Sociale samenhang in een buurt is van groot belang bij het bestrijden van overlast. Wanneer je als corporatie kunt sturen op sociale samenhang, heb je ook invloed op de overlast. Toewijzing op basis van leefstijlen creëert een betere mix van bewoners in een buurt en verhoogt de leefbaarheid.
27TIJDSCHRIFT VOOR DE VOLKSHUISVESTING NUMMER 5 OKTOBER 2011ACHTERGRONDSociale samenhang in een buurt is van groot belang bij het bestrijden van overlast. Wanneer jeals corporatie kunt sturen op sociale samenhang, heb je ook invloed op de overlast. Toewijzing opbasis van leefstijlen cre?ert een betere mix van bewoners in een buurt en verhoogt deleefbaarheid.COMMUNITY BUILDINGIN SCHIEBROEK-ZUID28TIJDSCHRIFT VOOR DE VOLKSHUISVESTING NUMMER 5 OKTOBER 2011ACHTERGRONDDOOR MARIEKE DE KOGEL RESEARCHCONSULTANT SMARTAGENT EN GERT JAN HAGENMANAGING PARTNER SMARTAGENTDe sociaal-culturele heterogeni-teit in de Nederlandse samen-leving is enorm toegenomen.Waar mensen met een hogekoopkracht in staat zijn zelfkeuzes te maken waar en hoe te wonen, zie jedat dit als vanzelf tot een uitsortering leidt vangroepen op de woningmarkt. Sommige men-sen zoeken een buurt met een hoog `ons soortmensen' gehalte, terwijl anderen juist kiezenvoor een grote diversiteit aan mensen in dedirecte omgeving. Deze uitsortering heeft alleste maken met het gevoel van mensen ergensthuis te horen. Sociologen wijzen niet voorniets op het toenemende belang van `belon-ging' in een samenleving die verder individua-liseert. Naarmate het eigen financi?le belanggroter is en de urgentie om te verhuizen lager,hoe bewuster men zal omgaan met de keuzewaar men gaat wonen.Aan de onderkant van de woningmarkt heeftmen veel minder keuzevrijheid. Wanneer deurgentie hoog is, accepteert men eerder eenwoning en kiest men minder bewust voor despecifieke sociale en fysieke woonomgeving,waarin die woning gelegen is. Het belang vanhet krijgen van woonruimte op korte termijnis dan groter dan een duurzame woonsituatieop langere termijn. Voor de woningzoekendeis het toegewezen krijgen van die woning eenprima uitkomst; voor zijn of haar directeburen valt dat nog maar te bezien. In een eva-luatieonderzoek naar leefstijlgericht toewijzenbij de woningcorporatie Ymere bleek onderhuurders een groot draagvlak om bij de toewij-zing van woningen rekening te houden met deleefstijl van bewoners. Men heeft blijkbaargraag een buurman die bewust voor die plekkiest en zich er thuis voelt of minimaal zichwil inspannen om zich er thuis te voelen.Leefstijl defini?ren wij als een samenhangendeset van behoeften, motieven en waarden vanmensen, die bepalen hoe zij in het leven staanen richting geven aan hun handelen. Waar deeen het belangrijk vindt om zelf het portieknetjes te houden (portiek is verlengstuk vanmijn woning), beschouwt de ander dat als eentaak van de eigenaar van het complex of van deoverheid (portiek is verlengstuk van de buiten-wereld). Leefstijlverschillen kunnen niet alleeneen bron vormen van conflict, ze kunnen ookertoe bijdragen dat het conflict moeilijkerwordt opgelost. Voor bepaalde mensen is hetonderhouden van een harmonieuze relatie metde buren erg belangrijk, terwijl anderen veeleerder geneigd zijn te zeggen wat ze vinden,ongeacht het effect op de relatie met de ander.Het proces van `sociale pacificatie' kan bijdra-gen aan een sluipende verloedering van degezamenlijke ruimte, terwijl anderzijds `soci-aal conflict' kan leiden tot het afsluiten vanmensen ten opzichte van elkaar.In wijken aan de onderkant van de woning-markt, waar sprake is van weinig keuzeruimte,komen bewoners vaker met elkaar in conflictdan in wijken hoger in de woningmarkt. Inmenig onderzoek wordt de lagere sociaal-eco-nomische status als oorzaak gezien. Wij den-ken echter dat conflicterende leefstijlen hierbijeen belangrijke verklarende factor zijn.LEEFSTIJLEN EN COMMUNITY BUILDINGSmartAgent onderscheidt leefstijlen op basisvan het waardepatroon van mensen. Dezewaardepatronen worden ingedeeld op basisvan meerdere dimensies, waarvan de sociolo-gische (ego versus groep) en de psychologische(extravert versus introvert) het belangrijkstzijn. Een combinatie van deze dimensies levertvier belevingswerelden op: de zogenoemdeleefstijlen. Er wordt onderscheid gemaakt tus-sen de rode, gele, groene en blauwe leefstijl.Met een korte psychologische test zijn inmid-dels bijna 300.000 Nederlanders geprofileerd.Iedere respondent scoort met een bepaald per-centage op iedere leefstijl. Iedere respondentneemt dus een uniek positie in dit schema in.Voor analysedoeleinden hanteren we de leefstijlvan iemand waarop hij/zij het hoogste scoort.De 4 leefstijlen die wordenonderscheiden: rood (vitaliteit),geel (harmonie), blauw (controle)en groen (bescherming).TIJDSCHRIFT VOOR DE VOLKSHUISVESTING NUMMER 5 OKTOBER 2011ACHTERGROND 29De gele leefstijl hecht veel waarde aan harmo-nie, gelijkheid en plezier. In de buurt vindtmen het belangrijk goede contacten te onder-houden met de buren. De groene leefstijlhecht veel waarde aan zekerheid, geborgen-heid, warmte en veiligheid. Men woont hetliefst in een rustige woonomgeving en heeftdaarin vooral contact met zijn/haar naasteburen. Het contact heeft een verplichtendkarakter. De blauwe leefstijl hecht veel waar-de aan erkenning, status en controle. Menwoont het liefst in een omgeving waar mentussen gelijkgestemden woont. Contact metanderen is niet verplicht. De rode leefstijlhecht aan het geloven in jezelf, ambitie engroeien. Men woont het liefst in een dynami-sche omgeving waar men zich kan ontplooienen gaat hierbinnen graag zijn eigen gang.Men vindt het prima om contacten te hebbenmet de buren, maar men heeft er niet zozeerbehoefte aan.In tegenstelling tot klassieke demografischevariabelen als koopkracht en leeftijd geeftleefstijl inzicht in het waarom van bepaaldgedrag. Een mooie illustratie hiervan betrefteen dame van 85 jaar oud die in de HogeHeren in Rotterdam woont temidden van eengevarieerde stedelijke bevolking en ons toe-vertrouwde dat ze nooit samen met andereouderen in een verzorgingshuis aan de randvan de stad zou willen wonen, omdat ze danaangewezen zou zijn op de gezamenlijke jaar-lijkse busreis naar de kerstmarkt inD?sseldorf. Zij koos nadrukkelijk voor eencommunity met mensen met een grootstede-lijke ori?ntatie. Heterogeen naar leeftijd,homogeen naar culturele ori?ntatie. Dezedame heeft een rode leefstijl, terwijl de mees-te mensen van die leeftijd een andere leefstijlhebben. Iedereen die wel eens kampeert entelkens de keuze moet maken om zich ergens? ook al is dat tijdelijk ? te vestigen, kent ditverschijnsel ook. Het gaat niet om de leeftijdvan de mensen op de camping of dat men rijkof arm is, het gaat uiteindelijk om het soortmensen dat je er aantreft.Leefstijlen worden onafhankelijk van demo-grafische en economische variabelen geme-ten op basis van associatie-items met betrek-king tot o.a. karakterkenmerken, vrije tijd enwaardeori?ntatie. De methode is wetenschap-pelijk gevalideerd en wordt gestandaardi-seerd uitgevoerd. Omdat er bepaalde verban-den zijn tussen bijvoorbeeld koopkracht enleefstijl (rijke mensen zijn vaak mensen diegericht zijn op carri?re), maakt menigebeleidsmaker de fout om gewoon gebruik teblijven maken van de aloude makelaarswijs-Kasteel VelderwoudeDiversiteit aan leefstijlen/communities in Schiebroek30TIJDSCHRIFT VOOR DE VOLKSHUISVESTING NUMMER 5 OKTOBER 2011ACHTERGRONDheden (geen grote inkomensverschillen bijelkaar, geen gezinnen mixen met ouderen).Niet alleen getuigt deze houding van weiniginteresse in wat de consument werkelijk wil,erger is dat als gevolg hiervan bepaalde seg-menten in de woningmarkt onvoldoendeworden bediend. Dit is precies de reden datbijvoorbeeld rode gezinnen met kinderennauwelijks in de stad een woning kunnen vin-den. Gezinnen horen immers in een eenge-zinswoning in een buitenwijk.In Nederland zijn er zeer duidelijke commu-nities te onderscheiden. Zo vormen de ver-schillende kasteelclusters in Haverleij eeneigen community. In Kasteel Velderwoudehebben bijna alle bewoners dezelfde leefstijl(blauw). Dit kasteel is onderscheidend, biedtveel privacy en rust en heeft een exclusieveuitstraling.Niet alleen binnen nieuwbouw kunnen dui-delijke communities worden onderscheiden.Ook de bewoners van de traditionele volks-buurt vormen hun eigen community; methun eigen normen, waarden en regels.Nieuwe bewoners dienen zich min of meernaar deze normen, waarden en regels teschikken. Zie hieronder een kaartbeeld vanRotterdam Schiebroek, waar met kleuren isaangegeven welke leefstijl in welk gebieddominant is.In het artikel van Kirsten Visser (TvdV, janua-ri 2011) is het grote belang aangetoond vansociale samenhang in de buurt bij het bestrij-den van overlast. Wanneer de corporatie stu-ringsmogelijkheden heeft om invloed uit teoefenen op de sociale samenhang, krijgt zedaarmee tevens invloed op het bestrijden vanoverlast.In Schiebroek zijn we samen met Vestia bezigom vanuit een community- en leefstijlenper-spectief invloed uit te oefenen op de socialesamenhang. Het doel hiervan is het cre?renvan een samenleving waar bepaalde mensengraag deel van uitmaken. Tevens heeft heteen positieve invloed op het bestrijden van deoverlast.DE CASUS ? SCHIEBROEK ZUIDSchiebroek-Zuid is een naoorlogse woon-buurt in de Rotterdamse deelgemeenteHillegersberg-Schiebroek. De buurt isgebouwd in de jaren zestig en zeventig van devorige eeuw en kenmerkt zich door veel groenen een eenzijdig woningaanbod.Door de sterk veranderde samenstelling vanbewoners in Schiebroek-Zuid in de afgelopentien jaar zijn de bewoners Schiebroek-Zuidminder positief gaan beoordelen. Tot 2008werd er rekening gehouden met de sloop van550 woningen, maar deze plannen zijn uitge-steld. Om de buurt voor de bewoners weer(meer) leefbaar te maken heeft VestiaRotterdam Noord aan SmartAgent gevraagdtwee projecten op te starten met als belang-rijkste invalshoek de leefstijltoewijzing encommunity building op basis van leefstijlen.Voorafgaand aan de start van deze projectenis eerst gemeten aan de hand van een vragen-lijst welke leefstijlen er nu wonen inSchiebroek-Zuid en hoe tevreden men is overhet wonen in Schiebroek-Zuid. Hieruit isonder meer naar voren gekomen dat men bin-nen een aantal buurten in Schiebroek-Zuideen achteruitgang ervaart op zowel de socialesamenstelling als op fysieke componenten.Mede op basis van de resultaten heeft Vestiain samenwerking met SmartAgent beslotente starten met leefstijlgerichte toewijzing.Binnen leefstijlgerichte toewijzing wordtgekeken naar de match tussen zittende huur-ders en woningzoekenden. Dit met als doelom meer mensen met min of meer dezelfdewensen en behoeften bij elkaar te latenwonen (match zittende en nieuwe huurders),zonder daarbij mensen uit te sluiten. Iedereenkan wonen in Schiebroek-Zuid: bepaaldecomplexen worden toegankelijk voor de eneleefstijl, andere complexen voor de andereleefstijlen. Leefstijl wordt daarmee een aan-vullend criterium. Vestia heeft hiermee aleerder in Palenstein in Zoetermeer ervaringopgedaan. Mede door de positieve loop vandit project is besloten om ook in Schiebroek-Zuid te starten met toewijzing op basis vanleefstijlen.In de communicatie naar de woningzoeken-den toe wordt vooraf duidelijk de procedurevan woningtoewijzing uitgelegd. Zo weetiedereen wat ze kunnen verwachten.Door toe te wijzen op basis van leefstijlensluiten mensen qua levensinstelling beter bijelkaar aan, zonder dat er echt gesloten groe-pen ontstaan. Binnen elke leefstijl is er eenvariatie in leeftijd, inkomen en etniciteit. Allecomplexen blijven hierdoor voor alle leeftij-den, huishoudenstypen en etniciteiten toe-gankelijk. Segregatie treedt niet op.Tevens is gestart met de pilot CommunityBuilding. Doel van deze pilot was samen metde bewoners een `gele' community te cre?ren;een samenleving waar harmonie, gezelligheiden sociale contacten centraal staan. De redenom een `gele' community te cre?ren is ingege-ven door de samenstelling van Schiebroek-Zuid en de gewenste ontwikkelingsrichtingervan. De wijk Schiebroek-Zuid is opge-bouwd uit stempels, clusters van flats rond-om een binnengebied.Voor elk van deze clusters is gekeken hoe deverhouding naar leefstijl onder de huidigebewoners is en welke ontwikkelingsrichtingzou passen gegeven de samenstelling, de lig-ging en de inrichting van het stempel. Naaraanleiding van deze analyse is naar vorengekomen dat de meest passende ontwikke-lingrichting voor deze pilot `geel' zou zijn.Bewoners met een gele leefstijl herkennen inelkaar de behoefte aan harmonie en eengezellige woonomgeving. Binnen deze woon-omgeving heeft men veel sociaal contact metburen en buurtgenoten. Groeten is hierbijbelangrijk. Men komt bij elkaar over de vloeren organiseert regelmatig gezellige bewo-nersactiviteiten. Samen houdt men de buurtnetjes en gezellig, dat `hoort' zo.Binnen de pilot community building zijn erverschillende sociale activiteiten en fysiekeinterventies georganiseerd, welke passen bin-nen de `gele' community. Deze activiteiten eninterventies zijn erop gericht om mensen metelkaar in contact te laten brengen en ander-zijds de gebieden een herkenbare identiteitmee te geven. Een buurt waar men `trots' opkan zijn en waar men zich thuis voelt. Dewensen van de `gele' bewoners staan hierbijWanneer mensen met gelijkgestemde idee?n over `samenleven'bij elkaar wonen, zal men zich op een natuurlijkere manierconformeren aan de ongeschreven regels die tussen dezegemeenschap, de community, bestaan.TIJDSCHRIFT VOOR DE VOLKSHUISVESTING NUMMER 5 OKTOBER 2011ACHTERGROND 31centraal (bottom-up in plaats van top-down).Dit heeft geleid tot onder meer de volgendeactiviteiten en interventies:- Nieuwsbrief (samen met bewoners, her-kenbaarheid, saamhorigheid, `dit is mijnbuurt').- Welkom heten (nieuwe bewoners wordendoor ??n van de huidige bewoners welkomgeheten in de buurt en reiken daarbij eenpicknicktas uit).- Portiekgesprekken met bewoners.- Winter- en lentefeest (om ontmoeting testimuleren).- Binnentuin is opnieuw ingericht (herken-baarheid, identiteit, ontmoetingsplek).- Portieken zijn opgeknapt en aangekleed(herkenbaarheid, identiteit).Binnen Schiebroek-Zuid zijn er ook `rode',`groene' en `blauwe' clusters, zo is uit hetonderzoek naar voren gekomen. Vooral bij de`rode' en `blauwe' clusters passen activiteitenals een nieuwsbrief en een winterfeest min-der, aangezien deze met name gericht zijn omeen bepaalde harmonie en verbondenheidmet elkaar te cre?ren. De bewoners met eenblauwe leefstijl hebben eerder behoefte aaneen kwalitatief goede uitstraling en controledaarop dan aan gezellige activiteiten. Zij zijnliever iets meer op zichzelf en zoeken vooralprivacy en rust in hun woonomgeving.Binnen een blauwe community zal er opge-treden moeten worden op het moment datiemand zich niet aan de regels houdt.De bewoners met een rode leefstijl vindenspontaniteit en vitaliteit belangrijk. Tot dezeleefstijl behoren bijvoorbeeld veel mensen diege?nteresseerd zijn in kunst en cultuur. Opeen `georganiseerd' tuinfeest zullen zij nietsnel afkomen, dat is teveel binnen de kaders,maar wellicht vinden zij bijzondere cultureleevents juist wel leuk. Dit zolang het maar welvrijblijvend is en blijft.De effecten van de pilot community buildingzijn na ??n jaar gemeten. De effecten van leef-stijltoewijzing kunnen nog niet gemetenworden. Het effect hiervan is namelijk afhan-kelijk van het aantal mutaties. Het aantalmutaties in ??n jaar in dit gebied is niet vol-doende om al effect te kunnen meten.DE METINGDe pilot community building is gehouden inde Van Bijnkershoekweg en de Rutgersstraatin Rotterdam. Onder de bewoners van dezestraten is twee maanden na de laatste activi-teit een schriftelijke vragenlijst verspreid. Omde onderzoeksresultaten niet te vertroebelenzit er met opzet enige tijd tussen de laatstegeorganiseerde activiteit en de meting. In devragenlijst is een aantal vragen opgenomenover de georganiseerde activiteiten.Daarnaast is een deel van het eerste onder-zoek herhaald, om zo ook het verschil intevredenheid en ontwikkeling te kunnenNieuwsbrief voor bewoners Van Bijnkershoekweg ende RutgersstraatVan Bijnkershoekweg en de Rutgersstraat, Schiebroek-Zuid100%90%80%70%60%50%40%30%20%10%0% Tevreden Neutraal Ontevreden0% 0% 18% 15% 12% 6% 16% 18% 0% 8% 3% 10% 13%21%79%43%57%29%54%36%48%47%41%47%47%32%53%51%31%52%48%33%58%59%38%52%39%65%23%Inloopmiddagen (n=14)Nieuwsbrief (n=30)Extra schoonmaakactie (n=28)Portiekgesprekken (n=33)Ontwerpwedstrijd binnentuin (n=17)Bewonersavond winterfeest (n=17)Winterfeest (n=19)Schilderwerk portieken (n=39)Bewonersavond Tuinfeest (n=21)Opknappen binnentuin (n=24)Tuinfeest (n=34)Actie balkondoeken (n=31)Actie plantenbakken (n=34)Tevredenheid over de georganiseerde activiteiten32TIJDSCHRIFT VOOR DE VOLKSHUISVESTING NUMMER 5 OKTOBER 2011ACHTERGRONDmeten. Uiteindelijk heeft 46% (n=104) meege-daan aan het onderzoek. Dit is een goede res-pons en vergelijkbaar met het jaar ervoor.RESULTATEN VAN DE METINGVan de ondervraagde respondenten heeftruim de helft meegedaan aan een of meeractiviteiten. Met name het lentefeest en deportiekgesprekken zijn goed bezocht. Men isover het algemeen tevreden over de georgani-seerde activiteiten en ruim eenderde is vanmening dat de activiteiten daadwerkelijkhebben bijgedragen aan een verbeterde leef-baarheid in de buurt.Bewoners zijn ook duidelijk meer tevredenover de buurt. Zat de buurt vorig jaar nog ineen sterk negatieve spiraal, deze trend is vol-ledig gekeerd. Men geeft aan dat er een posi-tieve ontwikkeling heeft plaatsgevonden inde buurt en in het portiek.Gemeten op basis van een 7-puntsschaal, metde vragen: In hoeverre vindt u de buurt deafgelopen jaren voor of achteruit gegaan?Wat is uw totaaloordeel over de buurt (zeerontevreden-zeer tevreden)?Als we kijken naar de verschillende aspectenbinnen het portiek en de buurt komt naarvoren dat de fysieke veranderingen (de aan-pak van de portieken en binnentuin) eenpositieve uitwerking hebben gehad.Daarnaast geven bewoners aan vaker contactte hebben met de buren, meer tevreden tezijn over de buren en minder overlast te erva-ren van de buren. In het algemeen gevenbewoners aan dat de sfeer in het stempel enin het portiek verbeterd is.Gemeten op basis van een 7-puntsschaal, metde vraag: Kunt u aangeven hoe tevreden ubent over onderstaande kenmerken van uwstempel?Hiermee is een basis gelegd voor gemeen-schapsvorming. De aanpak heeft een positie-ve invloed gehad op (de tevredenheid van) debewoners en de contacten tussen bewoners.Daarnaast is het gebied dusdanig fysiek ver-anderd (zonder daarbij de woningen aan tepassen), dat het ook aansluit bij de socialewoonwensen van de bewoners in de buurt.DISCUSSIE EN TOEPASSING IN ANDEREBUURTENOp basis van dit onderzoek is het niet moge-lijk om de causale relatie te bepalen tussen destijging van de tevredenheid en de specifiekemaatregelen die zijn getroffen in het kaderOntwikkelingTevredenheidF - 2009F - 2010Ontwikkeling van de buurtOordeel over de verschillende elementen in de buurt 2010 2009Gevoel van veiligheidRuimteSfeer van het binnenterreinInrichting van hetbinnenterreinMet elkaar omgaanHet soort mensenSamenstelling van debewondersRustNetheid0 0,5 1 1,5 2 2,5 3 3,5 4 4,5 54,484,284,384,154,134,094,083,973,883,794,413,703,843,803,513,633,533,30TIJDSCHRIFT VOOR DE VOLKSHUISVESTING NUMMER 5 OKTOBER 2011ACHTERGROND 33van Community Building. Gezien de zwakkeuitgangssituatie van het complex zou menigeingreep tot een verbetering van de tevreden-heid leiden. Toch zijn wij optimistisch overdeze uitkomsten, juist omdat de bewonerszelf een grote waarde toekennen aan de socia-le factor als basis voor hun onvrede.Het is te gemakkelijk om de hoeveelheid soci-ale huurwoningen als oorzaak te zien voor desociale problemen in een buurt. De werkelijkeoorzaak heeft volgens ons te maken met men-sen zelf en de mate waarin zij zelf invloedkunnen uitoefenen op hun sociale omgeving.Aan de onderkant van de woningmarkt heb-ben mensen het niet voor het kiezen enkomen `samenlevingen' tot stand op basis vanwetten en verordeningen.Het cre?ren van meer sociale samenhangheeft alles te maken met het bieden vanmogelijkheden aan mensen om te kiezen voordie samenleving die het beste bij hen past.Dat een woningcorporatie hiervoor de condi-ties moet bieden aan de onderkant van dewoningmarkt is noodzakelijk. Objectieve toe-wijzing op basis van leefstijlen en het opbou-wen van een community zijn instrumentenwaar veel bewoners in de slechte wijken metsmart op zitten te wachten.Om dit daadwerkelijk te laten slagen, zullenin ieder geval de volgende punten op ordemoeten zijn:- Zorg dat de basis `schoon, heel en veilig' oporde is. Een gemeenschap ontstaat alleenals mensen zich er veilig voelen (dus men-sen durven aan te spreken), dat het schoonis en dat dingen niet kapot zijn. Een ver-waarloosde omgeving zorgt voor veel alge-mene ergernissen, er is dan weinig ruimtevoor positivisme in de buurt.- Neem niet een te groot gebied. De krachtvan een gemeenschap is vooral dat dezeniet te groot is en dat men zich verbondenmet elkaar voelt. Voor een gele buurt geldt:`Dit is onze buurt'.- Zorg voor vertrouwen. Er mag en kan nietvan bewoners worden verwacht dat ze deveranderingen direct omarmen. Vaak zijner al verschillende initiatieven geweest c.q.opgestart, die niet tot een succes hebbengeleid. Bewoners zullen daarin teleurge-steld zijn. Dit betekent dat er vanuit deorganisatie veelvuldig in gesprek moetworden gegaan met de bewoners en datbewoners ook de organisatie goed kunnenbereiken. Laat zien dat er wat gebeurt enwat er gebeurt.- Bewoners zijn leidend. Luister naar hen enga mee in hun belevingswereld.- Betrek de stakeholders in het gebied erbij.Ook zij hebben vaak netwerken in hetgebied en kunnen met enkele gerichte acti-viteiten of gelden de buurt een stimulansgeven. Ook blijven zij vaak in de buurtactief.- En: om iedereen gelijke kansen te geven bijde toewijzing van woningen heeft het devoorkeur om de toewijzing niet tot eenleefstijl te beperken, maar ervoor zorg tedragen dat alle leefstijlen in een bepaaldgebied terecht kunnen. Het gaat niet omuitsluiting van groepen, maar om een bete-re verdeling!Het cre?ren van meer sociale samenhang heeft alles te maken methet bieden van mogelijkheden aan mensen om te kiezen voor diesamenleving die het beste bij hen past.
Reacties