stedebouw en volkshuisvestingUitgave van hetNederlands Instituut voorVolkshuisvesting en StedebowwIn dit nummer StedeboHWGarages en parkeerplaatsen in woonwijkenVolkshuisvestingWoningaanvragen en wachttijden in 's GravenhageOfficiele MededelingenSummary9 September 19S8Stalen enMipolamN.V. ALTA -- Binckhorstlaan 301Telefoon: 720083* (na 7 uur 720472).RAMENDEURENFRONTEN-- 's-GRAVENHAGEI^^^'^^^g^^S^SS^Sgg^^S^^^iSSS^iSSia//eproducien voorconservering, bedekkingverfraaiing en afdichiing\ ^U eeuw\ TOUWEN & CO. . AMSTERDAMVIERWINDENDWARSSTRAAT 1 -3, TELEFOON (020) 46275-45393OM If ONtHOUOEN?yAIMA'de ideale vloerbedekkingvoor uw salon, huiskamer, kantoor en slaapkamermodern, duurzaeim, gemakkelijk te onderhoudenen tevens goedkoop!!!Prijzen vanaf / 11,-- per m*Wonderhout z.g.n. Vloerenboard / 7,75 per m'Leggen inbegrepen. Vraagt gratis prospectus.Toonkamer: Haven 16 - BredaTELEFOON 37160parketMakelaarskantoorA.W.VAN VLIETKorte Tiendeweg 10 - GOUDA - Telefoon 3509belast zich gaame metHypotheekbemiddeling en alle verzekeringrenSBL,^rBALK0N-HEKKEN7f]lFA. V. D. KNAAP - MONSTERfabr. Peeldijluewsq I A . fel. 35&3-0IM?? alle veerkomand* modellcii? tpocdlg* layering< coneurrerende prijien>J U D O N N.V.DAKBEDEKKINGSCHIEDAM L NIEUWSTRAAT 179 - TELEFOON 68063Uitvoering van:Teer- en teervrijedakbedekkingenIsoleringenAsfaltvloerenGaarne adviseren wij u geheel vrijbtijvend overewentuele vemieuwing van uw bestaande dalcbedekking"f^ ^?M ^Houtbouw Fa. Gebr. TimmerGIESSENDAM -- Telefoon no. 62 Ned. HardinxveldUw adres voor:Directieketen, Volksketen, Cementloodsen, Barakken, enz.Voor GLASN.V. DORDTSCHE GLASHAKuipershaven 28-29-30 DORDRECHT Telefoon 7245Het adres voor SPECIALE BEGLAZINGSMATERIALENS& VUitgave van het September 1958Nederlands Instituut voor 39e jaargang no 9Volkshuisvesting en Stedehouw MaandbladRedactieMevrouw Prof. C. W. Willinge Prins-Visser Ir. P. K. van MeursMe']. R. Hartstra Dr. S. O. van PoeljeIr. B. Fokkinga Mr. Ir. M. M. van PraagMr. C. A. van Gorcum W. ScheerensH. ]. A. Hovens Greve Ir. W. van TijenProf. Mr. A. Kleijn Drs. H. v.d. WegdeDrs. R. Kok Ir. W. WissingAdres voor Redactie en Abonnementen:Lange Voorhout 19, 's GravenhageTelefoon 184225Advertenties:Keizersgracht 188, Amsterdam-CPostgiro nummer 113028Telefoon 49128149Dit nummer In het eerste nummer van deze jaargang heef: de Redactie, die toen haar taak aanvaardde,te kennen gegeven dat zij zich voorstelde in beginsel elk nummer aan een onderwerp tewijden. Deze formulering liet ruimte voor uitzonderingen en moest dit doen, omdat van tijdtot tijd aan aktuele onderwerpen of aan ter plaatsing aangeboden kopie van incidcntcle aardvoorrang zal moeten worden gegeven boven een samenhangend geheeLIn dit nummer worden twee bijdragen gepubliceerd, die onderling geen verband vertonen.maar die beide een aktueel onderwerp, resp. van stedebouw en volkshuisvesting behandelen.De eerste bijdrage bevat de uitkomsten van een onderzoek naar de behoefte aan garages enparkeerplaatsen in woonwijken, een onderwerp, dat steeds meer zorg vereist, omdat de snelk-toeneming van het aantal auto's het ernstige gevaar oproept van onderschatting van di-ruimte, die in de woonwijk voor het onderbrengen van auto's nodig is.De tweede bijdrage sluit nauw aan op het artikel in het vorige nummer over de betrekkingtussen de wachttijden van woningzoekenden en de woniugbehoefte. De schrijvers van ditartikel behandelen thans nader de woningaanvragen en de wachttijden van de woningzoe-kende inwonenden in Den Haag.InhoudStedebouwBeschouwing omtrcnt de toekomstigtontwikkeling van garages en parkeer-plaatsen in woonwijken, drs. M. F. vander HorstKroniekBoekbesprekingBuitenlandOverzicht van TijdschriftenVolkshuisvestingWoningaanvragen en wachttijden vande woningzoekendc inwonenden in degemeente 's-Gravenhage, drs. J. C.Jansse en drs. J. E. KeasberrrBinnenlandOverzicht van Tijdschriften151156157159159 SummaryOfficiele mededelingenNederlands Instituut16C166166168168Abonnementsprijs f 16.--. Losse nummers / 2.--.De leden van het Nederlands Instituut voor Volkshuisvesting en Stedebouw (lidmaatschapvoor physieke leden f IS.--) en de leden van de Nationale Woningraad ontvangen het bladkosteloos.150StedebouwGarages en parkeerplaatsen in woonwijkenBeschouwing omtrent de toekomstige ont-wikkeling van de behoeften aan garages enparkeerplaatsen in woonwijkenDrs. M. F. van der HorstInleid'mgDoor vertegenwoordigers van de gemeentenApeldoorn, Arnhem en Nijmegen en van deProvinciale Planologische Dienst voor Gel-derland, zowel op stedebouwkundig als opverkeerstechnisch gebied, is in het kader vaneen door genoemde instanties gevormdewerkgroep ter bespreking van stedelijke ver-keersproblemen een globaal onderzoek inge-steld naar het aantal personenauto's, hetaantal aanwezige garages en de behoefte aangarages in een aantal na-oorlogse stratenof complexen van straten, deel uitmakendvan stedelijke woonwijken. Hierbij is zo-veel mogelijk gestreefd naar een onderschei-ding in huurwaarden van de betrokkenwoningen.In het hiernavolgende is getracht een samen-vattend overzicht van de diverse uitkom-sten te geven, waaraan is gekoppeld een ver-wachting omtrent de ontwikkeling van hetautobezit en van de garagebehoefte met hetoog op de te treffen voorzieningen in nogte projecteren woonwijken.Overzicht huidige situatie ten aanzien vanhet autobezitUit de bovengenoemde onderzoekingen kanworden afgeleid dat de betrokken buurtenin het algemeen enige differentiatie in hetautobezit vertonen, afhankelijk van dehuurwaarde. Weiiswaar valt geen direct ver-band te constateren in die zin, dat eenverschil in huurwaarde van f. 10.- permaand in een bepaalde evenredigheid staatmet een verschil in de verhouding tussenauto's en woningen, doch wel blijkt een dui-delijk onderscheid ten aanzien van het auto-bezit te bestaan tussen woningen met hetkarakter van woningwetwoningen en wo-ningen, die aangeduid zouden kunnen wordenals z.g. middenstandswoningen (premiebouw,particuliere bouw).Voor woningwetwoningen, die bij het hui-dige huurpeil uiteenlopen van ruim f. 30.-tot ruim f. 70,- per maand, blijkt het auto-bezit te varieren van 3 a 8 personenauto's(afgekort PA) per 100 woningen. In hetalgemeen blijkt het autobezit binnen dezegroep met de huurhoogte te stijgen. Uiteraardkunnen zowel naar boven als naar benedenafwijkingen worden geconstateerd.De genoemde verhoudingscijfers gelden voorna-oorlogse woningen, waarbij het bouwjaareen rol zal spelen in de huurprijs. Voorzovervooroorlogse woningen in het onderzoekzijn betrokken, lijken de verhoudingen ietwatanders te liggen, zoals b.v. zou blijken uitde even zijde van de Graslaan te Arnhem:hier geldt een relatief lage huur, waardoorwellicht juist de gelegenheid een auto tehouden groter is.Ten aanzien van de woningen in de z.g.middenstandsklasse blijkt thans reeds alsnormale verhouding voor te komen 16 a 3iPA per 100 woningen. Het verschil in dehuurwaarde, die hier -- waarschijnlijk ookmede bei'nvloed door het bouwjaar -- nogsterker uiteen pleegt te lopen en varieertvan ruim f. 60.- tot f. 120.- per maand is ophet autobezit van betrekkelijk geringe in-vloed.Bij de zeer hoge huren komen vaak zelfsrelatief lets minder auto's voor: waarschijn-lijk wordt in deze gevallen een te groot ge-deelte van het te besteden budget vereistjuist voor de woninghuur.Toekomstverwachtinga. Ontwikkeling van het aantal personen-auto'sIn de jaren na 1945 is reeds van verschillen-de zijden getracht een prognose op te stellenomtrent de ontwikkeling van het automo-bielpark in Nederland.Hierbij is afwisselend gebruik gemaakt vande tendenties uit de afgelopen jaren, verge-lijkingen met de ontwikkeling in anderelanden, de ontwikkeling van het reeel inko-men in vergelijking met het nationaleproduct, de benadering van een zeker ver-zadigingspunt, de verwachtingen omtrenthet verloop van de belastingdruk in combi-natie met het welvaartspeil.Een volledig aanvaardbare en geargumen-teerde prognose is tot nu toe voor ons landnog niet opgesteld.Ook in het hiernavolgende zal niet naar eendergelijke verfijnd opgezette prognose wor-den gestreefd. Immers het doel is slechtsdoor middel van een toekomstverwachtinghet autobezit van bewoners van diversesoorten woningen te benaderen om daaruitconclusies te kunnen trekken omtrent de teverwachten behoeften aan garage- en/of par-keerruimten in te projecteren woonwijken. l)De reeds bestaande ontwikkelingsramingenblijken evenwel niet aan de behoefte tevoldoen, mede daar slechts over een betrek-kelijk korte periode is vooruit gezien.De meest gehanteerde prognose, afkomstigvan Ir. J. F. L. van Gils ^), Directeur vande Dienst Verkeersonderzoek van de Rijks-waterstaat, verwacht in het jaar 1970 inNederland 1 automobiel per 15 a 20 inwo-ners, ofwel 50 a 67 automobielen per 1000inwoners.In dit verband moet worden gewezen op de^) Daar bedoelde behoeften van meer fac-toren afhankelijk zijn dan alleen van deverhouding auto's - inwoners en de invloedvan diverse van deze factoren nog moeilijkbenaderbaar is, heeft het weinig zin omslechts een, weiiswaar belangrijke, factor,voorzover zulks al mogelijk zou zijn, nauw-keurig te benaderen.^) Zie; Tijdschriften "Wegen", September1953, p. 205-206.151StedebouwGarages en parkeerplaatsen in woonwijkenonverwacht snelle en nog steeds voortgaandeexpansie van het Nederlandse automobiel-park in de jaren na 1950.In 1950 bezat ons land nog slechts 14 PAper 1000 inwoners, resp. 21 automobielen op1000 inwoners. Reeds in 1955 was de ont-wikkeling zover gevorderd, dat bedoeldeverhoudingen bedroegen 25 PA per 1000inwoners resp. 36 automobielen per 1000inwoners. (In West-Nederland zelfs reeds 29PA per 1000 inwoners).De laatst bekende statistische gegevens date-ren van 1 augustus 1956. ^) Er waren toen30 PA per 1000 inwoners, resp. 41 automo-bielen per 1000 inwoners.Volgens betrouwbare schattingen van hetC.B.S. en van de K.N.A.C. bevonden zichmedio 1957 in Nederland 35 PA per 1000inwoners, resp. 48 automobielen per 1000inwoners. *)Hieruit blijkt dus dat de hiervoor genoemdeprognose, opgesteld in 1953 en toen algemeenals aan de ruime kant beschouwd, thansreeds in zekere zin is achterhaald. Immersde minimum raming voor 1970 n.l. 50 auto-mobielen per 1000 inwoners is reeds in hetjaar 1957 nagenoeg bereikt. En ook thans nogzijn er geen tekenen, die erop wijzen dateen verzadigingspunt is bereikt.De Jaarlijkse procentuele toename, die in1954-1955 ca. 16''/o bedroeg, is voor de pc-riode 1955-1956 nog gestegen tot ca. 20"/o.Hoewei volgens de schattingen voor 1957deze jaarlijkse toename weer zou zijn ge-daald, n.l. tot ca. 13%, blijft dit percentagezelfs bij verdere daling nog vrij veel hogerdan de procentuele bevolkingstoename,zodat het aantal automobielen per 1000 in-woners naar alle waarschijnlijkheid nog zalblijven toenemen.Om enige indruk te geven van de toename-snelheid van het automobielpark zij ver-meld dat bij voortzetting van de tendentiesin de afgelopen vijf jaren reeds omstreeks 1963het aantal personenauto's gelijk zou zijnaan het aantal inwoners en dat het totaleautomobielpark het inwonertal dan zou heb-ben overschreden.Een dergelijke ontwikkeling lijkt echtervoorshands nog niet in de lijn der ver-wachtingen te liggen en, naar mag wordenverondersteld, zal binnenkort een afremmingvan de groei plaats vinden. ^)De vraag is echter op welke hoogte eendergelijke stabilisatie zal intreden.In elk geval kan worden gesteld dat eenraming van 50 a 67 automobielen per 1000inwoners, thans gezien in het licht der re-cente ontwikkeling, aan de te lage kant zalzijn. In Zweden wordt voor 1970 gedachtaan ca. 250 automobielen per 1000 inwoners(dus ongeveer 1 PA op 4 personen), terwijlin Duitsland wordt genoemd 1 automobielper ca. 5.5 inwoners (dus ca. 180 automobie-len per 1000 inwoners). ^)Voor Nederland lijkt nu een raming voor1970 van 77 personenauto's per 1000 inwo-ners (d.w.z. 1 PA per 13 inwoners) nietonredelijk, terwijl voor 1980 in het hier-volgende een verhouding van 110 personen-auto's per 1000 inwoners is aangehouden.Ten aanzien van het totaal aantal automo-bielen zouden deze ramingen ongeveer neer-komen voor 1970 op 100 automobielen per1000 inwoners, resp. in 1980: 155 automobie-len per 1000 inwoners (d.w.z. 1 per 6.5inwoners). '')Uitgedrukt niet ten opzichte van inwoners,doch ten opzichte van woningen betekenende bovenstaande ramingen een verhoudingvan ca. 28 PA per 100 woningen in 1970 enca. 38 PA per 100 woningen in 1980, waar-bij als gemiddelde woningbezetting is aan-gehouden 3.6 voor 1970, resp. 3.5 voor 1980.Het is niet onwaarschijnlijk dat boven-staande raming een maximaal karakter zalblijken te bezitten. Gezien echter het doel,waarmede deze verhoudingscijfers zijn op-gesteld, is dit hier bewust aanvaard.b. Verhouding aantal PA en diverse cate-gorieen woningenIn het algemeen lijkt het redelijk voor dewoningwetwoningen een relatief lets snelleretoename van het autobezit aan te nemendan bij de duurdere woningen. Voor dezeveronderstelling kunnen in het kort devolgende argumenten worden aangevoerd: detoename zal voor een groot deel plaatsvinden bij die groepen, die de auto niet omzuiver zakelijke redenen gebruiken, aange-zien deze reeds thans veelal een auto ter be-schikking hebben; de hogere inkomensgroepenzijn reeds vrij dicht tot een zeker verzadi-gingspunt genaderd; de toenemende fabricagevan kleine en voordelig te onderhoudenautotypen; door de groei van het autoparkkomen steeds meer tweedehands auto's opde markt, zodat de mogelijkheid om metgeringe investeringen zo'n vervoermiddel aante schaffen voortdurend toeneemt.Deze overwegingen hebben geleid tot hetaanhouden van de volgende verhoudings-cijfers:1970: woningwetwoningen:10 a 20 PA per 100 woningenmiddenstandswoningen e.d.:33 a 60 PA per 100 woningenparticuliere bouw in vorm vaneengezinshuizen:100 PA per 100 woningen^) C.B.S.: Statistiek van de motorrijtuigenin Nederland, 1 aug. 1956.^) Onder automobielen is hier steeds ver-staan: vier- of meerwielige motorrijtuigen.^) Mede gezien de ervaringen in de U.S.A.wordt hier vooralsnog uitdrukkelijk niet ge-sproken over het bereiken van een verzadi-gingspunt.") Blijkens mededelingen op de 3e interna-tionale verkeerstechnische studieweek teStresa in oktober 1956. Zie o.a. ,,Wegen",dec. 1956.'') De Rijksdienst voor het Nationale Plandenkt voor 1980 aan een verhouding van6 a 7'/2 inwoners per voertuig (VoordrachtProf. Ir. Jac. P. Thijsse, zie: ,,Verkeer en Ver-voer" 1957, p. 69 e.v.\52Nieuive stromingen eisen betrouivbare bakensZo'n verblijdende nieuwe stroming inde woningbouw is complete vloerafwerking,dus vioerbedekking bij de huur inbegrepen.Het. betrouwbare baken daarvooris permanent linoleum.Tegenover een geringe verhoging vande huurprijs staan deze belangrijke voordelen:^ permanent linoleum betekent voorde huurder een aanzienlijke verlichtingvan zijn installatie-budget;^ garandeert ook de minder draagkrachtigeneen volwaardige vioerbedekking;* bevordert de geluid-isolatie tussen de woonlagen;^ Is blijvend bacteriendodend, dus hygienisch;X" heeft een lange levensduur, de kleuren gaandoor-en-door, dus kunnen niet wegslijten;Jf" verhoogt de woonbeschaving.linoleum krommeiiieVoor keuken, douchecel en hal ook colovinyl plastic asbesttegels,soepel en slijtvast, in hoge mate bestand tegen olien,vetten, zuren en vele andere chemicalien.Vraag ook naar colorite cumaronhars tegels,eveneens in vele fraaie tinten.Onze afdeling technische adviezen verstrekt gaarne volledige inlichtingen (telefoon 02980-81941)liiliiiiililiiil VACAiyiRiS ililiilBij de Provinciale Planologische Dienst van Groningen be-staat de vacature van eenACADEMISCH GEVORMDEONDERZOEKERmet ervaring in de rang van planoloog.Salarisgrenzen (inclusief alle toelagen): / 529,46 - / 854,76per maand.Aanstelling boven het minimumsalaris is niet uitgesloten.Sollicitaties binnen 4 weken na het verschijnen van dittijdschrift te richten tot de directeur van het bureau vande Provinciale Planologische Dienst, Martinikerkhof 14 teGroningen.GEMEENTE LEEUWARDENBurgemeester en Wethouders roepen sollicitanten op naarde functie vansocioloog/sociograafVereist is academische opleiding (sociologie, sociografieof sociale geografie) en bijzondere belangstelling voorplanologische vraagstukken.Aanstelling kan geschieden in de rang van hoofdcom-mies A of referendaris (salaris resp. / 690,99--/ 885,50en / 793,28--/ 1039,20 per maand, excl. huurcompensatie).Sollicitaties met uitvoerige inlichtingen binnen 10 dagenaan burgeraeester en -wethouders.LICHTDRUKKENHET ADRESC A. DE JONGMODERNE REPRODUCTIE-lNRICHTiNGFOLKINGESTR 1 5 -TEL 2271 7 . GRONINGENJ. SMINIABEVERWIJKHandel in Bouwmaterialen,Zand, Grinden alle soorten BetonwarenOpslagplaatsen: Pruimedijk 8 en Pijpkade - Telefoon 3926Kantoor: Pruimedijk 2ERF VEMLOBlj de dienst van StadsontwlkkellngWederopbouw kunnen tweestedebouwkundigeontwerpersworden geplaatst, die respectievelijk zuUenworden belast met:a) het ontwerpen van plannen voor omvang-rijke stadsuitbreidingen;b) het detailleren van wederopbouwplannenen plannen in hoofdzaak.Benoeming geschiedt in de rang van architect(functie sub a)resp. assistent-architect (functie sub b).Vermoedeltjke salarisgrenzen:architect f 8.018,- tot i 11.707,-assistent-architect 1 7.382,- tot f 9.640,-.In genoemde bedragen is de huurcompensatieniet begrepen.Aanstelling boven het minimum is afhanke-lijk van opleiding, leeftijd en ervaring opstedebouwkundig gebied.Gehuwden komen als regel in aanmerkingvoor vergoeding van reis-, of pension- enverhulskosten.Sollicitaties te richten tot burgemeester enwethouders en te adresseren aan de chef vanhet bureau Fersoneelvoorziening, kamer 331,stadhuis.Inzending binnen 14 dagen onder no. 364.Glashandel A. BlomDEN HAAGVALKENBOSLAAN 92aTel. 39.48.83a Glazenmakerij? Glas in Loodo Glasverzilvering? Glasslijperij? Naamplaten? AutoruitenJ.E. STORKRINGVENTILATORENVOOR UW BEDRIJFDEN HAAGJUNOSTRAAT 35TEL.K 1700-85 21 08*BEKLEDINGSPLATENFORMICAPERSTORPCETALITDUROPALleveren wijook inkleine matenFRANS RUMPHORST - DEN HAAGSTEYNLAAN 247-a TELEFOON 321333-398670StedebouwGarages en parkeerplaatsen in woonwijken1980: woningwetwoningen:18 a 35 PA per 100 woningenmiddenstandswoningen:50 a 80 PA per 100 woningenparticuliere bouw:ruim 100 PA per 100 woningenUitdrukkelijk moet hier worden gesteld datdeze ramingen betrekking hcbben op typischstedelijke woongebieden. Ook de thans aan-wezige verhoudingen, die als uitgangspuntvoor vorengenoemde ramingen hebben ge-diend, zijn aan stedelijke situaties ontleend.Ter beoordeling van de voor 1970 en 1980aangehouden aantallen PA per 100 woningenmoge dienen dat, uitgaande van een be-paalde, algemeen gangbare, verdeling vande woningvoorraad over de drie onderschei-den woningtypen, de minimum tockomstra-ming ongeveer de voor Nederland als gelieelveronderstelde PA-dichtheid benaderd, terwijlde maximum toekomstraming deze dichtheidmet ongeveer 50''/o overschrijdt. *)c. Ranting toekomstige garage-behoefteOnder garages wordt hier en in het volgendebegrepen afzonderiijke of aaneengebouwdegarageboxen, zowel vrij gesitueerd als dieopgenomen onder of tussen woningen, be-nevens garages behorend bij een bepaaldcwoning: in het algemeen dus de vormenvan individuele stalling.Niet in de beschouwing zijn betrokken destallingsplaatsen bij een garagebedrijf, dez.g. collectieve stalling, enerzijds omdat der-gelijke bedrijven van enige omvang in denieuwe woonwijken weinig blijken voor tekomen en dan nog slechts een geringe rolspelen voor de stalling van prive personen-auto's, andererzijds omdat gebleken is dat deanimo voor dergelijke stalling bij de auto-bezitters om diverse redenen gering is.**) Ook thans reeds blijkt deze verhoudingin gemeenten van omstreeks 100.000 inwo-ners die voor Nederland met 10 a 50%te boven te gaan.Het valt niet te verwonderen dat thanshet aantal aanwezige garages ook tussenvergelijkbare woningcomplexen aanzienlijkuiteen blijkt te lopen.Uit de bestaande verhoudingen tussen aantal-len woningen en aantallen garages kan danook met weinig zekerheid lets worden af-geleid omtrent de ontwikkeling der toe-komstige garage-behoeften in woonwijken.De ingestelde onderzoekingen hebben aan-getoond dat thans aanwezige garages somsworden gebruikt door autobezitters op letsgrotere afstand, dus niet uit de nabijstaandewoningen; elders is duidelijk een teveel aangarages aanwezig, althans ten opzichte vande huidige verhoudingen, waardoor er veleof leeg staan of voor andere doeleindenworden gebruikt, terwijl op bepaalde plaatsenook een vrij sterke onbevredigbare behoefteaan garages kan worden aangetoond.Eveneens is naar voren gekomen dat hetgarage-gebruik niet louter afhankelijk is vanhet aantal aanwezige personenauto's, dochdat onder meer de volgende factoren hierbijeveneens een belangrijke rol spelen:de hoogte van de woninghuur,de hoogte van de garagehuur,de afstand van de garage tot de woning,de ouderdom van de auto,de wijze van financiering van het onder-houd,de mentaliteit ten aanzien van het auto-gebruik.De invloed van al deze factoren heeft totgevolg dat aan de ene kant de verhoudingtussen aantal woningen en garagebehoeftegrotere fluctuaties vertoont dan de ver-houding tussen aantal woningen en het auto-bezit en dat andererzijds het onderscheid tus-sen z.g. woningwetwoningen en z.g. mid-denstandswoningen ten aanzien van de gara-gebehoefte juist groter blijkt te zijn dan tenaanzien van het autobezit.Onder de huidige omstandigheden blijkt inde onderzochte stedelijke woonwijken degarage-behoefte bij woningwetwoningen, af-hankelijk van type en huurwaarde, te varie-ren van 2 a 5 garages per 100 woningen.Hoewel, zoals reeds is uiteengezet, juist voordit soort woningen een boven het gemiddeldeuitgaande en dus relatief sterkere toenamevan het aantal PA moet worden verwacht,zal een groot deel van het autobezit voor-alsnog bestaan uit kleine of tweedehandswagens, waardoor de garagehuur relatiefzwaar op de exploitatie zal drukken.Deze factoren maken het waarschijnlijk datde achterstand in de verhouding tussen aan-tal PA en de garagebehoefte, zoals die tenopzichte van middenstandswoningen blijktte bestaan, niet zal worden ingelopen.Veeleer Is de verwachting gewettigd dat bijde bewoners van woningwetwoningen destijging van de garagebehoefte, althans inde eerstkomende periode, ten achter zalblijven bij de toename van het bezit aanpersonenauto's.Teneinde echter ten behoeve van de stede-bouwkundige planning een veilige tendensaan te houden, is de ontwikkeling van debehoefte aan garages bij woningwetwoningenongeveer evenredig verondersteld aan detoename van het autobezit in woningwetcom-plexen.Omstreeks 1970 kan dan een behoefte wordenverwacht van 6 a 12 garages per 100 wo-ningen, terwijl die behoefte bij doorgaandetendenties in 1980 kan worden gesteld op10 a 20 garages per 100 woningen.Voor de woningen in de z.g. middenstands-sector, veelal eigendom van particulieren ofvan institutionele beleggers, wordt thansreeds een behoefte van 13 a 25 garages op100 woningen aangetroffen. Dit houdt onge-veer in dat voor 75''/o van de in deze sectoraanwezige PA een reele garagebehoefte be-staat. Aangezien ook binnen deze groep deverdere toename van het aantal PA per100 woningen voor een groot deel zal wor-den gerealiseerd bij personen, die zelf definanciering moeten dragen, zal dus ook hierde garagehuur de exploitatie nogal bei'n-vloeden. Om deze redenen is dan ook detoename van de garagebehoefte niet snellerverondersteld dan die van het aantal PAen wel:153StedebouwGarages en parkeerplaatsen in woonwijkenca. 1970 25 a 45 garages per 100 woningenca. 1980 40 a 60 garages per 100 woningen.Bij particuliere eengezinshuizen is de be-hoefte aan garages thans reeds te stellen op50 a 100 garages per 100 woningen. In detoekomst zal moeten worden gerekend op1 garage per woning, waarbij zelfs eendeel van deze garages ruimte voor tweeauto's zal moeten bieden.Om reeds vermelde redenen wordt nietnader ingegaan op de stallingsplaatsen bijgaragebedrijven, voorzover niet in boxen.Bij de aantallen auto's waarom het in detoekomst gaat, zou deze vorm van col-lectieve stalling toch slechts weinig tot deoplossing van de stallingsruimte in woonwij-ken kunnen bijdragen.Tenslotte lijkt het gewenst ten aanzien vande bovenstaande ramingen omtrent de toe-komstige garage-behoeften uitdrukkelijk vastte stellen dat is uitgegaan van handhavingvan de huidige huurverhoudingen in die zin,dat de garagehuren ten opzichte van dewoninghuren gelijk zullen blijven. Indien bijstijgende welvaart de woninghuren zoudentoenemen, dan is verondersteld dat de ga-ragehuren ten hoogste evenredig met dewoninghuur omhoog zouden gaan.Uit de ingestelde enquetes is n.l. duidelijkgebleken dat er voor de garagehuren eenzeker plafond bestaat, d.w.z. bij overschrij-ding van een bepaalde grens gaan veel auto-bezitters ertoe over hun auto op de open-bare weg te stallen. Naast de hoogte van degaragehuur speelt tevens de afstand van degarage tot de woning een belangrijke rolin die zin, dat men voor een nabij gelegengarage in het algemeen een lets hogere huurover heeft.Genoemde maximum huurgrens kan bij dehuidige omstandigheden worden gesteld opca. f. 20,- per maand, waarbij in bepaaldegevallen huren tot ca. f. 25,- per maand ooknog worden aanvaard, waarschijnlijk voor-namelijk voor auto's met grotendeels zake-lijke exploitatie.Ook in de toekomst zal het gewenst zijn ombij het opzetten van garages deze huurver-houdingen niet te overschrijden.Ten aanzien van de afstand is geblekendat ca. 500 m een redelijke grens vormt. Opgrotere afstand zal in het algemeen alleenworden gestald indien bizondere redenen,b.v. stalling bij het bedrijf van de autobe-zitter, daartoe aanleiding geven. De voor-keur gaat echter uit naar stalling op nogkortere afstand, d.w.z. niet meer dan ca.250 m van de woning.Bij het toenemen van het autobezit zal deafstand van garage tot woning eer eengrotere dan een kleinere rol gaan spelen, zo-dat het aanbeveling verdient bij het ontwer-pen van garages uit te gaan van een afstandkleiner dan 250 m.Bovendien is het om stedebouwkundige re-denen gewenst dat de garagecomplexenniet te groot worden: een zekere spreidingvan de boxen verdient de voorkeur. Hier-door wordt een beperkte afstand van garagetot woning als het ware vanzelf in de handgewerkt.d. Bchoefte aan parkeergelegenheidUit de onderzoekingen kunnen hieromtrentslechts weinig gegevens worden afgeleid.Voor het parkeren op straat gedurende denacht zijn uiteraard van invloed: het aantalauto's en de aanwezigheid van garages tegenredelijke huur en op redelijke afstand.Tevens moet echter rekening worden ge-houden met het feit dat de meeste eigenaren,ook al beschikken zij over een garage, opbepaalde uren de auto dicht bij hun woningwillen parkeren, terwijl ook ruimte aanwezigzal moeten zijn voor auto's van bezoekers.In tegenstelling tot de garageruimte is eenparkeerplaats als regel niet over de geheleperiode van 24 uur gereserveerd voor eenbepaalde auto en kan dus voor meerderedoeleinden dienen.Voor zover de A.N.W.B. in zijn in november1957 verschenen memorandum over parkeer-problemen enige aandacht -- hoewel slechtszeer summier -- schenkt aan de behoefteaan parkeerruimte in woonstraten, wordteen onderscheiding gemaakt in eengezinshui-zen en meergezinshuizen. Hiervoor zoudenresp. benodigd zijn 20 a 100 parkeerplaatsenper 100 woningen en 10 a 100 parkeerplaat-sen per 100 woningen.Uit de genoemde onderzoekingen is echterwel duidelijk geworden dat de door deA.N.W.B. gebruikte onderscheiding minderdoorslaggevend is dan het criterium huur-waarde, of juister: dan de relatie tussen aan-tal personenauto's en de woningcategoriein de zin van woningwet- en z.g. midden-standswoningen. Bovendien komen binnenbeide categorieen nog weer verschillen in hetautobezit voor, die mede in verband staanmet verschillen in huurwaarde.Rekening houdend zowel met de veronder-stelde ontwikkeling van het autobezit, alsmet die van de garagebehoeften bij gelijk-blijvende huurverhoudingen en bovendien metde mentaliteit van de autobezitter lijkt hetgewenst omstreeks 1970 bij woningwetbouwte voorzien in 8 a 20 parkeerplaatsen per100 woningen, terwijl in 1980 de behoefteongeveer zal bedragen 12 a 35 parkeerplaat-sen per 100 woningen.Voor middenstandsbouw zou deze verhoudingvoor 1970 en 1980 ongeveer liggen op 20a 50, resp. 35 a 70 parkeerplaatsen per 100woningen.Ten aanzien van particuliere eengezinshuizenzal in de toekomst moeten worden gerekendmet 1 parkeerplaats per woning; veelal isdeze ruimte op eigen terrein aanwezig.Bovenstaande ramingen hebben uitsluitendbetrekking op het woninggebied en behelzendus niet de totale behoeften aan parkeer-ruimte binnen een woonwijk; voor bepaaldevoorzieningen in woonwijken, zoals b.v. win-kelcomplexen, zullen aparte parkeerruimtenmoeten worden gereserveerd.NabeschouwingVoorgaande uiteenzettingen hebben niet depretentie het aangeroerde probleem uitput-tend te behandelen. Hiervoor waren deingestelde onderzoekingen ook te summier.154StedebouwGarages en parkeerplaatsen in woonwijkenBijlage 1 -- Overzicht huidige situatie ten aanzien van autobezit en garagehehoeftecomplex woningcategoriehuur-klasseaantalgezins-hoofdenof won.aantalPAaantalPA per100won.aantalgaragesper 100won.geschat-te garagebehoefteper 100won.ArnhemCallunastraat vooroorl. middenst. 50 67 12 18 12 17Graslaan (even) vooroorl. middenst. 40 26 8 30 22 20Graslaan (oneven) woningwet + middenst. 60 72 80 28 8 25Hartogslaan premiebouw 60 129 32 25 20 25Merelstraat woningwet, middenst. karakter 60 24 8 33 25 33NijmegenBroerdijkkwartier woningwet 30--50 225 7 3 1,3 2Broerdijkkwartier woningwet 30--60 222 23 10 5,5*) 5,5Hatertse hei premiewoningen 70--80 108 17 16 12,5 12,5Hatertse hei woningwetwoningen 40--50 279 6 2 111) 2Galgeveld part, bouw eigen bewon. 75--100 130 114 90 84 72ApeldoornSprengenparklaan 2/3 woningwet en 1/3 premiebouw 40--70 144 27 19 5 14Strauslaan e.o. premiewoningen 70 109 43 40 25 33Ravenweg (Hofveld) premiewoningen 60--70 86 24 29 21 23Saksenlaan e.o. bouwkaswoningen 60 55 ? 18 33 20 20WABO-flats (Waltersingel) premiewoningen 80 54 ? 18 33 60 2) 22Hoenderparkweg woningwet 40--50 200 16 8 8 3) 3Wagenaar-Diepenbrocklaan woningwet 40 166 10 6 --') 30 garages aanwezig, doch 24 staan leeg2) 32 garages aanwezig, doch 20 staan leeg?*) 16 garages aanwezig, doch 9 staan leeg*) stalling vnl. op grotere afstandBijlage 2 -- Overzicht van de geraamde ontwikkeling van autobezit, garagebehoefte en parkeerbehoefteAantal personen- Garagebehoefte Parkeerplaats-Tijdstip wonmgcategone auto's per 100 per 100 behoefte perwoningen woningen 100 woningenthans (sept. 1957) woningwetwoningen 3 a 8 2 a 5 2,5 i 6middenstandswoningen 16 a 33 14 a 25 10 a 25ca. 1970 woningwetwoningen 10 a 20 6 a 12 8 4 20middenstandswoningen 33 a 60 25 ^ 45 20 i 50ca. 1980 woningwetwoningen 18 a 35 10 a 20 12 i 35middenstandswoningen 50 ^ 80 40 a 60 35 ^ 70155StedehouwGarages en parkeerplaatsen in woonwijkenKroniekIn het algemeen wordt in ultbreidingsplan- Daarom heeft de in de inleiding genoemde behoefte, die bij het projecteren van woon-nen echter nog weinig aandacht besteed aan werkgroep -- hoewel zich ervan bewust wijken thans nog te veel v/ordt veronacht-het projecteren van garage-ruimte in woon- zijnde slechts een kleine bijdrage tot het ont- zaamd.wijken. Bovendien blijkt, voorzover dat wel staan van dat inzicht te hebben geleverd --geschiedt, nauwelijks inzicht te bestaan toch gemeend met deze globale studie de aan-omtrent de toekomstige behoeften. dacht te moeten vestigen op een reele 15 augustus 1958KroniekLekenpraatjeWat ik hier neerschrijf, het zijn maar deopmerkingen van een leek. Maar ik voel melekker in die posltie. Ik kan mijn oordeelgeven, zonder dat men het mij euvel kanduiden dat ik misschien heilige huisjes, waar-van ik het bestaan immers niet hoef te ken-nen, met mijn grofgeschoeide voeten intrap.Welnu dan, ik permitteer me enkele opmer-kingen over die aanstaande verheugenis vande Arasterdammers, hun nieuwe stadhuis.Ook het mijne, want al ben ik al tlentallenjaren weg uit mijn mooie geboortestad, ikvoel me nog Amsterdammer in hart ennieren.De hoofdstad heeft een nieuw stadhuis nodig.Tussen haakjes, ook een operagebouw, ookeen universiteitsgebouw achter de mooievoorhof aan de Oudemanhuispoort, ook eenuniversiteitsbibliotheek, ook een. . . ., laat ikmaar ophouden. Onze hoofdstad bouwt inelk geval scholen voor voorbereidend lageronderwijs ofwel bewaarschooltjes, pardonkleuterscholen. En dat is al veel, een lichtpuntdat me de toekomst van Amsterdam nietdonker doet inzien. Voor het overige latenwe ons dwingen ter zake te blijven: hetontwerp van Professor Berghoef en Ir. Vegter.Ik heb er veel over gelezen, ik heb ook detentoonstelling in het Stedelijk museum be-zocht. Het zou arrogant zijn het gemcentc-bestuur een goedkeurend kiopje op de schou-ders, zelfs maar op een van de zestienedelachtbare schouders, te geven, maar ik zouwillen zeggen -- en met meer recht dan naMijnchen de Engelsen bij de joyeuse rentreevan Chamberlain in 1938 --: well done!Wat betreft de situatie tenminste. Wat eenuitgezochte plaats, daar in de bocht van deAmstel op het Waterlooplein tot aan de Zwa-nenburgwal. ^) Nog mooier misschien dan ophet Frederiksplein, in dat stadsdeel waaraande naam van Sarphati is verbonden. De schll-derachtige ligglng in de kern van het oudeAmsterdam is natuurlijk niet te boeken op hetcredit van de ontwerpers, al lijkt het me,dat ze van die qualiteiten behendig en knappartij hebben getrokken, alle geboden moge-lijkheden hebben verteerd. Een ander plusis -- excusez du peu -- dat de ontwerperswat ze in architectenlatijn, bewust of onbe-wust een reminiscensie aan hun Delfte jaren,de ge'mtegreerde bouwmassa noemen, hebbenverkozen boven de gedifferentieerde.Wat dat betekent? Die vraag kan ik beant-woorden. Prof. Berghoef en Ir. Vegter be-doelen, dat men alle in het stadhuis onderte brengen localiteiten in een gebouw samen-vat, in een gebouw ,,aus einem Gusz", en hetbouwwerk niet verdeelt in twee of meer,gewoonlijk als los zand aan elkaar hangendedelen: een werkgedeelte en een representatief1) Met een zwaar hart denk ik aan de rui'nesvan de Lange- en Korte Houtstraat, waar totvoor een veertiental jaren het armste deelvan de Joodse bevolking van Amsterdamleefde. Zijn martelgang naar Auschwitz enSobibor zal het mogelijk maken de krottenwaar eens zij woonden, op te ruimen ten be-hoeve van de vernieuwing van Amesterdam.gebouw. Dat laatste noemen de bouwmeestersde gedifferentieerde massa.Ik weet wel dat het ene zo goed als hetandere als het juiste is voor te stellen, maarnaar mijn van schromelijke ondeskundigheidgetuigende en daarom bescheiden mening,is het raadhuis in zijn geheel representatief.Niet alleen maar het gedeelte, waar hetgemeentebestuur troont met de grote zaalwaar de gemeentelijke dialectiek hoogtij viert.AUes laat zich beredeneren, + a zowelals -- a, zeker als het de bouwkunst betreft,maar voor de van primitiviteit getuigendeopvattingen van ondergetekende, die boven-dien van het functionalisme niets moet heb-ben, is het Stad-Huis in zijn geheel represen-tatief voor de stad.Maar voor het overige voel ik me onzekerop dit gebied, als wandel ik op drijfzand.De Heer Buffinga, in Elsevier, spreekt vaneen mislukking, van een amorphe kist; Mijn-heer Blijstra van het Vrije Volk heeft bijhet zien van het ontwerp associaties met het-zelfde gebruiksvoorwerp. Hij spreekt vaneen vierkante, lage doos. De Heer Van Goolvan Het Parool zegt ons, dat het ontwerpnog een intens rijpingsproces zal moeten door-maken. Hoe moet ik me dat denken? Ja, eenmispel moet overrijp, rot zijn, wil hij voorconsumptie geschikt zijn. Denkt de Heer VanGool misschien aan een kleurige, elegantevlinder die op gecompliceerde wijze uit derups groeit? Ik heb het architecten bij her-haling horen zeggen: ,,het moet nog groeien".Welaan dan, alle hoop is nog niet verloren.Maar laat ik te rade gaan bij MijnheerVriend, die mij van week tot week in de156schreeuivtom....CUMAROL-ELNat hout vreet geld. Demp deze onkosten-put! Verlaag de exploitatierekening: laat schilderen met CumarolEL. Want Cumarol EL is de nieuwe verf voor vochtig hout en ... voor hout dat steeds weer vochtopzuigt. Geen blaarvorming, geen loslatende verf. Met Cumarol EL krijgt U een gave film, die jarenlang eenkleurig toonbeeld blijft van voorbeeldig vakwerk. Want Cumarol EL is verkrijgbaar in liefst 12 kleuren. Bijde eerste behandeling reeds krijgt Uw woning een kleurig aanzien. Bovendien beduidend minder v/erk entoch beter werk. Dat betekent: vaktechnisch en flnancieel een grote vooruitgang. Dat betekent: directvoordeel en een blijvend voordeel.Vraag per briefkaart gratis brochure,,Cumarol El verf voor vochtig hout" aanVettewinkel, Postbus 175, Amsterdam.* In Arnhem Zuid staat een groot gedee/te der 800 woningenvan de Arnhemse Centrale Woningstichting, weike metCumarol EL werden behandeld. Na anderhalf jaar geen spoorvan blaren of bladders op het hout dat voordien niet te schilde-ren bleek. Puntgaaf en kleurrijk, dank zij de nieuwe vindingvan Vettewinkel: Cumarol EL, de verf die vocht gelegenheidgeeft te ontsnappen, zonder de verflaag te beschadigen.^^'"..s^-* * *''- \ i' "^ ??I ?t:'. '# h ^-?Hk'^f #>j^'-'y-^Sii# di j^^^mitisuiK.L.M. AEROCARTOWerf %dn Wettewinkel"Bij de tijd" op verfgebiedPOSTBUS 175 - AMSTERDAM>>Ivoor WONINOWET-V/ONINOEN:BRAAT stalen STANDAARD ramen en deuren^^ Reeds in duizenden woningwet-woningen toegepast.^ Zeer geringe onderhoudskosten.^ Beweegbare delen in diverse breedte- en hoogtematen.^ Keuze uit 88 typen ramen en deuren,waarvan bovendien de breedtemaat der vaste delennaar eigen inzicht l
Reacties