Kennisnetwerk over de leefomgeving

De NOVI is mee-koppelen!
Martin Aarts

do 8 maart 2018

Graag val ik met de deur in huis: vanwege dreigende boetes en mogelijk prestigeverlies zullen we de doelstellingen van het klimaatakkoord van Parijs hoe dan ook halen. Bij dat 'hoe dan ook' zit mijn grootste zorg. De vraag om een nationale visie zwelt aan. Hoe gaan we dat doen? Kiezen we voor een sectorale aanpak, of gebruiken we de energietransitie om ons land onderdeel te maken van een nieuwe sociaaleconomische wereldorde?

De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) heeft de verandering van onze leefomgeving als uitgangspunt, maar hoe krijgen we je al die ingrijpende veranderingen voor elkaar? Het idee is dat dit alleen kan door energietransitie te koppelen aan andere strategische opgaven als duurzame verstedelijking en aan een duurzame, concurrerende economie. Grote woorden, maar laten we klein beginnen.

In 2007 hoorde ik in Zaragoza, vierde stad van Spanje, een inspirerend verhaal over hoe de stad het probleem van haar watertekort heeft aangepakt. Toen de overheid als incapabel en daarom als hoofdschuldige werd gezien, veranderde deze haar strategie door duidelijk te maken dat vooral alledaagse bezigheden als douchen, wassen en de tuin sproeien oorzaken van het tekort waren en er een sport van te maken deze activiteiten tot een minimum te beperken. De kranten meldden doorlopend de resultaten. Al na een jaar was het watertekort opgelost. Wat zou het gevolg zijn wanneer wij als sport minder douchen, minder op onze devices kijken, minder auto rijden en minder vliegen, en dat maal 17 miljoen Nederlanders?

Het zou verder een enorme vooruitgang zijn om niet alle aandacht te richten op de sectoren, maar meer te vertrouwen op de ontwikkelkracht van gebieden. Houvast daarbij is de studie ‘Energie & Ruimte’, die de energietransitie koppelt aan de daarvoor meest geëigende plekken, waarbij alle strategieën samen bijdragen aan een energieneutrale samenleving. De studie biedt een andere, aantrekkelijkere weg naar Parijs.

Een nationaal perspectief geeft richting, maar de verandering van onze maatschappij (iedereen erbij houden!) kan nooit alleen top down. Mensen willen wel veranderen, maar niet veranderd worden. Feit is dat veel gemeenten nu al ‘vrijwillige regio’s’ vormen, om zo gezamenlijk de nieuwe werkelijkheid vorm te geven. Juist door die vrijwilligheid ontstaat synergie, gebaseerd op de specifieke regionale kracht.

Half Nederland staat te trappelen om aan de toekomst te werken, zoals de metropoolregio’s Amsterdam, Rotterdam-Den Haag, Eindhoven, regio’s Utrecht, Groningen-Assen, Leiden, Zwolle (inclusief Kampen en Emmeloord) en Parkstad Limburg. Zij willen hun identiteit en daarbij horend daily urban system koppelen aan energieneutraal vervoer, aan nieuwe werkgelegenheid, aan gezondheid en een inclusieve samenleving. Niemand wil gekke Henkie zijn. Als deze processen die daar worden ontwikkeld, aansluiten bij een nationaal perspectief, dan kan ieder een eigen bijdrage leveren, zover de budgetten het toelaten. Dat vereist schuiven en anders investeren. Daarom citeert men hier vaak de tegeltjeswijsheid: ‘Als je doet wat je altijd deed, krijg je wat je altijd kreeg’.

Hier komt de NOVI in zicht: het gaat om mee-koppelen. De NOVI gaat niet alleen over het waarom en wat, maar vooral over het hoe. Daarom wordt nu gekeken hoe de symbiotische samenwerking tussen het Rijk en een specifiek gebied eruit kan zien. Dat kan door alle daadkracht en wensen van de ‘vrijwillige regio’s’ serieus te noteren en op realiteitswaarde te toetsen. Nederland moet in 2050 energieneutraal zijn. Met het idee van het nationale perspectief ‘Energie & Ruimte’ als theoretisch uitgangspunt, zal blijken hoeveel regionale strategische opgaven zijn mee te koppelen, wanneer de bottom-up ontwikkelkracht wordt omarmd. Dat betekent dat investeringen in windmolens, veenweidegebieden, woningen zonder gas, behoud van natuur en cultuur ook moeten worden ‘mee-gekoppeld' aan de regionale wensen over de toekomst van de verhuurderheffing, openbaar vervoer en regelgeving. Eerst en vooral moet deze oefening inzicht bieden in de voordelen van mee-koppelen door het regionale krachtenveld, omdat de regio’s bij uitstek bedreven zijn in het: waar, wat en hoe.

Een nationaal perspectief, gekoppeld aan regionale uitvoeringskracht, levert veel op. Het gaat niet alleen om vertrouwen in de toekomst, maar ook om vertrouwen in de politiek: een strategie die nu eens niet problemen oplost en daarmee nieuwe problemen schept, maar ons stap voor stap op weg helpt naar een (ik durf het haast niet te zeggen) uitdagende, ondernemende en inclusieve samenleving.
 

Martin Aarts is vanuit Stadsontwikkeling Rotterdam gedetacheerd als medewerker bij het NOVI-team

Reacties

Copyright 2018 Aeneas Media

Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie AccepterenWeigeren