40 procent draagt de gebouwde omgeving bij aan de totale uitstoot van CO2 in Europa. Reden voor het rijk om in 2007 te komen met het kabinetsprogramma “Schoon & Zuinig”, waarmee in 2020 een CO2-reductie moet zijn bereikt van 6 tot 11 Megaton in de gebouwde omgeving. Sindsdien zijn er heel veel plannen gesmeed, adviezen gegeven en afspraken gemaakt om met name ook in de woningvoorraad tot de nodige energiebesparende maatregelen te komen. De vraag is: heeft het ook effect gehad?
TIJDSCHRIFT VOOR DE VOLKSHUISVESTING NUMMER 6 DECEMBER 2011ACHTERGROND6VERDUURZAMINGWONINGVOORRAAD BLIJKTKWESTIE VAN LANGE ADEM40 procent draagt de gebouwde omgeving bij aan de totale uitstoot van CO2in Europa.Reden voor het rijk om in 2007 te komen met het kabinetsprogramma "Schoon & Zuinig",waarmee in 2020 een CO2-reductie moet zijn bereikt van 6 tot 11 Megaton in de gebouwdeomgeving. Sindsdien zijn er heel veel plannen gesmeed, adviezen gegeven en afsprakengemaakt om met name ook in de woningvoorraad tot de nodige energiebesparendemaatregelen te komen. De vraag is: heeft het ook effect gehad?DUURZAAM7TIJDSCHRIFT VOOR DE VOLKSHUISVESTING NUMMER 6 DECEMBER 2011ACHTERGRONDDOOR ERIC HARMS, FREELANCE JOURNALISTHet lijkt wel een belijdenis. Vijfvan de zes alinea's van het com-muniqu? over de Green HouseDeal, verspreid aan de voor-avond van de medio novembergehouden Dag van de Duurzaamheid, openenmet "Ik geloof er in". De zesde en laatste alineabesluit het stuk en opent met: "Ik ver-wacht...".Het communiqu?, een initiatief van Vernieu-wing Bouw en Urgenda, gaat over de verduur-zaming van de totale bestaande woningvoor-raad in de komende 20 jaar. En alle 23 organi-saties die het communiqu? hebben onderte-kend, van Aedes en Bouwend Nederland toten met het ministerie van BinnenlandseZaken, geloven er heilig in dat het de komen-de jaren ook werkelijk zal gaan gebeuren. Datalle initiatieven en maatregelen die tot nogtoe zijn genomen bij elkaar opgeteld voldoen-de zijn om een "kantelfase van de energietran-sitie" te bereiken."De tijd lijkt er rijp voor", zo valt te lezen,"want er lopen al diverse initiatieven diefocussen op de woningvoorraad, zoals de SEVenergiesprong, slim en snel, Meer MetMinder, de Green Building Deal en blok-voor-blok. Bovendien lopen er tientallen regionaleinitiatieven, opgestart vanuit gemeenten,woningcorporaties en provincies. Al deze ini-tiatieven moeten optellen tot voldoendeschaalgrootte en massa."Daar is een nieuw, alles overkoepeld conve-nant voor nodig: de Green House Deal. Niettoevallig een idee dat in mei 2011 al werd voor-gesteld in het advies `Energiebesparingbestaande woningen: maak er echt werk van!'van het Nicis Adviescollege (NAC) Duurzamestedelijke ontwikkeling.Met de ondertekening daarvan verklaren par-tijen `het energieneutraal maken van dewoningvoorraad tot h?t megaproject voorNederland' te willen maken.' "Dit is een gou-den kans voor Nederland: voor burgers,bouwbedrijven, industrie, woningcorpora-ties, installatiebedrijven en energiebedrijven.De geesten zijn er rijp voor, we moeten hetalleen zo slim en effectief mogelijk organise-ren."ENERGIELABELSNu is de weg naar de hel ook geplaveid metgoede bedoelingen. De vraag is dus re?el water nu werkelijk van de beoogde snelle ver-duurzaming van de nieuwbouw en debestaande woningvoorraad terecht komt.Heeft het inmiddels indrukwekkende aantalconvenanten, intentieverklaringen, adviezen,plannen van aanpak en actieprogramma's dathierover in het verleden is gesloten of bekend-gemaakt al concreet effect gehad? Of blijft hetvooralsnog steken in mooie woorden?Er zijn in ieder geval meer energielabels afge-geven, zo meldt het Centraal Bureau voor deStatistiek. Een energielabel is nodig om objec-tief te kunnen bepalen of de woning na inves-tering ook daadwerkelijk energiezuiniger isgeworden. Tot 31 december 2010 is aan bijna1,8 miljoen woningen een energielabel toege-kend. Daarvan is ruim 80 procent eigendomvan een woningcorporatie. Dat betekent datvoor bijna tweederde van het totale corpora-tiebezit een energielabel is verstrekt. Van deoverige ? particuliere en institutionele - ver-huurders heeft minder dan 20 procent van dewoningen een energielabel.Het aantal huurwoningen met een energiela-bel in de klassen E tot en met G ? dat zijn deminst energiezuinige woningen ? is in 2010met 3 procent gedaald. Daarbij gaat het metname om corporatiewoningen die zijn gere-noveerd naar een meer energiezuinige klasse,gesloopt of verkocht. Er is dus een `lichte ver-betering' van de kwaliteit van de huurwonin-gen zichtbaar, concludeert het CBS.VOORTGANGSRAPPORTAGEAgentschapNL rapporteert in zijn MonitorConvenanten Gebouwde Omgeving (april2011) over de geboekte resultaten in de periode2008 tot en met 2010 met het convenant Meermet Minder voor de bestaande bouw, het con-venant Energiebesparing Corporatiesectorvoor de sociale sector en het Lente Akkoordvoor de nieuwbouw.Voor de bestaande bouw geldt als doelstellingdat er in de periode 2008-2011 500.000 wonin-gen 20 tot 30 procent energiezuiniger moetenworden gemaakt. Vanaf 2012 tot 2020 zoudendaar jaarlijks nog eens 300.000 woningenmoeten bijkomen.Uit de rapportage blijkt dat de doelstellingvoor de afgelopen drie jaar slechts ten dele isgerealiseerd. "In totaal is in de periode 2008-2010 bij 314.000 woningen additioneel 20 pro-cent besparing behaald. In 2010 ging het om112.000 woningen. De meest getroffen maatre-gelen in de woningbouw zijn het plaatsen vaneen HR (hoogrendement) ketel of HR glas.Om de doelstelling van 500.000 woningen toten met 2011 te behalen, zal in 2011 een additio-neel resultaat van 20 procent besparing bij186.000 moeten worden behaald."Opmerkelijk genoeg hebben eigenaar-bewo-ners in 2010 meer maatregelen genomen danvoorgaande jaren. "Bij de woningbouwcorpo-raties is juist een daling zichtbaar in het aan-tal genomen maatregelen. Tweederde van decorporaties (66 procent) geeft hierbij aan dathet budget voor energie-investeringen onderdruk staat."Volgens het AgentschapNL heeft inmiddelseen groot deel van de Nederlandse woning-voorraad dubbel glas en een HR ketel. "Hettoepassen van deze maatregelen zal in de toe-komst dus steeds vaker vervanging betreffenen daardoor dus minder bijdragen aan ener-giebesparing. Om in de toekomst de energie-zuinigheid van maatregelen te blijven verbe-teren, zullen ook andere besparende maatre-gelen op grote schaal moeten worden toege-past."Dan zijn de berichten over de nieuwbouw vro-lijker. De doelstelling is 25 procent EPC-reductie in 2011 ten opzichten van 2007 en 50procent reductie in 2015. In 2010 bleek al 6procent van de woningbouwvergunningenminimaal 25 procent zuiniger dan de referen-tie-eis van 2007. En dat aantal neemt toe."Door de geplande aanscherpingen in denieuwbouw woningbouw zullen de doelstel-lingen voor zowel 2011 als 2015 waarschijnlijkbehaald gaan worden", aldus het Agentschap.MINNETJESEr wordt dus wel resultaat geboekt, maar hetlijkt met name in de bestaande voorraad tochallemaal wat minnetjes. Dat verzuchtte ookPieter Winsemius, lid van de Wetenschap-pelijke Raad voor het Regeringsbeleid, oud-minister van VROM en voormalig voorzittervan de Vereniging Natuurmonumenten,recent nog in een nieuwsbrief van woningcor-poratie De Alliantie.De woningcorporaties doen echt wel iets, zostelt hij, "maar het blijft allemaal zo klein. Ophet eerste gezicht klinkt het allemaal bestambitieus, die taakstelling van 20 procentenergiebesparing en vermindering van deCO2-uitstoot in 10 jaar tijd. Maar feitelijkbereik je dat al bijna automatisch. Als je uit-zonderlijk wilt zijn ga je naar 30 tot 40 pro-cent. Want dan moet je je echt vreselijkinspannen. Maar dat gebeurt dus niet."Albert Koedam ergert zich nog wel eens aandergelijke uitspraken, zo bekent hij. Koedamwas tot voor kort de duurzaamheidsman vanAedes maar heeft zich nu als zelfstandig advi-seur gevestigd, met als voornaamste taak`duurzame concepten vertaald te krijgen inconcrete projecten.' "Ik stoor me een beetjeaan die goeroes die met het grootste gemakroepen dat we in 20 jaar alles kunnen verduur-zamen. Als we de mensen hadden en de finan-ciering in een keer geregeld konden krijgen,zou dat misschien best lukken. Maar in depraktijk wordt er continu zand in de motor8TIJDSCHRIFT VOOR DE VOLKSHUISVESTING NUMMER 6 DECEMBER 2011ACHTERGRONDgegooid. Dat zien we ook met de huidige sub-sidietrajecten gebeuren. . Zo waait er weer eenandere wind en is de regeling be?indigd. Hetbegint allemaal heel leuk, maar die kakofonievan nieuwe initiatieven leidt uiteindelijk totmega frustraties. Ik ben daar wel een beetjeklaar mee."Volgens Koedam zou het beter zijn om werke-lijk de investeringsdiscussie te voeren. "Waargaat het over, waar hebben en krijgen de cor-poraties geld voor, waaraan kan het besteedworden en wat komen we tekort? Maak con-crete afspraken over de investeringsopgave enschep de voorwaarden om die te realiseren."Want dat is wat hij tegen de huidige conve-nanten heeft. "Iedereen wil maar afsprakenmaken met elkaar. Als adviseur wil ik dat nujuist achter me laten en veel meer aan oplos-singen gaan werken. We moeten ophoudenmet elkaar gek te maken met allerlei vagebeleidsdoelstellingen. De kretologie is wat datbetreft niet van de lucht. Het is zo makkelijkin oneliners te praten over dit soort dingen.Maar er wordt vervolgens nooit bij vermeldhoe men het denkt te gaan doen. Veel afspra-ken blijven zo abstract dat de praktijk er heelweinig mee kan. Er bestaat een groot gat tus-sen theorie en praktijk. En dat gat moeten weeerst zien te dichten, voordat we het noodza-kelijke resultaat kunnen boeken."SCHAALSPRONGVanuit die gedachte is ook het programmaEnergiesprong van de SEV in 2010 gestart.Volgens woordvoerder Claudia Laumansdraait het in dat kader bij uitstek om projec-ten waarmee ook daadwerkelijk in de praktijkeen schaalsprong kan worden gemaakt."Er zijn inmiddels al heel veel initiatieven,projecten en producten ontwikkeld, veelal opkleine tot zeer kleine schaal. Wij houden onsdaar verre van. Het doel van Energiesprong isnu juist om te komen tot marktrijpe concep-ten waarmee op grote schaal energieneutraalgebouwd en gerenoveerd kan worden. De tijdvan projecten met een handjevol woningen iswat ons betreft voorbij. Het gaat echt om mas-sa. Iedereen roept altijd dat het technischmogelijk is om energieneutraal te bouwen ente renoveren. Dat nemen wij aan als feit.Vervolgens gaat het erom de voorwaarden tescheppen om de beschikbare techniek ook inde gangbare praktijk te laten landen."Het is een zeer breed programma, dat zichonder andere richt op nieuwe aanbestedings-vormen, met meer ruimte voor de opdracht-nemer om eigen innovaties in te brengen, opde ontwikkeling van een standaard methodevoor de aanpak van woningen uit de jaren zes-tig en zeventig, en op een nieuw financieelbeslismodel, aan de hand waarvan corporatiesveel meer ook op basis van de lange termijneen investeringsbeslissing kunnen nemen.Maar ook op ondersteuning van het innova-tievermogen van de bouw en het enthousias-meren van de corporaties aan de hand van eenroadshow.Programmaregisseur Jan-Willem van deGroep: "De diversiteit in aandacht van corpo-raties voor dit thema is groot. Een aantal vanhen wil echt grote stappen zetten. In aantallenwoningen uitgedrukt gaat het dan om eensubstantieel deel van de sector, zeker eenkwart van het corporatiebezit. Zij lopen echtertegen praktische problemen aan. Wij probe-ren die in het kader van dit programma inkaart te brengen en waar mogelijk op te los-sen. Enerzijds door projecten te initi?ren dielaten zien dat het kan. De SEV-aanpak is kort-om: learning by doing."Anderzijds draait het om een stuk bewustwor-ding. "Met de roadshow trekken we dekomende maanden langs 100 corporaties. Hetdoel is om ze mee te nemen in de toekomst:hoe ziet je voorraad eruit in 2030 en 2040? Enhoe is het gesteld met de woonlasten? Hetgaat daarbij veel meer om de portfoliostrate-gie voor de lange termijn dan het strategischvastgoedbeleid, dat veelal vijf jaar vooruitkijkt."GEEN MODEVERSCHIJNSELDat dit nog altijd nodig is, blijkt wel uit dedigitale discussie die door diverse corporatiesop Aedesnet.nl wordt gevoerd over de woon-lasten. In dat kader wordt het element energienauwelijks genoemd. Opmerkelijk, vindt Vande Groep: "Kennelijk is er toch sprake van eensoort blinde vlek hiervoor. Terwijl het aandeelvan de energielasten in het totaal van dewoonlasten in de toekomst enorm zal gaanstijgen."In 2020 zal die blinde vlek verdwenen zijn,denkt Van de Groep. "De noodzaak om hier-mee aan de slag te gaan wordt namelijk steedspregnanter. Steeds meer partijen in de samen-leving zijn ervan overtuigd dat de energietran-sitie moet worden ingezet. Met name ook van-uit de markt. De bewustwording dat het ech-ter anders moet, neemt toe. Dat was 20 jaargeleden nog niet het geval. Toen was het meereen modeverschijnsel. Daarvan is nu geensprake meer."Dat denkt ook Jim Schuyt, directeur van DeAlliantie, een corporatie die de verduurza-ming van het eigen woningbezit tot speer-punt van beleid heeft uitgeroepen. Schuytwas in 1996 als directeur van de SEV een vande oprichters van het Nationaal Centrum voorDuurzaam Bouwen. "Ik ben optimistischerover het bereiken van de noodzakelijke schaal-grootte dan destijds. In de eerste plaats omdathet in die tijd een uitermate conjunctuurge-voelig fenomeen was, terwijl het nu veel meereen structureel karakter heeft. En ten tweedeomdat duurzaamheid in de jaren negentiguitsluitend tot het publieke domein behoorde.De vijand van duurzaamheid was in die tijdhet bedrijfsleven. Dat is nu niet meer zo.Sterker nog: ik heb de indruk dat tegenwoor-dig de overheid een beetje achterblijft en hetbedrijfsleven veel grotere stappen zet."Het beeld bij de woningcorporaties is wisse-lend, erkent ook Schuyt. "De inspanningenverschillen zeer per corporatie. Maar we moe-ten ons daar niet door laten afleiden. Gewoondoorgaan op de ingeslagen weg. De rest volgtwel."Overigens niet dankzij een oud of nieuw tesluiten landelijk convenant. "Daar ben ik nietzo van. Dit soort convenanten is veel te vrij-blijvend. Het zegt niet veel en bindt eigenlijkniemand. De verschillen tussen individuelecorporaties zijn ook zo groot dat je dat niet inhet gemiddelde van een landelijk akkoordkunt vangen. Ik ben voorstander van concreteproductieafspraken met individuele woning-corporaties. Daar kom je veel verder mee,omdat de partijen individueel zijn af te reke-nen op het bereikte resultaat."VEEL GEBEURDOp haar beurt stelt Aedes, vereniging vanwoningcorporaties, dat de afspraken, die inhet kader van het duurzaamheidsconvenantvoor de sociale sector zijn gemaakt, wel dege-lijk zin hebben gehad. "De daarin opgenomendoelstelling van 20 procent besparing op hetIedereen wil maar afspraken maken met elkaar. Als adviseur wilik dat nu juist achter me laten en veel meer aan oplossingengaan werken.9TIJDSCHRIFT VOOR DE VOLKSHUISVESTING NUMMER 6 DECEMBER 2011ACHTERGRONDgasverbruik is voor veel corporaties inmiddelsuitgangspunt", aldus directeur Jan Boeve."Alleen de wijze waarop dat wordt ingevuldverschilt van corporatie tot corporatie. Er isnog altijd sprake van een kopgroep en eenpeloton van volgers. En met name in dat pelo-ton mag wat ons betreft nog wel wat meerbeweging komen. Voor de koplopers heb jeeen convenant nauwelijks nodig, maar voorde grote middengroep helpt het natuurlijkwel degelijk."Wat zou helpen is een standvastige overheid,die beleidszekerheid geeft en geen proefbal-lonnetjes meer oplaat. "Dat geldt uiteraardook voor de discussies over heffingen, dewoningmarkt, het werkdomein van corpora-ties en de nieuwe woningwet, waarin bijvoor-beeld de vrijheid van corporaties om energie-diensten te leveren wordt beperkt."Ondertussen is er, ondanks alle onzekerhedenwel degelijk effect waarneembaar, benadruktBoeve. Dat blijkt volgens Aedes onder andereuit de eigen database SHAERE (Sociale HuurAudit en Evaluatie Resultaten Energie-besparing), waarin de energielabels zijn opge-nomen van 1,2 miljoen woningen van 150woningcorporaties. Zo hebben woningcorpo-raties in het afgelopen half jaar ruim 110.000woningen energiezuiniger gemaakt. Meestvoorkomende maatregelen: plaatsing van eenHR verwarmingsketel (in bijna 80.000 huizen)vaak in combinatie met eenHR-warmwaterinstallatie. In 86.000 gevallenwerd de isolatie van dak, vloer en/of gevel ver-beterd of werd HR++ glas geplaatst. 2.500Woningen kregen zonnecollectoren of zonne-panelen. Het gezamenlijke gasverbruik vanalle 2,4 miljoen Nederlandse corporatiewo-ningen daalde hierdoor met circa 2 procent,wat overeenkomt met het verbruik van eenstad als Venlo.De recent doorgevoerde aanpassing van hetwoningwaarderingssysteem zal de verduurza-ming van het corporatiebezit zeker verderbrengen, aldus de Aedes-directeur. Voor hui-zen waar energiebesparende maatregelen zijngetroffen geldt namelijk sinds kort een hogerewaardering en mag dus meer huur wordengevraagd. Daardoor is het aloude probleemdat de corporatie betaalt en de huurder profi-teert deels weggenomen.Boeve: "Investeren in duurzaamheid loont numeer dan in het verleden." Tegelijkertijd zithem in die huurprijzen ook een vertragendefactor. "Om snel te verduurzamen moet dehuurder worden meegenomen. Zij zullenimmers nog steeds akkoord moeten gaan metde huurverhoging die gepaard gaat met deenergiemaatregelen."EIGENAAR-BEWONERSDe corporatiesector is volop in beweging,mag de conclusie uit het bovenstaande zijn.En ook voor wat betreft de nieuwbouw zijn devooruitzichten positief. De uitdaging zit hemdus met name in de particuliere woningvoor-raad.Dat is ook de conclusie in de Monitor duur-zaam Nederland 2011, een gezamenlijke uitga-ve van het Centraal Planbureau, het Plan-bureau voor de Leefomgeving, het Sociaal enCultureel Planbureau en het Centraal Bureauvoor de Statistiek.Particulieren blijken nog altijd moeilijk te ver-leiden tot investeringen in de milieu- en ener-giebesparende maatregelen. Want: "Woning-eigenaren hebben geen zin in verandering ende bijbehorende verbouwingsoverlast of in deorganisatorische en financi?le rompslomp.Hierdoor worden veel investeringen waarvande baten op termijn groter zijn dan de kostentoch niet genomen. Tevens vormt de hoogtevan het te investeren bedrag vaak een belem-mering. Om deze hindernissen te overwinnenen meer energiebesparing in de gebouwdeomgeving te realiseren lijken verplichtingenof sterke prijsprikkels van essentieel belang."Zo'n prijsprikkel willen Energie Nederland,Bouwend Nederland, UNETO-VNI en deNederlandse Vereniging van Banken gevenmet de Green Building Deal, waarvoor zij eindoktober een voorstel hebben aangeboden aanminister Donner van Binnenlandse Zaken enKoninkrijksrelaties en minister Verhagen vanEconomische Zaken, Landbouw en Innovatie.Zij erkennen dat de ambitie van het `oude'convenant Meer Met Minder om jaarlijks circa300.000 bestaande woningen en anderegebouwen van energiebesparende maatrege-len te voorzien, vooralsnog niet wordt gereali-seerd. De Green Building Deal kan daarin ver-andering brengen, omdat eigenaar-bewonersdaardoor goedkoper geld kunnen lenen."De Green Building Deal maakt gebruik vanhet veelvuldige contact dat bouwbedrijven,installateurs, energiebedrijven en bankenhebben met hun klanten. Zij nemen de aan-trekkelijke mogelijkheid om een goedkoperelening voor de investering in energiebespa-rende maatregelen aan te gaan bij een bank opin hun informatievoorziening en advisering.Deze banken trekken met behulp van deRegeling Groen Beleggen goedkoper geld aanvan particuliere spaarders en beleggers enstellen zo jaarlijks middelen beschikbaar voorde goedkope financiering van investeringenin energiebesparende maatregelen in mini-maal 150.000 bestaande woningen en anderegebouwen. Dankzij het feit dat deze regelingreeds bestaat en slechts op twee punten aan-gepast hoeft te worden is het mogelijk omdeze ambitie op korte termijn gezamenlijk inpraktijk te brengen."HERIJKINGVanuit de overheid is op dit initiatief nog nietgereageerd. Wel is minister Donner, medenamens minister Verhagen en staatssecretarisAtsma, in overleg getreden met alle partnersvan de bestaande convenanten voor energie-besparing in de gebouwde omgeving. Doel isom te komen tot een herijking van de eerdergemaakte convenantafspraken. Die herijkingmoet in het najaar z'n beslag krijgen, zodat eruiterlijk in het voorjaar van 2012 een ver-nieuwd, gezamenlijk plan op tafel ligt voor degrootschalige aanpak van energiebesparing inde gebouwde omgeving.Of dat op tijd komt om de Europese Commis-sie tevreden te stellen is de vraag. Die heeftvolgens een bericht in NRC Handelsblad deNederlandse overheid namelijk al in april vandit jaar in gebreke gesteld met betrekking totde invoering van de Europese richtlijn voorenergiebesparing in gebouwen. Dat raakt metname de halfslachtige manier waarop hetenergielabel in de particuliere woningvoor-raad wordt ingevoerd. Labels zijn alleen ver-plicht gesteld bij de verkoop van een woning,maar of dat ook gebeurt wordt nauwelijksgecontroleerd. Ook laat de kwaliteit van deverstrekte labels veel te wensen over.Daardoor blijft het aantal energielabels in departiculiere voorraad beperkt tot een fractievan de in totaal bijna 5 miljoen woningen. Endat zou Nederland uiteindelijk wel eens opeen boete van vele miljoenen euro's kunnenkomen te staan.Er is nog altijd sprake van een kopgroep en een peloton van volgers.En met name in dat peloton mag wat ons betreft nog wel wat meerbeweging komen.
Reacties