle eisen,maar minimaal, met weinig slaapkamers, zonder fundering,met zuinig grondgcbruik en eenvoudige straataanleg. De be-sparing is belangrijk, immers de kosten zijn resp. f 7700 enf 8900. Het is een eerste proef, waarvan we overigens nogweinig weten.Verdient ze navolging? Het zal er grotendeels van afhangenof men erin zal slagen het karakter van noodwoningen tevermijden, dat volstrekt niet alleen bepaald wordt door grootteen inrichting van de woningen, maar ook in sterke mate doorde aanblik, de sfeer van de wijk -- barakken of tuindorp --door variatie of eentonigheid, ruimte of benepenheid. Wijmoeten dit afwachten.Over de verdere vooruitzichten van de woningbouw, vooralde financiele, bestaat nog veel onzekerheid.De woningwetbouw verkeert in het onzekere over voorschot-ten en bijdragen beide. Wat de eerste betreft moet worden af-gewacht of particuliere geldgevers het Rijksvoorschot zullenkunnen vervangen. Voorlopig is er alleen enige zekerheid overde afwikkeling van de toegezegde voorschotten, die nu doorde Rijksfondsen worden overgenomen. En wat de bijdragenbetreft is de gepubliceerde wijziging van het Woningbesluitnog steeds niet best leesbaar, omdat de uitvoeringsvoorschrif-ten uitblijVen.Voor de particuliere bouw staan wij voor een herziening vande Financieringsregeling 1947, waarvan de Minister goedehoop koestert, omdat ze zal worden uitgevoerd naar de voor-stellen van de Commissie-Polak, waarin particulier bouwbedrijfen hypotheekbanken vertegenwoordigd waren.Overigens trekken thans, wat de daadwerkelijke uitvoering vande bouw aangaat, het meest de aandacht de proef met eennieuw loonstelsel, met loslating van het bekende plafond van25 % en het op gang komen van de geprefabriceerde woning-bouw, waarbij de bekende bepaling dat een geprefabriceerdewoning slechts voor 3/^ wordt geteld bij de toewijzing, sti-mulerend moet werken. Proefneming en afwachten van nieuwemaatregelen beheersen dus nog het beeld.Hoe staat het met wetgeving en organisatie? Kort geledenwaren wij verder dan nu, omdat twee wetsontwerpen -- totwijziging van de Woningwet en tot regeling van de Vi/eder-opbouw -- aanhangig waren, die noodregeling en incidentelebeslissing zouden kunnen vervangen. Ze zijn beide bezwekenonder de critiek en'zullen nu na omwerking tot een ontwerpworden verenigd. De uitlatingen van de Minister op dit puntin de Eerste Kamer, trouwens ook zijn antecedenten alsdecentralist, man van de gemeentelijke administratie en bur-gemeester, zijn een waarborg dat de kloof tussen departementen buitenwereld die te voren een redelijke gedachtenwisselingover deze en soortgelijke onderwerpen moeilijk maakte, zalworden gedicht en dat het komende wetsvoorstel een betereontvangst te beurt zal vallen. Voor de decentralisatie-politiek,die allicht ten dele op het nieuwe ontwerp zal berusten, tendele een zaak is van beleid, zijn de vooruitzichten eveneensgunstig. Gemeenten en provincies zullen misschien hier endaar aan de nieuwe taak moeten wennen, tot sneller en meervooruitziend handelen moeten komen ?-- uitbreidingsplan,grondaankoop -- en ook de consequentie van een intercom-munale regeling, waar de enkele gemeente te klein en te zwakis, niet uit de weg moeten gaan. De figuur van de intercom-munale samenwerking ligt in beginsel gereed, in de Gemeente-wet en in de Woningwet. Oude vormen van decentralisatiemet een nieuwe inhoud!Samenvatting van de ,,Studiedagen over plannenvoor Volkshuisvesting" gehouden op 9 en 10 Janu-ari 1948 in de Afdeling Bouwkunde der TechnischeHogeschool te Delftdoor Prof. Ir. J. F. BerghoefVoor welke onaangename consequenties de woningnood onsstelt, bleek mij vanmorgen, toen ik in dit gebouw zocht naareen rustige plaats om de samenvatting voor te bereiden: zondersamenwonen kunnen we zelfs hier niet meer terecht en denodige concentratie valt onder zulke omstandigheden maarmoeilijk op te brengen.Er heerst nood onder ons volk, in vrijwel alle maatschap-pelijke lagen, door het woningtekort. In zijn magistrale redeheeft Prof, van Beusekom de gevaren, die ons volksbestaanen onze volkskracht op geestelijk en zedelijk gebied door dewoningnood bedreigen, duidelijk naar voren gebracht. Te-korten aan voedsel en kleren, we ervoeren het op het eindevan de oorlog, moeten acuut verholpen worden; tekort aanwoonruimte lijkt minder gevaarhjk, maar de morele verwil-dering, die er het gevolg van is, vreet diep in en doet ge-slachten lang zijn invloed gelden. -- Met man en machtzullen we daarom moeten weriken aan meer woningen, aangoede woningen.We weten alien dat we te weinig bouwmaterialen hebbenen dat de deviezen ontbreken om ze te kopen; we zullen dusmoeten woekeren met wat we hier in het land kunnen vindenen maken. Maar dat is niet genoeg: aan de koffiemaaltijdvertelde Dr. van der Meer mij, dat de woningbouw voor-namelijk stagneert door het tekort aan bouwvakarbeiders,speciaal aan metselaars.We zoeken de oplossing thans in rationalisatie van hetbouwbedrijf en in prefabricatie van onderdelen, zowel vanonderdelen als van complete huizen: wij moeten de tech-nische moqelijkheden gebruiken om in het woningtekort tevoorzien. De heer Verloren van Themaat wees in dit verbandop een bijkomstighcid. die zeer zeker belangrijk is: ondankshet tekort op schier elk gebied, dreigt alweer het spook vande werkloosheid; het zou onverantwoordelijk wezen dewerklozen niet in te schakelen in de productie van wonin-gen. Dat kan op grote schaal evenwel alleen, als het bouwengereduceerd wordt tot een soort mecano-spel, waaraan elkeongeschoolde met een beetje benul en handen aan het lijfkan deelnemen; en dit kan alleen met geprefabriceerde huizen.(Inmiddels is op een enkele plaats al gebleken, dat onge-schoolden aan het oprichten van een geprefabriceerd huismet ambitie en plezier werkten: zij brachten hier, wellichtvoor het eerst van hun leven, iets tot stand).Toch zal de overheid ambachtelijke scholing moeten stimu-leren, om belangrijker redenen dan deze, dat wij in Neder-land over zoveel materialen beschikken -- denk aan de bak-steen .-- die ambachtelijk verwerkt moeten worden en dater nu eenmaal niet gebouwd kan worden, zelfs niet geprae-fabriceert kan worden, zonder vakkennis, d.w.z. volledigebeheersing der ambachtelijke en traditionele bouwmethoden.Op deze leergang heeft Ir. Lammers willen wijzen op hetverlies van menselijke waarden en mogelijkheden, gelegen inhet uitsterven der ambachten; ik heb bij een vorige gelegen-heid (Inaugurale rede) getracht de gevaren te omschrijvenvoor de bouwende mens en voor zijn product, de bouwkunst,gelegen in een denigratie van de ambachten. Het is verkeerdte zeggen, dat het ambacht vanzelf uitsterft -- Merkelbach'sopmerking, dat een betonarbeider, als hij zijn acht uur in defabriek erop heeft zitten, nog tijd en gelegenheid heeft zijneigen leven te leven, moge symptomatisch wezen, zij is be-paald ernaast --; juist inzicht kan een richtlijn geven goedeleiding kan de ambachten tot nieuw leven wekken.Voor volledig mens-zijn is arbeidsvreugde en een gevoel vaneigenwaarde onmisbaar; in de beoefening der ambachten zijnzij te vinden.Dat een regering, die, ondanks de deplorabele toestand van's lands financien, kans ziet de ene sociale maatregel na deandere te verwezenlijken, geen middelen weet te beramen omde geschoolde arbeider belangrijk meer te doen verdienendan de ongeschoolde, wil er bij mij niet in: in de erkenningvan de meerwaardigheid van hen, die hun vak verstaan,boven hen, die te hooi en te gras een handje helpen, schuilteen der middelen tot genezing van onze zieke maatschappij.Dit alles neemt niet weg, dat rationalisatie in het bouwbedrijfnodig is. Zulks zal ongetwijfeld uniformiteit van het productmeebrengen, waarvoor ten slotte ideeel nog wat te zeggenvalt ook.Samenwonen, met velen dicht opeen wonen -- en in ons zichsteeds dichter bevolkende landje met zijn 9 millioen en straks11 a 12 millioen inwoners, valt zulks niet te vermijden --vereist zelfbeheersing en zelfbeperking. Zeker. geldt datvoor het exterieur van onze woningen en zelfs voor de inde-ling. En dat lijkt mij aanvaardbaar, mits binnen de woning --en de eigen hof -- voldoende mogelijkheid gelaten wordt totontplooiing, voor het gezin en voor het individu (daarmedevervalt de minimum woning!) en mits daarbuiten, in de straaten in de wijk de sam^enhang met de grotere gemeenschapduidelijk blijke. '-- De variatie in de wijk zal voornamelijkmet stedebouwkundige middelen bewerkstelligd moeten wor-den: de groepering zal een grote rol spelen, evenalsstraatprofielen en beplanting en ook karakteristieke erfaf-scheidingen. Wanneer dan, mede door kleine toevoegingen,de menselijke noot niet vergeten wordt, moet het mogelijkwezen grote complexen uit slechts enkele woningtypen envan genormahseerde onderdelen te bouwen, die karakteristieken in alle opzichten goed bewoonbaar zullen wezen.Romke de Vries heeft terecht erop gewezen dat, wat wijstreekeigen noemen, grotendeels oak op normalisatie berust.Het wordt hoog tijd, dat wij aandacht gaan geven aan eenbehoorlijke geleding van de steeds voortwoekerende bebou-wing met eengezinswoningen. Men grijpt nu ter afwisselingnaar de hoogbouw, zoals in het plan van van Tijen enMaaskant voor Rotterdam Zuid. Naar mijn mening is dit con-trast te sterk. Veeleer zou ik de brij van eengezinswoningenverteerbaar willen maken door wijkindeling, met afscheidin-gen door groengordels, en met accentuering van de openbaregebouwen en met lichte varieties in de hoogte (1/^, 2 en2Y2 verdieping). In het algemeen is ook op deze leerganggebleken, dat men het eengezinshuis de beste huisvestingacht voor het volledige gezin. Speciale woonvormen, alswoongebouwen hoog en minder hoog, worden hier vrijwelalgemeen aanvaard voor de huisvesting van alleenwonendenen kinderloze gezinnen, al naar men het ziet ,,typische cul-tuurmensen" of ,,ontwortelde intellectuelen" geheten.Voor de grote steden zal de etagebouw om psychologischeredenen aangewezen blijven: hoogte is onafscheidelijk ver-bonden aan de begrippen grote stad en cultuurcentrum. Ompractische redenen (liftgrens e.d.) zal bij ons de 4-verdie-pingenbouw wel blijven domineren, al zal die hier en daarwel doorspekt worden met torenhuizen voor de bizonderewoonvormen. (Mij lijkt de 4-verdiepingenbouw daarom zoredelijk, omdat bij deze hoogte nog straten van behoorlijkeschaal gemaakt kunnen worden; hogere woningblokken eisen,ter wille van licht en lucht. gigantische en onmenselijkeafmetingen of strokenbouw, maar bij de laatste wordt dat-gene, wat aan de gemeenschap behoort, de straat en hetplein, opgelost. Daarmede zou de stad gedegradeerd wordentot een optelsom van woningen en gebouwen, inplaats vaneen organisme te zijn, waarbinnen het maatschappelijke levenculmineert).De grote stad eist van zijn bewoners een offer, daartoe be- 71Artlkelcn hoort het geringe contact met de grond, Bij de huidige con-centratie van de bevolking lijkt het onvermijdelijk dat, terwille van een hoge culturele potentie, de stad zijn kinderendeels verteert. De vraag is, of geestelijk en cultureel despanningen niet te hoog'en de offers niet te groot worden.Zo ja, dan zal men, nu onze bevolking zo snel toeneemt, tijdigmoeten decentraliseren. Uit een oogpunt van geestelijkevolksgezondheid en evenwicht lijken mij kleine steden endorpen een noodzakelijk complement van onze vrij talrijkegrote steden.Het doel van deze leergang met de tentoonstelling was eeninzicht te verkrijgen, inzake de stand van de woningbouw inons land, en dat wel in de ruimste zin. -- Eerlijk gezegd ishet resultaat ons alien tegengevallen. Praten de architectenbeter dan ze ontwerpen? Het zou te betreuren wezen, maarhet lijkt erop.De woning dient tot beschutting, tot ontplooiing en totexpressie van het menselijk leven. -- Gaan we na, of over hetalgemeen aan deze drie normen voldaan wordt, dan blijktzulks niet het geval te wezen. Er vallen twee groepen teonderscheiden, die aan de beschutting beide aandacht geven.De ene groep concentreert alle aandacht op de expressie, maarverwaarloost de woontechnische zijde en doet daarmedetekort aan de mogelijkheid tot ontplooiing en bezorgt de be-woners ongemak. De andere groep zoekt het heil in eengrote zorgvuldigheid t.a.v. de woningindeling en -inrichting,doch verwaarloost de expressie.leder mens streeft in zijn wereld, de wereld van zijn gezin --dat zijn huis en hof --, naar een zekere volmaaktheid envolledigheid; ieder mens streeft naar een eigen kosmos, dieafsp'egeling is van de Kosmos. Al schuilt in het teveel hetgevaar van de ,,burgerlijkheid", toch dienen wij architectenaan dit natuurlijke verlangen binnen zekere perken te voldoen.^ Zo qezien is een huis zonder dak geen huis: het expressiefessentiele element van beschutting ontbreekt.Bij het debat werd naar voren gebracht, dat het eliminerenvan traditionele expressieve elementen en de uiterste spaar-zaamheid met vormen deel uitmaken van het streven naareen nieuwe architectuur. Maar waarom moet dit leiden toteen intellectualistisch geequilibreer met vlakken, tot een inwezen mathematisch geaestetiseer (dat van kort na de vorigeoorlog is) en waar bewoner noch beschouwer plezier aanbeleven? Het kenmerk van alle waarachtige kunst is, dat zijverstaanbaar is.Waarom deze kilte en grimmigheid buiten en deze opgelegdekeurigheid binnen? Laat de bewoner enig gevoel van eigen-waarde en laat zijn huis getuigen van 's mensen waardigheid.-- Men mag de mensen zomin tot abstracties dwingen als datmen ze ongemakken oplegt; geen van beide fouten mag doorarchitecten begaan worden.Prof, van Beusekom heeft erop gewezen, dat bij de woning-bouw liefde en barmhartigheid veronachtzaamd zijn. Reedseerder sprak ik het vertrouwen uit, dat de archite-cten elkaarzouden vinden in de zorg om de naaste. -- Laten wij terwille van hen, voor wie wij bouwen moeten, de begane fou-ten erkennen en, elkanders tekorten aanvullend, trachtengoede woningen, veilige tehuizen tot stand te brengen.(Het bovenstaande werd op verzoek geschreven, aan de handvan notities voor de samenvatting opgesteld; ik trachttedaarbij mede uit mijn herinnering zo zuiver mogelijik het ge-sprokene weer te geven. Enkele huidige toevoegingenplaatste ik tussen haken.Ik ben mij bewust minder een korte inhoud van het op deleergang behandelde gegeven te hebben, dan wel mijn per-soonlijke conclusies, uit het gesprokene, de tentoonstelling ende debatten getrokken. Misschien is deze wijze van doen vooreen samenvatter minder geoorloofd; ik acht haar daarom nietminder vruchtbaar.)72 Maart 1948Nabeschouwing over de ,,Studiedagen over plan-nen voor Volkshuisvesting", op Vrijdag 9 enZaterdag 10 Januari 1948 te Delft gehoudendoor B. MerkelbachVan de gelegenheid, dat ik een nabeschouwing over destudiedagen te Delft houd, wil ik gebruik maken oqj in deeerste plaats mede te delen, wat ik had willen zeggen nade samenvatting door Prof. Berghoef.Ik had ongeveer als volgt willen spreken:,,Mijnheer de voorzitter, mag ik aan het einde van de studie-dagen enkele woorden zeggen. Misschien de eerste hier ge-sproken, waarmede alle aanwezigen zonder uitzondering heteens zullen zijn. Ik zou de dank van de deelnemers aan dezestudiedagen aan de commissie van voorbereiding willenoverbrengen voor het feit, dat wij aan deze studiedagenhebben mogen deelnemen in de eerste plaats en verder Uwcommissie danken voor het voorbereidende werk, dat hiervoorverricht is. Vooral stel ik het op hoge prijs dat U op studie-dagen als deze, in tegenwoordigheid van de studenten eengesprek houdt over de plannen voor Volkshuisvesting zoalsdie op dit moment in Nederland gemaakt worden.Er is deze dagen wel betoogd: Nederland is arm geworden,maar ik zou hiertegenover willen stellen: Is een land arm,waar zoveel jonge mensen zich verdiepen in de problemenvan het maatschappelijk gebeuren van deze tijd, zoals hetvorige jaar gebeurde bij de studiedagen over Stedebouw enthans op deze dagen ten aanzien van de Volkshuisvesting?Ik vraag U, mijnheer de voorzitter, is een land arm waar devertegenwoordigers van de Ministeries een zo levendige be-langstelling in de volkshuisvesting tonen, als uit hun aan-wezigheid gedurende deze studiedagen bleek? En getuigt hetniet van grote geestelijke rij'kdom als de professoren integenwoordigheid van de studenten een gesprek aangaanmet vakgenoten, niet tot het Hoogleraarscorps behorende ^endaarmede hun autoriteit en prestige als professor in de waag-schaal stellend? Daar ik zelf bij het debatteren niet steedsde juiste toon heb gevonden, wil ik achteraf mijn erkentelijk-heid voor deze geboden gelegenheid nadrukkelijk uitspreken,mij voornemend hiervan in de toekomst een gepaster gebruikte maken.Maar zijn dit niet allemaal symptomen van een grote geeste-lijke rijkdom, die ons, met de inderdaad aanwezige, materielearmoede voor ogen kunnen doen zeggen: wanhoopt niet,indien wij nog over een dergelijk geestelijk goed beschikkenzullen wij onze materiele nood te boven komen.Met deze woorden zijn ongetwijfeld alle aanwezigen het eens,mijnheer de voorzitter, hun aanwezigheid hier is toch hetbewijs, dat zij niet wanhopen, want iemand die wanhooptoverweegt niet meer, althans niet twee voile dagen, zoalswij hier deden.Helaas zijn wij aan het behandelen van het eigenlijke pro-bleem zoals dat door Prof, van Beusekom in zijn algemeneInleiding gesteld is, niet voldoende toegekomen, en hebbenwij uit de hier tentoongestelde plannen niet steeds die leringgetrokken, die wij moeten trekken.Wij hebben, en ik denk hierbij zeker niet in de laatste plaatsaan mij zelf, ons laten verleiden tot arc/iifecfuur-beschouwin-gen in verband met de volkshuisvesting, in plaats van devolkshuisvesting zelve te beschouwen. Uw samenvatting heeftons dit duidelijk voor ogen gesteld en daarvoor wil ik aanU persoonlijk de dank van de deelnemers overbrengen."Over deze onze bereidheid en onze tekortkomingen had ikwillen spreken, ware het niet dat de samenvatting die aanhet eind van de leergang werd gehouden mij eerder trofdoor een gebrek aan objectiviteit, en ik heb op het puntje vanmijn tong moeten bijten om een protest daartegen niet tespreken. En aangezien men niet gelijktijdig op het puntje vanZUURBESTENDIGE TEGELSFabrikaat: The Ruabon Brick Terra-Cotta Co. Ltd.RUABON (ENG.)Afmetingen: 15x15 cm, dikte: 2 cm, kleur: roodDe ideale tegel voor bedrijfsvloerenLeverbaar uit voorraad fabriekALLEEN-IMPORTEURSvoor Nederland, Belgie en de Overzeese gebiedsdelenP. PROOST & ZOONBOUWMATERIALENRusland 24-26 AMSTERDAM . Tel. K 2900-48094RODENRIJSCHEWEG 117BERKELTELEFOON K 1891204 - 228R 6 f T E R D A M S C H E A S P H A L T - IN p U S TITTE /psT!???\\'Hct Architectenbureau Verhagen, Kuiper, Gouwetor& de Ranitz, Schiekade 119a, Rotterdam, Tel 45780,vraagt voor zijn Stedebouwkundige Afdelingaankomende en/of ervarenTEKENAARSVereisten: Dipl. Bouwkunde M.T.S. of studerend voordipl. Bouwkunde of Waterbouwkunde M.T.S. of stede-bouwkundige praktijk.Uitvoerige schriftel. sollicitaties m. opgave van verl.salaris aan het Architectenbureau.Een solidceiken-,beuken-ofiepenhouten parket-laag, door middel vankunsthars watervast en on-verbrekelijk geperst op een trek-en krimpvrij geconstrueerd vloerdeel, dustwee vliegen in een klapiLAMEL-vloeren, zowel technisch en economischals hygienisch en artistiek, tot in de perfectieen . . . zondet toewijzing leverbaar.VERKOOPKANTOOR: DRIEROEK [LAMEL VLOERENOOSTERHAVEN Z.Z. 13 ? TELEFOON 24515 ? GROISINGENBij de Provinciale Waterstaat van Noordholland be-staat gelegenheid tot plaatsing van eensociaal-geograaf of sociaal-econoomop het Bureau van de Provinciale Planologische Dienst.Salarisgrenzen voor afgestudeerden in de rang van com-mies f 3400 '-- / 4450, alle kortingen en bijslagen, be-houdens kinderbijslag, inbegrepen. Aanstelling bovenhet minimum is mogelijk.Volledige sollicitaties zijn te richten tot de Hoofdinge-nieur-Directeur van de Provinciale Waterstaat, NieuweGracht 47, Haarlem.HOUTWERF HAARLEMTELEFOON 11932 (2 LIJNEN)HOUTHANDELZAGERIJ EN 5CHAVERIJTRIPLEX - BOARDS^ternitGOLF-PLATENged. handelsmerkBUIZENVLAKKE PLATENKOMEN WEER IN BEPERKTE HOEVEELHEIDN.V. ETERNIT . AMSTERDAMNIEUWE DOELENSTRAAT 20-22 TEL. 49644-49744-49844H8Onze huizen moeien jaren mee,Gebruik dus verven van Premier.C.V. LAK- EN VERFFABRIEKPREMIERLOOSDUINEN (DEN HAAG)N.V. Timmerfabriek en HouthandeljM^^eid^L[me4\Amsterdam-NAsterweg 39-43Telefoon 60835SPECIAAL in406fScUdaXSMBCDe vervenmet maximalecluurzaamheid!CDSCHAAP & BORGMANvJrrAMS7ERDAM-W.GEBRS. MION - BREDATel. 8168-6087Jan van Polanenkade 28-30*SpecialUeii in:Naadloze VIoeren, Asbest,HoutgranietTerrazzowerken - KunststeenfabriekZUID-HOLLANDSCHWerkplaatsen: Bleiswijkstraat 5, Noordsingel 139ROTTERDAM, Telefoon 42901-43234>Aannemers van Scbilderwerkendoor geheel Nederlandzijn tong kan bijten en dankwoorden spreken, bleven dus ookdie woorden onuitgesproken.Nadat zij nu echter toch zijn geuit heb ik er behoefte aanna te gaan, op welke punten wij in de besprekingen van dezedagen te kort zijn geschoten.Het programma volgend, stel ik het volgende vast.De curator der Technische Hogeschool Ir. R. Verloren vanThemaat heeft in zijn openingswoord onze aandacht gevraagdvoor het probleem van de werkloosheid en ens verzocht bijonze beschouwingen van de productie-methoden, indienmogelijk, een opiossing voor dit probleem te vinden.Wij hebben aan dit verzoek niet voldaan, doordat wij bij debeschouwing van de productie-methoden ons verloren hebbenin bespiegelingen van de al of niet menswaardigheid van eenbepaalde werkwijze.Wij zijn het daar niet over eens geworden en hebben daar-door in het geheel geen aandacht meer besteed aan het beslistonmenswaardige van gedwongen werkloosheid.Prof, van Beusekom heeft in zijn inleiding drie uiterst be-langrijke uitgangspunten voor de discussies gegeven:1. de absolute noodzakelijkheid van een woningproductie,waardoor ieder gezin op de kortst mogelijke termijn overeen eigen woning beschikt;2. heeft hij met nadruk gewaarschuwd voor de fout na devorige oorlog gemaakt, toen de regering een gave guldenboven een gave woning stelde;3. gaf Prof, van Beusekom als zijn mening te kennen, dat hetsociaal verantwoord is de openbare geldmiddelen te ge-bruiken voor woningbouw, ook al komt deze woningbouwslechts een bepaalde groep van de bevolking, in dit gevalde arbeiders, ten goede.Prof, van Beusekom trok, terecht, daar hij een inleiding hielduit deze stellingen geen conclusies, het is aan ons geweestde consequenties van deze uitgangspunten nader te omschrij-ven en te bespreken,Wij hebben dit niet gedaan, hetgeen mede zijn oorzaak vondin het feit, dat de volgende sprekers in hun betogen dezeconsequenties niet meer ter sprake brachten en de discussiesin hoofdzaak over het door hen te berde gebrachte handelden.Architect Romke de Vries sprak over ,,Efficiente woning-plattegronden", zoals bleek naar aanleiding van een door hemopgestelde studie. Zonder deze studie te kennen was zijnbetoog moeilijk te volgen, het resultaat van zijn studie scheente zijn een woning-plattegrond van een eengezinshuis, waarbijde ramen zowel aan de voor- en achterzijde als aan de beidezijkanten geplaatst kunnen worden, zodat deze zelfde platte-grond bij verschillende orienteringen gebruikt kan worden.Daar deze opiossing een soort ezelsbruggetje is cm bij eenslechte verkaveling toch nog een dragelijke orientering dervertrekken te verkrijgen, heeft deze geen algemeen geldendewaarde. daar wij toch in theorie niet mogen uitgaan vaneen slechte verkaveling.Prof, van den Broek gaf een beschouwing over de ,,Ontwik-keling van de woningbouw in Rotterdam", daarbij de plannengerealiseerd door woningbouwverenigingen en door bouw-ondernemers met elkaar vergelijkend.Hij constateerde, dat de laatsten het alkooftype reeds nietmeer bouwden toen dit nog wel ingevolge de bouwverorde-ning was toegestaan. In het algemeen was de ontwikkelingnaar een breder en ondieper woningtype ook bij de bouw-ondernemers merkbaar.Desgevraagd deelde Prof, van den Broek bij de discussiesmede, dat hij van mening was, dat de bouwondernemersvoor de oorlog in Rotterdam ook niet het probleem derselfsupporting, volledige en menswaardige volkswoning, kon-den oplossen. hoewel zij wel een belangrijke bijdrage tot dieopiossing hadden geleverd. Bij de naoorlogse verhoudingenwaren zij daartoe in verband met het prijsniveau in het ge-heel niet in staat, evenmin als de woningbouwverenigingen.Ir. W. de Bruyn gaf ons een helder en afgerond overzicht Anikdenvan de ,,Normen voor behuizing van bejaarden", aan dehand van een rapport van een commissie, die zich met ditprobleem had bezig gehouden.Bij de discussie bleek, dat men zich ook nog andere normenkan denken dan de door Ir. de Bruyn gestelde, doch prin-cipieel verschil kwam hierover niet tot uitdrukking.Deze idrie inleidingen, die onderling geen enkel verband had-den, brachten ons niet verder op de weg naar het zoeken vanconsequenties van het door Prof, van Beusekom gestelde.De leiders der discussie dreven ons ook niet in die richtingen een opmerking hierover door een der deelnemers gemaakt,vond geen weerklank bij de discussieleiders.Op de avond van deze eerste dag vond de ,,Bespreking rondde plannen" plaats.Deze besprekingen werden niet uitsluitend zoals de vorigemaal bij de stedebouwkundige studiedagen gevoerd met deontwerpers zelve, en dit is wel noodlottig voor de vruchtbaar-heid daarvan geworden.Prof. Berghoef maakte zijn architectonisch-stedebouwkundigebezwaren kenbaar tegen het plan van van Tyen en Maaskantvoor een woningwijk voor Rotterdam-Zuid.Rond de maquette van dit plan ontspon zich een debat overde meest wenselijke woonvorm voor gezinnen in verschillendestadia.Eenstemmig was men va'n oordeel, dat het eengezinshuis demeest verkieslijke woonvorm voor het kinderrij'ke gezin is.Verder bleek, dat ondanks persoonlijke voorkeur geen enkelewoonvorm, hetzij eengezinshuis, etage-bouw of hoge-bouw,principieel te verwerpen werden geacht. De bezwaren, dieProf. Berghoef destijds wel tegen hoge bouw kenbaar hadgemaakt, werden thans door hem in zoverre teruggenomen,dat naast de voor normale gezinnen bestemde woonvormen,de hoge bouw voor intellectuele kinderloze of onvolledige ,gezinnen, jonge gezinnen en gezinnen, waar de kinderen deouderlijke woning weder verlaten hebben, als een bruikbarewoonvorm beschouwd kan worden.Ir. van Embden waarschuwde tegen het misbruik van hogebouw als stedebouwkundig-architectonisch monument, zonderdat hiertoe een uit een oogpunt van volkshuisvesting nood-zakelijike aanleiding bestaat.Bij een plan voor woningen te Roozendaal werd de princi-piele vraag gesteld of bij dit ontwerp in de architectuur nieteen waardigheid werd gesuggereerd, die in wezen in deonderhavige woning niet aanwezig is. Een groot gezin met 8tot 12 kinderen wordt gehuisvest in een woning met een woon-keuken, de kinderen hebben niet alien een eigen bed, twee-persoonsbedden worden ook voor de kinderen geprojecteerd,op de tweede verdieping begint de kap 0,90 m boven devloer, onder deze kap zijn de bedden geplaatst, welke daar-door niet practisch op te maken zijn. De toegang naar dew.c. van de slaapkamers uit is door de woonkeuken. Ditzijn alle gebrekkige woonvormen, waarmede de statigearchitectonische vormgeving in strijd is.Hierop werd geantwoord dat er inderdaad woontechnischetekortkomingen waren, doch dat de grootste verdienste vandit plan in zijn stedebouwkundige waarde is gelegen.Bij de discussie bleek voorts dat de plannen, ontworpen voorde wederopbouw van Sluis, waarbij een individualistischverschil in de gevels gesuggereerd wordt, dat in feite in dewoningen niet aanwezig is, als een onjuiste wijze van doenwerden aangemerkt.Verder werd gesteld dat bij de plannen van de modernist dearchitectu.ur de menswaardigheid mist, ook al is aan de woon-technische eisen voldaan.Rond de plannen van Prof. v. d. Broek ontwikkelt zich hier-over een gedachtenw^isseling, waarbij blijkt, dat Prof. Berg-hoef in de mening verkeert dat de ontworpen architectuurvan de gevels de resultante is van het om woontechnischereden in de plattegrond noodzakelijk geachte. /OAitikeicn Prof. V. d. Broek verklaart, dat zulks geenszins het geval is,de architectuur is wel degelijk bewust gecomponeerd, alvoldoet die wellicht niet aan de begrippen omtrent vormleer,zoals deze thans nog vrij algemeen aanvaard worden.De vraag of het niet waarschijnlijker is dat bij de schaal (wataantal betreft), waarop de volkswoning thans gebouwd zalmoeten warden en bij de gewijzigde constructie-methode (hetplan van Prof. v. d. Broek is voor betonwoningen) eennieuwe, misschien nog niet algemeen geldende vormleer nodigzal blijken, waarbij het gebruik van de bestaande vormleerremmend werkt op de ontwikkeling van de nieuwe vormleer,komt binnen het kader van deze besprekingen niet aan eenantwoord toe, wellicht kan een volgende maal hierover van, gedachten worden gewisseld.Deze architectonische discussies naar aanleiding van devclkshuisvesting stelden wel de verschillende standpuntenduidelijk tegenover elkander, doch brachten ons niets verderbij de oplossing van het probleem der volkshuisvesting zelve.Een volgende maal zal ook bij deze discussies een leideronontbeerlijk zijn, willen wij althans verder komen met debehandeling van het te behandelen onderwerp.De volgende dag sprak Ir. H. Lammers over ,,Enige gedachten over woningbouw". Deze gedachten kwamen hierop neer,dat een woning, welke niet voortgebracht is door een hand-werksman met liefde voor zijn vak, geen menswaardigewoning kan zijn.Ir. Lammers zeide, dat deze gedachten wel geen praktischewaarde zouden hebben, doch dat dit geen reden was om zeniet ter kennis te brengen. Deze gedachten waren door hemncergeschreven naar aanleiding van een discussie, die overhandwerk en industrialisatie in de vakpers had plaats gehad,echter juist op het moment, dat de discussie over dit onder-werp was gesloten.In deze nabeschouwing vragen wij ons echter af, welke waardedeze gedachten van Ir. Lammers voor de oplossing van hetgestelde probleem hadden.De discussies, die zich hierover ontwikkelden, verliepenongelukkig. Een ieder was het er over eens, dat het handwerkin de ideale vorm grote waarde heeft. doch dat hiermede deoplossing van het probleem ieder zo snel mogelijk een eigenwoning te verschaffen, niet te verkrijgen is.Dit werd het treffendst door een student onder woorden ge-bracht: ,,Het is waar, wat de Heer Lammers gezegd heeft enveel wat mij hier in Delft geleerd is, is waar, doch nu ik inhet leven kom te staan, vraag ik mij af, wat kan ik met dezewaarheden aanvangen? Ik zie b.v. machinaal gefabriceerdeZweedse meubelen, die zelfs Ir. Lammers bruikbaar zouachten, wat heb ik nu aan de waarheden over het handwerk,die ik hier hoor?"De leider dezer discussies. Prof. v. d. Broek, heeft in verbandmet de tijdnood een principiele gedachtenwisseling over ditonderwerp moeten afbreken. Prof. Froger stelde nl. opprincipiele gronden de eis dat een ieder een eigen woning eneigen grond in bezit behoorde te hebben. Daar de volgendeinleider. Prof. Holt reeds een half uur van de tijd hem voorzijn inleiding gegeven aan deze discussie had afgestaan, konniet nader over dit principiele uitgangspunt van gedachtenworden gewisseld, al zou deze eis in de oren van vele aan-wezigen toch nog overstemd zijn door de uitroep van hon-derdduizenden: ,,Geef ons een dak boven ons hoofd, hethindert niet op welke wijze."Architect Bakema stelde tegenover de levensbeschouwingvan Prof. Froger en naar aanleiding van de opmerkingen doorIr. Lammers gemaakt over de mensonterende invloed van hetkapitalisme, een andere levensbeschouwing. Ook hieroverwerd niet verder van gedachten gewisseld. Mevrouw Stem-pels vroeg met nadruk in ieder geval die methode te kiezen,/4 die ons zo snel mogelijk aan wonmgen helpt.Prof. G. H. Holt gaf ons aan de hand van het ,,Plan voorMeerweiden te Velsen-Noord" een stuk realiteit van deoplossing van het probleem.Dit plan dat in samenwerking met Ir. B. Byvoet is ontworpen,is, daar van de bestaande funderingen gebruik gemaakt moestworden, zeer ruim opgesteld. De vraag hoeveel vierkantemeter grond wij per woning zouden mogen gebruiken, wordtdus met dit plan niet beantwoord.Hiermede is een overzicht gegeven van het besprokene, zekerniet volledig, daar degene die de samenvatting maakt, nietverwachtte zulks te moeten doen en dus niet de daarvoornoodzakelijke aantekeningen gemaakt heeft.Wat leert ons dit alles?In de eerste plaats de erkenning, dat we ons alien, zonderuitzondering, op zijwegen hebben begeven, die als zij nietdoodliepen, ons toch wel van ons doel hebben afgeleid.Uiteraard was het in de eerste plaats aan de organisatorenvan deze studiedagen ons in het rechte spoor te houden, wanthoewel de inleiding van Prof, van Beusekom een schonebelofte was, waren de andere referaten hier niet op afge-stemd, en de discussie-leiders hebben niet het verband ge-legd met het uitgangspunt en het einddoel.De deelnemers aan de discussies waren ook veelal te veelvan de architectonische problemen vervuld om vrijwillig dezemoeizame weg te gaan.Wij alien zijn blijkbaar nog niet zo doordrongen van deschrijnende nood, waarin ons volk ten opzichte van devolkshuisvesting verkeert en van de catastrofale invloed diehiervan ons nationale culturele leven ondergaat, nu en vooralin de toekomst, dat wij onze eigen architectonische zorgenvergeten om de behuizingszorgen van anderen tot de onzete maken. Waarschijnlijk wonen we zelf alien te goed enkan ons eigen familie-leven zich nog harmonieus ontwikkelen,waardoor wij onwillig zijn te luisteren naar de smeekbede, diehonderdduizenden in den lande tot ons richten: woningen,woningen, woningen!Een gedwongen verhuizing zou ons alien misschien goeddoen!In dit opzicht zijn deze studiedagen leerzaam.In de tweede plaats heeft de tentoonstelling ons geleerd, datwij de vraag moeten stellen of wij wel gerechtigd zijn te be-weren, dat wij Nederlandse architecten in staat zijn het pro-bleem van de massa-woningbouw op architectonisch en cultu-reel versntwoorde wijze op te lossen. Het zijn alle pogingen, deeen benadert het vraagstuk van de ene zijde, de andere vangene, doch geen van alien kunnen wij beweren de oplossinggevonden te hebben. Bovenal is duidelijk dat geen enkelearchitectuuropvatting heeft bewezen de alleenzaligmakendeoplossing te kunnen geven. We zullen in ons pogen elkandervoortdurend moeten steunen, er van uitgaande dat we alienvan goeden wille zijn de oplossing te vinden en de een indit pogen niet superieur is aan de andere uit hoofde van zijnarchitectuuropvatting.Ten derde geeft de tentoonstelling aanleiding tot het nog eensin herinnering brengen van enkele vuistregels naast alle reedsbestaande aanwijzingen en wenken om een behoorlijke woon-cultuur te bereiken.Deze zou ik naar aanleiding van hetgeen wij hier za'gen voorde eengezinshuizen als volgt willen formuleren.Laten we toch steeds de aandacht geven aan het verbandtussen woning-plattegrond en situering, voorzichtig zijn metuitbouwen en aanbouwen, die de bezonning ongunstig be-invloeden.Aangebouwde schuren en bergingen kunnen een overigensgoede woning ernstig benadelen.Laten we spaarzaam zijn met de ruimten en zorgvuldig dedistributie in de woning overwegen.Laten we de relatie, die tussen het gebruik van de verschil-lende vertrekken bestaat, goed in het oog houden. En voorallaten we nog geen vuist maken als we nog geen hand hebben,want deze vuist kan ons zo licht van het rechfce pad slaan.Ten aanzien van de etage-woningen hebben wij zorgvuldigerdan tot nog toe te overwegen hoe de verschillende vertrekikenten opzichte van elkaar moeten liggen. Projecteren we geenkinderslaapkamers naast de woonkamer, geen keuken naastkinderslaapkamers, geen trappenhuis en geen W.C.'s naastslaapkamers. Vergeten we het woonbalcon niet, evenmin alseen berging op de begane grond voor fietsen en kinder-wagens.Voor beide woonvormen moet onze aandacht geschonkenworden aan de raamvormen, ramen moeten een behoorlijkeventilatie-mogelijkheid bieden, ook zonder dat een groteraamvleugel geopend behoeft te worden.In de vierde plaats moeten we ons alien realiseren, dat denood zo groot is, dat geen middel onbeproefd mag blijvenom zo snel mogelijk zo veel mogelijk gezinnen te herbergen.Laten we ook onze aandacht geven aan de bouw van splits-bare woningen en laten we niet schromen overbevolking ineen nieuwe woning de eerste jaren te accepteren, mits heteen afzonderlijke woning voor een afzonderlijk gezin betreft.Laten we deze middelen aangrijpen om te voorkomen, datde nood ons dwingt het woonpeil blijvend te drukken.En tenslotte in de vijfde plaats heben deze dagen ons tezeggen dat het probleem van de volkshuisvesting, waarvoorthans de afdeling der Bouwkunde van de Technische Hoge-school een levendige belangstelling toont, een vraagstuk is,met de oplossing waarvan het wel en wee van ons volk ge-moeid is, een probleem, fascinerend voor een ieder, dieer zichwerkelijk in verdiept, waarvan de student zich zeker nietafzijdig mag houden, want indien dit probleem niet wordtopgelost, zal er straks geen volk zijn dat begrip toont voorandere uitingen van cultuur en bouwkunst waartoe de studentzich thans misschien meer aangetrokken voelt.De volkshuisvesting is als een grillige vrouw, zij is moeilijkte veroveren, maar het minnen overwaard, nu en immer!4 Februari 1948Premieregeling voor woningverbeteringen -splitsingNaar aanleiding van de opmerkingen van de Heren Mr. A.Kleijn, S. J. Mook, Mr. Ir. M. M. van Praag en Mr. M. vanThiel, in het April-nummer van dit Tijdschrift moge nog hetvolgende te berde gebracht worden betreffende deze regelingen de daarmee samenhangende vraagstukken.Het resultaat van deze regeling zal inderdaad slechts beperktkunnen zijn. Toch geeft zij de mogelijkheid de sociale nadelenvan samenwoning sterk te beperken en het onbewoonbaarworden van woningen door gebrek aan onderhoud tegen tegaan, mits zij zeer soepel toegepast wordt.Het niet toekennen van premie voor splitsing indien deze betgevolg is van een vordering op grond van artikel 7 van deWoonru mtewet 1947, zal in vele gevallen de onderhande-lingen vruchtbaarder doen zijn en een vrijwillige splits'ng,alvorens tot vordering wordt overgegaan, in de hand werken.Hoewel ik het met de Heer van Praag eens ben, dat dezebepaling juridisch niet in overeenstemming is met het beginselvan rechtsgelijkheid voor alien, kan zij m.i. het practische voor-deel hebben, de administratieve moeilijkheden, aan de vorde-ring van woonruimte verbonden, te verminderen.Naast de bezwaren voor plattelandsgemeenten, door deEdelAchtbare Heer Mr. M. van Thiel naar voren gebracht,geldt m.i. voor alle gemeenten het bezwaar, dat deze regelingvoor de toc*h reeds overbelaste dienst van Bouwtoezicht nogweer veel tijdrovende werkzaamheden medebrengt, die vak-kundige behandeling vereisen.De allergrootste handicap voor een ruime toepassing van dezeregeling is echter m.i. het feit, dat de hiervoor benodigdebouwmaterialen geheel geput zullen moeten worden uit hettoch al reeds volkomen ontoereikende contingent voor kleinereonderhouds- en verbouwingswerken. Hierdoor zal m.i. watdoor deze regeling wordt gewonnen, andererzijds weder ver-loren gaan. Met klem moge er bij de Minister op worden aan-gedrongen, de voor woningsplitsing en -verbetering benodigdematerialen als extra-contingent ter beschikking van de ge-meenten te stellen.Ir, C. H. Grooten,Directeur van Gemeentewerken te KampenDe wijkgedachte in het dorpBij de gedachtenwisseling over de wijkgedachte is er meermalen op gewe-zen dat het woord te eng is, omdat in de kleine steden dezelfde gedachtevaak de samenvatting van het gehele stadje als eenheid zal eisen en op hetplatteland zelfs het bewerken van verband kan meebrengen tussen enigedorpen of gehuchten. Een duidelijk voorbeeld van dit laatste geeft devoorjaarsoverlevering van Town and Country Planning, in een artikelover het Engelse dorp Inkpen in Berkshire, een plaats die al een halve eeuwin bevolking en sociale kracht achteruitging.Er is nu een survey ingesteld, waarbij aan het licht kwam dat de gemeenteuiteenviel in drie gehuchten, duidelijk afgescheiden, met ongeveer gelijkebevolking en sociale voorzieningen. De kerk was in Lower Green, hetgemeentehuis in Upper Green, soramige nieuwe gemeente-woningen(Council houses) in the Common, het postkantoor op een plaats op onge-veer gelijke afstand tussen de drie gehuchten in. Men begreep dat geen vandeze ooit als zelfstandige eenheid met eigen voorzieningen kon wordentoegerust. De aangewezen oplossing scheen de vestiging van een nieuwcentrum, op ongeveer gelijke afstand van de bestaande gehuchten.De eerste afbeelding geeft een schematische voorstelling van de drie gel-bieden en van de onderling kruisende wegen, die de inwoners van dezegehuchten moeten afleggen om verschillende bestemmingen te bereiken.De tweede afbeelding geeft de nieuw voorgestelde oplossing weer en inhet bizonder de bekorting in de af te leggen afstanden, die deze meebrengt.De nieuwe oplossing was op papier omstreeks het einde van de oorlog be-reikt. Men kwam toen op de gedachte bij wijze van oorlogsgedenkteken eensportterrein aan te leggen ter plaatse van het nieuwe centrum. Deze gedach-te is tot uitvoering gebracht. Er werd een terrain aangekocht, groot genoegvoor cricketveld, twee voetbalvelden en dorpscentrum. Er is een plan voorde nieuwe kern ontworpen (afb. 3), waaraan zowel particuliere als ge-meentelijke woningbouw onderworpen is. Getracht is de atmosfeer van deoude ,,village green" te bereiken. De sportterreinen en het nieuwe centrumliggen westelijk van een bestaande, weinig gebruikte weg. De nieuwe wo-Artlkclcn? LOWER GREEN? UPPER GREEN? THE COMMON(D-^ SCHOOL?-v LEISURE(i>-^ WORKOriginal loosezoning propose'Afb. 1. De oude toestand in het dorp Inkpen (Berkshire), met aanduidingvan de drie gehuchten (A, B en C) en de af te leggen wegen naarschool (1), ontspanning (2) en werk (3). 75ArtikelenBinnenland????LOWER GREENUPPER GREENTHE COMMONMIDDLE GREEN&^ SCHOOL?-^ LEISURE?^ WORK1 5/7e' fornew village centreNew zoning proposalsAfb. 2. Het nieuwe plan voor hetzeifde dorp Het zwart gekleurde terrcinis de pliaats voor het nieuwe dorpscentrum. Bij vergelijking van de grijsgetinte terreinen (ontworpen uitbreiding) met die op afb. 1 ziet mendat naar een sterker concentratie gestreefd is.Afb. 3. Het plan voor het dorpscentrum. Zie de beschrijving in de tekst.ningen zijn ontworpen ten oosten van deze weg en wel in stroken, dietelkens twee aan twee in V-vorm schuins naar de weg toelopen, terwijlde beide zijden van de V halverwege worden afgebroken en de ruimtedaartussen gevuld wordt door enige evenwijdig aan de weg geprojecteerdewoningen voor bejaarden in bungalow-type. Daartegenover, dus nog ver-der van de weg, zijn huizen met twee onder een dak en garages geprojec-teerd.Er is ook een aantal woningen in drie woonlagen ontworpen, evenalseen aantal winkels, Het dorpscentrum is gedacht voor een bevolking vanongeveer 1000 zielen. Niettemin mocht het gebouw niet beneden zekereeisen gaian. Er is een grote zaal gedacht met 308 plaatsen, voor dans,toneel- en filmvoorstellingen en lezingen, een vergaderkamer, een sport-paviljoen, een leeskamer, waar de openbare bibliotheek gevestigd zal zijn,en gelegenheid tot bereiding van maaltijden.H. v. d. W.BinnenlandDe Volkshuisvesting in de Eerste KamerDe behandeling van de begroting in de Eerste Kamer bracht de eerstegelegenheid tot gedachtenwisseling met de nieuwe bewindsman, al wasdie gelegenheid dan ook beperkt, en doordat de Minister alleen kon sprekenonder het voorbehoud dat hij zich nog niet over alles een eigen oordeelhad kunnen vormen, en doordat hij voor gebreken van het verleden kwalijkaansprakelijk kon worden gesteld. De ontvangst van de nieuwe Ministerwas intussen zeer welwillend. Het feit dat nu een bewindsman met be-stuurservaring is opgetreden en de hoop op enige continuiteit, a! dreigende verkiezingen op de achtergrond, deden zich duidelijk gelden.De sprekers, die aan het woord kwamen, moesten uiteraard veel oudeklanken doen horen, die wij onvermeld laten. Wij noemen slechts enkeJenieuwe kwesties. Om te beginnen het woningpeil, waarover enige onzeker-heid is ontstaan, nu van departementswege 260 m'' als maximum scheente zijn .aangenomen. De Heer Nijkamp vroeg hierover inlichtingen. Dedubbele bewOning werd o.a. door de Heer Woudenberg ter sprake ge-bracht, die twijfel uitte aan de mogelijkheid van toepassing van dit be-ginsel bij etagewoningen, daarbij wijzende op de voor- en achter-woningen in Amsterdam. Dezelfde spreker uitte zijn verbszing over demededeling vanwege de Afdeling Voorlichting van het departement, dathet zwarte bouwen ons op een verlies van 10.000 woningen per jaar komtte staan.De afwijzing van de fabrieksdorpen -- door de Minister in een interview76^ werd door de Hecr Nijkamp geheel onderschrcven. Door verschillendesprckers werd belangstelling aan de dag gelegd voor de bij de TweedeKamer aanhangige wetsontwerpen, dat tot wijziging van de Woningwet,dat op de materiele oorlogsschaden en dat inzake de wederopbouw.Enkele plaiatselijke toestanden kwamen ook in bespreking, zoals de toewij-zing van woningen in Zeeland, waarover de Heer Hommes zich ontevredentoonde en de toestand in Limburg, waarover de Heer Hermans sprak.Aan de rede van de Minister ontlenen wij het volgende. Zonder foutente willen verhelen moest de Minister toch meer waardering vragen voor deambtenaren van zijn departement. De decentralisatie zal eerst tot verdereontwikkeling moeten komen, voordat reorganisatie van bet departementmogelijk is. Deze decentralisatie zal echter niet alleen overdracht vanbevoegdheden, maar ook van verantwoordelijkheden moeten betekenen.Niet lalle gemeentebesturen zijn hiertoe gereed of zelfs bereid. Een inten-sievere intercommunale samenwerking is een voorwaarde. Van de 800Oostenrijkse woningen ligt nog een vrij groot aantal opgeslagen, omdat ergeen bouwrijpe grond voor aanwezig is, o.a. in de mijnstreek. De Staata-mijnen hebben er 100 toegewezen gekregen, maar zien geen kans ze teplaatsen. Zelfs Rotterdam, waar gesproken is over een overneming van hetA.S.R.O. door de gemeente, toont nog geen sterke neiging in deze richting.Wat de aanhangige wetsvoorstellen aangaat, deelde de Minister mede,dat zowel tegen dat tot wijziging van de Woningwet als tegen het ont-werp-Wederopbouwwet in de Tweede Kamer ernstige bezwaren bleken tebestaan. Dit heeft ertoe geleid, dat de commissie van Rapporteurs eenbespreking met de Minister heeft gehad, waarbij bleek dat partijen het overde hoofdlijnen wel eens konden worden. De Minister was bereid aan dewens van de Tweede Kamer naar een wat uitgebreider regeling en eensterker koersen in de richting van decentralisatie tegemoet te komen, ter-wijl hi) de commissie ervan heeft kunnen overtuigen, dat een sterke cen-trale leiding in deze tijd nog altijd noodzakelijk zal blijven. Het gevolg zalwel zijn de indiening van een nieuw ontwerp, waarin de beide bedoeldeontwerpen tot een geheel verenigd zijn. De Minister hoopt dit voor deverkiezingen nog aanhangig te kunnen maken.Het bouwprogramma voor 1948 is alleen nog maar globaal vastgesteld, meteen totaal bouwvolume van 1050 millioen. Een groter investering zou vol-gens het Centraal Planbureiau niet verantwoord zijn, omdat zij het gevaarvan inflatie zou kunnen oproepen. Voor woningbouw is hiervan uitgetrok-ken ruim 300 millioen, wat voldoende is om liet programma voor dit jaar,zoals het was opgezet, uit te voeren.Over de bekende kwestie van de bouw van banken, industriegebouwenen een handelsccntrum in Rotterdam gaf de Minister niet onduidelijk tekennen dat, althans wat banken en winkelgebouwen betreft, de beslis-sing, -als ze nu nog genomen had moeten worden, wel lets anders zou zijnuitgevallen.De verdehng van het aantal woningen, met name wat Zeeland betreft,werd nog eens door de Minister uiteengezet. Volgens objectieve miaat-staven had Zeeland 200 woningen moeten krijg.en; dit is tenslotte opge-voerd tot 70 % van het aantal, dat in 1948 gereed komt. De bedoelingbestaat, de verdeling over de provincies door de Minister te doen ge-schieden onder voorlichting van een adviescommissie, terwijl de verdelingover de gemeenten bij Gedeputeerde Staten zal komen te berusten. Dttjaar is nog voorgeschreven geweest overleg tussen Gedeputeerden enHoofdingenieur-Directeur, malar vcor het vervolg wil de Minister be-voegdheid en verantwoordelijkheid in handen van het college leggen.Van de matcrialenmoeilijkheden noemde de Minister de baksteen, waar-van de productie 850 millioen bedraagt, terwijl 1100 millioen nodig is --een commissie van Economische Zaken heeft dit in onderzoek -- encement, waarvian de eigen productie maar de helft kan dekken van debehoefte. Dit laatste is te belangrijker, omdat de montagewoning veelcement vraagt. Degenen, die op uitbreiding van de productie dank zij deMarshallhulp hadden gehoopt moest de Minister teleurstellen, omdat diehulp ,al in de cijfers verdisconteerd is.Het cijfer van 10.000 woningen, die wij zouden missen door de zwiartebouw, achtte de Minister ook aan de hoge kant. Het berust op de maxi-male schatting. Als nieuwe gedragslijn tegenover de zwiarte bouw noemdede Minister de inkorting van de woningbouw in de gemeente, waar dit zichvoordoct, en uitsluiting van de aannemers, die erbij betrokken zijn.De norm van 260 m'' lichtte de Minister aldus toe, dat deze alleen geldtvoor normale gezinnen. Voor een zeker percentage woningen voor groteregezinnen en voor middenstandswoningen wordt afwijking toegestaan. Inde practijk bleek, dat men met het vroegere gemiddelde van 280 m-'' vreemdomsprong; men maakte namelijk woningen, die groter waren dan 280 m-''voor normale gezinnen en deed er een aantal woningen voor bejaardenbij, die belangrijk kleiner waren, waardoor het gemiddelde bereikt werd.Voor normale gezinnen zal dus nu 260 m^ als maximum gelden.De dubbele bewoning zal voor etagewoningen niet worden toegepast als,,2 op 1" maar als ,,3 op 2".Wat Limburg betreft, zegde de Minister extra aandiacht toe, ,al wees hijer op dat in Zuid'-Limburg blijkbaar bij de gemeenten wel iets hokt.De montagebouw is een onderwerp, dat de bizondere .aandacht van deMinister heeft. Willen wij een cijfer van 60.000 woningen per jaar kun-nen halen, zo zette hij uiteen, dan zullen wij gedurende ten minste 10jaar 20 tot 30.000 montagewoningen moeten houwen. Wij moeten echternog leren bouwen met deze woningen. De Minister deed een beroep op deNederlandse architecten om zich hiervoor in te spannen.Ten aanzien van de verhouding \ian particuliere en verenigingsbouw namde Minister het standpunt in dat beide een kans moeten hebben, maarde beslissing ligt in de eerste plaats bij de gemeentebesturen. De hand-having van het rentetype van 4 % voor de Rijksvoorschotten is be-doeld als prikkel voor de gemeenten om elders geld te zoeken.De nieuwe Financieringsregeling is op het punt gereed te komen. Zij isopgezet aan de hand van een rapport van de commissie-Polak, waarinook het particuher bouwbedrijf en de hypotheekbanken vertegenwoordigdDe Woningbouw in Februari 1948In Februari van dit jaar kwamen volgens de voorlopige cijfers van hetCentraal Bureau voor de Statistiek 1447 woningen gereed, waarvan 20voor bewoning door meer dan een gezin ingericht zijn. Bij vergelijking methet cijfer van Januari (1914) mag niet uit het oog worden verloren datFebruari 24 werkdagen telt tegen Januari 27 en diat in Februari enigedagen door vorst verloren gingen. De verdeling van de 1447 woningen overde provincies was als volgt: Groningen 36, Friesland 32, Drenthe 74,Overijssel 69, Geld-erland 248, Utrecht 43, Noord Holland (zonder Amster-dam)
Reacties